Verordening subsidiëring activiteiten van derden voor Waterschap Rivierenland Paragraaf 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 In deze verordening wordt verstaan onder: algemeen bestuur: het algemeen bestuur van Waterschap Rivierenland; college van dijkgraaf en heemraden: het college van dijkgraaf en heemraden van Waterschap Rivierenland; de wet: de Algemene wet bestuursrecht. Artikel 1.2 Het college van dijkgraaf en heemraden is bevoegd tot vaststelling van subsidies als bedoeld in deze verordening. Artikel 1.3 Jaarlijks vermeldt het algemeen bestuur op de begroting het bedrag dat hij beschikbaar stelt voor subsidieverlening op basis van deze verordening. Dit bedrag geldt als het subsidieplafond, bedoeld in artikel 4:22 van de wet. Om te voorkomen dat het subsidiebudget te snel opdroogt, wordt een maximaal bedrag, zoals genoemd in artikel 1.4, tweede lid, per subsidieontvanger ingesteld. Artikel 1.4
(2005). Belangrijke aspecten zijn de behaalde resultaten van de projecten, en in welke mate deze resultaten een bijdrage leveren aan de gestelde uitgangspunten bij het verlenen van de subsidie: oftewel is er sprake van een (belangrijke) ontwikkeling of belang, die is bevorderd of benadrukt. Sponsorbeleid Waterschap Rivierenland Inleiding Sponsoring is een communicatie-instrument bij uitstek dat het waterschap kan inzetten om zijn (communicatie)doelstellingen, met name op het gebied van de public relations, tot uitdrukking te laten komen. Sponsoring hoort daarom een onderdeel te zijn van het totale communicatiebeleid van het waterschap. Begripsomschrijving Sponsoring is een zakelijke overeenkomst tussen twee partijen, de sponsor en de gesponsorde. Men spreekt van sponsoring, wanneer tegenover de sponsoring duidelijk sprake is van een tegenprestatie door de gesponsorde. Kenmerk van een sponsor is dat hij geld, goederen en/of diensten ter beschikking van de gesponsorde stelt en daarvoor van de gesponsorde iets terug wil zien. Dat iets kan bijvoorbeeld zijn (vergroten) naamsbekendheid en taakbekendheid, maatschappelijk inbedding, bevorderen bepaald imago of profileren als aantrekkelijke werkgever (arbeidsmarktcommunicatie). Er is dus geen directie relatie tussen de taken van Waterschap Rivierenland als overheidsorganisatie en de te sponsoren activiteit. Dit in tegenstelling tot subsidieverlening. Kenmerk daarvan is dat de subsidieverlener, in zijn hoedanigheid als bestuursorgaan, activiteiten mogelijk wil maken die een bijdrage leveren aan de taakstelling en het realiseren van doelstellingen van zijn organisatie. Wanneer een potentiële sponsor een sponsoraanvraag indient bij Waterschap Rivierenland spreken we van een passieve benadering. Waterschap Rivierenland kan ook zelf ‘op zoek’ gaan naar activiteiten die het wil sponsoren, een actieve benadering dus. Het betreft dan activiteiten die dermate interessant zijn voor het waterschap, vanwege de grote uitstraling of de brede doelgroep die bereikt wordt met de sponsoring, dat er vanuit het waterschap contact wordt gezocht met de organisatie. Het instrument sponsoring kan hiermee volwaardig worden ingezet bij het verwezenlijken van de communicatiedoelstellingen. Deze notitie gaat over sponsoring aan derden. De sponsoring van derden aan activiteiten van het waterschap blijft hier buiten beeld. Sponsoring Met relatief beperkte middelen, zowel in geld en/of in natura, kan het waterschap door middel van sponsoring -mede- zijn communicatiedoelstellingen (bevorderen naams- en taakbekendheid, maatschappelijk inbedding, enzovoorts) verwezenlijken. Doordat het waterschap ‘meeloopt’ met de activiteit van een derde is sponsoring een relatief ‘goedkoop’ communicatie-instrument. Sponsoring is een actieve manier van communiceren. In de exploitatiebegroting voor 2003 is, als onderdeel van de begroting voor externe communicatie, een bedrag van € 50.000,-- opgenomen voor sponsoractiviteiten. Afwegingen (Overzicht afwegingscriteria, zie Sponsorbijlage I) (Uitgewerkte casus, zie Sponsorbijlage II) Om over te gaan tot sponsoring van activiteiten van derden moet het waterschap, ten aanzien van een aantal vooraf vastgestelde punten, een afweging maken. Deze afwegingen gelden zowel voor de passieve als de actieve sponsoraanvragen. Een verzoek om sponsoring moet -minimaal- aan de hand van de volgende vijf afwegingen worden beoordeeld: Tegenprestatie. Is er sprake van een tegenprestatie door de gesponsorde en wat is deze tegenprestatie. De ‘communicatie-dichtheid’. Hoeveel mensen komen op de activiteit af en hoe groot is de kans dat zij met de naam en/of boodschap van Waterschap Rivierenland in contact -kunnen- komen. De doelgroep. Op welke doelgroep(-
