Verordening langdurigheidstoeslag 2013De raad van de gemeente Tubbergen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 18 januari 2013, nr. 11A;. gelet op het advies van de commissie Samenleving en Bestuur van 14 januari 2013; Gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel d en artikel 36 van de Wet werk en bijstand (WWB); Overwegende dat het noodzakelijk is het verstrekken van een langdurigheidstoeslag bij verordening te regelen; B E S L U I T vast te stellen de hierna volgende ‘Verordening langdurigheidstoeslag gemeente Tubbergen 2013’ Artikel 1 Begripsbepalingen 1.Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand (WWB) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). 2.In deze verordening wordt verstaan onder: a. wet: de Wet werk en bijstand; b. Wtos: Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten; c. Wsf 2000: Wet Studiefinanciering; d. Bijstandsnorm: de normen als bedoeld in artikel 21 en 23 van de wet, vermeerderd met de van toepassing zijnde toeslag en/of verminderd met de van toepassing zijnde verlaging als bedoeld in artikelen 25 tot en met 30 van de wet; hieronder wordt mede verstaan de inkomensnormen in het kader van de Wet investeren in Jongeren (WIJ). e. referteperiode: een onafgebroken periode van 36 maanden voorafgaand aan de peildatum; f. peildatum: de datum waarop in enig jaar het recht op langdurigheidstoeslag ontstaat; g. inkomen: het inkomen als bedoeld in artikel 32 van de wet, met dien verstande dat voor de zinsnede ‘een periode waarover een beroep op bijstand wordt gedaan’ moet worden gelezen ‘de referteperiode’. Een bijstandsuitkering wordt, in afwijking van artikel 32 van de wet voor de beoordeling van het recht op langdurigheidstoeslag als inkomen gezien. Artikel 2 Rechthebbenden 1.Voor een langdurigheidstoeslag komt in aanmerking degene, die gedurende de referteperiode aangewezen is geweest op een inkomen per maand, dat niet hoger is dan 101% van de bijstandsnorm en geen in aanmerking te nemen vermogen heeft als bedoeld in artikel 34 van de wet. 2.Geen recht op langdurigheidstoeslag heeft de persoon, die op de peildatum een opleiding volgt als bedoeld in de Wtos, dan wel een studie volgt als genoemd in de Wsf
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.