Strategische personeelsplanning gemeente WaalwijkStrategische Personeelsplanning Inhoudsopgave MANAGEMENT SUMMARY3 1. INLEIDING5 1 Wat is Strategische Personeelsplanning? 2 Waarom strategische personeelsplanning bij de gemeente Waalwijk? 3 Voor wie is het instrument bedoeld? 2. GEGEVENS GEMEENTE WAALWIJK6 1 Algemene personeelsgegevens 2 Leeftijdsopbouw medewerkers 3 In-, door- en uitstroomcijfers 3. METHODE VAN DE PERSONEELSPLANNINGMETHODE10 1 De methode 2 Potentieel van het huidige personeel (IST). 3 Autonome ontwikkelingen, omgevingsfactoren en bestuurlijk- ambtelijke keuzes (Strategische Ontwikkeling) 4 Personeelsbehoefte over twee á drie jaar (SOLL) 5 Verschil tussen potentie huidige bezetting en toekomstige personele behoefte (Analyse & Acties) 4. AANDACHTSPUNTEN14 5. CONCLUSIE15 6. AFSPRAKEN TER DOORONTWIKKELING VAN DEZE NOTITIE15 MANAGEMENT SUMMARY Hieronder de belangrijkste punten uit deze nota over Strategische Personeelsplanning: De strategische personeelsplanning (SPP) is een instrument waarmee de personeelsstromen (instroom, doorstroom en uitstroom) zichtbaar worden, door de personeelsvraag van de organisatie te voorspellen en te vergelijken met de mogelijkheden (en wensen) van de werknemers in de organisatie. SPP is in de eerste plaats een managementinstrument dat de leidinggevende/directie in staat stelt hun integrale managementverantwoordelijkheid uit te voeren. De afdeling HRM faciliteert daarmee de integraal manager middels de beschikbaarheid van het instrument en het leveren van de benodigde basale personeelsgegevens.Het instrument SPP is nauw verweven met instrument ‘strategische opleidingsbeleid’. Voor beide instrumenten dient het PersoonlijkOntwikkelingPlan (POP) als onderlegger en levert het de noodzakelijke input. De focus bij SPP ligt op: Inspelen op de uitstroom de komende jaren; Stimuleren van doorstroom binnen de organisatie en daarmee het binden en boeien van de medewerkers. De methode richt zich op het beantwoorden van vier vragen: Wat is het potentieel van mijn huidige personeel? (IST) Welke invloed hebben autonome ontwikkelingen, omgevingsfactoren en bestuurlijk- ambtelijke keuzes op een termijn van twee à drie jaar op het werk van mijn afdeling? (Strategische Ontwikkeling) Wat betekent deze invloed voor mijn personeelsbehoefte over twee à drie jaar? (SOLL) a.Wat is het verschil tussen 1 en 3? (Analyse & Acties) Stimuleren van doorstroom binnen de organisatie. Op basis van het huidig functioneren het verwachte groeipotentieel binnen 2 à 3 jaren, deelt de leidinggevende elke medewerker in één van onderstaande drie categorieën: 1. doorstromers talentvolle medewerkers die binnen ± 2 jaar kunnen/moeten doorstromen naar een andere functie. 2. blijvers medewerkers die de komende 2-3 jaar goed op hun plaats zijn in de huidige functie en talentvolle medewerkers die zich in die periode nog kunnen/moeten ontwikkelen binnen de huidige functie. 3. uitstromers medewerkers die op basis van een mismatch in ambities/competenties moeten (veranderen/verbeteren) uitstromen naar een andere functie. Dit proces doet de leidinggevende een keer per jaar, gelijk met de FuBeo-ronde. Voor deze indeling gebruikt de leidinggevende twee criteria: 1. de mate waarin de medewerker de afgesproken werkresultaten heeft bereikt: ‘boven’, ‘volgens’ of ‘onder verwachting’. Deze zijn gelinkt aan de functiebeschrijving. 