Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Echt-Susteren houdende regels omtrent materiële en financiële gelijkstelling onderwijs (Verordening materiële en financiële gelijkstelling onderwijs gemeente Echt-Susteren 2012)De raad van de gemeente Echt-Susteren, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van Echt-Susteren d.d. 22-5-2012 en BBV nummer 141436; gelet op artikel 140 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 96g van de Wet op het voortgezet ondenwijs; gelet op de artikelen XIII, XV en XVII van de Wet dualisering gemeentelijke medebewindsbevoegdheden; | gelet op artikel 5 van de Gemeentewet; gelet op hoofdstuk 4 van de Algemene wet bestuursrecht; besluit: Vast te stellen de volgende 'Verordening materiële en financiële gelijkstelling ondenwijs gemeente Echt-Susteren 2012'. Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepaling In deze verordening wordt verstaan onder: het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Echt-Susteren; schoolbestuur: bevoegd gezag van een volgens de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs bekostigde in de gemeente gelegen openbare of bijzondere school; school: school voor basisonderwijs of school voor voortgezet onderwijs; school voor basisonderwijs: een basisschool of een speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs; school voor voortgezet onderwijs: school of scholengemeenschap voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, voor hoger en middelbaar algemeen voortgezet onderwijs, voor voorbereidend beroepsonderwijs en voor praktijkonderwijs. voorziening: een voorziening zoals opgenomen in de bijlage Voorzieningen van deze verordening; aanvullende voorziening: een door het college vastgestelde nieuwe voorziening waarmee de verordening tijdelijk wordt aangevuld; indieningsdatum: uiterste moment zoals opgenomen in de bijlage Voorzieningen van deze verordening, waarvoor een aanvraag voor een voorziening voor het eerste daaropvolgende tijdvak moet zijn ingediend; toekenningscriteria: de omstandigheden zoals opgenomen in de bijlage Voorzieningen van deze verordening, waaronder een schoolbestuur in aanmerking komt voor een voorziening of een aanvullende voorziening; tijdvak: periode zoals opgenomen in de bijlage Voorzieningen van deze verordening, waarvoor een voorziening wordt toegekend; subsidieplafond: een bedrag zoals bedoeld in artikel 4:22 van de wet, dat beschikbaar is voor een voorziening, of een aanvullende voorziening; feitelijke beschikbaarstelling: de beschikking van het college waarbij een voorziening of aanvullende voorziening in natura beschikbaar wordt gesteld; subsidieverlening: de beschikking van het college waarbij een voorwaardelijke financiële aanspraak ontstaat op het subsidiebedrag voor een voorziening of een aanvullende voorziening; subsidievaststelling: een beschikking zoals bedoeld in artikel 4:42 van de wet ; wet: de Algemene wet bestuursrecht . Artikel2Subsidieplafond en verdelingsregels 1.De raad kan voor een voorziening een subsidieplafond vaststellen. Hierbij bepaalt de raad hoe het beschikbare bedrag wordt verdeeld. 2.De raad kan voor een voorziening het gestelde in het eerste lid overdragen aan het college. Het college neemt daarbij de gemeentebegroting in acht. 3.Het college maakt het subsidieplafond en de wijze van verdeling van het beschikbare bedrag, uiterlijk zes weken voor de indieningsdatum aan de schoolbesturen bekend. Artikel3Aanvullende voorziening 1.Het college kan bepalen dat de verordening tijdelijk wordt aangevuld met een voorziening. 