← Nederland

Besluit Wmo gemeente Oisterwijk 2014 (Oisterwijk)

Besluit Wmo gemeente Oisterwijk 2014Burgemeester en wethouders van de gemeente Oisterwijk; Overwegen dat het wenselijk is regels op te stellen met betrekking tot de voorzieningen op het gebied van maatschappelijke ondersteuning. Deze regels zijn vastgelegd in het Besluit Wmo gemeente Oisterwijk

  1. Gelet op de “Verordening Wmo gemeente Oisterwijk 2013”; Besluiten: - Akkoord te gaan met het toepassen van een prijsindexering van 1,5%. - Akkoord te gaan met indexering van het uurtarief alfahulpen 2014 en uitvoeringskosten door 18k van 2%. - Het besluit Wmo gemeente Oisterwijk 2014 behorende bij de Verordening Wmo gemeente Oisterwijk 2013 vast te stellen. - Het Besluit Wmo gemeente Oisterwijk 2013 behorende bij de Verordening Wmo gemeente Oisterwijk 2013 in te trekken. Burgemeester en wethouders van Oisterwijk de secretaris, de burgemeester, Hoofdstuk1- Algemene bepalingen Artikel 1.1 - Begripsbepalingen Artikel 1.2 – Bevoegdheid college Hoofdstuk2– Vormen van individuele voorzieningen Artikel 2.1 – Beperking keuzevrijheid Artikel 2.2 – Voorziening in natura: leveranciers Artikel 2.3 – Voorziening anders dan in natura Artikel 2.4 – Voorwaarden Pgb Artikel 2.5 – Financiële vergoeding voor alfahulp Artikel 2.6 – Financiële tegemoetkoming Artikel 2.7 – Eigen bijdrage Artikel 2.8 – Eigen aandeel Hoofdstuk3– Hulp bij het huishouden Artikel 3.1 – Keuzevrijheid Artikel 3.2 – Voorziening in natura Hoofdstuk4– Woonvoorzieningen Artikel 4.1 – Vormen van woonvoorzieningen Artikel 4.2 - Primaat van verhuizen Artikel 4.3 – Bezoekbaar maken woning Artikel 4.4 – Woonvoorziening en andere voorzieningen Artikel 4.5 – Voorziening voor huurderving Artikel 4.6 – Tegemoetkoming verhuis- en herinrichtingskosten Artikel 4.7 – Gemeenschappelijke ruimte Artikel 4.8 – Woonvoorzieningen zelf realiseerbaar Hoofdstuk5– Vervoersvoorzieningen Artikel 5.1 – Vormen van vervoersvoorzieningen Artikel 5.2 – Autoaanpassing Hoofdstuk6– Verplaatsen in en rond de woning Artikel 6.1 – Verplaatsingsvoorzieningen Hoofdstuk7– Het verkrijgen van een voorziening Artikel 7.1 – Aanvraag Artikel 7.2 – Inlichtingen en onderzoek Artikel 7.3 – Wijzigingen in situatie Artikel 7.4 – Heronderzoek Hoofdstuk8– Slotbepalingen Artikel 8.1 – Evaluatie Artikel 8.2 – Indexering Artikel 8.3 - Inwerkingtreding Artikel 8.4 - Citeertitel Hoofdstuk1- Algemene bepalingen Artikel1.1– Begripsbepalingen Lid
  2. De begripsomschrijvingen uit de Verordening Wmo gemeente Oisterwijk 2013 zijn van toepassing. Lid
  3. In dit besluit wordt verstaan onder: Verordening: de Verordening Wmo gemeente Oisterwijk
  4. Verzamelinkomen: zoals bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting
  5. Belast loon: zoals bedoeld in artikel 9 van de Wet op de Loonbelasting
  6. Peiljaar: het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het jaar waarin aan een persoon maatschappelijke ondersteuning is verleend. Artikel1.2– Bevoegdheid college Het college stelt in dit Besluit Wmo gemeente Oisterwijk 2014 regels, werkwijzen en bedragen vast in aanvulling op het bepaalde in de Verordening Wmo gemeente Oisterwijk
