← Nederland

Regeling bijzonder georganiseerd overleg regionale uitvoeringsdienst NZKG (OD NZKG) (Zaanstad)

Regeling bijzonder georganiseerd overleg regionale uitvoeringsdienst NZKG (OD NZKG)HOOFDSTUK1– Algemeen Artikel 1 Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: commissie: de, naar analogie van de in hoofdstuk 12 van de CAR (en overeenkomstige bepalingen van de CAP) bedoelde Commissie voor georganiseerd overleg, Commissie voor bijzonder georganiseerd overleg voor personeel- en organisatiezaken bij de voorgenomen vorming van een Regionale Uitvoeringsdienst ten behoeve van het NZKG-gebied en de oprichting daartoe van een aparte organisatie; ambtenaren: de ambtenaren in de zin van de CAR/UWO en in de zin van de CAP in dienst van de gemeenten Amsterdam, Zaanstad, Haarlemmermeer en de provincie Noord-Holland; organisaties: de plaatselijke groeperingen van de landelijke verenigingen van overheidspersoneel, aangesloten bij de centrales van overheidspersoneel die zijn toegelaten tot het centraal overleg met het College van Arbeidszaken, de Vereniging van NederlandseGemeenten. De hiervoor bedoelde centrales zijn: de Algemene Centrale van Overheidspersoneel (ACOP); de Christelijke Centrale van Overheids- en Onderwijzend Personeel (CCOOP); het Ambtenarencentrum; werkgeversdelegatie: de vertegenwoordigers, aangewezen door het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeenten Amsterdam, Zaanstad, Haarlemmermeer en het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland. Hoofdstuk 2 - Samenstelling Artikel2 Er is een Bijzonder Georganiseerd Overleg RUD ter voorbereiding enuitvoering van de regionalisering RUD-taken en de oprichting daartoe van een aparte organisatie; De commissie is samengesteld uit een vertegenwoordiging van werkgeverszijde en uit eenvertegenwoordiging van de organisaties. Voor de vertegenwoordiging van de organisaties wordt door elke organisatie, bedoeld in artikel 1, een lid en een plaatsvervanger aangewezen. De werkgeversdelegatie bestaat uit maximaal 2, vertegenwoordigers, waaronder de voorzitter van de commissie, zijnde de wethouder bedrijfsvoering c.a. van de gemeente Haarlemmermeer, S. Bak, dan wel diens plaatsvervanger. De heer C. Vermeer, algemeen directeur/gemeentesecretaris bij de gemeente Zaanstad treedt op als (ambtelijk) secretaris van de commissie. De werkgeversvertegenwoordiging heeft het mandaat om namens de eigen en overige in artikel 1 genoemde werkgevers het overleg te voeren over een sociaal plan ten behoeve van de overgang van personeel naar de RUD NZKG. Artikel3 Degene die als lid of plaatsvervanger door een organisatie is aangewezen houdt op dit te zijn zodra hij geen ambtenaar of lid van de organisatie meer is, alsmede wanneer de organisatieschriftelijk aan de werkgeversdelegatie laat weten dat zijn aanwijzing als vertegenwoordiging is ingetrokken. Een lid van de werkgeversdelegatie houdt op dit te zijn zodra hij geen lid meer is van het bestuur van de aangesloten gemeenten. Voorzitter van de commissie is de voorzitter van de werkgeversdelegatie. Bij zijn afwezigheidwijzen de overige leden van de werkgeversdelegatie uit hun midden een plaatsvervanger aan. Artikel4 De ambtelijk secretaris van de commissie en zijn plaatsvervanger, niet zijnde vertegenwoordigersvan de organisaties, worden door de werkgeversdelegatie aangewezen. De ambtelijk secretaris kan aan de besprekingen van de commissie deelnemen. Artikel5 De vertegenwoordiging van de organisaties en de werkgeversdelegatie kunnen zich beide doenbijstaan door adviseurs. Deze adviseurs