Winkeltijdenverordening Beemster 2013 (versie geldend sedert 28 oktober 2013)DE RAAD VAN DE GEMEENTE BEEMSTER; gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 11 september 2013; gelet op de Wet tot wijziging van de Winkeltijdenwet in verband met het verruimen van de bevoegdheid van gemeenten om vrijstelling te verlenen van de verboden met betrekking tot de zondag en een aantal feestdagen; overwegende dat: - de Winkeltijdenwet op 1 juli 2013 dusdanig gewijzigd wordt dat de gemeenteraad voortaan zelf kan bepalen wanneer winkels in de gemeente Beemster geopend mogen c.q. gesloten moeten zijn; - de gemeenteraad van deze bevoegdheid gebruik wil maken via het vaststellen van een nieuwe Winkeltijdenverordening; BESLUIT: vast te stellen: Winkeltijdenverordening Beemster 2013 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: wet: Winkeltijdenwet feestdagen: Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag, eerste en tweede Kerstdag; werkdagen: maandag tot en met zaterdag; winkel: hetgeen artikel 1 van de wet daaronder verstaat. Hoofdstuk2Gemeente gerelateerde vrijstellingen Artikel2Vrijstelling voor zon- en feestdagen De in artikel 2, eerste lid onder a en b, van de wet vervatte verboden om op zon- en feestdagen een winkel voor het publiek geopend te hebben gelden niet: binnen de bebouwde kom tussen 12.00 uur en 18.00 uur; en buiten de bebouwde kom tussen 10.00 en 18.00 uur. Hoofdstuk3Ontheffingen Artikel3Individuele ontheffingen 1.Burgemeester en wethouders kunnen op aanvraag ontheffing verlenen van het verbod om open te zijn op Goede Vrijdag en 24 december na 19.00 uur. 2.De ontheffing kan geweigerd worden als de woon- en leefsituatie of de openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de openstelling van de winkel op basis van de ontheffing. Artikel4Beslistermijn 1.Burgemeester en wethouders beschikken op een aanvraag om ontheffing binnen acht weken na de dag waarop de aanvraag is ontvangen. 2.Zij kunnen hun beschikking voor ten hoogste acht weken verdagen. Artikel5Intrekken of wijzigen ontheffing en weigering Burgemeester en wethouders kunnen een ontheffing intrekken of wijzigen als: ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; op grond van een verandering van omstandigheden of inzichten, opgetreden na het verlenen van de ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt uitgevoerd dit naar hun oordeel noodzakelijk maken in het belang van de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist; de exploitatie van de winkel op basis van de ontheffing gevaar oplevert voor de openbare orde, de veiligheid of het woon- en leefklimaat ter plaatse; de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarbij gestelde termijn of, bij het ontbreken van een dergelijke termijn, binnen een redelijke termijn; de houder of zijn rechtverkrijgende dit aanvraagt. Artikel6Overdracht van ontheffing 1.Ontheffing als genoemd in artikel 3 zijn overdraagbaar. 2.De nieuwe houder van de in het eerste lid bedoelde ontheffing dient onmiddellijk na de overdracht hiervan schriftelijk kennisgeving te doen aan burgemeester en wethouders, onder vermelding van zijn naam en adres. Hoofdstuk4Algemene vrijstellingen Artikel7Reikwijdte hoofdstuk In dit hoofdstuk worden, in afwijking van het gestelde in hoofdstuk 2, vrijstellingen verleend aan van de in artikel 2 van de wet vervatte verboden, ten behoeve van name genoemde en aankoopplaatsen. Artikel8Vrijstellingen ten aanzien van specifieke winkels De in artikel 2, eerste lid, onder a en b, van de wet vervatte verboden om op zondagen en feestdagen een winkel voor het publiek geopend te hebben, gelden niet ten aanzien van: musea; winkels, waar uitsluitend maaltijden, voor directe consumptie geschikte eetwaren, alcoholvrije dranken en, door middel van een automaat, tabak en tabaksproducten, middelen ter voorkoming van zwangerschap en damesverband plegen te worden verkocht. Artikel9Vrijstelling in verband met culturele evenementen 1.De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden om op zondagen en feestdagen een winkel voor het publiek geopend te hebben, gelden niet ten aanzien van gebouwen, waar voorstellingen, uitvoeringen of evenementen van culturele aard plaatsvinden, en waar uitsluitend of hoofdzakelijk goederen die rechtstreeks verband houden met aldaar te houden voorstellingen, uitvoeringen en evenementen plegen te worden verkocht, vanaf een uur voor de aanvang van de voorstelling, de uitvoering of evenement tot een uur na afloop daarvan. 2.De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden om op zondagen en feestdagen anders dan in een winkel, goederen te koop aan te bieden of te verkopen aan en in rechtstreekse aanraking met particulieren, gelden niet ten aanzien van het te koop aanbieden en verkopen van goederen, die rechtstreeks verband houden met die voorstellingen, uitvoeringen of evenement, vanaf een uur voor de aanvang van de voorstelling, de uitvoering of het evenement tot een uur na afloop daarvan. Artikel10Vrijstellingen op sportcomplexen 1.De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden om op zondagen en feestdagen een winkel voor het publiek geopend te hebben, gelden niet ten aanzien van winkels in of op het terrein van sportcomplexen, waar uitsluitend of hoofdzakelijk goederen worden verkocht, die rechtstreeks verband houden met de aldaar beoefende sporten, gedurende de openstellingsuren van die sportcomplexen. 2.De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden om op zondagen en feestdagen anders dan in een winkel, goederen te koop aan te bieden of te verkopen aan en in rechtstreekse aanraking met particulieren, gelden niet ten aanzien van het in of op het terrein van sportcomplexen te koop aanbieden en verkopen van goederen, die rechtstreeks verband houden met de aldaar beoefende sporten, gedurende de openstellingsuren van die sportcomplexen. Artikel11Vrijstellingen tijdens kermissen 1.De in artikel 2, eerste lid, onder a en b, van de wet vervatte verboden om op zondagen en feestdagen een winkel voor het publiek geopend te hebben, gelden niet ten aanzien van winkels, waar uitsluitend of hoofdzakelijk feestartikelen plegen te worden verkocht, gedurende de openingstijden van een kermis. 2.De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden om op zondagen en feestdagen anders dan in een winkel, goederen te koop aan te bieden of te verkopen aan en in rechtstreekse aanraking met particulieren, gelden niet ten aanzien van het te koop aanbieden en verkopen van feestartikelen en speelgoed op een terrein, waar de kermis wordt gehouden gedurende de openingstijden van die kermis. Hoofdstuk4Slotbepalingen Artikel12Toezicht Met het toezicht op de naleving van het bestaande bij of krachtens deze verordening kunnen door de burgemeester en wethouders toezichthouders aangewezen worden. Artikel13Intrekken huidige regeling De Winkeltijdenverordening Beemster 1996 wordt ingetrokken. Artikel14Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na die waarop zij is bekend gemaakt. Artikel15|Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Winkeltijdenverordening Beemster 2013. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van 1 oktober 2013.H.N.G. Brinkman, voorzitterC.J. Jonges, griffier
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.