2. de mate waarin de medewerker de relevante competenties heeft laten zien: ‘boven’, ‘volgens’ of ‘onder verwachting’. Nadat op basis van de personeelsgegevens alle medewerkers zijn gecategoriseerd volgens bovenstaande systematiek, dienen de gegevens gekoppeld te worden aan de algemene ontwikkelingen binnen de gemeentelijke organisatie om te bezien welke acties de leidinggevende de komende jaren per functie en per medewerker onderneemt aan in-, door- en uitstroom. Samen met de HRM-adviseur neemt de leidinggevende de lijst twee keer per jaar om de voortgang in de geplande acties te bewaken. Twee keer per jaar zullen de resultaten van de SPP-methodiek door de afdeling HRM in het management overleg worden ingebracht om te bespreken in hoeverre er afdelingsoverstijgende individuele- en/of organisatiemaatregelen genomen dienen te worden. Hieronder schematisch het proces weergegeven: zie www.waalwijk.nl>Gemeente>Regelgeving>Personeel en Organisatie 1. INLEIDING Aanleiding voor deze nota is de kadernotitie ‘Strategisch organisatiemanagement’. Eén van de aanbevelingen uit deze strategische notitie is om strategische personeelsplanning toe te voegen aan het Waalwijkse HRM-instrumentarium. Deze nota geeft vorm aan de uitwerking van dit instrument. 1.1 Wat is strategische personeelsplanning? Populair gezegd: een strategische personeelsplanning (SPP) vormt een belangrijke basis om de juiste personen, op het juiste moment, op de juiste plaats in de organisatie aanwezig te hebben om de geplande werkzaamheden uit te voeren. De strategische personeelsplanning is dus een instrument waarmee de personeelsstromen (instroom, doorstroom en uitstroom) zichtbaar worden, door de personeelsvraag van de organisatie te voorspellen en te vergelijken met de mogelijkheden (en wensen) van de werknemers in de organisatie. Met behulp van een strategische personeelsplanning ontstaat inzage in het huidige personeelsbestand en wordt inzichtelijk wat de behoefte aan personeel is op de korte en middellange termijn. Dit geeft de mogelijkheid om maatregelen te nemen om de gewenste personeelsstromen te ondersteunen. Zo kan met strategische personeelsplanning gericht gewerkt worden aan duurzame inzetbaarheid en kan hierop proactief gestuurd worden. Denk bijvoorbeeld aan het inzichtelijk maken van de uitstroom. Wie, met welke functie, gaat wanneer de organisatie verlaten? Zijn er opvolgers binnen de afdeling en/of organisatie beschikbaar of zijn er werknemers die wel het potentieel hebben voor de functie maar eerst nog nadere opleiding en/of coaching nodig hebben? Of zijn er geen opvolgers beschikbaar en dient er pro-actief externe werving plaats te vinden? Immers het aanbod op de gehele arbeidsmarkt wordt de komende jaren naar verwachting in totaliteit krapper. Andere organisaties kunnen mogelijk onder onze duiven gaan schieten, doordat zij interessantere aanbiedingen kunnen doen. Personeel verlaat dus de organisatie niet alleen vanwege pensionering de organisatie maar om meerdere redenen. SPP heeft zeker ook betrekking op ontgroening van de maatschappij. Er komt minder personeel op de arbeidsmarkt. De vijver waar Waalwijk uit moet vissen wordt dus leger. Wij zullen dus ook aan de instroomkant strategisch moeten handelen. 