Verordening op de heffing en invordering van de precariobelasting 2014B E S L U I T: Vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2014 Artikel1Belastbaar feit Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Deze belasting wordt alleen geheven ter zake van: het hebben van een terras bij een horeca-inrichting; het hebben van een standplaats buiten de wekelijkse markt. Artikel2Belastingplicht De precariobelasting wordt geheven van degene die het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn. Artikel3Maatstaf van heffing en tarief De precariobelasting bedraagt ter zake van: een terras als bedoeld in artikel 1 ad a € 10,60 per m2 per jaar; een standplaats als bedoeld in artikel 1 ad b € 159,30 per jaar. Artikel4Berekening van de precariobelasting 1.Voor de berekening van de precariobelasting wordt een gedeelte van een in deze verordening genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. 2.Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld, wordt de precariobelasting berekend naar de oppervlakte van de in beslag genomen gemeentegrond. Artikel5Belastingtijdvak Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar Artikel6Wijze van heffing De precariobelasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel7Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1.In de gevallen bedoeld in artikel 5 is de precariobelasting verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt is de naar jaartarieven geheven precariobelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde belasting als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de naar jaartarieven geheven precariobelasting voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde precariobelasting als er in dat tijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,00. Artikel8Termijnen van betaling 1.De aanslag(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.