Obsah (4)
Artikel 1Artikel 10Artikel 24Artikel 40Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk 2013De raad van de gemeente Langedijk; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 14 december 2012, nummer 1; g
aan de woning noodzakelijk maken en de algemene woonvoorziening dit snel en adequaat kan oplossen.
- Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 12, onder b. c. en d. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien de in het vorige lid genoemde oplossing niet aanwezig is of niet tot een snelle en adequate oplossing leidt. Artikel14Soorten individuele woonvoorzieningen De in artikel 12 onder b. c. en d. genoemde voorzieningen kunnen bestaan uit: a. een tegemoetkoming in de verhuis- en herinrichtingskosten; b. een bouwkundige of woontechnische woonvoorziening; c. een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening; d. een uitraasruimte. Artikel15Primaat van de verhuizing
- Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 14 onder a. in aanmerking worden gebracht wanneer aantoonbare beperkingen als gevolg van ziekte of gebrek het normale gebruik van de woning belemmeren.
- Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 14 onder b. en c. in aanmerking worden gebracht wanneer de in het eerste lid genoemde voorziening niet mogelijk is of niet de goedkoopst adequate voorziening is.
- Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 14 onder d. in aanmerking worden gebracht wanneer sprake is van een op basis van aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek aanwezige gedragsstoornis met ernstig ontremd gedrag tot gevolg, waarbij alleen het zich kunnen afzonderen kan leiden tot een situatie waarin deze persoon tot rust kan komen. Artikel16Primaat van de losse woonunit Indien een bouwkundige woonvoorziening bestaat uit een aanbouw aan of een aanzienlijke verbouwing van een woning die niet het eigendom is van een verhuurder en waarbij het niet mogelijk is dat de aangepaste woning blijvend ter beschikking gesteld wordt aan personen die op basis van aantoonbare beperkingen ten gevolge van ziekte of gebrek behoefte hebben aan een dergelijke woning, zal het college een herplaatsbare losse woonunit verstrekken indien daartegen geen bezwaren van overwegende aard bestaan. Ook als de losse woonunit de meest goedkoopst adequate oplossing is wordt er voor het primaat van een losse woonunit gekozen. Artikel17Uitsluitingen De bepalingen van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op het treffen van voorzieningen aan hotels/pensions, trekkerswoonwagens, kloosters, tweede woningen, vakantiewoningen, kamerverhuur en specifiek op gehandicapten en ouderen gerichte woongebouwen voor wat betreft voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten of voorzieningen die bij nieuwbouw of renovatie zonder noemenswaardige meerkosten meegenomen kunnen worden. Artikel18Hoofdverblijf
- Burgemeester en wethouders verlenen slechts een woonvoorziening indien de gehandicapte zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben in de woonruimte waaraan de voorziening wordt getroffen.
- In afwijking van het gestelde in het eerste lid kan, in geval van co-ouderschap of een omgangsregeling van gescheiden ouders van een gehandicapt kind, door beide ouders een woonvoorziening worden aangevraagd indien het kind meerdere dagen per week daadwerkelijk in beide woningen verblijft en indien deze woningen beiden in de gemeente Langedijk zijn gelegen.
- In afwijking van het gestelde in het eerste lid kan een financiële tegemoetkoming, voorziening in natura of een persoonsgebonden budget worden verleend in de kosten van het aanpassen van het bezoekbaar maken van één woonruimte indien de aanvrager zijn hoofdverblijf heeft in een AWBZ-instelling.
- De aanvraag voor het bezoekbaar maken wordt ingediend in de gemeente waar de aan te passen woning staat.
- De financiële tegemoetkoming betreft slechts een tegemoetkoming in de kosten van het bezoekbaar maken van de in het derde lid bedoelde woonruimte met een maximum bedrag als opgenomen in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk.
