Aanhef Het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland; gelet op artikel 21 lid 3 van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en artikel 15 van de verordening verontreinigingsheffing waterschap Rivierenland BESLUIT: vast te stellen de volgende beleidsregels voor de berekening van de vervuilingswaarde voor lozingen vanuit IBA systemen. Artikelen Artikel 1 In beginsel komen alleen gecertificeerde systemen in aanmerking voor een forfait van één vervuilingseenheid. Artikel 2 De bepaling van de vervuilingswaarde van een lozing vanuit een IBA systeem vindt plaats aan de hand van: het totale watergebruik van de aangesloten woon- en bedrijfsruimten; het zuiveringsrendement van het betreffende IBA-systeem. Artikel 3 In afwijking van het gestelde in artikel 2 kan het forfait van één vervuilingseenheid standaard worden toegepast, mits sprake is van: een gecertificeerd IBA-systeem van klasse II, IIIa en IIIb; aansluiting van maximaal één woonruimte. Artikel 4 Voor de bepaling van het zuiveringsrendement , zoals genoemd in artikel 2, wordt aangesloten bij de certificering en de daarbij behorende klassenindeling en emissie-eisen. Onderliggende onderzoeksrapporten met exacte zuiveringsprestaties kunnen worden opgevraagd bij Kiwa. Artikel 5 In geval het waterschap beheerder of medebeheerder is van een IBA-systeem wordt de achterliggende woon- of bedrijfsruimte op grond van het gangbare woonruimte- respectievelijk bedrijfsruimteforfait in de verontreinigingsheffing betrokken. Artikel 6 Artikel 21 lid 3 Wvo kent voor de lozing vanuit een IBA een forfait van 3 en een forfait van 1 vervuilingseenheid. De vervuilingswaarde wordt op 3 vervuilingseenheden gesteld als de heffingplichtige aannemelijk maakt dat de vervuilingswaarde minder dan 5 vervuilingseenheden bedraagt, en op 1 vervuilingseenheid als aannemelijk is gemaakt dat de vervuilingswaarde minder dan 1 vervuilingseenheid bedraagt. Hiervoor moet in ieder geval de volgende gegevens worden overgelegd: bewijs van plaatsing van het betreffende IBA-systeem; kopie van het certificaat van het betreffende IBA-systeem; opgave van het aantal aangesloten woonruimten; het waterverbruik per jaar verklaring dat de verzoeker tevens beheerder is van de het IBA systeem. Artikel 7 De beleidsregels zijn van toepassing op verzoeken ten aanzien van IBA systemen op grond van artikel 21 lid 3 Wvo die betrekking hebben op de heffing na 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.