Besluit mandaat, machtiging en volmacht Omgevingsdienst Flevoland en Gooi- en Vechtstreek 2013 van Gedeputeerde Staten van Noord-HollandGedeputeerde Staten van Noord-Holland; Besluiten vast te stellen: Besluit mandaat, machtiging en volmacht Omgevingsdienst Flevoland en Gooi- en Vechtstreek 2013 van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland. Artikel1Begripsbepalingen In dit mandaatbesluit wordt verstaan onder: GS: Gedeputeerde Staten van Noord-Holland; OD OFGV: Omgevingsdienst Flevoland en Gooi- en Vechtstreek; directeur: algemeen directeur van de OD OFGV. Artikel2Mandaat GS verlenen mandaat, volmacht en machtiging aan de directeur en zijn plaatsvervanger overeenkomstig de als bijlage I bij dit besluit behorende lijst. Artikel3Clausulering van het mandaat Buiten het mandaat valt: een beslissing op bezwaar ingediend tegen een besluit dat in het kader van de uitoefening van het mandaat is genomen; het nemen van een besluit op een verzoek om informatie als bedoeld in de Wet openbaarheid van bestuur, in verband met een besluit dat in het kader van de uitoefening van het mandaat is genomen, voor zover dit besluit een afwijzing van dat verzoek inhoudt; het vaststellen, wijzigen of intrekken van een beleidsregel. Artikel4– Ondermandaat, machtiging en volmacht 1.De gemandateerde kan ondermandaat verlenenvoor een bepaalde bevoegdheid aan een ondergeschikte. 2.De gemandateerde verstrekt aan GS zo spoedig mogelijk een afschrift van het ondermandaat dat hij overeenkomstig het bepaalde in het eerste lid, aan een ondergeschikte heeft verleend. 3.In bijlage I wordt aangegeven wat het laagste toegestane niveau is voor het verlenen van ondermandaat. Artikel5– Instructies verbonden aan de uitoefening van het (onder)mandaat Uitoefening van bevoegdheden vindt plaats binnen het kader van toepasselijk(e) wetgeving en beleid en mag niet leiden tot een verschuiving van provinciale bevoegdheden of tot doorbreking van politieke verantwoordelijkheden van GS. Gemandateerde is verplicht GS te informeren en in de gelegenheid te stellen bijzondere aanwijzingen te geven of de bevoegdheid zelf uit te oefenen, indien uitoefening van het mandaat politieke of maatschappelijke gevolgen kan hebben of als de provincie Noord-Holland aansprakelijk kan worden gesteld. Ten behoeve van het bepaalde in het tweede lid kunnen GS nadere instructies geven over het omgaan met en het herkennen van gevoelige zaken. Als de uitoefening van een bevoegdheid betrekking heeft op een aangelegenheid waarbij de gemandateerde een direct of indirect persoonlijk of zakelijk belang heeft, of zich een situatie zou kunnen voordoen waarbij jegens derden de indruk van vooringenomenheid of belangenverstrengeling kan worden gewekt, wordt de bevoegdheid uitgeoefend op hoger niveau. Indien toepassing van het vierde lid niet mogelijk is, mag het mandaat niet worden uitgeoefend. Bij uitoefening van bevoegdheden wordt een scheiding aangebracht tussen de vergunningverleningsfunctie en de handhavingsfunctie volgens de eisen van artikel 7, vierde lid, van het Besluit omgevingsrecht. Artikel6– Volmacht en machtiging Tenzij anders is bepaald omvat de verlening van mandaat of ondermandaat mede de verlening van: volmacht tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen; en machtiging om in naam van GS handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn. Artikel7– Informatieplicht Gemandateerde verstrekt GS voor het einde van ieder kwartaal, of conform in een overeenkomst vastgelegd schema, een rapportage van de besluiten die in de uitoefening van het mandaat zijn genomen. Artikel8– Communicatie en publiciteit Gemandateerde is niet toegestaan bij de uitoefening van het mandaat zonder toestemming van GS in de publiciteit te treden als dat naar verwachting politieke of maatschappelijke gevolgen kan hebben of tot gevolg kan hebben dat de provincie of gedeputeerden aansprakelijk worden gesteld of anderszins aansprakelijk worden gehouden. Artikel9– Ondertekening Indien op grond van het verleende mandaat besluiten