← Nederland

Beleidsregels subsidiebeleid Welzijn gemeente Nuenen c.a. 2008, voor waarderingsbijdragen (Nuenen, Gerwen en Nederwetten)

Beleidsregels subsidiebeleid Welzijn gemeente Nuenen c.a. 2008, voor waarderingsbijdragenHoofdstuk1Begripsbepalingen In deze beleidsregels wordt verstaan onder: Verordening Algemene subsidieverordening gemeente Nuenen c.a. Instelling Een instelling als bedoeld in de verordening. Waarderingsbijdrage Onder waarderingsbijdrage wordt verstaan een financiële bijdrage die het College verstrekt ter algemene ondersteuning en aanmoediging van activiteiten van een instelling. Lid/deelnemer Onder lid of deelnemer wordt verstaan een aan een instelling op de peildatum verbonden natuurlijk persoon woonachtig in de gemeente Nuenen c.a., die door een contributiebijdrage en/of door deelname aan activiteiten zich aan de instelling verbindt. Jeugdlid Onder jeugdlid of jeugdige lid/deelnemer wordt verstaan het lid dat op de peildatum nog geen 18 jaar is. Peildatum Onder peildatum wordt verstaan 1 januari van het jaar voorafgaand aan het jaar van subsidiëring. Amateurkunst Onder amateurkunst wordt verstaan het beoefenen van kunst in zijn verschillende uitingsvormen, in groepsverband en op niet professionele basis; dit impliceert dat de deelnemers uit hoofde van deze activiteit geen presentiegeld of andere vergoedingen anders dan een onkostenvergoeding op declaratiebasis ontvangen. Cultuur- en Natuurbehoud Onder cultuur- en natuurbehoud wordt verstaan heemkunde en activiteiten ter behoud van natuur- en landschapsschoon en milieueducatie. Volkscultuur Onder volkscultuur wordt verstaan activiteiten ter viering van volks- en/of Oranjefeesten. Emancipatie Onder emancipatie wordt verstaan activiteiten gericht op het veranderen van de maatschappelijk structuren en verhoudingen die belemmeringen en achterstanden veroorzaken voor specifieke aandachtsgroepen van beleid, zoals vrouwen, allochtonen en gehandicapten. Belangenorganisatie Onder belangenorganisatie wordt verstaan een organisatie die de belangen van een doelgroep (niet zijnde een ouderenbond) vertegenwoordigt en een bijdrage levert aan de totstandkoming van gemeentelijk beleid. Sportvereniging Onder sportvereniging wordt verstaan een vereniging met activiteiten die tot doel hebben de lichamelijke ontwikkeling van jeugdleden door middel van sportbeoefening te bevorderen. Zorg en maatschappelijke dienstverlening Onder zorg en maatschappelijke dienstverlening wordt verstaan activiteiten die zich richten op de leniging van psychische of sociale problemen. Evenement Onder evenement wordt verstaan incidentele activiteiten met een openbaar karakter, die van belang zijn voor het plaatselijke culturele en sociale leven. Jeugdactiviteiten Onder jeugdactiviteiten wordt verstaan het geheel van werkvormen/activiteiten gericht op educatieve, sociale en creatieve ontplooiing van jongeren in hun vrije tijd. Ouderenbond Onder ouderenbond wordt verstaan een instelling met sociaal-culturele en educatieve activiteiten voor ouderen in verenigingsverband. Wijkvereniging Onder wijkvereniging wordt verstaan een instelling die de belangen van de inwoners van deze wijk behartigt en als zodanig de contacten namens de wijk met de gemeente kan onderhouden. Hoofdstuk2Criteria voor verstrekking van een waarderingssubsidie Voor toekenning van een waarderingssubsidie komen slechts instellingen in aanmerking die: Activiteiten ontplooien die rechtstreeks het algemeen belang van de plaatselijke gemeenschap en het welzijn van de inwoners van de gemeente bevorderen en bijdragen aan de gemeentelijke beleidsdoelen op het terrein c.q. terreinen, waarop de activiteiten d.q. taken betrekking hebben. Het College kan daarbij een maximum stellen aan het aantal instellingen in de gemeente of per kern dat voor subsidiëring in aanmerking komt. Gedurende een periode van tenminste drie jaar door de uitvoering van activiteiten en het in stand houden van een organisatie zijn bestaansrecht heeft bewezen. Wanneer een instelling korter dan deze periode bestaat, dient door het College jaarlijks opnieuw bezien te worden of subsidie toegekend wordt. Pas wanneer een instelling drie jaar bestaat kan structurele subsidie toegekend worden. Haar oefen-/trainings-/gezelschap-/werkruimte