- en)richt de activiteit zich. Sluit die aan bij de doelgroep(-
- en)die het waterschap wil bereiken. De uitstraling. Hierbij moeten drie vragen worden beantwoord: Wil het waterschap geassocieerd worden met de activiteit? Wat is de invloed op het imago van het waterschap? Met andere woorden kan het waterschap zijn naamsbekendheid of de bekendheid met zijn taken vergroten door de activiteit te sponsoren. Straalt de ‘glans’ van de activiteit af op het waterschap? 5. Het (geografische) gebied waarover de activiteit zich uitstrekt. Toelichting Ad 1. Naargelang de aanwezigheid van een tegenprestatie door de gesponsorde aan Waterschap Rivierenland wordt duidelijk of het gaat om sponsoring of subsidie. Ad 2. Hiervoor zijn geen absolute getallen te noemen, bijvoorbeeld vanaf 1.000 bezoekers of deelnemers komt men voor sponsoring in aanmerking. Dit kan pas goed worden beoordeeld aan de hand van de aanvraag. Het ‘rendement’ dat de sponsordeelname voor het waterschap oplevert moet de doorslag geven. Hoe groter de kans op ‘contact’ met Waterschap Rivierenland, des te eerder men voor sponsoring in aanmerking komt. Ad 3. De doelgroepen die Waterschap Rivierenland door externe communicatie wil bereiken, worden vastgelegd in het communicatiebeleidsplan. Van aanvraag tot aanvraag moet worden bekeken of de doelgroep die met de activiteit wordt bereikt ook de doelgroep is waarop het waterschap zich richt. In elk geval moeten zowel de doelstellingen van de sponsoraanvrager als de activiteit zelf, legitiem en maatschappelijk aanvaardbaar zijn. Bovendien moet een en ander niet in strijd zijn met de taak, positie en beleid van het waterschap zelf. Het waterschap moet daarnaast de vrijheid hebben om telkens andere doelen/doelgroepen te sponsoren. Ad 4. Activiteiten die het waterschap zou kunnen sponsoren liggen op het terrein van de sport, kunst en cultuur in de breedste zin en op het gebied van het onderwijs. Het moet gaan om activiteiten waarmee het waterschap ‘maatschappelijk voor de dag kan komen’ en die enig verband houden met de taken van het waterschap, bijvoorbeeld een toneelstuk over water of een hardloopwedstrijd over de dijken die het waterschap beheert. Maar gedacht kan ook worden aan het lidmaatschap van bijvoorbeeld een historische vereniging die onderzoek doet naar water in het rivierengebied. Het niveau van de activiteit c.q. hoe professioneel is de aanpak van de organisatie, is een factor die moet meewegen. Ad 5. Betreft de activiteit de hele regio (het beheersgebied van Waterschap Rivierenland of een groot deel ervan), is het alleen lokaal of strekt de activiteit zich ook uit tot buiten de regio? In principe moeten alleen regionale activiteiten voor sponsoring in aanmerking kunnen komen. Het waterschap heeft immers een regiofunctie. Uitzonderingen kunnen worden gemaakt voor activiteiten die zich afspelen in en rond Tiel, omdat dit de vestigingsplaats is van het waterschap. Het is zeer gebruikelijk voor een organisatie in haar vestigingsplaats wat extra’s te doen. Bovenregionale activiteiten kunnen worden gesponsord indien het een onderdeel vormt van arbeidsmarktcommunicatie of het aansluit bij de taken en communicatiedoelstellingen van het waterschap. Overige afwegingen Naast de vijf belangrijkste afwegingen zijn er nog twee andere te noemen die moeten worden meegenomen: De revenuen. Wat krijgt het waterschap voor het sponsorschap terug, in bijvoorbeeld communicatie-uitingen? Het gaat hier om de verhouding tussen sponsorbijdrage en de door de sponsoraanvrager te leveren communicatie-uitingen. Daarmee kan de naamsbekendheid en