← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2014 (Hilversum)

Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2014Aan de gemeenteraad, Voor u ligt het voorstel tot herziening van de tarieven betreffende de afvalstoffenheffing voor het belastingjaar

  1. Het inzamelen van het afval wordt uitgevoerd door de gewestelijke afvalstoffendienst (GAD), die de kosten hiervoor in rekening brengt bij de deelnemende gemeenten. Via de afvalstoffenheffing dragen de inwoners van Hilversum bij in deze kosten. Voor 2014 worden de tarieven verlaagd met 2%. De egalisatiereserve, welke is gevuld door de afvalstoffenheffing uit de voorgaande jaren, dient zonder grote schommelingen in het tarief terug te vloeien naar de burger. Door een gelijkmatige daling van het tarief voor de komende jaren, wordt dit gerealiseerd. De tarieven in 2014 voor 1-, 2- en meerpersoonshuishoudens bedragen dan respectievelijk € 175,08 , € 233,04 en € 290,
  2. In onderstaande tabel staat het overzicht van baten en lasten voor de afvalstoffen voor 2014 lasten 721.1 Kosten Gewestelijke afvalstoffendienst (GAD) 7.784.000 721.1 Overdekking i.v.m. BTW-compensatiefonds 748.000 614.4 Kosten kwijtschelding 500.000 Oninbare vorderingen 75.000 721.1 Administratiekosten afdeling Belastingen 40.000 +/+ 9.147.000 baten 725.1 Geraamde opbrengsten afvalstoffenheffing 8.819.474 980.4 Onttrekking aan de egalisatiereserve Afvalstoffen 327.526 +/+ 9.147.000 -/- Netto ten laste van de gemeente komende kosten 0 Dekkingspercentage: 100% Voorstel Wij stellen u voor: het bijgevoegde ontwerp van de Verordening Afvalstoffenheffing 2014 inclusief bijbehorende tarieven vast te stellen. Burgemeester en wethouders van Hilversum, de secretaris de burgemeester I.C. de Vries P.I. Broertjes RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Hilversum, Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 3 september 2013; gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer; BESLUIT: vast te stellen de: Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2014 Artikel1 Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: gebruik maken: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 wet milieubeheer. Artikel2 Aard van de belasting en belastbaar feit Onder de naam “afvalstoffenheffing” wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening, wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel3 Belastingplicht De belasting wordt per perceel geheven van degene die in de gemeente naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel4 Maatstaf van heffing en belastingtarief De belasting bedraagt per belastingjaar per perceel: bij gebruik daarvan door één persoon € 175,08 bij gebruik daarvan door twee personen € 233,04 bij gebruik daarvan door meer dan twee personen € 290,52 In afwijking in zoverre van het eerste lid is het tarief indien het heffingstijdvak afwijkt van het kalenderjaar, gelijk aan de som van de evenredige delen van de voor de desbetreffende kalenderjaren geldende tarieven. Het aantal personen, dat gebruik maakt van een perceel, wordt beoordeeld naar de situatieop het tijdstip van ontstaan van de belastingplicht. Indien in de loop van het belastingjaar enige wijziging optreedt in de samenstelling van hetin het vorige lid bedoelde aantal personen, wordt bij de berekening van de belasting hiermede geen rekening gehouden op de wijze als bedoeld in artikel
  3. Artikel5 Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar Artikel6 Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven Artikel7 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang De belasting per perceel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht voor enig perceel in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting voor dat perceel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht voor enig perceel in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in feitelijk gebruik neemt. Artikel8 Termijn van betaling De aanslagen die worden opgelegd in het belastingjaar waarop zij betrekking hebben, moeten worden betaald uiterlijk drie maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op één aan-slagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 50,-, doch minder is dan € 5.000,-, en zolang de verschuldigde be-dragen door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belas-tingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbil-jet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. Machtigingen voor een automatische incasso moeten uiterlijk drie weken na dagtekening van de aanslag door de gemeente ontvangen zijn. Machtigingen na die datum zullen het jaar erop in werking treden. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande gestelde termijnen. Artikel9 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffingen de invordering van de afvalstoffenheffing. Artikel10 Inwerkingtreding en citeertitel De "Verordening afvalstoffenheffing 2013", vastgesteld bij besluit van 14 november 2012, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  4. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening afvalstoffenheffing 2014". Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 13 november 2013, De griffier, De voorzitter, K.E. Driehuijs P.I. Broertjes

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.