- Onder het in het vierde lid genoemde bezoekbaar maken van de woonruimte wordt verstaan, dat de gehandicapte de woonkamer en een toilet kan bereiken. Artikel19Weigeringgronden De aanvraag voor een woonvoorziening als bedoeld in dit hoofdstuk wordt geweigerd indien: a. de noodzaak tot het treffen van de woonvoorziening het gevolg is van een verhuizing waartoe op grond van belemmeringen bij het normale gebruik van de woning ten gevolge van ziekte of gebrek geen aanleiding bestond en er geen andere belangrijke reden aanwezig was; b. de aanvrager niet is verhuisd naar de voor zijn of haar beperkingen op dat moment beschikbare meest geschikte woning, tenzij daarvoor tevoren schriftelijk toestemming is verleend door het college; c. deze betrekking heeft op voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten anders dan automatische deuropeners, hellingbanen en extra trapleuningen; d. de woonvoorziening aangevraagd wordt op een moment dat op basis van gezinssituatie of woonsituatie te voorzien was dat deze voorziening noodzakelijk zou zijn en er geen sprake is van een onverwacht optredende noodzaak; e. de aanvrager voor het eerst zelfstandig gaat wonen, uitsluitend voor zover de aanvraag een verhuiskostenvergoeding betreft; f. de aanvrager verhuisd is vanuit of naar een woonruimte die niet geschikt is het gehele jaar door bewoond te worden; g. de aanvrager verhuisd is naar een AWBZ-instelling of een andere instelling gericht op het verstrekken van zorg; h. in de verlaten woonruimte geen problemen bestonden met het normale gebruik van de woning; i. de ondervonden problemen bij het normale gebruik van de woning voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen. Artikel20Terugbetaling bij verkoop De eigenaar-bewoner, die krachtens deze verordening een woonvoorziening heeft ontvangen die leidt tot waardestijging van de woning, dient bij verkoop van deze woning binnen een periode van 10 jaar na gereedmelding van de voorziening, deze verkoop van de woning onverwijld aan het college te melden. In het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk wordt het bedrag opgenomen van waaraf het afschrijvingsschema geldt. De meerwaarde van de woning dient volgens het in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk door het college vastgelegde afschrijvingsschema te worden terugbetaald. Hoofdstuk5Het zich verplaatsen per vervoermiddel binnen de directe woon- en leefomgeving Artikel21Vormen van vervoersvoorzieningen De door het college, ter compensatie van beperkingen bij het zich verplaatsen te verstrekken voorziening kan bestaan uit: a. een algemene voorziening waaronder een collectieve vervoersvoorziening; b. een vervoersvoorziening in natura; c. een financiële tegemoetkoming in de vervoerskosten; d. een persoonsgebonden budget te besteden aan een vervoersvoorziening. Artikel22Het recht op een algemene voorziening Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 21 onder a. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek: a. het gebruik van het openbaar vervoer of b. het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken. Artikel23Het primaat van het collectief vervoer Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 21, onder b., c. en d. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht wanneer: a. aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek het gebruik van een collectief systeem als bedoeld in artikel 21, onder a. onmogelijk maken dan wel b. een collectief systeem als bedoeld in artikel 21, onder a. niet aanwezig is. c. een collectief systeem niet toereikend is voor het vervoer op de korte afstand en in aanvulling op het collectief systeem een individuele voorziening nodig is. Artikel24Algemeen gebruikelijke vervoersvoorzieningen Is komen te vervallen Artikel25Omvang in gebied en in kilometers
- Bij de te verstrekken vervoersvoorziening wordt ten aanzien van de vervoersbehoefte ten behoeve van maatschappelijke participatie uitsluitend rekening gehouden met de verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving in het kader van het leven van alledag, tenzij zich een uitzonderingssituatie voordoet waarbij het gaat om een bovenregionaal contact, dat uitsluitend door de aanvrager zelf bezocht kan worden, omdat het bezoek voor de aanvrager noodzakelijk is om dreigende vereenzaming te voorkomen.
- De te verstrekken vervoersvoorziening zal maatschappelijke participatie door middel van verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving met ten minste een omvang per jaar van 1500 kilometer met een bandbreedte tot 2000 kilometer mogelijk maken. Hoofdstuk6Rolstoelen Artikel26Vormen van rolstoelvoorzieningen De door het college, ter compensatie van beperkingen bij het verplaatsen in en om de woning dan wel voor sportbeoefening te verstrekken voorziening kan bestaan uit: a. een algemene voorziening waaronder een algemene rolstoelvoorziening; b. een rolstoelvoorziening in natura; c. een persoonsgebonden budget te besteden aan een rolstoelvoorziening; d. een persoonsgebonden budget te besteden aan een sportvoorziening. Artikel27Primaat algemene rolstoelvoorziening bij incidenteel rolstoelgebruik en sportrolstoel
- Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 26, onder a. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek incidenteel zittend verplaatsen in en rond de woning noodzakelijk maken en hulpmiddelen die verstrekt worden op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten of een andere wettelijke regeling geen adequate oplossing bieden.
- Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 26, onder b. en c. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek dagelijks zittend verplaatsen in en om de woning noodzakelijk maken en hulpmiddelen die verstrekt worden op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten of een andere wettelijke regeling geen adequate oplossing bieden.
- Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 26, onder d. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek sportbeoefening zonder sportvoorziening onmogelijk maken. Artikel28Aanspraak op rolstoelvoorzieningen voor AWBZ-bewoners In uitzondering op het gestelde in artikel 27, lid 2 komt een persoon die verblijft in een op grond van artikel 5 van de Wet toelating zorginstellingen erkende instelling uitsluitend voor een rolstoel in aanmerking indien hij geen recht heeft op een rolstoel, verstrekt op grond van de AWBZ. Hoofdstuk7Het verkrijgen van voorzieningen en het motiveren van besluiten Artikel29Gebruik aanvraagformulier
- Een aanvraag dient te worden ingediend door middel van een door het college ter beschikking gesteld formulier.
- In afwijking van lid 1 neemt, indien de aanvrager niet in staat is het formulier in te vullen, een medewerker van de gemeente de aanvraag in en biedt de aanvrager ondersteuning bij het invullen van het formulier. Artikel30Relatie met de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten De aanvraag dient te worden ingediend bij de gemeente, waar zowel aanvragen voor voorzieningen inzake de wet alsook aanvragen zorg inzake de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten kunnen worden ingediend. Artikel31Inlichtingen, onderzoek, advies en beschikking
- Het college is bevoegd om, voor zover dit van belang kan zijn voor de beoordeling van het recht op een voorziening, degene door wie een aanvraag is ingediend: a. op te roepen in persoon te verschijnen op een door het college te bepalen plaats en tijdstip en hem te ondervragen; b. op een door het college te bepalen plaats en tijdstip door een of meer daartoe aangewezen deskundigen te doen ondervragen en/of onderzoeken.
- Het college vraagt een door hem daartoe aangewezen adviesinstantie om advies indien: a. het handelt om complexe aanvragen die niet door de gemeente kunnen worden afgehandeld; b de medische situatie van de aanvrager daartoe aanleiding geeft; c. de gevraagde voorziening om medische redenen wordt afgewezen; d. het college dat overigens gewenst vindt.
- Een aanvrager is verplicht aan het college of de door hem aangewezen adviesinstantie die gegevens te verschaffen of te doen verschaffen die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de aanvraag.
- Bij de advisering zoals genoemd in het eerste lid wordt door de adviseur gebruik gemaakt van de systematiek zoals neergelegd in de International Classification of Functions, Disabilities and Impairments, de zogenaamde ICF classificatie. Artikel32Samenhangende afstemming Om de verkrijging van individuele voorzieningen samenhangend af te stemmen op de situatie van de aanvrager laat het college onderzoek verrichten naar de situatie van de aanvrager. Artikel33Wijzigingen in de situatie Degene aan wie krachtens deze verordening een voorziening is verstrekt, is verplicht aan het college mededeling te doen van feiten en omstandigheden, waarvan redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze van invloed kunnen zijn op het recht op een voorziening. Artikel34Intrekking van een voorziening
- Het college kan een besluit, genomen op grond van deze verordening, geheel of gedeeltelijk intrekken indien: a. niet is voldaan aan de voorwaarden gesteld bij of krachtens deze verordening; b. op grond van gegevens beschikt is en gebleken is dat de gegevens zodanig onjuist waren dat, waren de juiste gegevens bekend geweest, een andere beslissing zou zijn genomen; c. de gegevens op grond waarvan de voorziening is verleend, inmiddels zodanig zijn gewijzigd dat niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden gesteld of krachtens deze verordening; d. na onderzoek is gebleken dat door verregaande onachtzaamheid, verwaarlozing of opzet van een gebruiker, een voorziening beschadigd is, zoek is geraakt of anderszins deze niet meer te gebruiken voor het doel waarvoor hij verstrekt is; e. aan de persoon als bedoeld in artikel 1 onder g. onderdeel 4,5, en 6 van de wet, onder voorwaarden een voorziening is verstrekt en binnen de afgesproken termijn niet aan deze voorwaarden voldaan wordt.
