Cultuurnota 2012-2013 gemeente BergenVoorwoord Kunst leeft in de gemeente Bergen! Dat blijkt in Egmond aan den Hoef, waar galerie De Kapberg keer op keer de mooiste werken presenteert en waar diverse initiatiefnemers de Schilder George Hitchcock aan de vergetelheid ontrukken. Het blijkt uit de bezoekersaantallen van Kunst en Koningsduin in de duinen bij Egmond. Het blijkt uit het gerenommeerde Holland Music Sessions en uit ons grootste kunstevenement De Kunst10daagse. Het blijkt uit vernieuwende educatieve projecten zoals Tijdgeest en Meester Bach. Het blijkt natuurlijk uit onze ambitie om Nieuw-Kranenburg te realiseren, een centrum van de kunsten met regionale uitstraling en een spilfunctie voor de hele gemeente. Het aantal initiatieven en activiteiten is te talrijk om op deze plaats allemaal bij name te noemen. Voorop staat dat ik enorm dankbaar ben voor de inspanningen die worden gedaan om in onze prachtige gemeente zo’n ongekend rijk cultuuraanbod neer te zetten. En trots op de enorme creativiteit en inventiviteit waarmee dat gebeurt. In de Cultuurnota 2012-2013 wordt deze waardering vertaald in plannen voor onze eigen inzet en ondersteuning van de kunst en cultuur. Deze nota is tot stand gekomen in goede samenwerking met mensen van binnen en buiten de gemeentelijke organisatie. Ik wil iedereen die heeft bijgedragen van harte danken. Janina Luttik-Swart, Wethouder kunst en cultuur Inleiding Waarom een nieuwe cultuurnota Bergen heeft een ijzersterk imago als plaats waar kunst tot volle wasdom kan komen. Dat imago is te danken aan de kunstenaarskolonie die vanaf 1915 ontstond en die er tot op de dag van vandaag voor heeft gezorgd dat kunstenaars zich graag in en rondom Bergen vestigen. Tegenwoordig wordt de naam van Bergen op het gebied van de kunsten ook gerechtvaardigd door de aanwezigheid van een groot aantal culturele instellingen en een rijk aanbod aan culturele evenementen. Met regelmaat is er sprake van nieuwe en vernieuwende initiatieven zoals het omvangrijke kunsteducatieproject Tijdgeest en het piepjonge Woodlandsfestival. De omvangrijkste nieuwe ontwikkeling is het samengaan van een aantal culturele instellingen in Nieuw-Kranenburg waarvoor een moderne vleugel wordt aangebouwd aan de monumentale villa Kranenburgh. Nieuw-Kranenburg zal een spilfunctie krijgen in het toekomstige culturele aanbod van de gemeente Bergen. Het professionele aanbod aan kunst en cultuur wordt nog aangevuld door een zeer groot aantal gezelschappen waarin amateurs actief zijn op het gebied van de kunsten. Bij deze weelde aan bedrijvigheid zal een gemeente met de omvang van Bergen zeer helder moeten zijn over de doelstellingen die met het kunst- en cultuurbeleid worden nagestreefd en onder welke voorwaarden culturele initiatieven worden ondersteund. Het budget is beperkt en wordt niet meer aangevuld door provinciale middelen. Er moeten dus duidelijke keuzes worden gemaakt. In voorliggende nota wordt vastgelegd welke beleidskeuzes het gemeentebestuur maakt voor de komende vier jaar en welke instrumenten daarvoor worden ingezet. Daarbij moet de kanttekening worden gemaakt dat onzeker is welke financiële uitdagingen de gemeente in de komende periode te wachten staan. Het is zeer goed denkbaar dat binnen de komende planperiode van vier jaar een bezuinigingstaakstelling zal worden opgelegd die ook het Kunst- en Cultuurbeleid zal treffen. Voortborduren Met voorliggende nota wordt een beperkt aantal inhoudelijke koerswijzigingen voorgesteld. De cultuurnota uit 2005: Cultuur is een werkwoord is met een zeer intensief participatietraject tot stand gekomen en gebleken is dat de voornaamste conclusies uit die tijd onverminderd gelden. Enerzijds moet het kunst- en cultuurbeleid een onderdeel zijn van het lokaal sociaal beleid; het moet bijdragen aan het welzijn en de ontwikkeling van de inwoners van Bergen. Anderzijds moet het bijdragen aan de economische slagkracht van de gemeente. Voor de inhoudelijke doelstellingen wordt in belangrijke mate voortgeborduurd op de vorige cultuurnota. Wel is getracht met de huidige nota meer focus aan te brengen en scherper te verwoorden welke rol de gemeente gaat spelen bij het verwezenlijken