Verordening op de heffing en de invordering van marktgeld voor stand- of grondplaatsen op de Pinkstermarkt 2013 De raad van de gemeente Leek; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 7 december 2012, registratienummer 2012007399; gelet op artikel 229, eerste lid aanhef en onderdeel a van de Gemeentewet; B E S L U I T : vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van marktgeld voor stand- of grondplaatsen op de Pinkstermarkt 2013 Artikel 1 Aard van de belasting en belastbaar feit Ter zake van het gebruik of genot van een stand- of grondplaats op de pinkstermarkt tot het ter verkoop aanbieden van waren wordt onder de naam van "marktgeld" een recht geheven overeenkomstig het bepaalde in de volgende artikelen. Artikel 2 Belastingplicht Het recht wordt geheven van degene, die van de stand- of grondplaats gebruik maakt of het genot heeft of, bij gebreke van deze van degene die in zijn plaats treedt. Artikel 3 Maatstaf van heffing Het recht wordt geheven naar de frontbreedte van de stand- of grondplaats in strekkende meters. Artikel 4 Tarief Het marktgeld bedraagt per dag of per gedeelte daarvan: voor het innemen van een standplaats met tenten, kramen, tafels, voertuigen, hand- of andere wagens of andere soortgelijke inrichtingen, per langs de wegzijde gemeten strekkende meter of gedeelte daarvan € 8,02 met een minimum van € 24,63; voor het innemen van een standplaats met tenten, kramen, tafels, voertuigen, hand- of andere wagens of andere soortgelijke inrichtingen, van waaruit of waaraf eetwaren worden verkocht in het algemeen bestemd voor consumptie ter plekke, per langs de wegzijde gemeten strekkende meter of gedeelte daarvan € 12,31 met een minimum van € 38,34; voor het hebben van koopwaren, uitgestald of uitgelegd op de grond per langs de wegzijde gemeten strekkende meter of gedeelte daarvan € 5,84 met een minimum van € 19,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.