← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van een recht onder de naam "liggeld" 2013 (Rijswijk)

VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN LIGGELD 2013De gemeenteraad; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 9 oktober 2012, no. 12-040; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van een recht onder de naam "liggeld" 2013 Artikel1Begripsbepalingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: woonschip: schip dat uitsluitend of in hoofdzaak gebezigd wordt of bestemd is voor bewoning; ligplaats: plaats in het water, bestemd of aangewezen om door een woonschip bij verblijf te worden ingenomen; bijbehorende voorzieningen: zaken zonder welke het gebruik van het schip als woning niet goed mogelijk is, zoals een bijboot, steiger en een loopplank. dag: een tijdvak van 24 uur, aanvangende te 0.00 uur. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam 'liggeld' wordt een recht geheven voor het hebben van een ligplaats voor een woonschip, daaronder begrepen de diensten die met de ligplaats verband houden, bij een verblijf langer dan twee weken op de krachtens de geldende Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk aangewezen plaatsen. Artikel3Belastingplicht Het liggeld wordt geheven van degene die de ligplaats heeft. Als degene die de ligplaats heeft wordt aangemerkt de hoofdbewoner van het woonschip. Wie als hoofdbewoner wordt aangemerkt, wordt naar de omstandigheden beoordeeld. Artikel4Maatstaf van heffing en tarief Het recht bedraagt per woonschip € 0,90 voor elke dag, waarmee het verblijf binnen de gemeente de tijd van veertien, al dan niet achtereenvolgende, dagen binnen het zelfde kalenderjaar te boven gaat. Artikel5 Belastingtijdvak Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel6Wijze van heffing en betaling

  1. Het recht wordt geheven door middel van een gedagtekende nota. 2.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de gedagtekende nota worden betaald binnen dertig dagen na dagtekening van de nota. 3.De algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het tweede lid gestelde termijn. 4.De belastingschuldige, die nalaat het verschuldigde recht te voldoen, is gehouden om op eerste aanzegging van het college van burgemeester en wethouders de ligplaats met medeneming van het woonschip te verlaten. Artikel7Ontstaan van de belastingschuld Het liggeld is verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Artikel8Teruggaaf Teruggaaf van het recht vindt plaats indien de ligplaats wordt verlaten voordat de periode, waarover het recht is voldaan, is verstreken. Artikel9Kwijtschelding Bij de invordering van het liggeld wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel10Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van liggeld. Artikel11Inwerkingtreding 1.De “Verordening Liggeld 2012” van 8 november 2011 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na de datum van bekendmaking. 3.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  2. Artikel12Citeerartikel Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening Liggeld 2013”. Aldus besloten door de raad van de gemeente Rijswijk in zijn openbare vergadering van 13 november
  3. De gemeenteraad,de waarnemend griffier, de voorzitter, J.A. Massaar, bpa H.W.M. Klitsie

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.