taakbekendheid van Waterschap Rivierenland namelijk worden vergroot. Exacte criteria zijn hiervoor niet te geven. Dit hangt af van de aard en de omvang van de activiteit. Budget. Wat dient -minimaal- de bijdrage te zijn om te mogen sponsoren? Is sponsoring in natura, bijvoorbeeld door het beschikbaar stellen van ruimte of materieel, mogelijk. Is ook een combinatie van beide mogelijk? Bij het budget moet worden bekeken voor welk bedrag het waterschap hoofdsponsor, sponsor of subsponsor kan zijn. Uiteraard is er een verband tussen de omvang van de activiteit en de hoogte van de sponsorbijdrage. Sponsorbijdragen In de begroting voor 2003 is een bedrag van € 50.000,-- opgenomen voor sponsoring. Dit bedrag is samengesteld uit de gemiddelde financiële ondersteuning aan derden over 2000 en 2001, van de vijf locaties van Waterschap Rivierenland. Aangezien er op de verschillende locaties nauwelijks of geen beleid op dit gebied bestond, zijn de termen sponsoring en subsidie in die stukken veelvuldig door elkaar gebruikt. Het bedrag van € 50.000,-- is taakstellend, dat wil zeggen dit bedrag is het sponsorplafond. Om te voorkomen dat het sponsorbudget binnen de kortste keren is uitgeput, heeft het aanbeveling om een maximum te stellen aan de sponsorbijdrage per activiteit. Kijkend naar de hoogte van het geraamde budget zou dit € 10.000,-- kunnen zijn. Sponsoraanvragen worden behandeld in volgorde van binnenkomst. Het principe is dus: "Wie het eerst komt, het eerst maalt". Sponsoraanvragen Aanvragen voor sponsoring moeten schriftelijk worden ingediend bij het college van dijkgraaf en heemraden, voorzien van een beschrijving van de aard en de omvang van de activiteit, verwachte aantal bezoekers of deelnemers en de begroting. Daarnaast moet inzichtelijk worden gemaakt wat de sponsoring inhoudt (wat kost het en wat krijgt de sponsor er voor terug). Bovendien moet duidelijk zijn wie de rechtspersoon is aan wie de sponsorbijdrage eventueel wordt gegeven. De sponsoraanvrager moet achteraf verantwoording afleggen over de besteding van de sponsorbijdrage. Uit de ingediende begroting moet blijken hoe de activiteit wordt gefinancierd. Het doorgaan van de activiteit mag niet afhankelijk zijn van het al dan niet toekennen van een sponsorbijdrage door het waterschap. Met andere woorden het waterschap zal nooit de rol op zich nemen van cruciale partner. Aanvragen worden niet automatisch gehonoreerd. Bij overeenstemming tussen aanvrager en waterschap worden de afspraken altijd bevestigd met een door beide partijen te ondertekenen 'sponsorcontract'. Het cluster communicatie adviseert over de aanvraag. Het verlenen c.q. weigeren van sponsorbijdragen behoort tot de beleidsvrijheid van het college van dijkgraaf en heemraden. Om een praktische werkwijze te waarborgen zou het verlenen van kleine sponsorbijdragen, bijvoorbeeld tot een bedrag van € 1.000,-- kunnen worden gemandateerd aan de dijkgraaf of secretaris-directeur of hoofd bestuursondersteuning. Sponsorbijdragen zijn in principe éénmalig, tenzij er aanwijsbare redenen zijn in het belang van het waterschap om deze bijdrage nog eens te verstrekken. Dit moet per jaar worden beoordeeld. Juridische aspecten Sponsoring valt onder het zogenaamde privaatrecht: het recht dat de betrekkingen regelt tussen bijzondere personen en zaken onderling. Zoals genoemd zijn sponsorbedragen in principe éénmalig. Aan het toekennen van een sponsorbijdrage kunnen door de ontvanger van de sponsorgelden voor volgende activiteiten of jaren geen rechten worden ontleend. In het contract wordt dit als uitgangspunt vermeld. Evaluatie Gelet op het nieuwe aspect om sponsoring als communicatie-instrument in te zetten is het belangrijk om een evaluatiemoment in te bouwen. Dit zou bijvoorbeeld kunnen na twee jaar (in 2005). Onderzocht moet dan in ieder geval worden in hoeverre sponsoring bijdraagt aan het verwezenlijken van de (communicatie)doelstellingen van Waterschap Rivierenland. Sponsorbijlage I Overzicht afwegingscriteria sponsoring: 1. Belangrijkste afwegingen Tabel 1. Tegenprestatie a. wanneer er duidelijk sprake is van een tegenprestatie, wordt de aanvraag behandeld onder de afwegingscriteria van sponsoring. 