Verordening Rekenkamercommissie gemeente Stichtse VechtDe raad van de gemeente Stichtse Vecht, gelet op: Artikel 81a en 81oa van de gemeentewet; de bespreking in de werksessie van: 14 november 2012; het voorstel van de griffier en de voorzitter van de auditcommissie; Besluit vast te stellen De verordening rekenkamercommissie gemeente Stichtse Vecht Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Wet : Gemeentewet; commissie : rekenkamercommissie; voorzitter : voorzitter van de rekenkamercommissie; raad : gemeenteraad van Stichtse Vecht; college : college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht; rekenkamercommissie : de rekenkamercommissie van de gemeente Stichtse Vecht doelmatigheid : de mate waarin de nagestreefde beleidsdoelen tegen zo gering mogelijke kosten worden bereikt; doeltreffendheid : de mate waarin het resultaat van het beleid beantwoordt aan wat er met het beleid werd beoogd en de gestelde beleidsdoelen worden verwezenlijkt; rechtmatigheid : de mate waarin wordt voldaan aan de wettelijke kaders en regelgeving, met name de wet- en regelgeving die direct van belang is voor de rechtmatigheid van het tot stand komen van de gemeentelijke baten en lasten. Artikel2Rekenkamercommissie Er is een commissie die door de raad wordt ingesteld en wordt aangeduid als de rekenkamercommissie. De commissie doet onderzoek naar de (maatschappelijke) effecten van het gemeentelijke beleid alsmede naar de doelmatigheid, de rechtmatigheid en de doeltreffendheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur. Een door de commissie ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het gevoerde bestuur bevat geen controle van de jaarrekening. De commissie kan de raad gevraagd en ongevraagd adviseren. Artikel3Samenstelling en benoeming leden De commissie bestaat uit drie door de raad benoemde leden, de voorzitter daaronder begrepen. De benoeming vindt plaats op voordracht van de sollicitatieadviescommissie. De leden van de rekenkamercommissie worden benoemd voor een periode van zes jaar. Na afloop van deze periode kunnen zij voor één volgende periode worden herbenoemd. Leden van de gemeenteraad en burgerleden zijn niet benoembaar tot lid van de rekenkamercommissie. De commissie wijst uit haar midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan. De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van de commissie, het leiden van de vergaderingen, het bewaken van de uitgangspunten en werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. De voorzitter voert hiertoe regelmatig overleg met de onderzoekers en met het secretariaat. Bij afwezigheid van de voorzitter neemt de plaatsvervangend voorzitter zijn taak waar. Artikel4Eed Ten aanzien van de leden is artikel 81g van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. Artikel5Ontslag en non-activiteit De raad ontslaat de leden of stelt hen op non-activiteit. Het lidmaatschap van een lid eindigt: op eigen verzoek; bij de aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van de rekenkamercommissie; wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; indien het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld; indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer geschikt is de functie van lid van de rekenkamercommissie te vervullen. Het lidmaatschap van een lid eindigt eveneens bij het aanvaarden van het raadslidmaatschap of bij de benoeming tot burgerlid. De leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad worden ontslagen wanneer zij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt zijn hun functie te vervullen. Artikel6Vergoeding voor werkzaamheden van de externe leden van de rekenkamercommissie De leden ontvangen een vaste vergoeding voor hun werkzaamheden en een vergoeding voor de reiskosten. De vaste vergoeding bedraagt voor de voorzitter 20% en voor een lid 15% van de vergoeding die leden van de gemeenteraad ontvangen ingevolge artikel 2 van de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden van de gemeente Stichtse Vecht. De vergoeding genoemd in het eerste lid komt ten laste van het budget van de rekenkamercommissie. Artikel7Ambtelijk secretaris. De raad benoemt de ambtelijk secretaris in overleg met de rekenkamercommissie en de griffier. De secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar taken terzijde. De secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken worden verricht. De secretaris draagt zorg voor de agendaplanning, de verslaglegging en de vorming van dossiers. De ambtelijk secretaris maakt deel uit van de griffie. Artikel8Reglement van orde De commissie stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement na vaststelling onverwijld ter kennisneming naar de raad. Artikel9Onderwerpselectie en opdrachtverlening Suggesties tot het verrichten van een onderzoek kunnen onder andere worden gedaan door: de rekenkamercommissie; de gemeenteraad; het college van burgemeester en wethouders; ingezetenen van de gemeente Stichtse Vecht; commissies als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet. De commissie kiest zelfstandig de onderwerpen voor haar onderzoek, formuleert de probleemstelling en de onderzoeksvragen en stelt de onderzoeksopzet vast. De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de commissie ter kennisneming aan de gemeenteraad verstuurd. De raad kan de commissie een gemotiveerd verzoek doen tot het instellen van een onderzoek. De commissie bericht de raad binnen een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de rekenkamercommissie niet aan het verzoek van de raad voldoet, zal zij daarvoor goede gronden aanvoeren. Artikel10Uitvoering van het onderzoek en rapportage De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door haar vastgestelde onderzoeksopzet. De commissie beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds te informeren over de voortgang van het onderzoek. De commissie is bevoegd bij alle leden van het gemeentebestuur en bij alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig acht voor de uitvoering van de onderzoeken. De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de rekenkamercommissie gestelde termijn te verstrekken. De commissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van het onderzoek. De commissie vergadert in beslotenheid. Haar rapporten zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van Bestuur kan de commissie rapporten die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken. De leden van de commissie en degenen die ten behoeve van de rekenkamercommissie werkzaam zijn, zijn verplicht tot geheimhouding van al hetgeen hen in hun hoedanigheid van lid, respectievelijk medewerker ter kennis is gekomen. De rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen beleggen. Voor de uitvoering van het onderzoek kan de commissie, met inachtneming van het beschikbare budget, externe deskundigheid inschakelen. De commissie stelt de betrokkenen in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn, die tenminste twee weken bedraagt, hun zienswijze op het conceptonderzoeksrapport aan de commissie kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De commissie bepaalt wie verder als betrokkenen worden aangemerkt. Na vaststelling door de commissie worden het onderzoeksrapport en de nota met conclusies en aanbevelingen en de zienswijze van betrokkenen op het rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van een afschrift aan het college en betrokkenen, aan de raad aangeboden. Artikel11Budget De rekenkamercommissie is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken. Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de kosten gebracht van: de vergoedingen aan de (externe) leden; interne onderzoeksmedewerkers; externe deskundigen die eventueel door de rekenkamercommissie zijn ingeschakeld; eventuele overige uitgaven die de commissie nodig acht voor de uitoefening van haar taak. De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de raad. Artikel12Inwerkingtreding en citeertitel Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.