← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2013. (Borsele)

Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2013.De raad der gemeente Borsele; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 16 oktober 2012; gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer; b e s l u i t : vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing

  1. Artikel1Aard van de belasting en belastbaar feit 1Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer (Stb. 1994, 80). 2De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel2Belastingplicht 1De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het in zamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. 2Voor de toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker aangemerkt: a. degene die naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit of beperkt recht of persoonlijk recht feitelijk gebruik maakt van het perceel; b. ingeval een gedeelte van een perceel ten gebruike is afgestaan: degene die dat gedeelte ten gebruike heeft afgestaan. Artikel3Maatstaf van heffing en tarief 1De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar a. indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar, of indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door één persoon € 198,00; b. indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar, of indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door meer dan één persoon € 296,40; 2Onverminderd het bepaalde in artikel 3, lid 1, onder a en b bedragen de tarieven € 99,60 voor een extra GFT (groen) of restafval (grijze) container met een inhoud van 140 liter (alleen voor bestaande containers van deze omvang; er worden hiervan geen nieuwe meer verstrekt) en € 148,20 voor een extra GFT of restafval container met een inhoud van 240 liter. Standaard wordt er een combinatie van één GFT, één restafval en één (blauwe) papiercontainer verstrekt. Er worden geen extra papiercontainers verstrekt. 3Onverminderd het bepaalde in artikel 3 eerste lid bedraagt het tarief voor: a. het op aanvraag inzamelen van grove huishoudelijke afvalstoffen of grove tuinafval € 16,80 per m
  2. b. het op aanvraag inzamelen van witgoed per stuk € 32,
  3. 4Indien er in de gemeentelijke basisadministratie geen personen op het in lid 1 genoemde perceel staan ingeschreven is het onder a van lid 1 genoemde tarief van toepassing. Artikel4Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar voor de belastingen die worden geheven op grond van artikel 3, lid 1 en
  4. Artikel5Wijze van heffing 1De belasting als bedoeld in artikel 3, lid 1 en 2 wordt bij wege van aanslag geheven. 2De belasting als bedoeld in artikel 3, lid 3 wordt geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Artikel6Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1De belasting bedoeld in artikel 3, lid 1 en 2 is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar, of zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in artikel 3, lid 1 en 2 verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als bedoeld in artikel 3, lid 1 en 2 als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht nog, volle kalendermaanden overblijven. 4Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt. 5De belasting bedoeld in artikel 3, lid 3 is verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening. Artikel7Termijn van betaling 1De belasting bedoeld in artikel 5, lid 1 moeten worden betaald binnen twee maanden na dagtekening van het aanslagbiljet. 2De belasting bedoeld in artikel 5, lid 2 moeten worden betaald binnen 14 dagen na de dagteke-ning van de kennisgeving.. 3In afwijking van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 50,00 doch minder dan € 5.000,00 en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening nog maanden in het ka-lenderjaar waarin de aanslagen worden opgelegd overblijven, met dien verstande, dat het aantal termijnen tenminste vijf en ten hoogste negen bedraagt. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 4De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel8Kwijtschelding van belasting 1Bij de invordering van afvalstoffenheffing als bedoeld in artikel 3, lid 1 kan op het verschuldigde bedrag kwijtschelding worden verleend. 2Bij de invordering van afvalstoffenheffing als bedoeld in artikel 3, lid 3, wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel9Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de hef-fing en de invordering van de afvalstoffenheffing. Artikel10Inwerkingtreding en citeertitel 1De "Verordening afvalstoffenheffing 2012" van 3 november 2011 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2Deze verordening treedt in werking per 1 januari
  5. 3De datum van ingang van heffing is 1 januari
  6. 4Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening afvalstoffenheffing 2013". Vastgesteld in de openbare vergadering van 1 november 2012.de griffier, de voorzitter, Ph. de Vree E.J. Gelok

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.