binnen het grondgebied van de gemeente Nuenen c.a. hebben. Voor regionale instellingen/samenwerkingsverbanden die zich (mede) richten op de Nuenense bevolking kan het College een ontheffing verlenen. In het geval van volkscultuur zich bij voorkeur éénmaal per jaar doch tenminste éénmaal per twee jaar in het openbaar, door middel van een uit de werkvorm voortvloeiende wijze van uitvoeren, presenteren. In het geval van amateurkunst zich bij voorkeur vijfmaal per jaar doch tenminste driemaal per jaar in het openbaar op Nuenens grondgebied, door middel van een uit de werkvorm voortvloeiende wijze van uitvoeren, presenteren. Een openbare jeugdsportactiviteit dient voor alle inwoners van Nuenen jonger dan 18 jaar toegankelijk te zijn en heeft tot doel de jeugdigen kennis te laten maken met een bepaalde tak van sport. Hoofdstuk3Vormen van waarderingssubsidie Een waarderingssubsidie kan bestaan uit: Een vast bedrag (per jaar); Een bedrag per (soort) lid; Een bedrag per inwoner; Of en combinatie hiervan. 3.1 Een vast bedrag (per jaar) Amateurkunst voor koren € 340 koor Jocanto € 2.614 bij huisvesting in Het Klooster voor muziekkorpsen € 1.450 voor toneelgezelschappen € 5.095 bij huisvesting in Het Klooster Overige instellingen ontvangen op het terrein van de amateurkunst, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. Cultuur –en natuurbehoud/milieueducatie voor Stichting Het Noord-Brabants Landschap € 180 voor Kapelpark Hooijdonck € 970 voor Heemkundekring Drijehornick € 1.529 bij huisvesting in Het Klooster voor het IVN, afdeling Nuenen € 4.789 bij huisvesting in Het Klooster Overige instellingen op het terrein van cultuur- en natuurbehoud ontvangen, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. Volkscultuur voor carnavalsvereniging De Dwèrsklippels € 228 voor overige carnavalsverenigingen € 76 voor Sint Nicolaascomité Nuenen € 360 voor overige Sint Nicolaascomités € 120 voor Oranjecomité Nuenen € 2.025 voor overige Oranjeverenigingen € 675 voor gilden € 300 Overige instellingen op het terrein van volkscultuur ontvangen, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. Emancipatie voor een vrouwenorganisatie € 450 Maatschappelijke dienstverlening en zorg EHBO-vereniging € 4.000 Belangenorganisatie € 475 Overige instellingen op het terrein van maatschappelijke dienstverlening en zorg, ontvangen binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. Jeugdrecreatie Stichting Poolse kinderen in Nuenen € 190 Speel-o-theek Pepijn € 1.625 Stichting Kindervakantiewerk Nuenen € 2.660 Stichting Jeugdrecreatie Nuenen € 4.910 Overige instellingen op het terrein van jeugdrecreatie ontvangen, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. Wijkverenigingen Voor een wijkvereniging € 100 Evenementen Het maximale door het College vast te stellen bedrag, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, voor een evenement is €10.000 maar nooit hoger dan het werkelijke exploitatietekort van de activiteit. Openbare jeugdsportactiviteit Het maximale door het College vast te stellen bedrag, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, per activiteit is €

  1. Het bedrag is nooit hoger dan het werkelijke exploitatietekort van de activiteit. Bij nieuwe activiteiten kan éénmalig aan de hand van een begroting de hoogte van de waarderingsbijdrage worden vastgesteld. 3.2 Bijdrage per (jeugd)lid/deelnemer Amateurkunst voor een jeugdlid van een majorettekorps €30 voor een jeugdlid van een muziekkorps €45 voor de opleiding van een jeugdlid van een muziekkorps bij het Kunstkwartier Helmond of in eigen beheer €10 Een jeugdlid van een bij een muziekkorps behorende majorettegroep wordt gerekend als jeugdlid van een majorettekorps. Overige instellingen op het terrein van amateurkunst ontvangen, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. Jeugdrecreatie voor een jeugdlid van de scoutingorganisatie of daarmee gelijk te stellen organisatie € 25 voor instellingen die een eigen acoomodatie exploiteren een vaste bijdrage van €7.500 voor een jeugdlid van een scoutingorganisatie speciaal gericht op gehandicapten € 70 Overige instellingen op het terrein van jeugdrecreatie ontvangen, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. Sportverenigingen voor een jeugdlid + €10,50 10% van de verschuldigde huur van binnensportaccommodaties voor de jeugd over het jaar voorafgaande aan het subsidiejaar (bijvoorbeeld kosten 2004 voor subsidie 2005), indien de kosten definitief zijn vastgelegd in een jaarcontract. Indien de definitieve kosten niet bekend zijn zal de subsidie berekend worden over de werkelijke kosten in het jaar dat voorafgaat aan het jaar voorafgaande aan het subsidiejaar (bijvoorbeeld kosten 2003 zijn uitgangspunt voor 2005.) Maatschappelijke dienstverlening en zorg voor een lid van een EHBO-vereniging €10 voor Nuenense deelnemers aan een vakantie die via de Stichting Rode Kruis Bungalow in het jaar dat voorafgaat aan het subsidiejaar, per deelnemer €22 Overige instellingen op het terrein van maatschappelijke dienstverlening en zorg ontvangen, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. Ouderenbonden voor een lid van een ouderenbond € 3,84 3.3 Bijdrage per inwoner per jaar Afgerond wordt uitgegaan van 24.000 inwoners. Maatschappelijke dienstverlening en zorg Sensoor v/h Tel. hulpdienst Zuidoost-Brabant €0.0075 (= € 180) Buro Slachtofferhulp Brabant Zuid-oost €0.135 (= € 3.240) Overige instellingen op het terrein van maatschappelijke dienstverlening en zorg ontvangen, binnen het door de Raad vastgestelde subsidieplafond, een bijdrage die nader door het College wordt bepaald. 3.4 Wijziging normbedragen De normbedragen genoemd in paragraaf 3.1, 3.2 en 3.3 worden eenmaal per vier jaar herzien en voor het eerst in 2012, ingaande per
  2. Deze bedragen worden niet jaarlijks geïndexeerd. Hoofdstuk4 Deskundigheidsbevordering 4.1 Algemeen In deze beleidsregel wordt verstaan onder deskundigheidsbevordering: Het scheppen van mogelijkheden om kennis en vaardigheden op te doen door vrijwilligers en bestuursleden, verbonden aan instellingen op gebied van welzijn en sport, welke zijn afgestemd op de taak van de betreffende personen binnen de instelling. Dit met uitzondering van clinics en cursussen welke aangemerkt zouden kunnen worden als beroepsopleiding of welke kunnen leiden tot een betaalde functie. Uitgangspunt daarbij is dat slechts die faciliteiten worden vergoed, die noodzakelijk zijn om een bepaald vereist minimumniveau aan deskundigheid bij een instelling te waarborgen. 4.2 Criteria voor verstrekking/voorwaarden Voor toekenning van een subsidie voor deskundigheidsbevordering komen slechts instellingen in aanmerking die reeds een welzijnssubsidie van de gemeente Nuenen c.a. ontvangen. Ingeval subsidie wordt verleend, dienen betrokkenen ook daadwerkelijk deel te nemen aan het geheel van de geplande cursus. 4.3 De aanvraag Schriftelijke aanvragen voor subsidie dienen uiterlijk twee maanden voor aanvang van de cursus bij het College te zijn ingediend. Bij de aanvraag dient schriftelijke informatie van de cursusgever te zijn toegevoegd. 4.4 Hoogte van de subsidie Voor subsidiëring komen in aanmerking de volgende uitgaven: 100% van de kosten van de cursus sec; 100% van de kosten van de voor de cursus voorgeschreven boeken of ander lesmateriaal. Kosten van reizen, consumpties, maaltijden, overnachtingen e.d. komen niet voor subsidiëring in aanmerking. De totale subsidie (1+2) is maximaal €1135 per instelling per jaar. 4.5 Verantwoording Binnen drie maanden na afloop van de cursus waarvoor subsidie werd toegezegd, verstrekt de betreffende instelling aan het College: een gewaarmerkte verklaring van de cursusleiding, dat betrokkene daadwerkelijk aan het geheel van de cursus heeft deelgenomen; een overzicht van de werkelijke gemaakte kosten vergezeld van betalingsbewijzen. Hoofdstuk5 Incidentele subsidies voor projecten welzijnsbeleid en culturele/recreatieve activiteiten. 5.1 Algemeen Onder project wordt verstaan: Een tijdelijke samenwerkingsverband van instellingen, dat vernieuwing ten doel heeft en een voor evaluatie geschikte opzet kent, Een activiteit met een experimenteel karakter op het terrein van welzijn die tot doel heeft te vernieuwen. Onder culturele of recreatieve activiteit wordt verstaan: Voorstellingen op het terrein van toneel, muziek, dans, mime, film en andere audiovisuele middelen; literaire manifestaties; tentoonstellingen op het terrein van beeldende kunst en vormgeving; activiteiten die tot doel hebben aandacht te vragen voor zaken van historische waarde of welke beogen plaatselijke tradities in stand te houden; activiteiten die een duidelijk recreatief karakter dragen en van betekenis zijn voor de gemeente; 5.2 Projectsubsidie Voor subsidiëring komen in aanmerking de volgende kosten: personeelskosten, verbonden aan de uitvoering van het project; de daarmee samenhangende apparaatskosten en reiskosten; kosten van bijscholing en kadertrainingen; kosten van voorlichting; kosten van evaluatie en verslaglegging. 