  7. Hoofdstuk2– Vormen van individuele voorzieningen Artikel2.1– Beperking keuzevrijheid Het college merkt in ieder geval de financiële situatie waardoor de aanvrager niet over het Pgb zou kunnen beschikken (bijvoorbeeld schulden, beslag op tegoeden en dergelijke), aan als overwegende bezwaren op grond waarvan geen Pgb wordt toegekend in de zin van artikel 6 Wmo. Bij twijfel mag het college een Pgb weigeren en in plaats daarvan een voorziening in natura verstrekken. Artikel2.2– Voorziening in natura: leveranciers Voor voorzieningen in natura wordt gewerkt met een kernassortiment. Dit is het assortiment dat is aanbesteed door de gemeente Oisterwijk. Voor de verstrekking van woonvoorzieningen en verplaatsingsvoorzieningen (rolstoelen en andere middelen) in natura zijn door het college gecontracteerd: Harting Bank (hulpmiddelen, scootmobielen, rolstoelen). Voor de verstrekking van hulp bij het huishouden in natura zijn door het college, middels een aanbesteding, de volgende leveranciers gecontracteerd: HBH 1 € 20,30 -Actief Zorg -Nuevo B.V. -Thebe -Thuiszorg Service Nederland -Tzorg HBH 2 € 25,00 -Actief Zorg -Nuevo B.V. -Thebe -Thuiszorg Service Nederland -Tzorg HBH 3 Thebe € 31,00 Artikel2.3– Voorziening anders dan in natura In de verordening is geregeld voor welke voorzieningen een Pgb kan worden verstrekt. 1.Bij verstrekking van een Pgb voor hulpmiddelen is de aanvrager vrij om te kiezen voor een leverancier. Het college bepaalt de hoogte van het Pgb door het opvragen van een koopofferte van de gecontracteerde hulpmiddelenleverancier (Harting Bank) inclusief een bedrag voor onderhoud en reparatie. Eventuele kortingpercentages worden in het Pgb verrekend. Bij de aanvraag van een Pgb voor een traplift wordt door het college een koopofferte opgevraagd. De hoogte van het Pgb wordt gebaseerd op de koopofferte (inclusief eventuele kortingspercentages) inclusief een bedrag voor onderhoud en reparatie. Het kan om een nieuwe voorziening gaan, maar ook om een voorziening uit depot. 2.De omvang van het Pgb is de tegenwaarde van de in de betreffende situatie goedkoopst compenserende voorziening in natura. 3.Jaarlijks wordt - wanneer van toepassing - een bedrag uitbetaald voor onderhoud, reparatie, WA-verzekering en keuring (bijvoorbeeld bij een scootmobiel of fietsvoorziening) voor de verwachte levensduur van de voorziening die als Pgb verstrekt is. De hoogte van het bedrag wordt middels de koopofferte vastgesteld. 4.Het Pgb voor hulp bij het huishouden wordt in dertien perioden van vier weken uitbetaald. 5.Voor bepaling van de hoogte van het Pgb voor hulp bij het huishouden geldt dat er onderscheid gemaakt wordt tussen formele en informele zorg. 6.Bij formele zorg geldt een marktconform tarief van € 20,30 (HbH1) en € 25,00 (HbH2). 7.Bij informele zorg wordt aangesloten bij het minimumloon en bedraagt het uurtarief € 13,
  8. 8.De hoogte van het Pgb wordt vastgesteld door de indicatie in uren en minuten te vermenigvuldigen met het toepasselijke uurtarief. De hulp bij het huishouden wordt geïndiceerd in uren en minuten per week. Het Pgb voor woonvoorzieningen (niet-bouwkundige en niet-woontechnische woonvoorzieningen), vervoers- en verplaatsingsvoorzieningen (rolstoelen, fietsvoorzieningen e.d.) wordt in één keer verstrekt. Artikel2.4– Voorwaarden Pgb De volgende voorwaarden worden gesteld aan een Pgb: Het te verstrekken Pgb geldt voor de periode die gelijk is aan de technische levensduur van de voorziening (afschrijftermijn van 7 jaar); Het te verstrekken Pgb is inclusief de standaardaanpassingen en een bedrag voor de kosten van onderhoud, reparatie en WA-verzekering; Wanneer een goedkopere voorziening wordt aangeschaft, wordt het Pgb beperkt tot aankoopprijs van de gekochte voorziening; De aanvrager dient zorgvuldig met de voorziening om te gaan en onnodige schade en slijtage te voorkomen; Bij toe- of afname van de beperkingen, moet de aanvrager zich melden bij de gemeente voor een eventueel vervangend middel. Het college kan het Pgb intrekken op het