DestructieverordeningArtikel1Begripsomschrijving Deze verordening verstaat onder: wet : de Destructiewet (Staatsblad 1995, 177); aangifteplichtige : degene die als houder of eigenaar van destructiemateriaal ingevolge de wet verplicht is daarvan aangifte te doen; destructiemateriaal : gezelschapsdieren en het krachtens artikel 2, tweede lid van de wet aangewezen dierlijk afval; gezelschapsdieren : andere dieren dan slachtdieren, welke niet zijn bestemd of worden gehouden voor dierlijke of andere productie en door de mens in of rond het huis worden gehouden en verzorgd. Artikel2Aanwijzen verzamelplaats Burgemeester en wethouders wijzen één of meerdere verzamelplaatsen aan, waar het destructiemateriaal in ontvangst wordt genomen. Artikel3 De aangifteplichtige is gehouden uiterlijk op de eerste werkdag, die volgt op de dag waarop het destructiemateriaal is ontstaan, het materiaal te vervoeren naar de dichtstbijzijnde verzamelplaats en het daar aan te geven of af te staan. Artikel4Voorkomen vermenging Tot het tijdstip van afgifte is de aangifteplichtige gehouden het destructiemateriaal zodanig te bewaren dat vermenging met ander materiaal wordt voorkomen. Artikel5 De artikelen 3 en 4 vinden geen toepassing voor zover artikel 6 van het Destructiebesluit van toepassing is. Artikel6Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als: Destructieverordening. Deze verordening treedt in werking, drie dagen nadat zij op de daarvoor voorgeschreven wijze is bekend gemaakt. Op deze dag vervalt de Destructieverordening voor de gemeente Arnhem, vastgesteld bij raadsbesluit van 10 januari 1994, nummer 93.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.