5.3 Subsidie culturele en recreatieve activiteiten Subsidie kan door het bestuursorgaan, binnen het door de Raad voor dat jaar vastgestelde subsidieplafond worden verstrekt aan instellingen ten behoeve van: incidentele, experimentele activiteiten; nieuwe activiteiten, die in opzet een permanent karakter dragen, maar waarvan de levensvatbaarheid in de praktijk nog moet worden bewezen; De onder 1, en
  3. genoemde activiteiten dienen openbaar toegankelijk te zijn voor (een bepaald deel van) de Nuenense bevolking. 5.4 De aanvraag De schriftelijke aanvraag dient uiterlijk twee maanden voor de start van het project of het tijdstip waarop de activiteit plaatsvindt bij het College te zijn ingediend. Een aanvraag voor een projectsubsidie dient voorzien te zijn van een begroting en een activiteitenplan. In het activiteitenplan dient een onderscheid te worden gemaakt tussen de opzetfase/uitwerkingsfase en de integratiefase. Het College beoordeelt de aanvraag aan de hand van de begroting/subsidieplafond en het activiteitenplan. Aanvragen voor een subsidie voor culturele en recreatieve activiteiten dienen voorzien te zijn van een activiteitenplan en een begroting. Aangegeven moet worden in hoeverre de instelling heeft getracht middelen te verkrijgen van derden. 5.4.1 Criteria voor verstrekking De beoordeling van de aanvragen voor projecten doet het College op grond van de volgende criteria: Om voor subsidiëring in aanmerking te komen dienen de projecten te passen binnen de gemeentelijke speerpunten van beleid; Bij de verdeling van beschikbare middelen moet er sprake zijn van een evenwichtige verdeling van de te honoreren projecten over de verschillende sectoren van het welzijndsbeleid; Alleen projecten van rechtspersonen komen in aanmerking voor subsidie; Projecten dienen overdraagbaar te zijn; Projecten dienen gekenmerkt te worden door een in opzet en tijd duidelijk afgebakend geheel aan activiteiten; Projecten gaan bij voorkeur uit van een integrale werkwijze. Niet voor subsidiëring komen in aanmerking projecten die: reeds eerder door de gemeente zijn gesubsidieerd, tenzij in het verleden een meerjarige ondersteuning is toegezegd; reeds anderszins, geheel of gedeeltelijk door de gemeente worden gesubsidieerd; door de activiteiten verplichtingen aangaan die de looptijd van het project overschrijden, tenzij de financiering (buiten de gemeente) ervan op voorhand is zekergesteld. De beoordeling van de aanvragen voor culturele en recreatieve projecten doet het College op grond van de volgende criteria: Alleen activiteiten van rechtspersonen komen in aanmerking voor subsidie. Een subsidie kan maximaal €1.250 bedragen en is nooit hoger dan het werkelijke exploitatietekort waarbij kosten in de consumptieve sfeer buiten beschouwing worden gelaten. 5.5 Verantwoording en subsidievaststelling. Binnen twee maanden na afloop van het project of de activiteit dient de instelling bij het College een verantwoording in, waarin in elk geval is opgenomen: Een exploitatieoverzicht. Een inhoudelijk verslag van de activiteit waarin onder andere bezoekersaantallen e.d. zijn opgenomen. Een inhoudelijke verslag van het project waarin aangegeven wordt in hoeverre de vooraf in het projectplan opgenomen doelen zijn bereikt. Binnen twee maanden na ontvangst van de verantwoording zal het College de subsidie vaststellen. Hoofdstuk6Inwerkingtreding 6.1 Inwerkingtreding Deze beleidsregels treden in werking met ingang van 1 juli
  4. Deze beleidsregels zijn niet van toepassing op subsidiebesluiten die betrekking hebben op het tijdvak vóór 1 juli
  5. Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels subsidiebeleid Welzijn gemeente Nuenen c.a. 2008, voor waarderingsbijdragen”.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.