1.2 Waarom strategische personeelsplanning bij de gemeente Waalwijk? In Waalwijk is dit instrument nodig om tijdig in te kunnen springen op vragen over vergrijzing, het behoud van ‘high potentials’ en de verwachte krapte op de arbeidsmarkt. Van dit laatste merkt de gemeente Waalwijk vooralsnog overigens niet veel. Door de economische crisis krijgt de gemeente veel respons op vacatures. Daarnaast geeft het project ‘Op weg naar een efficiënte en effectieve organisatie met 10% minder personele uitgaven’ een extra stimulans aan de ontwikkeling van het instrument van strategische personeelsplanning. Bij een herijking van taken – onderdeel van dit project – kunnen bepaalde taken weggevallen in het takenpakket van de werknemer(s). Van werknemers wordt dan gevraagd om andere taken uit te voeren. Middels strategische personeelsplanning kunnen mogelijke afstemmingsvragen het hoofd geboden worden. Strategische personeelsplanning kan immers duidelijk maken in hoeverre de kwantiteit en kwaliteit van het huidige personeel voldoende is voor een effectieve en efficiënte bedrijfsvoering, nu en in de toekomst. De externe en interne (organisatie)ontwikkelingen vertalen zich niet alleen door andere eisen aan werkprocessen en dienstverlening, maar ook door andere eisen aan personeel. Belangrijke vraag daarbij is of de gemeentelijke organisatie beschikt over het juiste aantal medewerkers met de juiste kennis, vaardigheden en gedrag. Met behulp van dit instrument kunnen tijdig maatregelen worden genomen om ongewenste uitstroom te voorkomen, doorstroom te bevorderen en werknemers met specifieke kenmerken te behouden voor de organisatie. Ook kan gericht gewerkt worden aan scholing. Het gaat daarbij niet alleen om hoeveel medewerkers de organisatie nodig heeft, maar ook om de benodigde kwaliteiten van de medewerkers. De basiscompetenties die in Waalwijk gelden (open houding, consistent, samenwerken, verbeterings- en klantgericht) zijn daarbij erg belangrijk. Tegelijkertijd past SPP in het streven van de gemeente Waalwijk om medewerkers te blijven ontwikkelen en te motiveren (‘binden en boeien’) zodanig dat de organisatiedoelen en –ambities te allen tijde kunnen worden waargemaakt. 1.3 Voor wie is dit instrument bedoeld? Het is in de eerste plaats een managementinstrument dat de leidinggevende/directie in staat stelt hun integrale management-verantwoordelijkheid uit te voeren. De afdeling HRM faciliteert daarmee de integraal manager middels de beschikbaarheid van het instrument en het leveren van de benodigde basale personeelsgegevens. Uitgaande van het principe van integraal management zijn zowel de afdelingshoofden als teamleiders integraal manager, die verantwoordelijk zijn voor de PIOFFA-taken (personeel, informatie, organisatie, financiën, facilitair en automatisering), uiteraard binnen de kaders en handelingsvrijheid die daarbij is vastgesteld. Daarbij geldt het hoofdprincipe dat de afdelingshoofden verantwoordelijk zijn voor hun afdeling en de teamleiders voor hun team. 2. DE GEGEVENS Alvorens in te gaan op hoe strategische personeelsplanning als methodiek werkt, is het van belang om onderstaande basisgegevens in het achterhoofd te hebben. 