Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive 2013Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling “Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug (RDWI)” Gezien het voorstel van het Dagelijks Bestuur, Gelet op het advies van het MT van de RDWI, Gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel i van de Wet werk en bijstand; Besluit vast te stellen de volgende verordening: Hoofdstuk1Algemene bepalingen Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling “Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug (RDWI)” Gezien het voorstel van het Dagelijks Bestuur, Gelet op het advies van het MT van de RDWI, Gelet op artikel 8, eerste lid, onderdeel i van de Wet werk en bijstand; Besluit vast te stellen de volgende verordening: Artikel1Begripsbepalingen a.de wet: de Wet werk en bijstand (WWB); b.Bbz: het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004; c.het algemeen bestuur: het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug; d.het dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug. e.bijstandsnorm: de bijstandsnorm bedoeld in artikel 5, onderdeel c van de wet (= de van toepassing zijnde norm, vermeerderd of verminderd met de op grond van paragraaf 3.3 van de WWB door het dagelijks bestuur vastgestelde verhoging of verlaging); of, in geval van bijzondere bijstand op grond van artikel 12 van de wet, de van toepassing zijnde norm vermeerderd met het bedrag van de bijzondere bijstand. Voor zelfstandigen van 18 tot 27 jaar die een Bbz-uitkering ontvangen of hebben ontvangen wordt onder ‘bijstandsnorm’ verstaan de norm die op grond van artikel 78f, tweede lid, van de wet op hen van toepassing is; f.beslagvrije voet: beslagvrij voet als bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering g.recidiveboete: bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 18a, vijfde lid, van de Wet werk en bijstand; h.gelden: de totaalsom van de positieve banksaldi waarover belanghebbende of diens gezin beschikt of redelijkerwijs kan beschikken; i.verrekenen: verrekening als bedoeld in artikel 60, vierde lid, van de Wet werk en bijstand. Hoofdstuk2Verrekening bij recidive Artikel2.Verrekenen bij het hebben van voldoende gelden 1.Indien belanghebbende ten minste driemaal de toepasselijke bijstandsnorm aan gelden heeft, dan verrekent het dagelijks bestuur de recidiveboete zonder inachtneming van de beslagvrije voet. 2.De verrekening, bedoeld in het eerste lid, geschiedt gedurende een tijdvak van drie maanden vanaf het moment van de dagtekening waarop de bestuurlijke boete is opgelegd. 3.Indien belanghebbende geen bewijsstukken inlevert waardoor niet bepaald kan worden of belanghebbende voldoende gelden heeft, dan gaat het dagelijks bestuur er van uit dat er voldoende gelden aanwezig zijn en wordt de recidiveboete verrekend zonder inachtneming van de beslagvrije voet. Artikel3.Verrekenen bij het hebben van onvoldoende gelden 1.Indien belanghebbende niet ten minste driemaal de toepasselijke bijstandsnorm aan gelden heeft, dan verrekent het dagelijks bestuur de recidiveboete gedurende één maand zonder inachtneming van de beslagvrije voet. De verrekening geschiedt vanaf het moment van de dagtekening waarop de bestuurlijke boete is opgelegd. 2.Aansluitend op de verrekening als bedoeld in het eerste lid, verrekent het dagelijks bestuur de recidiveboete in de daarop volgende twee maanden door inhouding van een bedrag ter hoogte van 20% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm. Artikel4.Afwijkende verrekening In afwijking van de artikelen 2 en 3 kan het dagelijks bestuur de recidiveboete verrekenen door inhouding van 10% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm indien: aannemelijk is dat verrekening op de wijze, bedoeld in de artikelen 2 of 3, zou leiden tot huisuitzetting van belanghebbende en diens gezin; of anderszins sprake is van dringende redenen. Artikel5.Eerder opgelegde bestuurlijke boetes De artikelen 2, 3 en 4 zijn van overeenkomstige toepassing op de verrekening van de bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 18a, eerste lid, van de Wet werk en bijstand, indien en voor zover deze boete nog niet is betaald op het moment van verrekening van de recidiveboete. Hoofdstuk3Slotbepalingen Artikel6.Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag volgend op de bekendmaking van dit besluit. Artikel7.Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive 2013 Aldus vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling “Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug” in zijn openbare vergadering van 27 februari 2013.De secretaris, De voorzitter,Toelichting Algemeen deelOp 1 januari 2013 treedt de "Wet aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-wetgeving" in werking. Voor de Wet werk en bijstand (WWB) introduceert deze wet de bestuurlijke boete bij een schending van de inlichtingenplicht. Het college van burgemeester en wethouders (verder college) is verplicht de bestuurlijke boete met de lopende uitkering te verrekenen. In beginsel moet bij deze verrekening de bescherming van de beslagvrije voet in acht genomen worden. Is echter sprake van een bestuurlijke boete wegens recidive, dan kan het college besluiten gedurende maximaal drie maanden te verrekenen zonder rekening te houden met de beslagvrij voet.. De WWB verplicht de gemeenteraad in een verordening nadere regels te stellen over de bevoegdheid de beslagvrije voet tijdelijk buiten werking te stellen bij verrekening van de recidiveboete. Gemeenten krijgen daarmee de ruimte een afweging te maken van situaties of omstandigheden waarin het buiten werking stellen van de beslagvrije voet niet proportioneel wordt geacht. De bevoegdheid van de gemeenteraad strekt zich slechts uit over het al dan niet in acht nemen van de beslagvrije voet bij verrekening van de recidiveboete. Daar waar terugvordering en invordering niet door de wetgever is verplicht, blijft sprake van een bevoegdheid van het college. Het is derhalve aan het college op deze onderdelen nadere (beleids)regels vast te stellen. Artikelsgewijze toelichtingArtikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.