← Nederland

Destructieverordening Maasbree 2007 (Maasbree)

Destructieverordening Maasbree 2007DE RAAD VAN DE GEMEENTE MAASBREE, Gelet op de artikelen 147 en 149 Gemeentewet, Gelet op artikel 17 Destructiewet, Gelezen het voorstel van het college van 14 november 2006, Gezien de behandeling van het voorstel in de voorbereidende raadsvergadering van 28 november 2006, B E S L U I T : vast te stellen de volgende verordening: Destructieverordening Maasbree 2007 Artikel1- Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: wet: de Destructiewet; destructiemateriaal: dode honden, dode katten en het krachtens artikel 2, tweede lid, van de wet aangewezen dierlijk afval; aangifteplichtige: degene die als houder of eigenaar van destructiemateriaal ingevolge de wet verplicht is daarvan aangifte te doen. Artikel2- Verzamelplaatsen Het college van burgemeester en wethouders wijst één of meer verzamelplaatsen aan, waar het destructiemateriaal in ontvangst wordt genomen. Artikel3- Vervoer en aangifte destructiemateriaal De aangifteplichtige is gehouden uiterlijk op de eerste werkdag, die volgt op de dag waarop het destructiemateriaal is ontstaan, het materiaal te vervoeren naar de naastbijgelegen verzamelplaats en het daar aan te geven en af te staan. Artikel4- Bewaren destructiemateriaal Tot het tijdstip van afgifte is de aangifteplichtige gehouden het destructiemateriaal zodanig te bewaren dat vermenging met ander materiaal wordt voorkomen. Artikel5- Toepasselijkheid Destructiebesluit Het in de artikelen 3 en 4 bepaalde geldt niet voor zover artikel 6 van het Destructiebesluit van toepassing is. Artikel6- Inwerkingtreding 1De “Destructieverordening”, welke bij raadsbesluit van 29 augustus 2006 is vastgesteld, wordt ingetrokken. 2Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2007. Artikel7- Aanhalingstitel Deze verordening kan worden aangehaald als “Destructieverordening Maasbree 2007.” Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Maasbree op 12 december 2006 De griffiermr. M.P.N.M. Heijnens-CoenjaertsDe voorzitterG.C.G.M. RabelinkARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING Artikel 1De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kan op grond van artikel 2, tweede lid, van de Destructiewet categorieën van dierlijk afval aanwijzen als hoog-risico-materiaal. De minister kan daarbij bepalen dat artikel 17 van de Destructiewet op deze categorieën van toepassing is. Dit houdt in dat dan ten aanzien van deze categorieën van dierlijk afval bij gemeentelijke verordening regels gesteld moeten worden omtrent o.a. bewaring, vervoer en aangifte. Het gaat hierbij - op dit moment - om vogels die zijn gestorven aan botulisme (en om kadavers van dieren in dierentuinen, die uit het oogpunt van volksgezondheid gevaarlijk kunnen zijn). Artikelen 2 en 3Omdat de wet hier geen nadere bepalingen over bevat, zijn burgemeester en wethouders vrij in het aanwijzen van verzamelplaatsen. Eén van de mogelijke verzamelplaatsen is de gemeentewerf. Op de werf moet dan een ton met koeling o.i.d. aanwezig zijn voor het verzamelen van dode honden en katten. Andere verzamelplaatsen kunnen zijn dierenartsen en dierenambulance-organisaties. Na vaststelling van de verordening zullen door burgemeester en wethouders concrete verzamelplaatsen worden aangewezen. Artikel 4Bij deze andere materialen kan gedacht worden aan halsbanden en kleden. Artikel 5Indien dode honden en dode katten: worden begraven op het terrein van de eigenaar of houder; op een plaats die ingevolge een besluit van het gemeentebestuur voor dit doel is toegelaten; of worden verast in een crematorium, behoeven deze niet te worden afgestaan aan de destructor/ondernemer.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.