zijn geen lid van de commissie. Wel kunnen zij aan debesprekingen van de commissie deelnemen. HOOFDSTUK3- TAAK EN BEVOEGDHEDEN Artikel6 De commissie heeft tot taak, met uitsluiting van de Georganiseerd Overleggenvan de aangesloten gemeenten en provincie, een sociaal plan tot stand te brengen, houdende maatregelen in verband met de overgang van personeel naar de RUD NZKG. De commissie kan niet overleggen over onderwerpen die voorbehouden zijn aanhet LOGA tussen het College voor Arbeidszaken van de VNG en de centrales van overheidspersoneel, alsmede aan het IPO en de centrales van overheidspersoneel. Artikel7 De commissie kan, indien dit voor de behandeling van een bepaald onderwerp nodig wordtgeacht, een subcommissie instellen, bestaande uit een door haar aan te wijzen voorzitter enleden. De ambtelijk secretaris van de commissie is tevens ambtelijk secretaris van desubcommissie. Het resultaat van de besprekingen van de subcommissie wordt aan de commissievoorgelegd. Op het moment dat het reguliere overleg in de commissie over het betreffende onderwerp isafgerond, wordt de subcommissie opgeheven. HOOFDSTUK4– VERGADERINGEN Artikel8 De commissie vergadert op door haar te bepalen tijdstippen. Voorts belegt de voorzitter een vergadering indien ten minste drie leden van de commissiehem dit schriftelijk en met opgave van redenen verzoeken en wel uiterlijk binnen twee wekenna ontvangst van het verzoek. Artikel9 De commissie wordt tijdig, in de regel 14 dagen van tevoren, ter vergadering opgeroepen. Deoproepingsbrief vermeldt de te bespreken onderwerpen. Een vergadering kan slechts plaatshebben indien ten minste de helft van devertegenwoordiging van de organisaties en de helft van de werkgeversdelegatie aanwezig is. Indien wegens onvolledigheid in de zin van het vorige lid een vergadering niet kanplaatshebben, worden de aan de orde zijnde onderwerpen door de voorzitter geplaatst op deagenda van een binnen veertien dagen te houden nieuwe vergadering, in welke vergaderingdie onderwerpen in elk geval kunnen worden behandeld. Artikel10 Elk lid heeft het recht onderwerpen ter behandeling aanhangig te maken door deze schriftelijk opte geven aan de voorzitter. De voorzitter stelt deze onderwerpen zo veel mogelijk in deeerstvolgende vergadering aan de orde. Artikel11 De vergaderingen van de commissie, alsmede van een subcommissie, zijn niet openbaar. De leden van de commissie zijn bevoegd onderwerpen van de agenda binnen de grenzenvan een doelmatige en vertrouwelijke behandeling van zaken aan voorbesprekingen ineigen kring te onderwerpen. De voorzitter kan over het in de vergadering behandelde en over de inhoud van de aan decommissie overgelegde stukken geheimhouding opleggen. Deze geheimhouding geldt nietten aanzien van de besturen van de organisaties. Artikel12 De voorzitter kan zo dikwijls hij dit nodig acht, en op verzoek van ten minste twee leden, devergadering schorsen voor een door hem te bepalen tijd. Artikel13 Het in de vergadering behandelde wordt beknopt en zakelijk weergegeven in een verslag dat zo spoedig mogelijk, voor de volgende vergadering, ter kennis van de leden wordt gebracht. HOOFDSTUK5– SLOTBEPALINGEN Artikel14 Deze regeling kan niet worden gewijzigd dan nadat een voorstel daartoe in de commissie isbehandeld en daarover in de commissie overeenstemming is bereikt. Artikel15 Deze regeling kan worden aangehaald als "Regeling Bijzonder GeorganiseerdOverleg Regionale Uitvoeringsdienst NZKG". Deze regeling treedt in werking op 1 juli 2012.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.