De raad van de gemeente Dronten,gelezen het voorstel van het college van 9 april 2013, No. B13.000292 gelet op artikel 147 lid 1 van de Gemeentewet; gelet op artikel 8a van de Wet werk en bijstand; gelet op artikel 35, lid 1 onder c van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; gelet op artikel 35, lid 1 onder c van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; gezien het advies van de raadscommissie van mei 2013; overwegende dat de raad in het kader van het financiële beheer bij verordening regels dient te stellen over de bestrijding van het ten onrechte ontvangen van uitkeringen en het misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. B E S L U I T: vast te stellen de hierna volgende “Verordening Handhaving Sociale Zaken 2013” Artikel1.Begripsomschrijvingen 1.Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de wet en de Algemene wet bestuursrecht 2.In deze verordening wordt verstaan onder: de wet: de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ); college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dronten; raad: de gemeenteraad van de gemeente Dronten; uitkering: de toepasselijke norm als bedoeld in hoofdstuk 3, paragraaf 2 en 3 van de WWB of de toepasselijke netto grondslag als bedoeld in artikel 5, lid 3 tot en met 6 van de IOAW / IOAZ; fraude: het verwijtbaar achterhouden van informatie of verwijtbaar onjuiste informatie verstrekken, met het doel een (hogere) uitkering te ontvangen dan waarop men recht zou hebben bij juiste en/of volledige informatieverstrekking; misbruik: het verwijtbaar ontvangen van een uitkering in strijd met de wet; oneigenlijk gebruik: het ontvangen van een uitkering volgens de regels van de wet, maar in strijd met of buiten de bedoeling van de wet zoals die bij de totstandkoming van de wet bestond; fraudepreventie: het voorkomen van fraude, misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet; frauderepressie: het reageren op geconstateerde fraude, misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. Artikel2.Fraudepreventie 1.Het college voert een actief fraudepreventiebeleid. Onderdeel daarvan is de wijze waarop het college belanghebbenden vroegtijdig informeert over rechten en plichten die verbonden zijn aan het ontvangen van een uitkering en over de consequenties van misbruik en oneigenlijk gebruik; 2.Bij behandeling van de aanvraag van de belanghebbende kan gebruik gemaakt worden van alle gegevens die het college ter beschikking staan, als ook bestandsvergelijkingen met actuele gegevens en van de samenloopsignalen die daaruit voortkomen. Artikel3.Frauderepressie 1.Het college doet signaalgestuurd onderzoek naar de rechtmatigheid van de uitkering en kan daarbij gebruik maken van huisbezoeken, risicoprofielen en bestandsvergelijkingen; 2.Indien het college na grondig onderzoek heeft vastgesteld dat er sprake is van fraude en/of misbruik en/of oneigenlijk gebruik, handelt het college conform de artikelen 18 en 18a van de WWB en de artikelen 20 en 20a van de IOAW/IOAZ over afstemming en de bestuurlijke boete; 3.Indien een gedraging van een belanghebbende als bedoeld in het voorgaande lid leidt tot benadeling van de gemeente, doet het college, onverminderd de mogelijkheid tot terugvordering, aangifte bij het Openbaar Ministerie, in overeenstemming met de door het Openbaar Ministerie op dit punt gehanteerde uitgangspunten. Artikel4.Onvoorziene omstandigheden en hardheidsclausule 1.In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het college. 2.Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze verordening, als toepassing daarvan tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel5.Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking acht dagen na de bekendmaking; en werkt terug tot en met 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.