Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BI-zone Dierenselaan/Apeldoornselaan 2010 (Verordening BI-zone Dierenselaan/Apeldoornselaan 2010).HoofdstukIAlgemene bepalingen Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a. BI-zone: het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven. Het winkelgebied omvat de volgende straten of delen van straten: Dierenselaan en Apeldoornselaan (van het kruispunt Apeldoornselaan/Zuiderparklaan tot het kruispunt Apeldoornselaan/Heelsumstraat/Kootwijkstraat) en Zuiderparklaan 210 t/m 264 even nrs; b. de wet: de Experimentenwet BI-zones; c. het college: het College van burgemeester en wethouders van Den Haag; d. Uitvoeringsovereenkomst: de tussen de gemeente Den Haag en de Vereniging BIZ Dierenselaan/Apeldoornselaan gesloten Uitvoeringsovereenkomst; Artikel2Aanwijzing vereniging De Vereniging BIZ Dierenselaan/Apeldoornselaan wordt aangewezen als de vereniging als bedoeld in artikel 7 van de wet. In de navolgende bepalingen wordt deze aangehaald als de vereniging. HoofdstukIIBelastingbepalingen Artikel3Aard van de belasting Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt een directe belasting geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten die zijn gericht op het bevorderen van leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit of een ander mede publiek belang in de openbare ruimte van de BI-zone. Artikel4Belastbaar feit en belastingplicht 1.De belasting wordt gedurende een periode van 5 jaren jaarlijks geheven ter zake van binnen de BI-zone gelegen onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen. 2.De belasting wordt geheven van degenen die bij het begin van het kalenderjaar in de BI-zone gelegen onroerende zaken al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht, gebruiken. 3.Voor de toepassing van het tweede lid wordt: gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak ter beschikking is gesteld. 4.Indien een onroerende zaak bij het begin van het kalenderjaar niet in gebruik is, wordt het niet in gebruik zijn gelijkgesteld aan het gebruik zoals dit door de laatste gebruiker heeft plaatsgevonden. De BIZ-bijdrage wordt in dit geval geheven van degene die van die zaak het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht heeft. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt als genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. Artikel5Belastingobject 1.Als een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken, die niet in hoofdzaak tot woning dient. 2.Een onroerende zaak dient niet in hoofdzaak tot woning indien de waarde die op grond van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken is vastgesteld voor die onroerende zaak niet in hoofdzaak kan worden toegerekend aan delen van die onroerende zaak die dienen tot woning dan wel volledig dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Artikel6Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar een vast bedrag per onroerende zaak. Artikel7Belastingtarief 1.De BIZ-bijdrage bedraagt per onroerende zaak € 360,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.