Verordening geurhinder en veehouderij 2007Verordening geurhinder en veehouderij 2007 De Raad van de gemeente Sint Anthonis gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 20 november 2007; gelet op de artikelen 3, 4, en 6 van de Wet geurhinder en veehouderij en artikel 149 van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de volgende verordening houdende regels met betrekking tot beslissingen inzake vergunningen krachtens de Wet milieubeheer voor veehouderijen, voor zover het betreft geurhinder vanwege tot die veehouderijen behorende dierenverblijven: Verordening geurhinder en veehouderij 2007 Artikel1:Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder: Extensiveringsgebied overig: Het gebied met de benaming extensiveringsgebied met primaat overig zoals is vastgesteld in het reconstructieplan “Peel en Maas”. geurbelasting: De waarde ter plaats van de gevel van het geurgevoelig object berekend met V-Stacks, uitgedrukt in Europese odour units per tijdseenheid; geurgevoeligobject (ggo): zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet geurhinder en veehouderij; Odour units (OUe/m3; P98): geurconcentratie als aantallen Europese odour units in een volume eenheid lucht (OUE/m3), gemeten volgens de NEN-EN13725:2003 “luchtbepaling van de geurconcentratie door dynamische olfactometrie”. In deze verordening wordt voor de geurbelasting uitgegaan van het gebruikelijke 98-percentiel geurconcentratie. Dat betekent dat de – met een verspreidingsmodel – berekende geurconcentratie gedurende 98 procent van de tijdseenheid niet wordt overschreden; veehouderij: inrichting die tot een krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet milieubeheer aangewezen categorie,behoort en is bestemd voor het fokken, mesten, houden, verhandelen, verladen of wegen van dieren; Wet: Wet geurhinder en veehouderij. Artikel2: Als gebied als bedoeld in artikel 6, lid 1 van de Wet wordt aangewezen het volgende gebied: het gehele grondgebied van de gemeente Sint Anthonis; Als gebied als bedoel in artikel 6 lid 3 van de Wet wordt aangewezen het volgende gebied: het gehele grondgebied van de gemeente Sint Anthonis; Het gebied als bedoeld in de leden 1 en 2 wordt aangegeven op de bij deze verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte “Quick-scan en opstellen gebiedsgericht geurbeleid, Wet geurhinder en veehouderij, gemeente Sint Anthonis, 2007” en bijbehorende kaarten (gebiedsindeling en geurhindercontouren); Voor de gebiedsindelingen zoals onderscheiden in de artikel 3 en 4 van deze verordening wordt verwezen naar de in het derde lig genoemde quick-scan en opstellen gebiedsgericht geurbeleid, Wet geurhinder en veehouderij, gemeente Sint Anthonis” Artikel3:Waarden voor de geurbelasting: In afwijking van artikel 3, lid 1 van de Wet bedraagt de maximale waarde voor de geurbelasting van een veehouderij op een geurgevoelig object in het gebied als genoemd in artikel 2, lid 1 van deze verordening: A:De ggo’s gelegen in de gele gebieden zoals weergegeven in tekening 1 rondom de kerkdorpen: a Landhorst 3 OUe/m3 b Wanroij 3 OUe/m3 B:De ggo’s gelegen in de blauwe gebieden zoals weergegeven in tekening 1 rondom de kerkdorpen: a Stevensbeek 6 OUe/m3 b Westerbeek 6 OUe/m3 c Oploo 6 OUe/m3 C:De ggo’s gelegen in de groene gebieden zoals weergegeven in tekening 1 ten noorden van Landhorst: a 10 OUe/m3 D:de ggo’s gelegen op de bestaande en nieuwe bedrijventerreinen in de gehele gemeente (ook al zijn deze in extensiveringsgebieden overig gelegen): a 14 OUe/m3 E: Artikel4:Waarden voor vaste afstanden In overeenstemming met het bepaalde in artikel 4.1 van de Wet bedraagt de minimale afstand voor de geurbelasting van een veehouderij ten opzichte van een geurgevoelige object: 50 meter ten opzicht van een ggo gelegen in de bebouwde kom: mits het bedrijf is gelegen in het extensiveringsgebied met primaat overig en waar de dieren in de zomerperiode een substatieel deel van de dag weidegang krijgen en waar minder dieren worden gehouden dan: maximaal 200 stuks melkrundvee (inclusief bijbehorend jongvee); maximaal 50 voedsters; maximaal 50 paarden; maximaal 50 landbouwhuisdieren (begrip volgens het Besluit landbouw milieubeheer) anders dan hierboven vermeld; met uitzondering van pelsdieren; met uitzondering van vissen die bedrijfsmatig binnen worden gehouden. Zoals weergegeven in tabel 1 mits het bedrijf is gelegen extensiveringsgebieden met primaat overig: Tabel 1: Aantal dieren1) tot en met 200 201 t/m 250 251 t/m 300 301 t/m 350 Iedere 50 koeien meer Minimaal vereiste afstand tot ggo in bebouwde kom (m) 100 125 150 175 + 25 meter Minimaal vereiste afstand tot ggo buiten de bebouwde kom (m) 50 75 100 125 + 25 meter 1)Aantal melkkoeien is inclusief jongvee berekend volgens het Besluit landbouw zoals weergegeven in tabel 2 mits het bedrijf is gelegen in het verwevingsgebied en/of landbouwontwikkelingsgebied. Tabel 2: Aantal melkkoeien (inclusief bijbehorend jongvee) 201 t/m 400 401 t/m 500 501 t/m 600 601 t/m 700 Elke 100 melkkoeien meer Minimaal vereiste afstand (m) tot ggo buiten de bebouwde kom 50 75 100 125 + 25 Minimaal verieste afstand tot ggo in de bebouwde kom (m) 100 125 150 175 + 25 Artikel5:citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als de “Verordening geurhinder en veehouderij 2007” Artikel6:In werking treding Artikel7:Delegatie Het te nemen aanhoudingsbesluit zoals vermeld in artikel 7 van de Wgv wordt gedelegeerd van de Raad aan het College van burgemeester en wethouders. Aldus besloten in de openbare vergadering van de Raadvan de gemeente Sint Anthonis van 18 december 2007.De Raad voornoemd,de griffier,mr. A.P.J.L. Keijzersde voorzitter,J.M.J. VerbeetenTekening geurhinder.pdf
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.