. Artikel 2:23: Tekstuele aanpassing. Artikel 2:24 lid 1 sub f: Verwijzing naar artikel 2:9 opgenomen. Artikel 2:24 lid 2: Toevoeging van sub e, overeenkomstig Model-Apv. Artikel 2:25 lid 1:Toevoeging “of in afwijking van” opgenomen. Artikel 2:25 lid 2: Nadrukkelijke formulering van een meldingsplicht. Kleine optochten worden nadrukkelijk onder de meldingsplicht i.p.v. vergunningsplicht gebracht, hetgeen past in het kader van deregulering en lastenverlichting voor burger en bedrijf. Artikel 2:25 lid 4: Toevoeging “er aanleiding te vermoeden is”. Artikel 2:25 lid 7: is nieuw toegevoegd, stond voorheen in 1:10 (Lsp) Artikel 2:28 lid 8: is nieuw toegevoegd, stond voorheen in 1:10 (Lsp) Artikel 2:30 lid 2: Andere redactie opgenomen. Artikel 2:39 lid 2 sub a: Vanwege wijzigingen in de Wet op de kansspelen aangepast. Artikel 2:39:Lid 4 toegevoegd, stond voorheen in 1:10 (Lsp). Artikel 2:44: In overeenstemming gebracht met de delictsomschrijving in het Wetboek van Strafrecht. Artikel 2:47 lid 1 sub b: Aangepast overeenkomstig VNG-model. Artikel 2:49 lid 2:
:50:
:51:
Artikel 2:57: Tekstuele aanpassing, overeenkomstig de modelverordening Artikel 2:59: Technische wijziging. Daarnaast is het verouderde en niet bijzonder diervriendelijke tatoeëren van honden ter identificatie geschrapt, overeenkomstig de modelverordening. Artikel 2:63:
van lid 2 en lid 3. Artikel 2:68:
:72:
:73:
:74:
1:10 (Lsp) Artikel 3:5 lid 2: Tekstuele aanpassing vanwege staatkundige verandering van het land; de BES eilanden zijn ingevoegd. Artikel 3:12:
Dat is aangepast overeenkomstig de model APV. Artikel 4:6:
. De tekst wekte voorheen de indruk dat er naar het reeds lang ingetrokken “Besluit toestellen en geluidsapparaten”werd verwezen. Artikel 4:17:
en Artikel 4:18 lid 1: Omschrijving model APV overgenomen. Artikel 18 lid 2: Vervalt omdat dit een overbodige regel is. Het is vanzelfsprekend dat de rechthebbende op een terrein voor eigen gebruik kampeermiddelen mag plaatsen. Artikel 4:20: Nieuw artikel. De kampeerperiode was destijds geregeld in de Wet op de Openluchtrecreatie (WOR), na het vervallen van deze wet in 2008 is de gesloten kampeerperiode niet meer afdoende geregeld. In de beleidsnota Cultuur, toerisme en recreatie 2009-2012 staat nadrukkelijk opgenomen dat het kampeerseizoen ook na de afschaffing van de WOR gehanteerd blijft. Ook in de Nota van Uitgangspunten bestemmingsplan Buitengebied die op 9 november 2009 door de raad is vastgesteld, staat dat kleinschalig kamperen alleen toegestaan is in de periode 15 maart t/m 31 oktober. Kamperen in de winterperiode kan leiden tot ontsiering van het landschap en caravans die het hele jaar rond geplaatst staan kunnen uitnodigen tot permanente bewoning. Dit artikel is dan ook in lijn met hetgeen de raad eerder heeft besloten. Artikel 5:6 lid 4:
, overeenkomstig VNG model. Artikel 5:8 :Lid 3 en 4 zijn gewijzigd overeenkomstig de VNG modelverordening. Lid 4 is nieuw en houdt verband met artikel 5:6 lid 1 sub a. Artikel 5:12: Formulering is aangepast i.v.m. uitspraak Rechtbank Den Haag. Artikel 5:13a: In verband met een nieuw beleid van het Centraal Bureau Fondsenwerving zijn er kleine aanpassingen opgenomen. Artikel 5:16: Tekstuele aanpassing. Artikel 5:20:
: Artikel 5:25 lid 3 en 5:26 lid 3 zijn aangepast in verband met de intrekking van de Landschapsverordening per 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.