worden genomen, luidt de ondertekening: Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, namens dezen, Gevolgd door de handtekening en de naam van de functionaris. Artikel10- Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin het is geplaatst. Artikel11– Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaat, machtiging en volmacht Omgevingsdienst Flevoland en Gooi- en Vechtstreek 2013 van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland. Haarlem, 2 juli 2013.Gedeputeerde Staten van Noord-Holland,J.W. Remkes, voorzitter.G.E.A. van Craaikamp, provinciesecretaris. Bijlage I bij het Besluit mandaat, machtiging en volmacht van de omgevingsdienst Flevoland en Gooi en Vechtstreek 2013 van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland a. de hieronder vermelde bevoegdheid: b. LAAGSTE NIVEAU UITOEFENING EN ondermandaat: c. onder de volgende voorwaarde(N): 1.VERGUNNINGEN 1.1 Het nemen van besluiten op grond van de Wet bodembescherming en de op de Wet bodembescherming gebaseerde AmvB’s, regelingen en Besluiten en de Provinciale Milieuverordening Noord-Holland, inclusief de vergunningverlening over de lijst spoedlokaties (vigerende MTR lijst op grond van het convenant Bodem & Ondergrond 2016-2020) en inclusief de be- en afhandeling van meldingen en de aanschrijving voor onderzoek en sanering op grond van artikel 27 en 28 Wbb, en het geven van aanwijzingen op grond van de Wet bodembescherming en de op de Wet bodembescherming gebaseerde AmvB’s, regelingen en Besluiten en de Provinciale Milieuverordening Noord-Holland Leidinggevende Expertise Het mandaat is beperkt tot het grondgebied van de bij de OFGV aangesloten gemeenten, voor zover GS bevoegd gezag zijn Uitgezonderd van het mandaat zijn onderstaande regelingen/Amvb’s: •Besluit financiële bepalingen bodemsanering (incl. subsidieregeling bedrijfsterreinen) •Regeling financiële bepalingen bodemsanering 2005 •Regeling inrichting landelijk gebied (investeringsbudget) -Regeling beoordeling reinigbaarheid grond 2006 Uitgezonderd van het mandaat zijn tevens het besluit tot het aangaan van een afkoopovereenkomst en co-financiëring in het kader van het diepe grondwater beheer op grond van de artikelen 55c t/m 55i Wbb Uitgezonderd van het mandaat zijn de BRZO/RIE-4-inrichtingen. Deze bevoegdheid is aan de OD NZKG opgedragen. Voorafgaand overleg met GS bij besluiten: die financiële gevolgen voor de provincie hebben;m.b.t. de vergunningverlening inzake de lijst spoedlokaties 1.2 Het nemen van noodzakelijke maatregelen als bedoeld in artikel 30 Wet bodembescherming (ongewoon voorval) Leidinggevende Expertise Het mandaat is beperkt tot het grondgebied van de bij de OFGV aangesloten gemeenten, voor zover GS bevoegd gezag zijn Voorafgaand overleg met GS vereist 2.HANDHAVING BODEM EN ALGEMEEN Bevoegdheden worden uitsluitend opgedragen voor zover passend binnen het kader en geografisch bereik van de hierboven opgedragen vergunningstaken. 2.1 Het milieutoezicht en de handhaving op activiteiten die vallen onder het Besluit Bodemkwaliteit, voor zover verricht door bedrijven of instellingen, en voor zover het die activiteiten betreft. Leidinggevende handhaving Omvat het nemen van besluiten. Het mandaat is beperkt tot het grondgebied van de bij de OFGV aangesloten gemeenten, voor zover GS bevoegd gezag zijn. 2.2 Het milieutoezicht en de handhaving van meldingen en besluiten op grond van of krachtens de Wet bodembescherming,en de op de Wet bodembescherming gebaseerde AmvB’s, regelingen en Besluiten en de Provinciale Milieuverordening Noord-Holland voor de activiteiten bodemonderzoek, bodemsanering, sanering van bedrijfsterreinen, en nazorgmaatregelen inclusief toezicht en handhaving betreffende gevallen van ernstige verontreiniging en gevallen van verontreiniging die onder de zorgplicht vallen, en betreffende lozing van grondwater bij bodemsanering en proefbronnering. Leidinggevende handhaving Omvat het nemen van besluiten. Het mandaat is beperkt tot het grondgebied van de bij de OFGV aangesloten