- Een besluit tot verlening van een financiële tegemoetkoming of een persoonsgebonden budget kan worden ingetrokken indien blijkt dat de tegemoetkoming of het persoonsgebonden budget binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van het middel waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. Artikel35Terugvordering
- Ingeval een besluit tot verstrekking van een voorziening is ingetrokken, kan op basis daarvan een reeds uitbetaalde financiële tegemoetkoming of persoonsgebonden budget worden teruggevorderd.
- In geval het recht op een in eigendom verstrekte voorziening is ingetrokken kan deze voorziening worden teruggevorderd indien de voorziening is verleend op basis van valselijk verstrekte gegevens. Hoofdstuk8Slotbepalingen Artikel36Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de aanvrager afwijken bij of krachtens deze verordening, indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel37Indexering Het college kan jaarlijks per 1 januari de in het kader van deze verordening en het op deze verordening berustende Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk geldende bedragen verhogen of verlagen conform de ontwikkelingen van de prijsindex volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. Artikel38Evaluatie Het door het gemeentebestuur gevoerde beleid wordt eenmaal per jaar geëvalueerd. Indien de evaluatie daartoe aanleiding geeft wordt deze verordening aangepast. Het college zendt hiertoe telkens na 2 jaar na de inwerkingtreding van de verordening aan de gemeenteraad een verslag over de doeltreffendheid en de effectiviteit van de verordening in de praktijk. Artikel39Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 februari 2013 Artikel40Overgangsbepaling Het indiceren van Hulp bij het Huishouden in uren op grond van artikel 10 van deze verordening is niet van toepassing op degenen die voor 1 februari 2013 conform de Verordening 2009 een indicatie hebben gekregen voor Hulp bij het Huishouden. De indicaties Hulp bij het Huishouden gesteld voor 1 februari 2013 blijven van kracht tot de in de beschikking genoemde einddatum, tenzij zich wijzigingen voordoen in de persoonlijke situatie of in de wet- en regelgeving. Indien voornoemde wijziging plaatsvindt, dan zal getoetst worden overeenkomstig deze verordening Artikel41Citeerbepaling Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk 2013 Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Langedijk in zijn openbare vergadering van 22 januari
- De voorzitter, drs. J.F.N.Cornelisse De griffier, J. van den Bogaerde BijlageRaadsvoorstel bij wijziging 22 januari 2013 Gemeente Langedijk Raadsvergadering : 22 januari 2013 Agendanummer : 9 Portefeuillehouder : H.J.M. Schrijver Afdeling : Beleid en Projecten, Bestuurs- en Juridische Zaken en Publiekszaken Opsteller : K. Verspui/R. Späth/M. Borst Voorstel aan de raad Onderwerp : Wijzigingen Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk 2009
(1)Programma : Maatschappelijke Ondersteuning Gevraagde beslissing:
- Intrekken van de Verordening maatschappelijke ondersteuning Gemeente Langedijk 2009;
- Vaststellen de volgende van de Verordening maatschappelijke ondersteuning Gemeente Langedijk
- Aanleiding:
- Aanbesteding Hulp bij het huishouden Hulp bij het huishouden is één van de voorzieningen waarin de gemeente voorziet op basis van de WMO-verordening. Op grond van de huidige verordening kan de burger hulp bij het huishouden toegewezen krijgen. Deze wordt volgens artikel 10 van de verordening geïndiceerd in klasses en bijhorende uren. De huidige contracten met zorgaanbieders lopen af per 1 januari
- Daarom loopt er momenteel een aanbestedingstraject. Deze aanbesteding doen we samen met de 21 gemeentes uit de regio’s Alkmaar, West-Friesland en de Kop van Noord-Holland. Deze aanbesteding speelt in op de kanteling . Als gevolg daarvan is er geen sprake meer van indiceren in klasses, maar in uren. Dit sluit niet aan bij onze huidige Verordening.
