Beleidsregels opschorting, herziening, intrekking en terugvordering Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikt werkloze werknemers (Ioaw) en Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz) 2013Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Slochteren; gelet op artikel 17 en hoofdstuk II, paragraaf 5 van zowel de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers als de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; besluit vast te stellen de Beleidsregels opschorting, herziening, intrekking en terugvordering Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikt werkloze werknemers (Ioaw) en Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz) 2013 Hoofdstuk1.Algemeen Artikel1.Algemeen Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Slochteren maakt gebruik van de bevoegdheid tot: het opschorten van het recht op een uitkering krachtens de Ioaw en Ioaz ingevolge artikel 17, eerste lid van de Ioaw en Ioaz; het herzien of intrekken van het besluit tot toekenning van een Ioaw- of Ioaz-uitkering ingevolge artikel 17, derde en vierde lid van de Ioaw en Ioaz; terug- en invordering van ten onrechte of teveel verleende uitkering op grond van de Ioaw en Ioaz, overeenkomstig hoofdstuk 2, paragraaf 5 van de Ioaw en Ioaz. Hoofdstuk2.Opschorting Artikel2.Opschorting recht op uitkering Ioaw of Ioaz 1.Het recht op een uitkering krachtens de Ioaw en Ioaz wordt voor de duur van ten hoogste acht weken opgeschort als: de belanghebbende de voor de verlening van de uitkering van belang zijnde gegevens of gevorderde bewijsstukken niet, niet tijdig of onvolledig heeft verstrekt en hem dit te verwijten valt; de belanghebbende anderszins onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek. 2.De opschorting gaat in: vanaf de eerste dag van de periode waarop het verzuim betrekking heeft, of: vanaf de dag van het verzuim als niet kan worden bepaald op welke periode dit verzuim betrekking heeft. 3.Als de belanghebbende in het geval bedoeld in het eerste lid het verzuim niet herstelt binnen een daarvoor gestelde termijn, wordt de uitkering ingetrokken met ingang van de eerste dag waarover het recht op een uitkering krachtens de Ioaw of Ioaz is opgeschort. Hoofdstuk3.Herziening en intrekking Artikel3.Herziening of intrekking van het toekenningsbesluit Een besluit tot toekenning van een uitkering krachtens de Ioaw of Ioaz wordt herzien of ingetrokken als: een gedraging als bedoeld in artikel 20, eerste lid van de Ioaw en Ioaz, of het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting als bedoeld in artikel 13 Ioaw of Ioaz, of artikel 30c, tweede of derde lid van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van een uitkering krachtens de Ioaw of Ioaz; anderszins de Ioaw- of Ioaz-uitkering ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend. Hoofdstuk4.Terugvordering Artikel4.Terugvordering 1.Het college vordert de uitkering krachtens de Ioaw of Ioaz terug als: de uitkering ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend, alsmede anderszins onverschuldigd is betaald; blijkt dat er over dezelfde periode waarover een uitkering op grond van de Ioaw of Ioaz is verleend, later inkomsten worden ontvangen waarmee bij de vaststelling van de uitkering rekening zou zijn gehouden. 2.Onder kosten van uitkering krachtens de Ioaw of Ioaz wordt verstaan de netto uitkering verhoogd met loonbelasting en de premies volksverzekeringen, voorzover deze belasting en premies niet verrekend kunnen worden met de af te dragen loonbelasting en premies volksverzekeringen. 3.De in de voorafgaande drie maanden ontvangen middelen worden verrekend met de uitkering in plaats van teruggevorderd. Artikel5.Terugvordering van gezinsleden 1.Als de uitkering krachtens de Ioaw of Ioaz aan een gezin is verleend, wordt de uitkering van alle gezinsleden teruggevorderd. 2.Als de uitkering krachtens de Ioaw of Ioaz met inachtneming van artikel 3 van de Ioaw of Ioaz had moeten worden verleend, maar dit achterwege is gebleven omdat belanghebbende onjuiste of onvolledige inlichtingen heeft verstrekt, dan wel de verplichting, bedoeld in artikel 13 Ioaw of Ioaz, of artikel 30c, tweede lid of derde lid van de Wet uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, niet of niet behoorlijk is nagekomen, wordt de gedurende het betrokken tijdvak ten onrechte verleende uitkering mede teruggevorderd van de persoon met wiens inkomen bij de verlening van de uitkering rekening had moeten worden gehouden. 3.De in het eerste en tweede lid genoemde personen zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de terugbetaling van de ten onrechte verleende uitkering. Artikel6.Afzien van het nemen van een terugvorderingsbesluit 1.Het college ziet af van terugvordering: als er sprake is van (zeer) dringende redenen; als de vordering is vervallen of verjaard; als belanghebbende geen enkel verwijt kan worden gemaakt en redelijkerwijs niet kon weten dat er teveel of ten onrechte een uitkering Ioaw of Ioaz werd verstrekt; van loonbelasting en premies volksverzekeringen als de belanghebbende geen enkel verwijt kan worden gemaakt; als het (nog) terug te vorderen bedrag (na eventuele verrekening) lager is dan € 100,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.