gemeenten, voor zover GS bevoegd gezag zijn. Met uitzondering van de handhaving en toezicht betreffende de vergunningverlening over de lijst spoedlokaties (vigerende MTR lijst op grond van het convenant Bodem en Ondergrond 2016-2020). Deze bevoegdheid is gemandateerd aan de Regionale Uitvoeringsdienst Noord Holland Noord Voorafgaand overleg met PNH vereist bij het bevel tot onderzoek en sanering op grond van artikel 43 Wbb, 2.3 Het milieutoezicht en de handhaving met betrekking tot bedrijfsmatige activiteiten met betrekking tot gevaarlijke afvalstoffen, bedrijfsafvalstoffen en ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen, asbest, vuurwerkopslagen, bouwstoffen, grond, baggerspecie, meststoffen, dierlijke vetten, schroot, destructiemateriaal, explosieven voor civiel gebruik of andere gevaarlijke stoffen. Het gaat hierbij om het ketengerichte milieutoezicht. Leidinggevende handhaving Omvat het nemen van besluiten. Het mandaat is beperkt tot het grondgebied van de bij de OFGV aangesloten gemeenten, voor zover GS bevoegd gezag zijn. Uitgezonderd de handhaving en toezicht op vuurwerkevenementen. Deze bevoegdheid is opgedragen aan de OD Noordzeekanaalgebied 2.4 Het besluit tot het zenden van een waarschuwingsbrief voorafgaande aan de last onder bestuursdwang, last onder dwangsom, en de intrekking (omgevings-)vergunning als sanctie. Leidinggevende handhaving 2.5 Besluiten tot het zenden van het voornemen m.b.t. een besluit inzake gedogen, last onder bestuursdwang, last onder dwangsom, intrekking (omgevings-) vergunning als sanctie en de weigering op een handhavingsverzoek in te gaan. Leidinggevende handhaving voor zover deze besluiten passen binnen het vastgestelde beleid en voor zover er geen bestuurlijke gevoeligheden in het geding zijn Let op: het weigeren van een gedoogbeschikking is de bevoegdheid van de directeur 2.6 Het besluit tot het gedogen, het opleggen van de last onder bestuursdwang, het opleggen van een last onder dwangsom, het intrekken van de (omgevings-) vergunning als sanctie en het weigeren op een handhavingsverzoek in te gaan. Leidinggevende handhaving Let op: het weigeren van een gedoogbeschikking is voorbehouden aan de directeur voor zover deze besluiten passen binnen het vastgestelde beleid en voor zover er geen bestuurlijke gevoeligheden in het geding zijn 2.7 Het zenden van een controlebrief met de strekking dat er geen overtredingen zijn geconstateerd Medewerker handhaving 2.8 Het besluit omtrent de invordering van een dwangsom als bedoeld in artikel 5:37 van de Awb Leidinggevende handhaving 2.9 Op grond van artikel 5.10.3 van de Wabo aanwijzen van toezichthouders in de zin van artikel 5.11 van de Awb, voor zover de omgevingsdienst belast is met uitvoering van een wettelijke regeling op grond waarvan toezichthouders kunnen worden aangewezen. Directeur 2.10 Overleg voor het maken van afspraken met OM, politie en landelijke inspectie-en opsporingsdiensten, waaronder het periodiek afsluiten van handhavingsarrangementen met het OM en de politie. Leidinggevende handhaving 2.11 Het maken van afspraken met de politie c.q. de korpschef en het FP3 over het gebruik van opsporingsbevoegdheid door en de kwaliteit van de bij de omgevingsdienst werkzame BOA’s. Leidinggevende handhaving 2.12 Samenwerking met de landelijk opererende handhavingsorganisaties, zoals de rijksinspecties, en de hiervoor als het aanspreekpunt voor die organisaties aan te wijzen RUD. Leidinggevende handhaving 3.AWB - BEZWAAR EN BEROEP Bevoegdheden worden uitsluitend opgedragen voor zover passend binnen het kader en geografisch bereik van de hierboven opgedragen vergunnings- toezichts- en handhavingstaken. 3.1 Het vaststellen/indienen van verweerschriften, zienswijzen en andere processtukken in het kader van procedures; procesvertegenwoordiging namens het bevoegd gezag bij de administratieve rechter, inclusief het optreden ter zitting. Leidinggevende Onder deze bevoegdheid valt niet: 1.het instellen van hoger beroep;
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.