- Geen algemene inkomensgrens voor hulpmiddel of voorziening Wmo Dit jaar heeft de Centrale Raad van Beroep een tweetal belangrijke uitspraken gedaan met betrekking tot het hanteren van een inkomensgrens in de Wmo. Hieruit blijkt dat gemeentes geen algemene inkomensgrens mogen stellen om te bepalen of een burger in aanmerking komt voor een hulpmiddel of voorziening uit de Wmo. Ook is er door de staatssecretaris van VWS een brief naar alle gemeenteraden gestuurd met het dringende verzoek om de verordening aan te passen als daar nog inkomensgrenzen in voorkomen. Indien de gemeente de verordening niet aanpast kan de verordening voorgedragen worden voor vernietiging (zie bijlage 1). De verordening van de gemeente Langedijk kent deze inkomensgrens echter wel. De verordening moet op dit punt aangepast worden. Mogelijke oplossingen/alternatieven Aanpassen Verordening Wmo Conclusie is dat de verordening in ieder geval op twee punten moet worden aangepast. Daarnaast ligt het in de planning om in 2013 de Wmo verordening te kantelen. Dit betekent een hele andere invulling van de verordening. Het is het streven om de te decentraliseren Awbz begeleiding mee te nemen in deze gekantelde verordening. Ook moeten we rekening houden met het grotendeels afschaffen van de Hulp bij het Huishouden volgens het regeerakkoord 2012 van de formatie Rutte II. Op grond van het bovenstaande is het voorstel om de huidige verordening Wmo op de betreffende artikelen (1m, 7,10, 11 en 24) aan te passen. Daarmee nemen we een voorschot op een gekantelde uitvoering van de huishoudelijke hulp.
Artikel 1
, lid m Huidig: Financiële tegemoetkoming: een tegemoetkoming in de kosten van een voorziening welke kan worden afgestemd op het inkomen van de aanvrager. Wijziging: Financiële tegemoetkoming: een tegemoetkoming in de kosten van een voorziening anders dan een PGB.
artikel 7 Eigen bijdragen Huidig: Bij het verstrekken van individuele voorzieningen op grond van de wet is de aanvrager een eigen bijdrage verschuldigd of wordt de financiële tegemoetkoming afgestemd op het inkomen. Het college legt in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk de omvang van de eigen bijdrage en het eigen aandeel vast. Wijziging: Bij het verstrekken van individuele voorzieningen op grond van de wet is de aanvrager een eigen bijdrage verschuldigd. Het college legt in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk de omvang van de eigen bijdrage en het eigen aandeel vast.
Artikel 10
Omvang van de hulp bij het huishouden Huidig: De omvang van de hulp bij het huishouden wordt uitgedrukt in klassen waarbij de volgende klassen met de daarbij behorende uren kunnen worden toegekend: - Klasse 1: 0 tot en met 1,9 uur per week; - Klasse 2: 2 tot en met 3,9 uur per week; - Klasse 3: 4 tot en met 6,9 uur per week; - Klasse 4: 7 tot en met 9,9 uur per week; - Klasse 5: 10 tot en met 12,9 uur per week; - Klasse 6: 13 tot en met 15,9 uur per week. Wijziging: De omvang van de hulp bij het huishouden wordt uitgedrukt in uren. De indicatie zal in blokken van 15 minuten met een minimum indicatieduur van 30 minuten worden aangeboden. Opgemerkt dient te worden dat het beleid, het besluit en de toelichting behorende bij dit artikel eveneens aangepast dient te worden.
artikel 11 Omvang van het persoonsgebonden budget Huidig: De bedragen die per klasse in de vorm van een persoonsgebonden budget worden verstrekt, worden jaarlijks door het college vastgesteld en vastgelegd in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk. Wijziging: Zowel de bedragen die per klasse als die per uur in de vorm van een persoonsgebonden budget worden verstrekt, worden jaarlijks door het college vastgesteld en vastgelegd in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk.
Artikel 24
Algemeen gebruikelijke vervoersvoorzieningen Huidig: Indien het inkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van gehuwde personen meer bedraagt dan 1,5 maal de inkomensnorm, gerelateerd aan de Wet Werk en Bijstand, in het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Langedijk voor de diverse categorieën genoemde inkomensgrenzen, wordt het bezit van een personenauto algemeen gebruikelijk geacht, zodat een auto of een met een auto vergelijkbare voorziening en de daarmee samenhangende gebruiks- en onderhoudskosten niet in aanmerking komen voor verstrekking of vergoeding. Wijziging Hoewel er rekening mag worden gehouden met de capaciteit van een burger om uit een oogpunt van kosten zelf in maatregelen te voorzien, mag er geen inkomensgrens gehanteerd worden. Voorstel is om dit artikel te laten vervallen.
