← Nederland

VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN MARKTGELDEN 2014 (Brunssum)

VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN MARKTGELDEN 2014De Raad der Gemeente Brunssum; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 12 november 2013, dienst/afdeling Backoffice/administratie, nr. 450224; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de: ‘VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN MARKTGELDEN 2014’ (Verordening marktgelden 2014) Artikel1Begripsomschrijvingen 1.Onder marktterreinen worden verstaan de pleinen, straten en wegen, welke voor het houden van markten zijn aangewezen. 2.Onder standplaats wordt verstaan een voor één marktdag toegewezen plaats op een marktterrein. 3.Onder vaste standplaats wordt verstaan een permanent (tot wederopzegging) toegewezen plaats op een marktterrein. 4.Ter berekening van de ingenomen oppervlakte (in m²) wordt in aanmerking genomen de oppervlakte die in gebruik is: voor het uitstallen van goederen; als loopgang/ruimte; als opslagruimte voor goederen en emballage; voor voertuigen van waaruit rechtstreeks wordt verkocht en/of mede als opslagruimte dienen. Niet meegerekend wordt de oppervlakte onder overkappingen en luifels, welke bestemd is voor en gebruikt wordt door het publiek. Ter bepaling van de oppervlakte wordt een gedeelte van een m² gerekend voor een gehele m². Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden onder de naam ‘marktgelden’ rechten geheven ter zake van het innemen van (vaste) standplaats op marktterreinen, gedurende de tijden voor de markten bestemd, alsmede voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met het houden van markten. Artikel3Belastingplicht Het marktgeld wordt geheven van degene, aan wie een (vaste) standplaats op de markt is toegewezen dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht. Artikel4Maatstaf van heffing De heffingsmaatstaf voor de berekening van het marktgeld is de oppervlakte van de ingenomen (vaste) standplaats. Artikel5Tarieven 2013 2014 Het marktgeld bedraagt, voor de markt "Centrum", per m²:

  1. voor vaste standplaatsen, per belastingtijdvak met een minimum van € 20,55 € 80,45 € 21,00 € 82,25
  2. voor standplaatsen, per marktdag met een minimum van € 1,25 € 7,00 € 1,30 € 7,15
  3. voor het incidenteel innemen bij vaste standplaatsen van een grotere oppervlakte dan die, welke daarvoor is vastgesteld, per marktdag voor het meerdere € 1,25 € 1,30 Het marktgeld bedraagt, voor de markt "Treebeek", per m²:
  4. voor vaste standplaatsen, per belastingtijdvak met een minimum van € 12,20 € 50,55 € 12,45 € 51,70
  5. voor standplaatsen, per marktdag met een minimum van € 0,90 € 5,20 € 0,95 € 5,30
  6. voor het incidenteel innemen bij vaste standplaatsen van een grotere oppervlakte dan die, welke daarvoor is vastgesteld, per marktdag voor het meerdere € 0,90 € 0,95 Voor vaste standplaatsen worden voor het voeren van reclame- en promotieactiviteiten ten behoeve van de respectievelijke warenmarkten de onder lid a, sub 1, alsmede lid b, sub 1 genoemde bedragen verhoogd met € 55,70 per belastingtijdvak, ongeacht de ingenomen oppervlakte. Per standplaats wordt per marktdag een vergoeding voor elektriciteitskosten van € 2,40 inclusief BTW in rekening gebracht. Artikel6Wijze van heffing 1.Het marktgeld voor vaste standplaatsen als bedoeld in artikel 5, lid a, sub 1 en lid b, sub 1, alsmede lid c wordt geheven bij wege van aanslag. 2.Het marktgeld voor standplaatsen en voor de bij vaste standplaatsen incidenteel ingenomen grotere oppervlakte, als bedoeld in artikel 5, lid a, onder 2 en 3 en lid b, onder 2 en 3, wordt geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving, nota of andere schriftuur, waarin het verschuldigde bedrag is vermeld. 3.De in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar stelt de modellen van de in lid 2 bedoelde bescheiden vast. Artikel7Tijdstip van betaling 1.De aanslagen betreffende de vaste standplaatsen zijn invorderbaar in één termijn, welke vervalt aan het einde van de tweede maand na dagtekening van het aanslagbiljet. 2.Het marktgeld voor standplaatsen en voor de bij vaste standplaatsen incidenteel ingenomen grotere oppervlakte wordt verschuldigd en moet worden betaald op het tijdstip, waarop de standplaats c.q. de grotere oppervlakte wordt ingenomen. Artikel8Belastingtijdvak Het belastingtijdvak voor het marktgeld als bedoeld in artikel 5, lid a, sub 1 en lid b, sub 1, alsmede lid c, is een half jaar. Artikel9Aanvang en einde belastingplicht voor vaste standplaatsen in de loop van het belastingtijdvak 1.De belastingplicht in het belastingtijdvak vangt aan met ingang van de eerste dag van de maand, volgende op die, waarin de vaste standplaats is toegewezen. 2.De belastingplicht in het belastingtijdvak eindigt met ingang van de eerste dag van de maand, volgende op die, waarin geen vaste standplaats meer wordt ingenomen. Artikel10Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de marktgelden. Artikel11Overgangsrecht De ‘Verordening op de heffing en invordering van marktgelden 2013’ van 6 november 2012 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich vóór die datum hebben voorgedaan. Artikel12Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  7. 3.In afwijking van het in de voorgaande leden bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt ná 1 januari 2014, de ingetrokken verordening geldt voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten, waarvan de heffing van de rechten in die periode plaatsvindt. Artikel13Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening marktgelden 2014’. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad 10 december 2013De voorzitter, De griffier,

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.