2.1 Algemene personeelsgegevens GEMEENTE WAALWIJK 2009* 2006 2007 2008 2009 tot 1 augustus 2010 Bezetting in fte Directie 3 3 3 Bureau BBC 5 5 6 Bureau GGW 6 6,28 5,78 Bureau Communicatie 5,09 6,7 6,7 Projectopdrachten 1 1 Publiekszaken 28,26 28,39 26,67 Vergunningen en Handhaving 27,72 29,39 28,25 Bedrijven 86,90 84,56 86,05 Financiën 26,17 24,33 22,94 Ruimte en Economie 26,69 30,47 27,70 Ontwerp en Beheer Openbare Ruimte 31,67 32,67 33,17 Maatschappelijke ontwikkeling 19,00 20,14 19,53 Bestuur en Ondersteuning 28,27 28,33 23,27 Personeel, Informatie en Informatie 29,62 33,44 36,06 Brandweer 5,06 5,39 0 Griffie 2,83 2,83 2,83 Totaal 322,27 320,76 331,28 341,92 328,95 Aantal medewerkers 371 366 384 400 406 Leeftijd in % Jonger dan 25 jaar 0,81 0,82 1,30 1,50 2,55 van 25 tot 35 jaar 17,79 15,85 15,63 16,25 16,79 van 35 tot 45 jaar 32,34 31,14 30,47 31,75 31,55 van 45 tot 55 jaar 35,85 35,52 33,07 31,75 32,06 55 jaar en ouder 13,21 16,67 19,53 18,75 17,04 Gemiddelde leeftijd 43,50 44,30 44,40 44,00 43,4 Geslacht in % vrouwen 40,70 40,70 40,30 43,50 43,3 mannen 59,30 59,30 59,70 56,50 56,7 Deeltijdfactor in % voltijders 62,30 63,70 60,7 60,5 59,3 deeltijders 37,70 36,30 39,3 39,5 40,8 in- uitstroom t.o.v. bezetting instroom % 5,93 6,83 12,23 10,00 3,69 over 7 maanden uitstroom 6,74 8,20 8,33 8,50 7,14 incl. Brandweer (6 pers.) 5,67% excl. Brandweer over 7 maanden Ziekteverzuim ziekteverzuim % incl. zwangerschap 6,16 5,24 6,00 5,77 6,37 over 7 maanden meldingsfrequentie incl. zwangerschap 1,48 1,45 1,60 1,53 0,82 over 7 maanden ziekteverzuim % excl. zwangerschap 5,11 4,84 5,54 4,97 5,58 over 7 maanden meldingsfrequentie excl. zwangerschap 1,42 1,39 1,56 1,49 0,8 over 7 maanden WIA (voorheen WAO) WIA instroom 0,00 0,00 0,00 0,00 WIA instroompercentage 0,00 0,00 0,00 0,00 Inschaling in % schaal 1 t/m 3 1,90 1,60 2,10 1,50 1,8 schaal 4 t/m 6 36,10 34,70 31,50 30,00 30,5 schaal 7 t/m 9 35,60 36,10 37,50 37,50 37,7 schaal 10 t/m 12 22,10 23,80 25,80 27,50 27,0 schaal 13 en hoger 4,30 3,80 3,10 3,50 3,1 Gemiddeld aantal jaren in dienst 12,86 * = deze cijfers zijn exclusief vrijwillige brandweer en I/D-medewerkers (c.q. stadswachten) 2.2 Leeftijdsopbouw medewerkers gemeente Waalwijk Peildatum 1 augustus 2010 Leeftijden < 30 jaar 30 – 40 40 – 55 55 – 59 > 60 jaar Gem.leeft. Directieteam 0 0 1 2 0 51 Concernstaf 0 0 5 1 0 47 Communicatie 0 5 3 0 0 38,5 Gebiedsger. Werken 0 1 3 3 0 48 Bureau Proj.Opdr. 0 0 0 0 1 60 Publiekszaken 2 7 17 5 7 47,7 Vergunning en handh. 1 17 12 4 1 41,9 Bedrijven 8 27 41 18 2 44,2 Financiën 1 2 22 4 1 48 Ruimte en economie 1 8 15 6 1 45,3 OBOR 6 7 19 3 1 42,7 Maatsch. Onderst. 1 4 13 4 1 46,7 Bestuur en Onderst. 2 8 13 6 2 45,2 POI 5 7 25 5 1 43,9 Griffie 0 0 2 1 0 48,6 Totaal Generaal 27 93 191 62 18 44,9 Uit bovenstaande cijfers valt op dat er relatief veel medewerkers veertig jaar en ouder zijn. Van de in totaal 391 medewerkers zijn er 271 ouder dan veertig jaar en 191 medewerkers bevinden zich in de leeftijd tussen 40 en 55 jaar. Achttien medewerkers zijn ouder dan 60 jaar. Dat is niet verontrustend maar het is van belang snel in beeld te krijgen in welke beleidsterreinen deze medewerkers actief zijn en welke kennis en kunde er op (korte) termijn verloren zou kunnen gaan als opvolging niet goed geborgd wordt. De eerste focus voor het nemen van maatregelen ligt uiteraard