Artikel 40
Citeertitel Artikel 40 wordt een overgangsbepaling: Het indiceren van Hulp bij het Huishouden in uren op grond van artikel 10 van deze verordening is niet van toepassing op degenen die voor 1 februari 2013 conform de Verordening 2009 een indicatie hebben gekregen voor Hulp bij het Huishouden. De indicaties Hulp bij het Huishouden gesteld voor 1 februari 2013 blijven van kracht tot de in de beschikking genoemde einddatum, tenzij zich wijzigingen voordoen in de persoonlijke situatie of in de wet- en regelgeving. Indien voornoemde wijziging plaatsvindt, dan zal getoetst worden overeenkomstig deze verordening Artikel 40 citeertitel wordt artikel
- Gevolg wijziging van klassen naar uren Na de afgeronde aanbesteding zullen zorgaanbieders de hulp bij het huishouden per uur uitvoeren en factureren. Uit de wijziging van klasses naar uren vloeit voort dat alle indicaties hulp bij het huishouden moeten worden omgezet naar uren. Hulp bij het huishouden waarvoor mensen een Persoonsgebonden budget ontvangen, houdt geen direct verband met de gemeentelijke contracten met zorgaanbieders. Desondanks is het vanwege de gelijkheid in behandeling en een eenduidige werkwijze van belang om ook deze indicaties om te zetten van klasse naar uren. Voorstel Om alle indicaties Hulp bij het Huishouden (470 indicaties in natura en 70 indicaties in PGB) vergt de nodige inspanning en kosten (zie bijlage 2). In het kader van de huidige financiële situatie en de daarmee gepaard gaande bezuinigingen alsook het nieuwe regeerakkoord waarin vermeld is dat de Hulp bij het huishouden in 2014 voor nieuwe klanten en in 2015 voor iedereen komt te vervallen, is het niet verantwoord deze investering op de manier zoals beschreven in de bijlagen te doen. Voorstel is om een overgangsbepaling in de verordening op te nemen¸ waarbij de indicaties Hulp bij het Huishouden vastgesteld onder de huidige verordening van kracht blijven tot de in de beschikking opgenomen einddatum tenzij er wijzigingen zijn in de persoonlijke situatie die leiden tot een nieuwe indicatie voordat de einddatum verstreken is. Gevolg vervallen van de inkomensgrens In 2008 zijn alle bestaande houders van een OV-taxipas beoordeeld op inkomen. Dit heeft geleid tot een afname van het aantal pashouders. Nadien zijn alle nieuwe aanvragen voor een OV-taxipas ook beoordeeld op het inkomen. Het is niet eenvoudig te achterhalen welke personen zijn afgewezen op basis van het inkomen. Alle dossiers zouden moeten worden gelicht en opnieuw onderzocht moeten worden. Aangezien er nu meer en meer gekanteld gewerkt wordt en gekeken wordt of de aanvrager zelf in staat is het vervoersprobleem op te lossen, zowel qua voorliggende voorzieningen als qua financiële mogelijkheden, kan niet gesteld worden dat de personen die destijds zijn afgewezen op basis van het inkomen nu wel in aanmerking zouden komen voor een OV-taxipas. Voorstel Het voorstel is om ruchtbaarheid te geven aan het vervallen van artikel 24 middels de website, Langedijk Informeert, schermen in de wachtruimtes en indien personen denken ten onrechte afgewezen te zijn voor een OV-taxipas op basis van het inkomen, een nieuwe aanvraag te laten doen. Financiële aspecten: Het omzetten van Hulp bij het Huishouden in uren in plaats van in klasses kan op den duur een besparing opleveren omdat er meer op maat geïndiceerd wordt en de burger en/of de zorgaanbieder niet meer op eigen initiatief het aantal uren kan uitbreiden tot het maximum van de geïndiceerde klasse. Het loslaten van de inkomensgrens kan tot gevolg hebben dat er een toename komt van het aantal indicaties met name voor de regiotaxipas. Overleg/inspraak/zienswijzen: Aan de Cliëntenraad Langedijk is advies gevraagd over deze technische wijzigingen van de verordening Wmo. Rapportage/verantwoording/evaluatie: Niet van toepassing Bijlagen die onderdeel uitmaken van het besluit: - brief staatssecretaris van - kostenraming omzetten indicaties; - verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2013; - toelichting op de verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning
- Stukken die voor de raad ter inzage liggen: - verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2009; - toelichting op de verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning
- Zuid-Scharwoude, 14 december 2012 Burgemeester en wethouders van Langedijk, De secretaris, De burgemeester, E. Annaert drs. J.F.N. Cornelisse