Subsidieverordening Volkshuisvestingsfonds OirschotSubsidieverordening Volkshuisvestingsfonds Oirschot Artikel1Begripsomschrijving 1In deze verordening wordt verstaan onder: a. het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oirschot; b. subsidie: financiële middelen door het college aan een toegelaten instelling, dan wel een samenwerkingsverband van een toegelaten instelling én een projectontwikkelaar/bouwer, verstrekt als bijdrage in het exploitatietekort van nieuw te bouwen sociale huurwoningen en sociale koopwoningen. De verstrekte financiële middelen dienen als met de interne markt verenigbare niet-meldingsplichtige compensatie voor diensten van algemeen economisch belang in de zin van het Vrijstellingsbesluit DAEB; c. subsidieverlening: het verlenen van een subsidie door burgemeester en wethouders voor de in deze verordening geregelde activiteit; d. subsidievaststelling: de beschikking als bedoeld in artikel 4:42 van de Awb; e. toegelaten instelling: op grond van artikel 70 Woningwet en het Besluit beheer sociale-huursector toegelaten vereniging met volledige rechtsbevoegdheid of stichting, die zich ten doel stellen uitsluitend op het gebied van de volkshuisvesting werkzaam te zijn en niet beogen uitkeringen te doen anders dan in het belang van de volkshuisvesting; f. Awb: Algemene wet bestuursrecht; g. tijdelijke regeling DAEB volkshuisvesting: tijdelijke regeling diensten van algemeen economisch belang toegelaten instellingen volkshuisvesting of daarvoor in de plaats tredende regelgeving op grond van artikel 2, eerste lid van het Besluit beheer sociale-huursector; h. vrijstellingsbesluit DAEB: besluit van de Commissie van 20 december 2011 (2012/21/EU) betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen; i. exploitatietekort: de voor vergoeding in aanmerking komende marktconforme kosten van de bouw van sociale huurwoningen en sociale koopwoningen die niet gedekt kunnen worden uit de opbrengsten van deze woningen; j. volkshuisvestingsconvenant: de schriftelijk in een convenant vastgelegde afspraken tussen een toegelaten instelling en de gemeente Oirschot over het aantal in een kalenderjaar te bouwen sociale huurwoningen en sociale koopwoningen; k. woonvisie: het door de gemeenteraad vastgestelde woonbeleid met het daarin opgenomen het gemeentelijk woningbouwprogramma; l. sociale huurwoning: huurwoning als bedoeld in artikel 1.1.1 lid 1 aanhef en onder d van het Besluit ruimtelijke ordening; m. sociale koopwoning: koopwoning als bedoeld in artikel 1.1.1 lid 1 aanhef en onder e van het Besluit ruimtelijke ordening. Artikel2Rechtspersoonlijkheid 1Subsidie kan slechts worden verleend aan een toegelaten instelling met wie de gemeente Oirschot een volkshuisvestingsconvenant heeft gesloten. Artikel3Reikwijdte van de verordening 1Deze verordening is uitsluitend van toepassing op door het college toe te kennen subsidies ten behoeve van de bouw van sociale huurwoningen en sociale koopwoningen op basis van de doelstelling uit de vastgestelde en vigerende gemeentelijke woonvisie. Artikel4Uitvoering 1Het college is belast met de uitvoering van deze verordening. Uitvoering houdt mede in het nemen van besluiten op aanvragen, het intrekken en/of wijzigen van subsidieverlenings- en/of vaststellingsbesluiten en het overgaan tot terugvordering van verstrekte subsidies. 2Het college kan ter uitvoering van deze verordening nadere voorschriften en regels stellen. 3Burgemeester en wethouders zijn bevoegd subsidierelaties te beëindigen. Artikel5Subsidiecriteria 1Alleen sociale huurwoningen en sociale koopwoningen die nieuw gebouwd worden komen voor subsidie in aanmerking. 2Per sociale huurwoning of sociale koopwoning kan tussen 0,00 en 40.000 euro worden gesubsidieerd, dit ter beoordeling aan het college op basis van de grootte van het exploitatietekort en het maatschappelijk belang van het betreffende woningbouwproject. Burgemeester en wethouders kunnen beleidsregels vaststellen voor de hiervoor genoemde beoordeling. Er wordt in ieder geval niet meer gesubsidieerd dan op grond van artikel 5 Vrijstellingsbesluit DAEB toegestaan is. 3De sociale huurwoning ten behoeve waarvan subsidie is verleend, dient gedurende een periode van 10 jaar na oplevering als sociale huurwoning in de zin van artikel 1 onder l van deze verordening beschikbaar gesteld en gehouden te worden als sociale huurwoning door de subsidieontvanger. 4De sociale koopwoning ten behoeve waarvan subsidie is verleend, dient gedurende een periode van 10 jaar na oplevering als sociale koopwoning in de zin van artikel 1 onder m van deze verordening als sociale koopwoning gebruikt te worden. De subsidieontvanger treft maatregelen om: a. speculatie met de woning te voorkomen en b. te waarborgen dat de sociale koopwoning gedurende een termijn van tien jaar als sociale koopwoning beschikbaar blijft voor de doelgroep waarvoor deze woningen zijn gebouwd. 