bij de groep van medewerkers boven de 60 jaar. De borging van het behoud van kennis en kunde speelt immers op korte termijn. Daarna dient ook inzicht verkregen te worden in de status van de medewerkers in de leeftijdscategorie van 55 tot 59 jaar. Waalwijk kent 62 medewerkers in deze categorie. Het aantal medewerkers dat jonger is dan 30 jaar bedraagt 27 ofwel 6,9% (pijldatum 1-7-2010). Voor een evenwichtige opbouw van de organisatie is het van belang dat het aantal starters (<30 jaar) de komende jaren toeneemt. Door de uitstroom van de ‘babyboom’-generatie valt te verwachten dat dit automatisch zal gaan gebeuren. Bij bestudering van het huidige personeelsbestand is te zien dat er de komende zes jaar 66 medewerkers zullen uitstromen. Dat zijn er gemiddeld ruim tien per jaar. Onderstaand overzicht laat zien bij welke afdeling dit zal gaan spelen en om hoeveel medewerkers dit gaat. Hierbij is uitgegaan van uittreding bij 62 jaar). Jaar van mogelijke uittreding 2011 2012 2013 2014 2015 2016 Afdeling Directieteam 2 Concernstaf 1 Communicatie Gebiedsgericht Werken 1 1 1 Bureau Project Opdrachten 1 Publiekszaken 4 1 1 2 1 Vergunning en Handhaving 1 1 2 Bedrijven 2 1 4 9 3 1 Financiën 1 1 1 Ruimte en Economie 2 1 1 2 OBOR 1 1 2 Maatschappelijke Ondersteuning 1 2 1 Bestuur en Ondersteuning 1 1 1 1 POI 2 2 1 Griffie 1 Totaal Generaal 6 11 14 13 14 8 In onderstaande tabel is te zien dat we met de instroom onder het landelijke gemiddelde zitten. Met de doorstroom zit de gemeente Waalwijk echter boven het landelijk gemiddelde. Dat duidt erop dat de gemeente Waalwijk haar medewerkers vanuit goed werkgeverschap kansen geeft, die ook benut worden. De uitstroom van medewerkers zit daarentegen onder het landelijk gemiddelde. 2.3 In-, door- en uitstroomcijfers van de gemeente Waalwijk. In- stroom Aantal Personen Waalwijk In- stroom % Waalwijk In- stroom % landelijk Door- stroom Aantal Personen Waalwijk Door- stroom % Waalwijk Door- stroom % landelijk Uit- Stroom Aantal Personen Waalwijk Uit- Stroom % Waalwijk Uit-stroom % landelijk 2007 25 06,80% 09,40% 20 05,40% 03,10% 30 08,20% 09,30% 2008 47 12,23% 10,40% 18 04,70% 03,80% 32 08,33% 10,80% 2009 40 10,00% ? 9 02,20% ? 34 08,50% ? Bovenstaande gegevens maken duidelijk dat strategische personeelsplanning in Waalwijk op korte termijn met name een meerwaarde zal hebben om: Goed te kunnen inspelen op de uitstroom in de komende jaren: waar valt welk gat en hoe daarop te anticiperen?; Doorstroom binnen de organisatie verder te stimuleren: dertig jaar dezelfde functie op dezelfde afdeling zal meer uitzondering dan regel worden. 3. DE PERSONEELSPLANNINGMETHODE Het proces van Strategische Personeelsplanning werkt als volgt: 3.1 De methode De methode richt zich op het beantwoorden van vier vragen: Wat is het potentieel van mijn huidige personeel? (IST) Welke invloed hebben autonome ontwikkelingen, omgevingsfactoren en bestuurlijk- ambtelijke keuzes op een termijn van twee à drie jaar op het werk van mijn afdeling? (Strategische Ontwikkeling) Wat betekent deze invloed voor mijn personeelsbehoefte over twee à drie jaar? (SOLL) Wat is het verschil tussen 1 en 3? (Analyse & Acties) Deze vragen worden één keer per jaar beantwoord door de leidinggevende(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.