Nadere regels subsidievoorwaarde taal Gemeenteblad 2013 Nadere regels subsidievoorwaarde taal Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, gelezen het voorstel van de directeur Jeugd en Onderwijs, van 18 juni 2103, kenmerk 13MO07470; gelet op artikel 4, eerste lid, van de Subsidieverordening Rotterdam 2005; overwegende dat het ter uitvoering van de Subsidieverordening Rotterdam 2005 en het Programma Taaloffensief 2011 – 2014 wenselijk is nadere regels vast te stellen inzake de uitvoering van subsidieverlening; verder in overweging nemende dat: de doelstelling van het Taaloffensief is dat Rotterdammers in 2014 het Nederlands beter beheersen dan in 2010; het beheersen van de Nederlandse taal de belangrijkste sleutel is om mee te kunnen doen in de samenleving. Participatie, sociale mobiliteit, mobiliteit op de arbeidsmarkt en zelfredzaamheid zijn voor een groot deel afhankelijk van de mate waarin je de taal beheerst. Helaas beheersen teveel Rotterdammers de Nederlandse taal nog onvoldoende; onze missie is om te investeren in het verminderen van taalachterstanden; in onze taalaanpak richten we ons op zowel allochtone als autochtone Rotterdammers met een taalachterstand; besluit vast te stellen: Nadere regels subsidievoorwaarde taal Artikel 1 Doel subsidievoorwaarde taal Een taalcomponent wordt als subsidievoorwaarde opgenomen bij door de gemeente Rotterdam gesubsidieerde activiteiten op het terrein van welzijn, activering, zorg, onderwijs, sport, cultuur en recreatie. Taal als kwaliteitsinstrument moet een regulier onderdeel uitmaken van methodisch kwaliteitsbeleid van gesubsidieerde organisaties en instellingen op het terrein van welzijn, activering, zorg, onderwijs, sport, cultuur en recreatie. Artikel2Doelgroepen Voor verbetering van de taalvaardigheid richten wij ons voornamelijk op de volgende drie prioritaire groepen: Ouder(s)/opvoeders van jonge kinderen: Voorkomen is beter dan genezen is het motto. Voorkom dat kinderen al met taalachterstanden op school starten. Jongeren met een taalachterstand: Grote groepen jongeren verlaten hun MBO-opleiding met een taalachterstand. Een taalachterstand is ook een risico voor vroegtijdig schoolverlaten, minder dan 59% behaalt het MBO-diploma. Dit verkleint de kans op een succesvolle vervolgopleiding en vergroot de kans op werkloosheid van deze jonge mensen. c.Werknemers en werkzoekenden: De Rotterdamse arbeidsmarkt kent relatief veel laagopgeleiden. De werkgever heeft er baat bij wanneer de werknemer zijn/haar Nederlands beter beheerst: de communicatie met de werkgever maar ook met collega’s wordt vergroot, de werknemer vergroot ook zijn zelfstandigheid bij werkzaamheden en een betere taalbeheersing stimuleert de doorstroom op de arbeidsmarkt. Artikel 3 In aanmerking komende subsidies (relevantie / begrenzing)
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.