VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN RIOOLHEFFING 2010De raad van de gemeente Assen; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 7 december 2009; gelet op artikel 228a van de Gemeentewet; b e s l u i t: vast te stellen de volgende: VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN RIOOLHEFFING 2010 ARTIKEL1BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN deze verordening verstaat onder: a. perceel: een roerende of onroerende zaak of een zelfstandig gedeelte daarvan; b. gemeentelijke riolering: een voorziening of combinatie van voorzieningen voor inzameling, verwerking, zuivering of transport van afvalwater, hemelwater of grondwater, in eigendom, in beheer of in onderhoud bij de gemeente; c. water: huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, hemelwater of grondwater; d. incidentele lozing: incidentele afvoer van water van beperkte duur, zoals afvoer in verband met bronbemaling en bodemzuivering. ARTIKEL2AARD VAN DE BELASTING Onder de naam rioolheffing wordt een directe belasting geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfswater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater en de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. ARTIKEL3BELASTBAAR FEIT EN BELASTINGPLICHT 1.De belasting wordt geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. 2.Met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde belasting wordt als gebruiker aangemerkt: degene die naar omstandigheden beoordeeld het perceel al dan niet krachtens eigendom, bezit beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt; ingeval een gedeelte van een perceel - niet een gedeelte als bedoeld in artikel 4 - voor gebruik is afgestaan; degene die dat gedeelte voor gebruik heeft afgestaan. ARTIKEL4ZELFSTANDIGE GEDEELTEN Indien gedeelten van een in artikel 2 bedoeld perceel blijkens hun indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, worden de rechten geheven ter zake van elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien verstande dat indien twee of meer van die gedeelten tezamen als een geheel worden gebruikt, deze als één perceel worden aangemerkt. Artikel5maatstaf van heffing 1.De belasting wordt geheven naar: een vast bedrag per perceel en het aantal kubieke meters water dat vanuit het perceel wordt afgevoerd. 2.Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke meters water dat in het aan het belastingjaar voorafgaande kalenderjaar naar het perceel is toegevoerd en/of is opgepompt. 3.In afwijking van het bepaalde in het tweede lid wordt de belasting voor incidentele lozingen geheven naar het aantal kubieke meters water dat in het belastingjaar op de gemeentelijke riolering is afgevoerd. 4.Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die zijn voorzien van een: watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen of bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie met een vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden afgelezen. De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere wettelijke bepaling. 5.De op de voet van het tweede lid berekende hoeveelheid water wordt verminderd met de hoeveelheid water die niet is afgevoerd. ARTIKEL6BELASTINGTARIEVEN De belasting bedraagt voor:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.