Verordening op de heffing en invordering van haven- en kadegelden 2013De raad van de gemeente Lochem; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 25 september 2012; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b, van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de: Verordening op de heffing en invordering vanhaven- en kadegelden 2013 HOOFDSTUKIALGEMENE BEPALINGEN Artikel1Inleidende bepaling Krachtens deze verordening worden geheven: a havengelden; b kadegelden. Artikel2Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a.haven: de voor de openbare dienst bestemde wateren en de voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn; kade: de voor de openbare dienst bestemde plaats ingericht voor het aanleggen of aangelegd houden van vaartuigen en/of voor het opslaan van goederen ter lading in of gelost uit voer- of vaartuigen; vaartuig: elk drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebruikt dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer te water van personen of goederen of voor het dragen van of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakende voorwerpen; pleziervaartuig: een vaartuig dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor de recreatie; meetbrief: het document als bedoeld in artikel 782, derde lid, van het Wetboek van Koophandel, juncto het Besluit binnenschependocumenten van 24 oktober 1983 (Stb. 548); laadvermogen: het in tonnen uitgedrukte laadvermogen, zoals dat blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief; waterverplaatsing: de in tonnen uitgedrukte waterverplaatsing bij de grootste toegelaten diepgang van het schip, volgens een geldende meetbrief; ton: een massa van 1.000 kilogram; dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur; week: een aaneengesloten periode van zeven dagen, beginnende op de dag waarin het gebruik een aanvang neemt. Artikel3Tarieftoepassing Voor de toepassing van de tarieven wordt een gedeelte van een dag, een week, een m², een m³ en een ton voor een geheel gerekend. HOOFDSTUKIIHAVENGELDEN Artikel4belastbaar feit Onder de naam 'havengelden' worden rechten geheven ter zake van het gebruik van de havens aan het Twenthekanaal, overeenkomstig de bestemming daarvan. Artikel5Belastingplicht Belastingplichtig is de schipper, de reder, de eigenaar van het vaartuig, degene aan wie het schip in gebruik is gegeven, of degene die als vertegenwoordiger voor één van dezen optreedt. Artikel6Vrijstellingen De rechten worden niet geheven ter zake van: a vaartuigen, middellijk of onmiddellijk in gebruik bij het Rijk voor de naleving om handhaving van de scheepvaartreglementen en voor het beheer en onderhoud van het Twenthekanaal; vaartuigen van de gemeente Lochem; vaartuigen, geen pleziervaartuigen zijnde, die zonder te laden of te lossen gebruik maken van de haven, waarbij de duur van de aanleg de zes uren niet mag overschrijden. Artikel7Maatstaf van heffing 1.De maatstaf voor de berekening van de havengelden voor vaartuigen is de maximale waterverplaatsing van het schip gemeten in tonnen. 2.De maatstaf voor de berekening van de havengelden voor een vaartuig is het maximale laadvermogen van het schip gemeten in tonnen. 3.De maatstaf voor de berekening van de havengelden voor een vaartuig, is de helft van het maximale laadvermogen gemeten in tonnen, indien het gewicht van de geloste of geladen goederen niet meer bedraagt dan de helft van het maximale laadvermogen. 4.Als laadvermogen of waterverplaatsing wordt aangenomen die of dat volgens de geldende meetbrief. 5.Indien een geldende meetbrief niet aanwezig is, of bij weigering om deze te tonen, of indien deze niet de vereiste gegevens vermeldt, wordt het laadvermogen of de waterverplaatsing van het schip ambtshalve vastgesteld. Artikel8Tarief en verschuldigde havengelden 1.Het tarief voor het vaartuig, genoemd in artikel 2, letter c, per ton van de maatstaf per keer dat wordt aangelegd bedraagt exclusief omzetbelasting € 0,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.