Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2010De raad van de gemeente Wijdemeren; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 17 november 2009; gelet op artikel 223 van de Gemeentewet; B E S L U I T vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2010 (Verordening forensenbelasting 2010) Artikel1Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: -woning: een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet. Artikel2Belastbaar feit en belastingplicht 1.Onder de naam ‘forensenbelasting’ wordt een directe belasting geheven van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een woning binnen de gemeente beschikbaar houden. 2.Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de omstandigheden beoordeeld. 3.Indien er samenloop is tussen de belastingplicht van de forensenbelasting en die van de land- of watertoeristenbelasting, wordt er uitsluitend forensenbelasting geheven. Artikel3Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.Indien de woning deel uitmaakt van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet WOZ en waarvoor op grond van hoofdstuk IV van die Wet voor die onroerende zaak een waarde is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende zaakbelastingen, zoals die voor het belastingobject geldt voor het tijdvak waarover de forensenbelasting wordt geheven. 2.De belasting als bedoeld in het eerste lid bedraagt, indien de waarde in het economische verkeer: a. niet meer is dan € 150.000, € 236,25 b. Meer is dan € 150.000, doch niet meer is dan € 300.000, € 355,00 c. Meer is dan € 300.000, € 474,00 3.In afwijking van het eerste lid wordt de belasting geheven naar een vast bedrag per woning, indien: de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen waarvan de woning deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld onder toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet WOZ; de woning geen deel uitmaakt van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet WOZ; geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is of wordt vastgesteld. 4.Het vaste bedrag als bedoeld in het derde lid bedraagt € 236,25. Artikel4Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel5Wijze van heffing De belasting wordt geheven bij wege van aanslag. Artikel6Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de forensenbelasting worden betaald in één termijn die vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het vorige lid gestelde termijn. Artikel7Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de forensenbelasting. Artikel8Inwerkingtreding en citeertitel Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2010. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening forensenbelasting 2010. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 17 december 2009.De raad voornoemd,de griffier, J. van Ditmarschde voorzitter, mevr. H.C. Heerschop.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.