5Bij de aanvraag om subsidieverlening maakt de subsidieaanvrager inzichtelijk op welke wijze naleving van de in lid 3 en 4 opgelegde verplichtingen zullen worden gewaarborgd. Indien naleving van de verplichtingen naar het oordeel van burgemeester en wethouders onvoldoende is gewaarborgd wordt de aangevraagde subsidie geweigerd. Artikel6Gronden om subsidie te weigeren 1De subsidieverstrekking kan naast de in artikel 4.25 en artikel 4.35 van de Awb genoemde gevallen geweigerd worden indien: a. de door de gemeente Oirschot te subsidiëren investeringen van de aanvrager niet worden gedaan op het grondgebied van de gemeente Oirschot; b. het vermoeden bestaat dat de gelden niet of niet volledig zullen worden besteed aan het dekken van de netto kosten in verband met de bouw van sociale huurwoningen en/of sociale koopwoningen; c. de aanvrager investeringen pleegt die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde; d. de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de gemeente Oirschot c.q. binnen de met de gemeente Oirschot afgesloten project- dan wel grondverkoopovereenkomsten; e. er zich in het volkshuisvestingsfonds niet voldoende financiële middelen bevinden om de subsidie te kunnen verstrekken; f. gelijksoortige activiteiten als die waarvoor subsidie wordt aangevraagd reeds door de gemeente Oirschot worden gesubsidieerd en aan uitbreiding van die gesubsidieerde activiteiten geen behoefte bestaat; g. voor dezelfde activiteiten reeds subsidie is verleend door provincie of rijk; h. voor dezelfde activiteiten subsidie is of kan worden verleend op grond van de Algemene Subsidieverordening gemeente Oirschot 2010. Artikel6aWet Bibob 1Burgemeester en wethouders kunnen tevens de aangevraagde subsidie weigeren en/of intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. Artikel7Subsidiebudget en -plafond 1Het totale bedrag aan uit te keren subsidiemiddelen kan niet meer zijn dan de in het Volkshuisvestingsfonds totaal aanwezige middelen. Het subsidieplafond bedraagt € 10.000.000,00. 2De verdeling van de subsidies vindt plaats op basis van de volgorde van binnenkomst van de aanvragen in de tijd, waarbij aanvragen met dezelfde ontvangstdatum worden gerangschikt door loting voor zover op die datum het subsidieplafond wordt overschreden. 3Volgens de rangschikking, bedoeld in het tweede lid, komt de hoogst gerangschikte aanvraag het eerst voor subsidie in aanmerking. 4Ingeval een aanvraag onvolledig is, wordt de aanvraag voor de toepassing van het tweede lid geacht te zijn ontvangen op de datum waarop de ontbrekende gegevens en bescheiden zijn ontvangen. 5Een aanvraag om subsidie wordt geweigerd voor zover door verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden. Artikel8Subsidieaanvraag 1Burgemeester en wethouders stellen een aanvraagformulier vast voor de aanvraag tot subsidieverlening. Op het aanvraagformulier is vermeld welke informatie moet worden verstrekt. 2Een aanvraag voor subsidie dient minimaal 6 weken voorafgaande aan de start van de bouw van de te subsidiëren woningen schriftelijk bij het college ingediend te worden. 3Subsidieaanvragen kunnen alleen schriftelijk worden ingediend bij het college. 4Bij de indiening van de in het eerste lid bedoelde aanvraag dient in ieder geval overlegd te worden: a. een planbeschrijving met daarin de locatie, aantallen en typologie, m2 bvo per type, kavel m2 grond per type, kavelprijs per type, bouwlagen per type en zo mogelijk beeldkwaliteit; b. een raming stichtingskosten aansluitend op de planbeschrijving; c. tijdsplanning project inclusief eventuele fasering; d. exploitatieopzet volgens WSW-rekenmethodiek; e. onderbouwing van de exploitatie, met daarin een duidelijk boekhoudkundig onderscheid tussen de sociale- en marktconcurrerende activiteiten; f. een duidelijke onderbouwing in hoeverre het exploitatietekort veroorzaakt wordt door de criteria voor sociale huurwoning en/of sociale koopwoning zoals omschreven in artikel 1, onder l en m van deze verordening; g. een beschrijving hoe de investering binnen de vigerende woonvisie en het afgesloten volkshuisvestingsconvenant past van de gemeente Oirschot. 55. In een (deel)verordening of een door het college vast te stellen beleidsregel kan van het bepaalde in lid 2 en lid 4, onder a, c en g worden afgeweken. 6Het college kan het overleggen van aanvullende gegevens eisen. Artikel9Beschikking tot subsidieverlening 1Het college beslist binnen zes weken nadat de aanvraag is ingediend op de subsidieaanvraag. De beslistermijn kan worden verlengd. De artikelen 4:20a tot en met 4:20f van de Awb zijn niet van toepassing. 2De beschikking tot subsidieverlening bevat in ieder geval: a. een omschrijving van de betrokken instellingen dan wel onderneming(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.