1. wat is de tegenprestatie van de aanvrager? b. anders wordt de aanvraag behandeld volgens de subsidieverordening. 2. Communicatiedichtheid a. hoeveel mensen komen op de activiteit af? b. hoe groot is de kans dat zij met onze naam en/of taken/boodschap in contact komen? c. wat is het rendement van de sponsordeelname voor ons? d. hoe groter de kans op contact met ons, des te eerder de sponsoring wordt toegekend. 3. Doelgroep a. op welke doelgroep richt de activiteit zich? b. sluit de doelgroep aan bij de doelgroepen die wij willen bereiken? 4. Uitstraling a. wat is de doelstelling van de activiteit van de aanvrager? b. willen wij geassocieerd worden met de activiteit? c. wat is de invloed van deelname aan de activiteit op ons imago en op de naams- en taakbekendheid van het waterschap? d. straalt de glans van de activiteit af op ons? e. wordt de activiteit professioneel opgepakt? 5. Geografisch a. voldoet het bereik van de activiteit aan de gestelde voorwaarden? - betreft het de hele regio (-groot deel van het- hele wsrl beheersgebied)? In principe komen alleen deze activiteiten in aanmerking. - betreft het Tiel en/of directe omgeving? Ook dan komen de activiteiten in aanmerking. - betreft het een bovenregionale activiteit die een onderdeel vormt van arbeidsmarktcommunicatie of anderszins in ons communicatieve voordeel werkt of aansluit bij de taken van het waterschap, kan een uitzondering worden gemaakt. 2: Overige afwegingen Tabel 1. Sponsoraanvraag en sponsoraanvrager a. is de aanvrager al eerder door ons gesponsord? We behouden onszelf de vrijheid voor om zelf telkens andere doelen en doelgroepen te psonsoren. b. zijn de doelstellingen en activiteiten van de sponsoraanvrager legitiem en maatschappelijk aanvaardbaar? Het mag niet in strijd zijn met onze taken, positie en beleid. c. bij voorkeur wordt gekozen voor activiteiten waarmee we maatschappelijk voor de dag kunnen komen. 2. Revenu a. staat de tegenprestatie (communicatie-uitingen) in verhouding tot de gevraagde bijdrage? In andere woorden, krijgen wij waar voor ‘ons geld’? 3. Budget a. wordt een minimale sponsorbijdrage genoemd voor de sponsoring? b. voor welk bedrag zijn we hoofdsponsor, sponsor of subsponsor? c. wat is de soort sponsoring die wordt gevraagd, gelden of natura? Sponsorbijlage II Casus: Aanvraag voor sponsoring Fruitcorso Tiel 2003 Situatieschets Het Fruitcorso Tiel werd voor het eerst in 1961 georganiseerd. Inmiddels doen vele dorpen uit de omgeving van Tiel mee. Het Fruitcorso heeft zich ontwikkeld tot een groot en uniek evenement. De organisatie: De organisator van het Fruitcorso is Stichting 4-Stromenland, een vrijwilligersorganisatie met een relatief klein bestuur. De stichting is verantwoordelijk voor de financiën, de vergunningen, de overheidscontacten, de publiciteit et cetera. Binnen het bestuur zijn de taken afgebakend, er zijn commissies geformeerd die onder bestuursverantwoordelijkheid een aantal taken uitvoeren. In totaal werken meer dan 2.000 vrijwilligers mee. Doelstelling Het statutaire doel van de stichting is het op non-profit basis bevorderen van het toerisme in het Rivierengebied. Tevens heeft het Fruitcorso een belangrijke sociale functie. Er wordt gestreefd naar een goed commercieel draagvlak zodat de financiële continuïteit op lange termijn gewaarborgd blijft. Activiteiten De praalwagens hebben een prominente rol in de optocht, daarnaast zijn er regionale muziekkorpsen, op een horecaplein worden verschillende optredens gegeven, promotiestands van de hoofdsponsors en andere marktkramen zijn te bezoeken. Voorafgaand aan het Fruitcorsoweekend is er een week met verschillende feestelijkheden, zoals een lampionnentocht en fruitmozaïeken die te bewonderen zijn. Aanvraag sponsoring De Stichting 4-Stromenland vraagt ons opnieuw als hoofdsponsor voor het Fruitcorso in 2003. Het hoofdsponsorschap bedraagt € 7.950,00 exclusief 19% BTW. Daarvoor krijgen we: Algemeen Als hoofdsponsor kunnen we kiezen uit de te sponsoren activiteiten. We kunnen als enige onze naam aan de gekozen activiteit verbinden. Een lijst van de te sponsoren