VERORDENING AFVALSTOFFENHEFFING 2014 De raad van de gemeente Bussum; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van Bussum d.d. 8 oktober 2013, nummer RV2013.073; gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer; b e s l u i t : vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing
- Begripsomschrijving Artikel1 Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder “gebruik maken”: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer. Aard van de belasting Artikel2 1.Onder de naam ‘afvalstoffenheffing’ wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. 2.De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening wordt geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Belastbaar feit en belastingplicht Artikel3 De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Maatstaf van heffing en belastingtarief Artikel4 De belasting bedraagt per belastingjaar, per perceel: indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door één persoon € 166,92; indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht wordt gebruikt door twee of meer personen € 262,
- Belastingjaar Artikel5 Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Wijze van heffing Artikel6 De belasting wordt geheven door middel van een aanslag. Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang Artikel7 De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander perceel gebruik maakt. Termijnen van betaling Artikel8 De aanslagen moeten worden betaald uiterlijk zes weken na de dagtekening van het aanslagbiljet. In afwijking van het eerste lid, geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 80,-- doch minder is dan € 3.000,-- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. Eventuele afrondingsverschillen moeten in de laatste termijn worden betaald. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden genoemde termijnen. Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Artikel9 Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de afvalstoffenheffing. Overgangsrecht Artikel10 De ‘Verordening afvalstoffenheffing 2012’ van 8 november 2011 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 11, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Inwerkingtreding Artikel11 Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Citeertitel Artikel12 Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening afvalstoffenheffing 2014’. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bussum, gehouden op 12 november
- de griffier, de voorzitter,