moment dat de aanvrager niet voldoet aan de voorwaarden. g.Wanneer een voorziening als Pgb is verstrekt en de voorziening niet meer wordt gebruikt door b.v. verhuizing buiten de gemeente of overlijden, dient belanghebbende of de nabestaande(n) binnen een termijn van maximaal 8 weken de restwaarde van de voorziening aan de gemeente terug te betalen. De restwaarde van de nieuwwaarde van de voorziening wordt berekend volgens onderstaande systematiek; 0 - < 1 jaar: 70% 1 - < 2 jaar: 60% 2 - < 3 jaar: 45% 3 - < 4 jaar: 35% 4 - < 5 jaar: 25% 5 - < 6 jaar: 15% 6 - < 7 jaar: 5%. h.Wanneer belanghebbende met een Pgb voorziening, deze voorziening binnen de afschrijvingstermijn van 7 jaar niet meer gebruikt omdat deze niet meer adequaat is, wordt de restwaarde van de voorziening verrekend met een eventueel nieuw toe te kennen Pgb. De restwaarde van de voorziening wordt berekend volgens de afschrijvingsmethodiek zoals verwoord onder punt g. i.Wanneer een Pgb wordt besteed aan een algemene voorziening, dan moet het Pgb worden terugbetaald. j.Het Pgb voor hulp bij het huishouden wordt uitgekeerd nadat er een ingevulde en ondertekende zorgovereenkomst is ingeleverd. VerantwoordingsarmPgb Hulp bij het huishouden: steekproefsgewijs vindt een klanttevredenheidsonderzoek plaats. Eenmaal per jaar wordt een aselecte steekproef genomen en deze Pgb-houders worden benaderd om te toetsen of de verstrekte voorziening voldoet. Vervoersvoorzieningen, rolstoelenen woonvoorzieningen: omdat een Pgb wordt vastgesteld op basis van koopofferte (tegenwaarde van de natura voorziening) van de gecontracteerde hulpmiddelenleverancier hoeft een aanvrager geen bewijs van aanschaf van de voorziening te overleggen. De gemeente kan steekproefsgewijs controleren of de voorziening voldoende compenseert en op de juiste wijze wordt gebruikt. Artikel2.5Financiële vergoeding voor alfahulp (alfacheque) De uurprijs van de alfacheque is € 13,
  9. De administratie en bemiddeling tussen aanvrager en alfahulp wordt door een externe organisatie

(18k)geregeld. Artikel2.6–Financiële tegemoetkoming Een financiële tegemoetkoming kan bestaan uit: een forfaitair bedrag: een gemaximeerd bedrag los van de werkelijke kosten; een bedrag vastgesteld op basis van de kostencalculatie van een extern adviseur dan wel door het college geaccepteerde offerte. Wanneer blijkt dat er sprake is van achterstallig onderhoud zullen de meerkosten die aanvrager maakt vanwege zijn/haar beperking vergoed worden. Kosten voor renovatie worden niet vergoed. Artikel2.7– Eigen bijdrage De in een kalenderjaar verschuldigde wettelijke eigen bijdrage bij toekenning van een Pgb of zorg in natura op grond van de Wmo bedraagt niet meer dan: voor een ongehuwde jonger dan 65 jaar: € 19,00 per vier weken. Wanneer het inkomen hoger is dan € 23.295,00 wordt het bedrag van € 19,00 verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen zijn inkomen en € 23.295,00; voor een ongehuwde van 65 jaar of ouder: € 19,00 per vier weken. Wanneer het inkomen hoger is dan € 16.456,00 wordt het bedrag van € 19,00 verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen zijn inkomen en € 16.456,00; voor gehuwden waarbij één partner jonger is dan 65 jaar of beiden jonger zijn dan 65 jaar: € 27,20 per vier weken. Wanneer hun gezamenlijke inkomen hoger is dan € 29.174,00 wordt het bedrag van € 27,20 verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen hun inkomen en € 29.174,00; voor gehuwden die 65 jaar of ouder zijn: € 27,20 per vier weken. Wanneer het gezamenlijke inkomen meer bedraagt dan € 22.957,00 wordt het bedrag van € 27,20 verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen inkomen en € 22.957,