2.Het college stelt de toekenningscriteria vast waaronder aanspraak bestaat op de aanvullende voorziening. Artikel4Jaarlijks overzicht Jaarlijks voor 1 juli zendt het college aan de schoolbesturen een overzicht van de op basis van deze verordening toegekende voorzieningen. Het overzicht omvat de periode van 1 juni van het voorafgaande jaar tot en met 31 mei van het jaar van toezending. Hoofdstuk2Procedures Paragraaf2.1Aanvraag voorzieningen; weigeringsgronden Artikel5Toevoegen, wijzigen en intrekken Een wijziging van de verordening die leidt tot het toevoegen, wijzigen of intrekken van een voorziening, wordt uiterlijk zes weken voor de indieningsdatum bekendgemaakt door het college. Artikel6Indiening aanvraag 1.Het schoolbestuur dat een voorziening voor het eerste daaropvolgend tijdvak wenst, dient voor de indieningsdatum een aanvraag in bij het college. De indieningsdatum is niet van toepassing indien voor de voorziening is bepaald dat een indieningsdatum niet is voorgeschreven. Indien de aanvraag niet voor de indieningsdatum is ingediend, besluit het college om de aanvraag niet te behandelen. 2.De aanvraag vermeldt: naam en adres van het schoolbestuur; de dagtekening; de gewenste voorziening; de naam van de school en de onderwijssoort indien de voorziening is bestemd voor een school; een motivering dat wordt voldaan aan de toekenningscriteria. 3.Bij het ontbreken van een of meer gegevens deelt het college dit schriftelijk mee aan het schoolbestuur. Daarbij krijgt het schoolbestuur de gelegenheid om binnen drie weken na de datum van verzending van de mededeling de gegevens schriftelijk aan te vullen. Indien het schoolbestuur de ontbrekende gegevens niet binnen deze termijn verstrekt, beslist het college de aanvraag niet te behandelen. Artikel7Beslissingstermijn 1.Het college besluit binnen twaalf weken na de indieningsdatum op een aanvraag. Indien ten aanzien van een voorziening geen indieningsdatum is voorgeschreven, beslist het college binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag. 2.Het college kan de termijn van twaalf weken met vier weken verlengen. Bij verlenging wordt uiterlijk twee weken voor het einde van de termijn van twaalf weken hiervan door het college schriftelijk mededeling gedaan aan het schoolbestuur. Hierbij geeft het college de reden voor de verlenging aan. 3.Het college stelt binnen twee weken na de datum van de beschikking op de aanvraag het schoolbestuur hiervan schriftelijk in kennis. Artikel8Weigeringsgronden Het college weigert de voorziening in ieder geval indien: de gewenste voorziening geen voorziening is in de zin van deze verordening; niet is voldaan aan één van de toekenningscriteria; door verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden. Paragraaf2.2Aanvraag aanvullende voorzieningen; weigeringsgronden Artikel9Indiening aanvraag 1.Het schoolbestuur dat een aanvullende voorziening wenst, dient een aanvraag in bij het college. 2.Op de aanvraag is artikel 6, tweede en derde lid, van toepassing. Artikel10Beslissingstermijn Het college besluit binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag of binnen vier weken na de verstrekking van de aanvullende gegevens. Binnen twee weken na de datum van de beschikking stelt het college het schoolbestuur hiervan schriftelijk in kennis. Artikel11Weigeringsgronden Het college weigert de aanvullende voorziening in ieder geval indien: de gevraagde voorziening geen aanvullende voorziening zoals bedoeld in artikel 3 is; niet is voldaan aan een van de toekenningscriteria. Paragraaf2.3Toekenning; uitvoering beschikking subsidieverlening; intrekking of wijziging; verbod vervreemding Artikel12Inhoud beschikking tot toekenning; betaling 1.De beschikking van het college tot toekenning van een voorziening of een aanvullende voorziening kan inhouden: feitelijke beschikbaarstelling van de voorziening; een subsidieverlening, of een subsidievaststelling. 2.De beschikking bevat: het tijdvak en het doel waarvoor de voorziening is toegekend; de wijze waarop het schoolbestuur de voorziening dient uit te voeren. 