Verordening Lijkbezorgingsrechten 2013Onderwerp: Verordening Lijkbezorgingsrechten 2013 De raad van de gemeente Montferland; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 9 oktober 2012; gelet op artikel 229, eerste lid en onderdelen a en b van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van Lijkbezorgingsrechten 2013 Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: Begraafplaats: de gemeentelijk begraafplaatsen aan de Kerkwijkweg en Martinusbegraafplaats te Didam en de Oude Doetinchemseweg te ’s-Heerenberg; Particulier graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk- of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; c. Een algemeen graf: een graf bij de gemeente, waarin aan een ieder de gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van één lijk of bijzetten van één asbus met of zonder urn; Huurgraf: een graf uitgegeven op de Martinusbegraafplaats waarin geen begraving mag plaatsvinden Kindergraf een graf waarvoor aan een natuurlijk- of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbus met of zonder urnen van een persoon beneden de leeftijd van 12 jaar; Particulier urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijke- of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; Particuliere urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk- of rechtspersoon voor een bepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot het doen bij- zetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; Verstrooiingsveld: een gedeelte van de begraafplaats waar de as van een overleden kan worden verstrooid; Urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; Asbus: een bus ter berging van as van een overledene; Herdenkingszuil: een zuil bij het verstrooiingsveld waarop een gedenkplaatje kan worden aangebracht met de naam van de overledene waarvan de as op het verstrooiingsveld is uitgestrooid. Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Artikel3Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Vrijstellingen 1.het lichten van een lijk of asbus op rechterlijk gezag; 2.het begraven van doodgeboren kinderen of zuigelingen die met de overleden moeder in één kist worden begraven. Artikel5Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2.Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel6Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld De rechten zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. Artikel9Termijn van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald binnen 30 dagen na dagtekening van de schriftelijke kennisgeving. 2.De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn. Artikel10Kwijtschelding Voor de lijkbezorgingrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel11Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de lijkbezorgingsrechten. Artikel12Overgangsrecht 1.De “Verordening Lijkbezorgingsrechten 2012”, laatstelijk gewijzigd bij raadsbesluit van 22 december 2011, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de rechten hiervoor in die periode plaatsvindt. Artikel13Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van heffing is 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.