← Nederland

Verordening op de Wet geurhinder en veehouderij gemeente Súdwest-Fryslân (Súdwest-Fryslân)

Verordening op de Wet geurhinder en veehouderij gemeente Súdwest-Fryslân De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 6 november 2012; gelet op artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij; overwegende dat met het vaststellen van de verordening op grond van artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij verkorte afstanden van veehouderijbedrijven ten opzichte van geurgevoelige objecten wordt vastgelegd; dat hiermee de rechtszekerheid bij veehouderijbedrijven die een knelpunt vormen vergroot wordt zodat zij binnen wettelijke kaders in stand kunnen blijven; dat bestaande situaties van veehouderijbedrijven zo worden behoed voor economische beperkingen door gewijzigde regelgeving; dat door het vastleggen van de geurcirkels van geurgevoelige objecten naar dierverblijfplaatsen er voor burgers duidelijkheid ontstaat over de ruimte die veehouderijbedrijven krijgen voor ontwikkeling; b e s l u i t: vast te stellen de Verordening op de Wet geurhinder en veehouderij gemeente Súdwest-Fryslân Artikel1Begripsomschrijving - De wet: De Wet geurhinder en veehouderij, - Bebouwde kom: Een gebied van bebouwing, met overwegend een woon- en verblijffunctie, die aaneengesloten is gebouwd of ten opzichte van elkaar op beperkte afstand over enige oppervlakte is verspreid, zodat van een min of meer op zichzelf staande gemeenschap van enige betekenis kan worden gesproken. - Veehouderij: een inrichting die tot een krachtens artikel 1.1, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aangewezen categorie behoort en is bestemd voor het fokken, mesten, houden, verhandelen, verladen of wegen van dieren. - Dierenverblijf: een al dan niet overdekte ruimte waarbinnen dieren worden gehouden. Voor de overige van toepassing zijnde begripsbepalingen wordt aansluiting gezocht bij de begripsbepalingen die zijn genoemd in de Wet Geurhinder en Veehouderij. Artikel2Aanwijzing gebieden Als gebied als bedoeld in artikel 6 van de Wet worden aangewezen die gebieden die zijn aangegeven op de bij deze verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte situatietekeningen met bijbehorende inventarisatielijst. Artikel3Voorschriften Voor de adressen die opgenomen zijn in de inventarisatielijst en op de situatietekeningen zoals genoemd in artikel 2, geldt dat de afstand tussen de veehouderij waar dieren worden gehouden van een diercategorie waarvoor bij ministeriële regeling geen geuremissiefactor is vastgesteld de afstand tot een geurgevoelig object minimaal moet bedragen: A. ten minste 50 meter binnen en tot de bebouwde kom. B. ten minste 25 meter buiten de bebouwde kom. Artikel4Intrekking De volgende verordeningen worden ingetrokken: - de verordening op de Wet geurhinder en veehouderij van gemeente Wûnseradiel; - de Verordening geurhinder en veehouderij Bolsward 2007; - de verordening op de Wet geurhinder en veehouderij van gemeente Wymbritseradiel - de Geurverordening gemeente Nijefurd 2009. Artikel5Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2013. Artikel6Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de Wet geurhinder en veehouderij gemeente Súdwest-Fryslân. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 24 januari 2013 drs. H.H. Apotheker, voorzitter G.W. Stegenga, wnd. griffier

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.