  1. Vermogen in box 3: sinds 2013 telt bij de berekening van de eigen bijdrage een deel van het vermogen mee. Dit is wettelijk vastgesteld op 8% van de '"grondslag sparen en beleggen". Inning eigen bijdrage Bij de betaling van het Pgb kiest de gemeente Oisterwijk voor een bruto uitbetaling, dat wil zeggen zonder dat de eigen bijdrage wordt ingehouden. Voordat het Pgb wordt verstrekt, wordt aangegeven dat de aanvrager een eigen bijdrage over het Pgb zal moeten betalen. Het CAK is gemandateerd voor het opleggen en innen van de eigen bijdrage. Artikel2.8– Eigen aandeel Het college vraagt bij het verstrekken van een voorziening in de vorm van een financiële tegemoetkoming een eigen aandeel. Het eigen aandeel is het voor rekening van de aanvrager blijvende deel van de kosten van de voorziening. Een eigen aandeel wordt opgelegd voor woonvoorzieningen en de aanpassing van de eigen auto die in de vorm van een financiële tegemoetkoming worden verstrekt. Het eigen aandeel wordt berekend door de gemeente. Het CAK is gemandateerd voor het opleggen en innen van het eigen aandeel. Om het eigen aandeel te berekenen wordt het (verzamel-)inkomen van de klant opgevraagd. Dit wordt afgezet tegen het norminkomen (bedragen die het CAK ook hanteert: ex artikel 2.7, lid a t/m d). Van het verschil tussen verzamelinkomen en norminkomen wordt 15% genomen als eigen aandeel. Dit bedrag wordt over een aantal perioden van 4 weken geïnd door het CAK geïnd, afhankelijk van het soort voorziening. Wanneer en hoe lang een eigen bijdrage of eigen aandeel verschuldigd? Soort Wmo voorziening Soort bijdrage Periode §Voorziening voor een kind jonger dan 18 jaar Geen eigen bijdrage -- §Rolstoel of sportrolstoel Geen eigen bijdrage -- §Regiotaxipas Geen eigen bijdrage -- §Tegemoetkoming in de verhuis- en herinrichtingskosten Geen eigen bijdrage -- §Financiële tegemoetkoming gebruik eigen auto Geen eigen bijdrage -- Eigen bijdrage §Hulp bij het huishouden qin Pgb verstrekt (formele of informele hulp) qin natura verstrekt (door zorgaanbieder) eigen bijdrage eigen bijdrage zolang de voorziening gebruikt wordt. zolang de voorziening gebruikt wordt. §Hulpmiddel voor vervoer qin natura verstrekt qin Pgb verstrekt (bijv. scootmobiel, driewielfiets) eigen bijdrage eigen bijdrage -zolang de voorziening gebruikt wordt. -maximaal 91 perioden (7 jaar) §Aanpassing, reparatie of onderhoud van hulpmiddel qin natura verstrekt §Onderhoud, verzekering, reparatie van hulpmiddel qin Pgb verstrekt (bijv. scootmobiel, driewielfiets) eigen bijdrage eigen bijdrage zolang de voorziening gebruikt wordt. maximaal 91 perioden (7 jaar) §Roerende woonvoorziening (=los hulpmiddel) qin natura verstrekt qin Pgb verstrekt qin eigendom verstrekt (i.v.m. hygiëne) (bijv. douche- of toiletstoel, douchebrancard, toiletverhoger > € 120,00) eigen bijdrage maximaal 39 perioden (3 jaar). §Bouwkundige woningaanpassing aan een huurwoning qin natura verstrekt (bijv. traplift,plafond transport lift,douchezitje aan de muur) eigen bijdrage maximaal 39 perioden (3 jaar). §Bouwkundige woningaanpassing aan een woning in eigendom qin bruikleen verstrekt qin Pgb verstrekt (bijv. traplift,plafond transport lift,douchezitje aan de muur) eigen bijdrage -maximaal 39 perioden (3 jaar). -maximaal 39 perioden (3 jaar). §Bouwkundige woningaanpassing aan een woning in eigendom. qverstrekt in financiële tegemoetkoming voor (bijv. voor aanbouw, verbouwing douche) eigen aandeel maximaal 39 perioden (3 jaar) §Woningsanering i.vm. met acute