activiteiten is op te vragen. Advertenties en pers We krijgen 1 pagina A5 fullcolour advertentie in het programmablad (oplage 10.000 stuks). Waar mogelijk wordt in de persberichten aandacht geschonken aan de hoofdsponsor. Naam en logovermelding Onze naam en logo worden, samen met ander hoofdsponsors -geen soortgelijke bedrijven- geplaatst: In het programmaboekje Op grote reclameborden langs de A2 en A15 Op de reclamezuil bij de mozaïeken tijdens de corsoweek Op 75.000 folders die worden verspreid via de landelijke VVV’s en ANWB-kantoren Tijdens grote evenementen worden folders uitgedeeld door het Fruitcorso promotieteam Op 3.000 posters die op opvallende plekken worden gehangen Op alle uitgaande correspondentie van de stichting Op de internetsite van het Fruitcorso met een link naar onze site VIP-programma We ontvangen 6 kaarten voor een speciaal VIP-dagprogramma en toegang tot de gastentribune. Overige uitingen We kunnen twee spandoeken of vier vlaggen ophangen langs het corsoparcours We kunnen een promotiestand opstellen We kunnen deelnemen aan de corsostoet met één passend gedecoreerde bedrijfsauto We kunnen gratis kaarten bestellen (tot max. Euro 360,00 (incl BTW) voor de gastentribune Een promotieteam zorgt voor landelijke en regionale promotie van het evenement. Twee fruitambassadrices kunnen we 2 keer inzetten voor eigen promotionele activiteiten Uitwerking casus: Aanvraag voor sponsoring Fruitcorso Tiel 2003 1. Belangrijkste afwegingen Tegenprestatie 1a. Er is duidelijk sprake van een tegenprestatie, dus sponsoringbeleid. 1a.1. Een heel pakket met diverse mogelijkheden om te communiceren over WSRL. 1b. Niet van toepassing Communicatiedichtheid 2a. Grote publiekstrekker, zowel regionaal als landelijk publiek. 2b. Gezien de breedheid en intensiteit waarmee de publiciteit wordt aangepakt, vrij groot. 2c. Naamsbekendheid en goodwill in de regio van Tiel en tot redelijk ver daarbuiten, op een eenvoudige manier gedurende een korte periode veelvuldig zichtbaar. 2d. Die kans lijkt vrij goed aanwezig. Doelgroep 3a. Op inwoners van Tiel en omgeving, en daarnaast op geïnteresseerden die afkomen op alles wat de regio te bieden heeft, fruit, bloesems, rivieren en het landschap. 3b Die sluit goed aan. Uitstraling 4a. Het bevorderen van het toerisme in het Rivierengebied, op non-profit basis, daarnaast heeft het een belangrijke sociale functie. 4b. Gezien de insteek en de doelstelling van de activiteiten willen wij er graag mee geassocieerd worden. 4c. Ons imago wordt versterkt als zijnde een organisatie die belang hecht aan de regio -en daarmee de inwoners- waarin zij zich beweegt, alsmede het ondersteunen en daarmee het mogelijk maken van een evenement dat een sociale en wellicht een economische impuls voor de regio betekent. 4d. Indirect wel, mede dankzij de sponsoren lukt het toch maar weer dit evenement van de grond af te krijgen. 4e. Zoals het beschreven staat in de stukken zit het bestuurlijk en organisatorisch doordacht in elkaar. Geografisch 5a Het bereik van de activiteit bereikt met name Tiel en omgeving, maar waarschijnlijk ook een groot deel van de bevolking van ons beheersgebied. 2. Overige afwegingen Sponsoraanvraag en sponsoraanvrager 1a. Al verschillende keren. We vinden het evenement belangrijk, zowel voor de regio als voor onszelf. Daarom willen we opnieuw sponsoren. 1b. De doelstellingen zijn zeker maatschappelijk aanvaardbaar, alsmede legitiem. Ze zijn niet in strijd met onze taken, positie en beleid. 1c. Met deelname aan deze activiteit komen we juist als maatschappelijk voor de dag. Revenuen 2a. Voor € 9.460,50 (incl. BTW) krijgen we een regionaal veel exposure zodat we verder bouwen aan onze naamsbekendheid en een goede imagobuilding. Budget 3a. Er wordt maar één bedrag genoemd, die van hoofdsponsor. 3b. Voor € 9.460,50 zijn we hoofdsponsor. Dit betekent echter niet dat we ook de enige hoofdsponsor zijn. Dit is enigszins misleidend. Over het algemeen is er maar één hoofdsponsor en meerdere subsponsoren. Vorig jaar waren er maar liefst 11 ‘hoofd’sponsoren, en dus wordt de aandacht op de posters verdeeld onder al die sponsoren 3c. Gelden.