De raad van de gemeente Almeregelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, gelet op artikel 147 van de Gemeentewet en artikel 2a van de Wegenverkeerswet, B E S L U I T: vast te stellen de: VERORDENING op het gebruik van parkeerplaatsen en de ver-lening van vergunningen en abonnementen voor het parkeren. HoofdstukI.Definities en begripsomschrijvingen Artikel1 In deze verordening wordt verstaan onder: RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens van 26 juli 1990, Stb. 459; motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990; parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden; houder: degene die naar de omstandigheden als houder van een voertuig moet worden beschouwd, met dien verstande dat voor een motorvoertuig dat is ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet (Stb. 1935, 554) aangehouden register van opgegeven kentekens als houder wordt aangemerkt degene op wiens naam het voor het motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in het register was ingeschreven; parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan; parkeerapparatuurplaats: een parkeerplaats behorende bij parkeerapparatuur; belanghebbendenplaats: een parkeerplaats die is aangeduid met bord E9 uit bijlage I van het RVV 1990, al dan niet voorzien van een onderbord, of gelegen is binnen een zone aangeduid met bord E9 uit bijlage I van het RVV 1990 met het opschrift zone, voor zover deze plaats niet is uitgezonderd; vergunning: een door burgemeester en wethouders verleende vergunning, krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren op daartoe aangewezen parkeerapparatuur- en belanghebbendenplaatsen; abonnement: een door burgemeester en wethouders verleend abonnement, krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren in een daartoe aangewezen met een slagboom afgesloten parkeergarage of parkeerterrein; vergunninghouder: de natuurlijke of rechtspersoon aan wie een vergunning is verleend; abonnementhouder: de natuurlijke of rechtspersoon aan wie een abonnement is verleend; wonen: ingeschreven staan in de gemeentelijke basisadministratie op het adres dat wordt bewoond; eigen parkeerplaats: een parkeerplaats die aan de eigenaar of de houder van het voertuig, krachtens eigendom, bezit, beperkt zakelijk recht of persoonlijk recht van hemzelf of van één van de op zijn adres ingeschreven bewoners, ter beschikking staat; kraskaart: kraskaart met een geldigheidsduur van 2 uur, bestemd voor parkeren op straat; bezoekerskaart: abonnement met een geldigheidsduur van 2 uur, bestemd voor het parkeren in met een slagboom afgesloten parkeergarage of parkeerterrein. HoofdstukII.Plaatsen voor vergunninghouders en abonnementhouders Artikel2 1.Burgemeester en wethouders kunnen, bij openbaar te maken besluit, weggedeelten, parkeergarages en terreinen aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door vergunninghouders en abonnementhouders 2.Burgemeester en wethouders kunnen, bij openbaar te maken besluit, de tijdstippen vaststellen waarop het parkeren aan vergunninghouders en abonnementhouders is toegestaan. Artikel3 1.Burgemeester en wethouders kunnen op aanvraag een vergunning verlenen voor het parkeren op belanghebbendenplaatsen in de zin van onderdeel IV van het “Aanwijzingsbesluit plaatsen voor abonnementshouders en belanghebbendenplaatsen” of op parkeerapparatuurplaatsen. 2.Een vergunning kan worden verleend aan de eigenaar of houder van een motorvoertuig wanneer deze woont in een gebied waar belanghebbendenplaatsen en mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn en geen eigen parkeerplaats aan hem ter beschikking staat, dan wel een bedrijf uitoefent in een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn en aantoont dat het in het belang van diens bedrijfsuitoefening noodzakelijk in dat gebied een motorvoertuig te parkeren, danwel woont, een bedrijf uitoefent in een gebied waar belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn en niet voldoet aan de in lid 2a of 2b gestelde voorwaarden. niet voldoet aan de in lid 2a, 2b of 2c gestelde voorwaarden. 3.Het aantal vergunningen dat wordt verstrekt, bedraagt, ter zake van de vergunningen genoemd in het tweede lid, onder a en b: maximaal 1 per adres; maximaal 2 per vestigingsadres; 4.Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen een vergunning ook verlenen aan eigenaren of houders van motorvoertuigen die niet voldoen aan één van de in het tweede lid genoemde voorwaarden. 5.Aan de vergunning kunnen zowel beperkingen worden verbonden met betrekking tot de te gebruiken parkeerplaatsen als met betrekking tot de tijdstippen waarop de vergunning van kracht is. 6.Burgemeester en wethouders kunnen aan een vergunning ook andere voorschriften en beperkingen verbinden. Deze voorschriften en beperkingen mogen alleen strekken tot bescherming van het belang van een goede verdeling van de beschikbare parkeerruimte. Artikel4 1.Burgemeester en wethouders kunnen op aanvraag een abonnement verlenen voor het parkeren in met een slagboom afgesloten parkeergarage of parkeerterrein in de zin van de onderdelen I en II van het “Aanwijzingsbesluit plaatsen voor abonnementshouders en belanghebbendenplaatsen”. 2.Een abonnement kan worden verleend aan de eigenaar of houder van een motorvoertuig wanneer deze
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.