longziekte of allergie. qverstrekt in financiële tegemoetkoming eigen aandeel maximaal 39 perioden (3 jaar) §Aanpassing van eigen auto qverstrekt in financiële tegemoetkoming eigen aandeel maximaal 91 perioden (7 jaar) Hoofdstuk3– Hulp bij het huishouden Artikel3.1– Keuzevrijheid De voorziening die de gemeente kan verstrekken voor de hulp bij het huishouden bestaat uit: in natura een persoonsgebonden budget financiële vergoeding voor alfahulp (alfacheque). Lid a. Aanvrager ontvangt de voorziening in de vorm van dienstverlening (huishoudelijke hulp), deze wordt geleverd door een gecontracteerde zorgaanbieder. Lid b. Een persoonsgebonden budget De aanvrager kan een Pgb ontvangen voor de inkoop van HbH1 en HbH
  2. Voor ondersteuning bij het beheer en administratie kan de Pgb-houder terecht bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB), de gemeente Oisterwijk heeft hiervoor een contract gesloten. Er worden gedifferentieerde tarieven gehanteerd, hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen formele en informele zorg. Het Pgb voor hulp bij het huishouden wordt in dertien perioden van vier weken verstrekt. Formele zorg: bedrijfsmatig verleende zorg door bedrijf of instelling dat/die beschikt over een inschrijving Kamer van Koophandel dan wel een VAR verklaring ondernemer kan overleggen. Alle overige zorg wordt beschouwd als informele zorg (familie, vrienden e.d.). Lid c. Financiële vergoeding voor alfahulp. Aanvrager ontvangt alfacheques in plaats van geld om de hulp in te kopen. De cheques worden vooraf aan aanvrager toegestuurd. De uurprijs van de alfacheque is € 13,65 De administratie en bemiddeling tussen aanvrager en alfahulp wordt door een externe organisatie (18K) geregeld. De gemeente heeft een verzekering voor wettelijke aansprakelijkheid afgesloten bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De kosten hiervoor worden door de gemeente betaald. \ Artikel3.2– Voorziening in natura Voor de voorziening in natura zijn verschillende zorgaanbieders gecontracteerd. De aanvrager kan kiezen uit de volgende aanbieders: Thebe, Actief Zorg, TSN, T-zorg, Nuevo. De tarieven staan vermeld in artikel 2.2, lid
  3. Hoofdstuk4– Woonvoorzieningen Artikel4.1– Vormen van woonvoorzieningen voorziening in natura voorziening in eigendom Pgb voor een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening financiële tegemoetkoming voor: bouwkundige of woontechnische woonvoorziening verhuis- en herinrichtingskosten onderhoud, keuring en reparatie van een woonvoorziening huurderving sanering van de woning i.v.m. plotseling optredende allergie Lid 3 a. - Financiële tegemoetkoming voor een bouwkundige of woontechnische woonvoorziening. Het college verstrekt een financiële tegemoetkoming aan woningeigenaren. De financiële tegemoetkoming wordt vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door de gemeente opgevraagde kostencalculatie dan wel de door het college geaccepteerde offerte. Het eigen aandeel kan hierop niet in mindering worden gebracht omdat dit door het CAK wordt geïnd. Lid 3 e. – Sanering van de woning. Bij woningsanering in verband met een plotseling optredende allergie, wordt een financiële tegemoetkoming met gemaximeerde bedragen verstrekt. De bedragen zijn ontleend aan de Prijzengids NIBUD 2013-
  4. Bij het bepalen van de financiële tegemoetkoming wordt rekening gehouden met afschrijving van de te vervangen gordijnen, vitrage en vloerbedekking in een periode van 8 jaar, op de volgende wijze: Leeftijd tot 2 jaar: vergoeding van 100% van het normbedrag Leeftijd tot 4 jaar: vergoeding van 75% van het normbedrag Leeftijd tot 6 jaar: vergoeding van 50% van het normbedrag Leeftijd tot 8 jaar: vergoeding van 25% van het normbedrag Ouder dan 8 jaar: geen vergoeding, omdat de artikelen zijn afgeschreven. Artikel4.2– Primaat van verhuizen Lid
