De verordening Handhaving Wet werk en bijstand 2004DE RAAD VAN DE GEMEENTE CRANENDONCK Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cranendonck d.d. 1 juni
- Gelet op artikel 8a van de Wet werk en bijstand (WWB) overwegende dat de gemeente bij verordening regels dient te stellen met betrekking tot bestrijding van het ten onrechte ontvangen van bijstand, alsmede van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet, in het kader van het financieel beheer: BESLUIT Vast te stellen de De verordening Handhaving Wet werk en bijstand 2004 Artikel1 Begripsomschrijving In deze verordening wordt verstaan onder: de wet: de Wet werk en bijstand (WWB); het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cranendonck; bijstand: de bijstand zoals genoemd onder artikel 5 onder b van de Wet werk en bijstand; afstemmingsverordening: de verordening gebaseerd op artikel 8 lid 1 onder b van de Wet werk en bijstand; inlichtingenplicht: de verplichtingen genoemd in artikel 17 lid 1, 2 en 4 van de Wet werk en bijstand en de artikelen 28 lid 2 en 29 lid 1 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; beleidsregels terugvordering: de regels zoals genoemd in de beleidsnota inkomen algemeen Wet werk en bijstand
- Artikel2 Handhavingsplan Het college draagt in het kader van de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van bijstand alsmede van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet jaarlijks zorg voor het opstellen van een handhavingsplan. Artikel3 Inhoud handhavingsplan In het in artikel 2 genoemde handhavingsplan komt in ieder geval tot uitdrukking; een gemeentelijke visie op handhaving; aanpak fraudepreventie; aanpak frauderepressie. Artikel4 Afstemming en terugvordering 1.Bij ten onrechte ontvangen bijstand ten gevolge van het schenden van de inlichtingenplicht alsmede bij misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet verlaagt het college de bijstand, conform hetgeen hierover is bepaald in de Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand 2004; 2.Terugvordering van ten onrechte ontvangen bijstand vindt plaats overeenkomstig de wet en de beleidsregels terugvordering. Artikel5 Verantwoording Het college legt jaarlijks verantwoording af aan de raad door middel van een verslag over de handhaving. In dit verslag rapporteert het college in ieder geval over: het aantal gevallen waarin preventief onderzoek heeft geleid tot het niet behandelen of afwijzen van de aanvraag; het aantal gevallen waarin is vastgesteld dat bijstand ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend; de aard van de ten onrechte of tot een te hoog bedrag verleende bijstand; de hoogte van de ten onrechte of tot een te hoog bedrag verleende bijstand; in hoeveel gevallen is ingevorderd en tot welk bedrag;in hoeveel gevallen proces-verbaal is opgemaakt. Artikel6 Slotbepaling In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het college. Artikel7 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: de verordening Handhaving Wet werk en bijstand 2004 Artikel8 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 september
- Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Cranendonck in de openbare vergadering d.d. 6 juli 2004.DE RAAD VOORNOEMD,De griffier, Mr. S.B.J. Backus De voorzitter,B.P. MeinemaNota-toelichtingToelichting verordening Handhaving Wet werk en bijstand 2004 Algemeen In artikel 8a van de WWB is bepaald dat de gemeenteraad in het kader van het financiële beheer bij verordening regels stelt voor de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van bijstand alsmede van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. Gemeente moet in de WWB zelf bepalen op welke wijze het handhavingsbeleid wordt gevoerd. Artikel 8a stelt het vaststellen van handhavingsregels verplicht, maar geeft niet aan welke regels dit expliciet moeten zijn. Het doel van dit artikel is de handhaving van de WWB en het fraudebeleid op de agenda van de gemeenteraden te zetten. Artikel 8a van de Wet werk en bijstand verlangt wel dat de gemeenteraad de regels voor het eigen handhavingsbeleid op hoofdlijnen vaststelt in een verordening. Het College krijgt daarmee de mogelijkheid om nadere invulling te geven aan de verordening in de vorm van een handhavingsplan met beleidsregels. Artikelgewijze toelichting Artikel 1 Begripsomschrijving De begrippen die in de verordening worden gebruikt hebben een gelijkluidende betekenis als deomschrijving in de WWB en de beleidsnota inkomen algemeen
- Artikel 2 Handhavingsplan Het college stelt jaarlijks een handhavingsplan vast waarin maatregelen en methoden staan opgenomen gericht op het voorkomen en bestrijden van fraude. Artikel 3 Inhoud handhavingsplan In dit artikel is aangegeven welke onderwerpen in het gemeentelijke handhavingsplan op zijn minst aan bod moeten komen. Artikel 4 Afstemming en terugvordering In dit artikel wordt verwezen naar de Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand 2004 en de beleidsregels terugvordering. Artikel 5 Verantwoording In dit artikel wordt invulling gegeven aan de opdracht die door de raad, in het kader van haarkaderstellende en controlerende taak, aan het college is opgedragen. In dit artikel worden de onderdelen genoemd waarover in ieder geval verantwoording wordt afgelegd aan de gemeenteraad. Artikel 6 Slotbepaling Dit artikel spreekt voor zich. Artikel 7 Citeertitel Dit artikel spreekt voor zich. Artikel 8 Inwerkingtreding De verordening handhaving Wet werk en bijstand 2004 is op grond van artikel 8 Tijdelijke referendumwet referendabel. De datum van de inwerkingtreding van de verordening moet daarom, met in acht name van artikel 22 Tijdelijke referendumwet, op tenminste 6 weken na datum publicatie gesteld worden.