Verordening studiefaciliteiten aan ambtenaren in dienst der gemeenteDe raad van de gemeente Ferwerderadiel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders dd. 2 oktober 2001, nr. 7/90.01; gelet op de Algemene wet bestuursrecht; besluit: Artikel1 Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: a. ambtenaar: degene op wie het algemeen ambtenarenreglement van toepassing is; b. volledige betrekking: een betrekking waarvan de arbeidsduur gemiddeld 38 uur per week bedraagt; c. werkdag: de krachtens artikel D 1 van het algemeen ambtenarenreglement voor de betrekking van de ambtenaar per dag vastgestelde -al of niet gelijke- arbeidsperiode; d. woongebied: een door burgemeester en wethouders aan te wijzen gebied aansluitend aan het grondgebied van de gemeente. Artikel2 De burgemeester en wethouders kunnen, indien en voor zover het belang van de dienst zulks toelaat, aan een ambtenaar op diens aanvraag één of meer van de in de volgende artikelen omschreven studiefaciliteiten toekennen, indien: met de studie een gemeentelijk belang wordt gediend; en de opleiding door de burgemeester en wethouders deugdelijk wordt geoordeeld; de opleiding is vermeld in het door burgemeester en wethouders vast te stellen opleidingsplan. Een gemeentelijk belang wordt gediend door: opleidingen aan een bestuursschool; opleidingen, gericht op het terrein waarop de ambtenaar in zijn huidige functie werkzaam is; opleidingen, die niet direct betrekking hebben op de tegenwoordige functie van de ambtenaar, maar gericht zijn op een functie, waarvoor de ambtenaar op een later tijdstip in aanmerking kan komen; andere door de burgemeester en wethouders aan te wijzen opleidingen. Burgemeester en wethouders kunnen van het opleidingsplan afwijken ten gunste van nieuw in dienst tredende ambtenaren die reeds een studie volgen die niet in het opleidingsplan is vermeld, of ambtenaren die zich willen specialiseren in hun vakgebied of een studie willen volgen voor een ander vakgebied. Artikel3 Alvorens studiefaciliteiten te verlenen kunnen burgemeester en wethouders -al dan niet op verzoek van de ambtenaar- een gericht studieadvies inwinnen. In bijzondere gevallen kunnen burgemeester en wethouders in overleg met de ambtenaar een psychologisch onderzoek doen instellen. Artikel4 De studiefaciliteiten worden verleend voor een door burgemeester en wet-houders bij de verlening te bepalen termijn, die wordt afgeleid van de normaal te achten duur van de studie. Burgemeester en wethouders kunnen de in het vorige lid bedoelde termijn met één jaar verlengen, welke termijn in bijzondere gevallen nogmaals kan worden verlengd. De in de voorgaande leden bedoelde termijnen worden geacht in elk geval te zijn verstreken op de datum waarop het dienstverband van de ambtenaar met de gemeente eindigt. Artikel5 Indien burgemeester en wethouders op grond van door hen ingewonnen inlichtin-gen van oordeel zijn, dat de ambtenaar niet regelmatig of niet voldoende studeert, waardoor hij niet in staat kan worden geacht zijn studie binnen de termijn als bedoeld in artikel 4 te volbrengen, zijn zij bevoegd de verleende studiefaciliteiten -al dan niet tijdelijk- in te trekken. Artikel6 De ambtenaar, aan wie studiefaciliteiten zijn toegekend, is verplicht zich na het verstrijken van de in artikel 4 bedoelde termijn aan het eerstvolgende voor zijn studie geldende examen te onderwerpen en de uitslag daarvan aan burgemeester en wet-houders mede te delen, tenzij zulks op grond van persoonlijke omstandigheden niet kan worden verlangd. Studiekosten Artikel7 De door een ambtenaar met een volledige betrekking naar het oordeel van burgemeester en wethouders redelijk gemaakte studiekosten worden vergoed tot een percentage van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.