  5. Verhuizen gaat voor aanpassen, is verhuizing niet mogelijk, dan wordt de woning aangepast. Lid
  6. Van het primaat van verhuizen als bedoeld in artikel 10 lid
  7. van de Verordening Wmo kan worden afgezien, wanneer de noodzakelijke aanpassingskosten lager zijn dan: € 5.560,00 als in de noodzakelijke aanpassingen geen traplift is begrepen; € 1.853,00 als in de noodzakelijke aanpassingen wel een traplift is begrepen. Lid
  8. de vergoeding voor verhuis- en herinrichtingskosten bedraagt voor de aanvrager € 2.648,00; Lid
  9. de redelijke periode omvat zes maanden zoektijd. Artikel4.3– Bezoekbaar maken woning Een woonvoorziening kan worden verstrekt aan de partner of ouder(s) van een persoon die geen hoofdverblijf heeft in de woning, wanneer de voorziening bedoeld is om één woning bezoekbaar te maken. Dit geldt wanneer de partner of het kind zijn hoofdverblijf heeft in een AWBZ-instelling. Bezoekbaar maken bestaat uit het toegankelijk en bruikbaar maken van de woonkamer en één toilet door de persoon met beperkingen. Voor het bezoekbaar maken van de woning wordt een maximum bedrag van € 3.707,00 toegekend aan de eigenaar van de woning. Wanneer de bezoekbaar te maken woning een huurwoning betreft, zal vooraf toestemming gevraagd moeten worden aan de eigenaar (verhuurder) en komt de financiële tegemoetkoming ook de eigenaar van de woning toe. Artikel4.4– Woonvoorziening en andere voorzieningen Lid
  10. De kosten worden volledig gedekt, daarom wordt een Pgb verstrekt in plaats van een financiële tegemoetkoming. Artikel4.5– Voorziening voor huurderving 1.Het bedrag dat wordt uitbetaald aan huurderving is nooit hoger dan de maximale huur voor de huurtoeslag (conform artikel 13, lid 1 Wet op de huurtoeslag). 2.De hoogte van de tegemoetkoming bedraagt maximaal het bedrag van de laatstgenoten huur van de desbetreffende woonruimte. 3.Deze voorziening wordt voor maximaal 6 maanden toegekend. Artikel4.6– Tegemoetkoming verhuis- en herinrichtingskosten De vergoeding voor verhuis- en herinrichtingskosten bedraagt: 1.voor degene, die ten behoeve van een aanvrager een woning vrijmaakt € 2.648,00; voorwaarde is dat de woning moet zijn aangepast voor meer dan € 5.560,
  11. Artikel4.7– Gemeenschappelijke ruimten Aanpassingen aan gemeenschappelijke ruimten betreffen uitsluitend entrees en portieken. De volgende aanpassingen kunnen worden gerealiseerd: het verbreden van toegangsdeuren; het aanbrengen van elektrische deuropeners; aanleg van een hellingbaan van de openbare weg naar de toegang van het gebouw, mits de woningen rolstoeltoegankelijk zijn; drempelhulpen of vlonders; het aanbrengen van een extra trapleuning bij een portiekwoning; het aanbrengen van een traplift. Er worden geen aanpassingen uitgevoerd als het een AWBZ instelling betreft. Artikel4.8– Woonvoorzieningen zelf realiseerbaar Het college verstrekt geen voorziening of tegemoetkoming voor voorzieningen waarvan de kosten lager zijn dan € 120,-. Het gaat hier om eenvoudige woonvoorzieningen die breed verkrijgbaar zijn en tegen relatief lage kosten te koop zijn (b.v. toiletverhoger, badplank, losse douche- of toiletstoel, beugels bij bad, douche of toilet) is gesteld op € 120,
