← Nederland

Algemene regel oppervlaktewaterlichamen bouwwerken binnen 5 meter uit de insteek van een primair oppervlaktewaterlichaam (Waterschap Peel en Maasvalle

Kader Op grond van artikel 4.1, lid 2 van de Keur is het verboden zonder vergunning van het bestuur bouwwerken aan te leggen, te hebben, te wijzigen of te verwijderen binnen 5 meter uit de insteek van het watervoerend deel van een primair oppervlaktewaterlichaam. Met deze algemene regel wordt onder voorwaarden een vrijstelling van dit verbod gegeven; indien wordt voldaan aan het hieronder beschrevene is geen vergunning vereist. Begripsbepaling Het begrip “bouwwerk” wordt gedefinieerd op de wijze zoals dat plaatsvindt in de model Bouwverordening van de VNG en zoals ook in de rechtspraak toegepast. Het begrip is daarin als volgt gedefinieerd: elke constructie van hout, steen of ander materiaal, die op de plaats van bestemming, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren. Met dien verstande dat deze algemene regel geen betrekking heeft op bouwwerken die zijn opgenomen in het Besluit bouwvergunningvrije en licht-bouwvergunningplichte bouwwerken. Toepassingsgebied Deze algemene regel is van toepassing op het aanleggen, hebben, wijzigen en verwijderen van bouwwerken buiten de begrenzing van een primair oppervlaktewaterlichaam maar binnen een afstand van 5 meter uit de insteek van het primair oppervlaktewaterlichaam. Raakvlakken met ander beleid Algemene regels Afrasteringen, Obstakels en medegebruik, Bruggen, Duikers, Lozen van water, Onttrekken van water, Peilgestuurd draineren, Profiel van vrije ruimte Beleidsnotitie Uitgangspunten nieuwe legger 2005 Motivering van de algemene regel Het oprichten van bouwwerken buiten de begrenzing van een primair oppervlaktewaterlichaam maar binnen 5 meter uit de insteek van het primair oppervlaktewaterlichaam is met het oog op mogelijke belemmeringen voor het doelmatig kunnen voeren van onderhoud meldingsplichtig. Met het oog op het kunnen voeren van doelmatig onderhoud van oppervlaktewaterlichamen die in onderhoud zijn van het waterschap mogen de onderhoudsmogelijkheden niet onevenredig wordt belemmerd. Van onevenredige beperking van het doelmatig onderhoud is sprake indien de gebruikelijke wijze van het voeren van onderhoud ter plaatse van het betrokken oppervlaktewaterlichaam wezenlijk wordt beïnvloed. Dit kan aan de orde zjin bij het oprichten van bouwwerken buiten de begrenzing van een primair oppervlaktewaterlichaam, doch binnen een afstand van 5 meter uit de insteek van een primair oppervlaktewaterlichaam. Met deze algemene regel wordt voorgeschreven dat het doelmatig voeren van onderhoud niet onevenredig wordt belemmerd door de aanleg, aanwezigheid of wijziging van een bouwwerk buiten de begrenzing van een primair oppervlaktewaterlichaam, doch binnen een afstand van 5 meter uit de insteek. Voorwaarden Voor het aanleggen, hebben en wijzigen van bouwwerken buiten de begrenzing van primaire oppervlaktewaterlichamen doch binnen 5 meter uit de insteek van primaire oppervlaktewaterlichamen geldt de volgende voorwaarde: Bouwwerken worden niet aangelegd, behouden of gewijzigd, indien daardoor het voeren van doelmatig onderhoud onevenredig wordt belemmerd. Meldingsplicht Overeenkomstig artikel 4.2, lid 2 van de Keur wordt het aanleggen of wijzigen van een bouwwerk buiten de begrenzing van het oppervlaktewaterlichaam, doch binnen een afstand van 5 meter uit de insteek, uiterlijk vier weken voor de aanvang van de werkzaamheden gemeld aan het bestuur met een door het bestuur vastgesteld meldingsformulier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.