3.De beschikking tot subsidieverlening of subsidievaststelling bevat voorts: het bedrag van de subsidie of indien de beschikking tot subsidieverlening het bedrag niet vermeldt, het bedrag waarop de subsidie ten hoogste wordt vastgesteld; het bedrag van het voorschot of de wijze van vaststelling daarvan indien de beschikking tot subsidieverlening bepaalt dat het college een voorschot verleent; voorzover van belang de wijze waarop rekening en verantwoording door het schoolbestuur wordt afgelegd aan het college. de bepaling dat de wet van toepassing is en voorzover van belang welke afzonderlijke bepalingen of afwijkingen hierop van kracht zijn. 4.De betaling van het subsidiebedrag vindt binnen zes weken na de subsidievaststelling plaats. Artikel13Uitvoering beschikking tot subsidieverlening 1.Na een beschikking tot subsidieverlening dient het schoolbestuur uiterlijk acht weken na afloop van het tijdvak waarvoor de voorziening is toegekend een aanvraag tot subsidievaststelling in. Het college stelt de subsidie ambtshalve vast indien de aanvraag achterwege blijft. 2.Bij de aanvraag toont het schoolbestuur aan dat de aan de subsidieverlening verbonden verplichtingen als genoemd in artikel 12 zijn nagekomen. 3.Indien het schoolbestuur niet of niet voldoende aantoont dat de verplichtingen zijn nagekomen, deelt het college dit schriftelijk mee aan het schoolbestuur. Hierbij geven zij aan op welke onderdelen het schoolbestuur aanvullende informatie moet verschaffen. Daarbij krijgt het schoolbestuur de gelegenheid om binnen drie weken na ontvangst van de mededeling de gevraagde informatie schriftelijk te verschaffen. Indien het schoolbestuur de gevraagde informatie niet binnen deze termijn verstrekt, stelt het college de subsidie ambtshalve vast. Artikel14Subsidievaststelling volgend op verlening 1.Het college beslist binnen acht weken na de indiening van de aanvraag als bedoeld in artikel 13, of binnen acht weken na de verstrekking van de aanvullende informatie. Binnen twee weken na de datum van de beschikking stelt het college het schoolbestuur hiervan schriftelijk in kennis. 2.Het college betaalt het subsidiebedrag onder verrekening van de betaalde voorschotten, overeenkomstig de subsidievaststelling. De betaling vindt binnen zes weken na de subsidievaststelling plaats. Artikel15Intrekken of wijzigen beschikking; terugvordering Ten aanzien van het beleid tot intrekking, wijziging, stopzetting of verlaging van de afgegeven subsidiebeschikking dan wel terugvordering van gegeven subsidie is titel 4:2 van de wet van toepassing. Artikel16Intrekken of wijzigen beschikking tot subsidieverlening 1.Zolang de subsidie niet is vastgesteld, kan het college een beschikking tot subsidieverlening intrekken of ten nadele van het schoolbestuur wijzigen, indien: het bepaalde in artikel 16, eerste lid, onder b en c van toepassing is; de voorziening niet of niet geheel heeft plaatsgevonden, of zal plaatsvinden; het schoolbestuur onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking zou hebben geleid. 2.De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip van toekenning van de voorziening, tenzij bij de intrekking of wijziging anders is bepaald. Artikel17Verbod tot vervreemding Vervreemding door het schoolbestuur van op basis van deze verordening toegekende voorzieningen, is niet toegestaan zonder toestemming van het college tenzij sprake is van een overdracht van voorzieningen aan een ander schoolbestuur als gevolg van samenvoeging van het betreffende schoolbestuur met een ander schoolbestuur. HOOFDSTUK3Slotbepalingen Artikel18Informatieverstrekking Het schoolbestuur verstrekt op verzoek van het college nadere gegevens die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het bepaalde in deze verordening. Artikel19Beslissing van het college in gevallen waarin de verordening niet voorziet In gevallen, de uitvoering van de verordening betreffende, waarin deze verordening niet voorziet, beslist het college. Artikel20Intrekking De 'Verordening materiële financiële gelijkstelling onderwijs 2010 gemeente Echt-Susteren', vastgesteld op 10 juni 2010 en vervolgens gewijzigd op 13 december 2010 en 29 juni 2011, wordt ingetrokken. Artikel21Citeertitel; inwerkingtreding 1.De verordening kan worden aangehaald als: Verordening materiële en financiële gelijkstelling onderwijs gemeente Echt-Susteren
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.