  12. Tot dit bedrag achten wij aanvrager in staat om in de kosten te voorzien. Het college kan hiervan afwijken indien een aanvrager binnen één jaar meerdere voorzieningen nodig heeft en het cumulatieve bedrag, in de situatie van de aanvrager, tot een onredelijk resultaat leidt. Hoofdstuk5– Vervoersvoorzieningen Artikel5.1– Vormen van vervoersvoorzieningen een vervoersvoorziening in natura een vervoersvoorziening in eigendom een Pgb voor een vervoersvoorziening een financiële tegemoetkoming voor autoaanpassing, gebruik eigen auto. Lid 1a: Collectief vervoer 1.De volgende voorwaarden zijn gesteld aan het verstrekken van een vervoersvoorziening in natura zijnde het collectief vervoer. collectief vervoer wordt enkel in natura verstrekt; Aan aanvragers jonger dan 5 jaar wordt geen collectief vervoer toegekend; Er geldt een eigen bijdrage van € 0,65 per zone/strip. Voor elke rit is een basistarief van 1 instapstrip verschuldigd. Het reisgebied waarbinnen tegen het gereduceerd tarief gereisd kan worden omvat 5 OV zones. Hierbuiten geldt een bovenregionaal (commercieel) tarief. Bovenregionaal vervoer valt niet onder de Wmo. De Wmo-reiziger kan met één sociaal begeleider reizen tegen het gereduceerd tarief. Beiden betalen het gereduceerde tarief. Wanneer begeleiding naar het oordeel van het college medisch noodzakelijk is, reist de begeleider gratis. Heeft een Wmo-reiziger een indicatie voor medische begeleiding, dan kan deze alleen reizen wanneer de medisch begeleider meereist. Om als begeleider te kunnen worden aangemerkt moet de begeleider 16 jaar of ouder zijn. Per 1 januari 2014 gelden de volgende bedragen: Tarief Wmo-reiziger / Sociaal begeleider € 0,65 per strip (+instapstrip) tot 5 zones Tarief medisch begeleider (met indicatie) gratis Tarief vrije reiziger (niet-Wmo) € 1,95 per strip Lid 2: Een Pgb voor een vervoersvoorziening Aanvrager die een Pgb vraagt voor een vervoersvoorziening ontvangt een programma van eisen waaraan de voorziening minimaal moet voldoen. De hoogte van het Pgb wordt door het college bepaald op basis van een koopofferte van de hulpmiddelenleverancier, inclusief eventuele kortingspercentages, inclusief een bedrag voor de kosten van onderhoud, reparatie en WA-verzekering. Het programma van eisen is hierbij leidend. Lid 3: Indien belanghebbende met een Pgb voorziening, deze voorziening binnen de afschrijvingstermijn van 7 jaar niet meer gebruikt omdat deze niet meer adequaat is, wordt de restwaarde van de voorziening verrekend met een eventueel nieuw toe te kennen Pgb. De restwaarde van de voorziening wordt berekend volgens de afschrijvingsmethodiek zoals verwoord in artikel 2.4 1g. l Lid 4: Een financiële tegemoetkoming voor een vervoersvoorziening Het college verstrekt een financiële tegemoetkoming per jaar van € 583,00 voor het gebruik van de eigen auto van de aanvrager die geen gebruik kan maken van het collectief vervoer, tenzij aanvrager geacht kan worden zelf volledig in de kosten van het autogebruik te kunnen voorzien. Wanneer de aanvrager jonger is dan 5 jaar wordt geen voorziening toegekend. Artikel5.2– Autoaanpassing Een volledig rolstoelgebonden aanvrager komt in aanmerking voor een financiële tegemoetkoming in de kosten van de aanpassing van de eigen auto, wanneer hij om medische redenen niet in staat is gebruik te maken van het collectief vervoer. De voorwaarden zijn: De tegemoetkoming wordt eenmaal per 7 jaar verstrekt De aan te passen auto is niet ouder dan 3 jaar Er wordt een eigen aandeel opgelegd aan de aanvrager Deze financiële tegemoetkoming bedraagt maximaal € 10.459,
