WEGSLEEPVERORDENING GEMEENTE OMMEN 2004Artikel1Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; wet: de Wegenverkeerswet 1994; besluit: het Besluit wegslepen van voertuigen; voertuig: wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, onder al RVV 1990; motorrijtuig: wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder c van de wet; het college: het college van burgemeester en wethouders. Artikel2Aanwijzing van wegen en weggedeelten waar voertuigen kunnen worden verwijderd, overgebracht en in bewaring gesteld in het belang van het vrijhouden van wegen en weggedeelten Als wegen en weggedeelten, bedoeld in artikel 170, eerste lid, onder c van de wet worden alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente aangewezen voorzover ze behoren tot één van de in artikel 2 van het besluit bedoelde soorten van wegen en weggedeelten. Artikel3Plaats bewaring voertuigen en openingstijden Plaats bewaring voertuigen en openingstijden Als plaats van bewaring van voertuigen wordt aangewezen het terrein van Bergingsbedrijf Autax, Van Ruijsdaelstraat 8-10, 7731 SW Ommen. De openingstijden van de in het eerste lid bedoelde bewaarplaats zijn op werkdagen van 09.00 tot 17.00 uur. Buiten deze tijden na telefonische afspraak. Artikel4Kosten overbrengen en bewaren voertuigen De kosten van het overbrengen van een voertuig naar de bewaarplaats bedragen (prijspeil 2004): a. basistarief/voorrijkosten, € 72,80; vrachtauto en/of aanhangwagen, € 92,04; b. voor het overbrengen van het voertuig naar de bewaarplaats, € 70,20; vrachtauto en/of aanhangwagen, 88,40; c. voor het bewaren van een voertuig: - voor de eerste 24 uur of een gedeelte daarvan, € 42,64; - voor de volgende dagen of een gedeelte daarvan, € 16,64; een vraachtauto of/aanhangwagen: - voor de eerste 24 uur, € 62,40; - voor de volgende dagen of een gedeelte daarvan, € 17,16. De kosten worden jaarlijks geïndexeerd met het prijsindexcijfer voor de gezinsconsumptie. Artikel5Overbrengen en in bewaring stellen van motorrijtuigen in het geval van gebleken onvoldoende rijgeschiktheid of rijvaardigheid dan wel het ontbreken van een behoorlijk zichtbare kentekenplaat Wanneer gebruik wordt gemaakt van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 130, vierde lid, 164, zevende lid, en 174, eerste lid van de wet, zijn artikel 1, 3 en 4 van deze verordening van overeenkomstige toepassing. Artikel6Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking zes weken na de dag van bekendmaking. Artikel7Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Wegsleepverordening gemeente Ommen 2004”. Toelichting bij Wegsleepverordening gemeente Ommen 2004 Toelichting algemeen Werking Op grond van de oude WVW 1994 mochten op de weg staande voertuigen alleen worden weggesleept in het belang van de veiligheid op de weg, de vrijheid van het verkeer of het vrijhouden van invalidenparkeerplaatsen. In de nieuwe wegsleepbepalingen uit de WVW en het bijbehorende Besluit wegslepen van voertuigen is dit laatste criterium uitgebreid tot “het vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen”. Behalve invalidenparkeerplaatsen zijn er immers meer locaties denkbaar waar fout parkeren als zeer hinderlijk wordt ervaren zonder dat de veiligheid op de weg of de vrijheid van het verkeer direct in het geding zijn. Hierbij kan dan o.a. gedacht worden aan onbevoegd parkeren op laad- en loshavens, taxistandplaatsen, marktterreinen, voetgangersgebieden etc. Direct optreden tegen dergelijke fout geparkeerde voertuigen kan dan soms zeer wenselijk zijn. De gemeenten kunnen pas gebruik maken van deze bevoegdheid nadat deze wegen en weggedeelten nader zijn aangewezen in een gemeentelijke verordening. Van de bevoegdheid tot wegslepen moet verantwoord gebruik worden gemaakt. Een parkeerovertreding op zich is niet zonder meer voldoende om over te gaan tot het wegslepen en in bewaring stellen van een voertuig. Per geval zal moeten worden beoordeeld of de specifieke parkeerovertreding het wegslepen en in bewaring stellen van het desbetreffende voertuig ook rechtvaardigt. Het wegslepen van een voertuig dat om 4.00 uur ’s nachts in strijd foutief geparkeerd is zal doorgaans als niet of minder urgent moeten worden beschouwd. In zo’n geval kan het uitschrijven van een parkeerbon doorgaans volstaan. Verhouding Wet-Mulder en bestuursdwang Wanneer een voertuig fout geparkeerd staat en wegsleepwaardig is, zijn er in principe twee naast elkaar bestaande manieren om hiertegen op te treden. Allereerst door politie en justitie op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wet-Mulder) via het opmaken van een proces-verbaal. Daarnaast door het uitvoeren van bestuursdwang (lees: het laten wegslepen en bewaren van dat voertuig) door het college van burgemeester en wethouders. Het is niet nodig om eerst een proces-verbaal op grond van de Wet-Mulder op te maken voordat tot het wegslepen van een voertuig kan worden overgegaan, maar het kan wel samengaan. Wel is het hoe dan ook noodzakelijk om de geconstateerde parkeerovertreding zo goed mogelijk vast te leggen wanneer alleen gebruik wordt gemaakt van de bestuursdwangbevoegdheid. Voor eventuele latere bezwaar- en beroepsprocedures op grond van de Awb is het verstandig de geconstateerde parkeerovertreding zo goed mogelijk vast te leggen in een schriftelijk document en bij voorkeur vergezeld te laten gaan van een foto die de feitelijke situatie weergeeft. Een eventueel sepot, vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging door justitie, respectievelijk de rechter naar aanleiding van een proces-verbaal is niet zonder meer een reden om ook de kosten van de bestuursdwang terug te betalen. Het college van burgemeester en wethouders maakt in een eventuele bezwaarprocedure een zelfstandige afweging. Verordening In artikel 170 e.v. WVW 1994 is het kader aangegeven waarbinnen het college van burgemeester en wethouders gebruik kan maken van zijn bevoegdheid tot het wegslepen van voertuigen. Hoewel de bevoegdheid tot het wegslepen van voertuigen in de wet is neergelegd, kan het college pas goed van deze bevoegdheid gebruikmaken wanneer de gemeenteraad in een verordening nadere regels heeft gesteld over de toepassing van deze bevoegdheid, zoals in artikel 173, tweede lid van de wet wordt voorgeschreven. In deze verordening dienen in elk geval regels te worden gesteld over: de aanwijzing van de plaats(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.