  13. De aanvrager vraagt zelf twee offertes bij twee erkende bedrijven op voor de noodzakelijke aanpassingen. Het programma van eisen is hierbij leidend. Na toekenning van de financiële tegemoetkoming op basis van goedkoopst compenserende voorziening (maximaal bedrag € 10.459,00) laat aanvrager de autoaanpassing uitvoeren door een erkend bedrijf. Hoofdstuk6– Verplaatsen in en rond de woning Artikel6.1– Verplaatsingsvoorzieningen 1.algemene rolstoelvoorziening; 2.rolstoelvoorziening in natura; 3.Pgb voor een rolstoelvoorziening; 4.financiële tegemoetkoming voor een sporthulpmiddel of sportrolstoel. Lid
  14. Een Pgb voor een rolstoelvoorziening Het college verstrekt een Pgb voor een rolstoelvoorziening op verzoek van de aanvrager. Hiervoor wordt door indicatiesteller een programma van eisen opgesteld. De hoogte van het Pgb wordt bepaald aan de hand van een koopofferte van de hulpmiddelenleverancier. Eventuele kortingspercentages worden in mindering gebracht op het Pgb. Lid 4.Financiële tegemoetkoming voor een sporthulpmiddel of sportrolstoel Voor het verstrekken van een sportrolstoel gelden de volgende voorwaarden: De financiële tegemoetkoming omvat een bedrag voor de aanschaf, WA-verzekering, onderhoud en reparatie van een sportrolstoel van € 3.177,00; Het in het eerste lid genoemde bedrag wordt eens in de drie jaar verstrekt; Bij aanvraag van een sporthulpmiddel anders dan een sportrolstoel zal een financiële tege-moetkoming worden verstrekt op basis van een koopofferte van de hulpmiddelenleverancier. Hoofdstuk7– Het verkrijgen van een voorziening Artikel7.1– Aanvraag Bij een aanvraag moeten tenminste het volgende bewijsstuk worden overlegd: -geldig identiteitsbewijs (identiteitskaart, paspoort). Artikel7.2– Inlichtingen en onderzoek 1.Bij inlichtingen, onderzoek en advies maakt de gemeente gebruik van de volgende externe adviseurs/ indicatiestellers; gemeentelijk indicatiesteller, zijnde de Wmo-consulent; MO zaak Van Brederode 2.Om een zo goed mogelijk beeld te verkrijgen wordt bij een eerste aanvraag een huisbezoek afgelegd waarin integraal de situatie van aanvrager wordt beoordeeld. Artikel7.3– Wijzigingen in situatie 1.Bij wijzigingen in de situatie van de aanvrager moet onder andere worden gedacht aan: verhuizing; opname in ziekenhuis, revalidatiecentrum of AWBZ-instelling; wijzigingen in de financiële situatie; overlijden; toe- of afname van beperkingen. 2.De aanvrager is verplicht om bovenstaande wijzigingen in zijn/haar situatie onmiddellijk te melden. Artikel7.4– Heronderzoek Het college kan (her)onderzoek doen naar het recht op een voorziening. Hierbij wordt gebruik gemaakt van klanttevredenheidsonderzoeken, gebruikersonderzoeken en enquêtes (al dan niet steekproefsgewijs uitgevoerd). Hoofdstuk8– Slotbepalingen Artikel8.1– Evaluatie Het door het college gevoerde beleid wordt jaarlijks geëvalueerd of eerder als dit wenselijk is. Wanneer nodig wordt dit Besluit aangepast. Artikel8.2–Indexering Het college kan jaarlijks per 1 januari de bij of krachtens dit besluit geldende bedragen indexeren conform de prijsontwikkeling op basis van de consumentenprijsindex alle huishouden van het Centraal bureau voor de Statistiek. Dit geldt voor bedragen die betrekking hebben op: -aanpassingskosten primaat van verhuizen -bezoekbaar maken van de woning -verhuis- en herinrichtingskosten -autoaanpassing vervoersvoorziening -sporthulpmiddel of sportrolstoel. Artikel8.3- Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking 1 dag na publicatie en werkt terug tot 1 januari
  15. Artikel8.4- Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als Besluit Wmo gemeente Oisterwijk
  16. Burgemeester en wethouders van de gemeente Oisterwijk;

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.