van het beleid. Ook worden duidelijker verwoord op welke wijze afspraken worden gemaakt met de gesubsidieerde instellingen en hoe hun verrichtingen worden getoetst. Leeswijzer Voor een snelle toegang tot de inhoud van deze nota leest u de paragraaf “De belangrijkste besluiten op een rij” op pagina 5, hoofdstuk 5 “Begroting 2012-2013”en hoofdstuk 7 “Implementatie en planning”. De cultuurnota heeft zeven hoofdstukken. Kunst & cultuur in de gemeente - in dit hoofdstuk wordt een beeld geschetst van de kunst en cultuur in Bergen Evaluatie beleidsperiode 2008-2011 –er wordt teruggekeken naar de zwakke en sterke punten uit de voorgaande periode Uitgangspunten - welke randvoorwaarden voor het nieuwe beleid kunnen worden geformuleerd? Beleid 2012-2013 - in dit deel presenteren we de visie op kunst en cultuur en de daaruit voortvloeiende ambities, keuzes en doelstellingen. De systematiek - welke systematiek en werkwijze wordt gehanteerd bij de ondersteuning van culturele instellingen door de gemeente? Begroting - in dit deel gaan we in op de financiële gevolgen van het opgestelde beleid. Implementatie en planning - in dit deel laten we zien welke concrete activiteiten de komende periode worden ondernomen om het beleid in de praktijk te brengen. Werkwijze In 2009 werden werkzaamheden gestart voor een nieuwe cultuurnota . Lagroup Leisure & Arts consulting kreeg opdracht een evaluatie van de voorgaande beleidsperiode te doen en de participatie van culturele instellingen bij het tot stand komen van de nota te regisseren. Dertig sleutelfiguren uit en nabij het Bergense culturele veld werden daarvoor door Lagroup geraadpleegd in gesprekken en twee brainstormsessies. De bevindingen van Lagroup zijn ondergebracht in hoofdstuk 1 en 2, de beschrijving van de Bergense situatie en de evaluatie van de voorgaande beleidsperiode. De eerste concepttekst van de nota werd rondgestuurd aan een groot aantal culturele instellingen met het verzoek een reactie te geven. De zienswijzen die naar aanleiding daarvan zijn ingestuurd én een aantal belangrijke nieuwe ontwikkelingen die zich in de tussentijd hebben voorgedaan hebben ertoe geleid dat de tekst van de definitieve nota grondig is gewijzigd ten opzicht van het eerste concept. Tegelijkertijd met de ter inzage legging ter voorbereiding op het raadsbesluit over de nota wordt de nota opnieuw rondgestuurd aan betrokkenen. Bijlage 1 bevat een lijst van instellingen en gesprekspartners die bij de totstandkoming van de nota zijn betrokken. Bijlage 2 is een samenvatting van de zienswijzen. In bijlage 3 wordt een overzicht gegeven van de incidentele subsidies in de periode 2009-
(2008)Relatief weinig geld voor podiumkunsten Binnen de gemeente Bergen is tot nu toe relatief weinig subsidie verstrekt aan de podiumkunsten, enerzijds door de grote omvang van andere disciplines (vooral de musea, beeldende kunst en de bibliotheek) en anderzijds door de keuze om geen professioneel theater te realiseren in Bergen en ook voor popmuziek door te verwijzen naar voorzieningen in buurgemeenten. Met de realisatie van Nieuw Kranenburg (met podium) en incidentele subsidies komt er wel meer ruimte voor podiumkunsten. Vergelijking met andere gemeenten Een beknopte benchmark met andere, qua omvang en bevolkingssamenstelling vergelijkbare gemeenten, laat zien dat de andere gemeenten een soortgelijk totaalbedrag per inwoner uitgeven aan kunst en cultuur (benchmark gemiddeld € 36 en Bergen ruim € 38 per inwoner). De bibliotheek is, zoals ook landelijk het geval is, bij de benchmark een grote kostenpost. Op een aantal andere punten wijkt de verdeling van de gelden in Bergen echter af van de benchmark. Zo geeft de gemeente Bergen aanzienlijk minder uit aan cultuureducatie, maar opvallend meer aan exploitatiesubsidies dan de andere gemeenten. De gegevens betreffen het jaar 2009. Subsidiebeoordeling moet beter In de vorige nota ontbreken helder vastgelegde beoordelingscriteria en een effectieve beoordelingssystematiek voor subsidieaanvragen en de prestaties die gesubsidieerde instellingen leveren . Een evaluatie van de voorgaande periode is op die gronden dan ook maar in beperkte mate mogelijk. Een zwakke schakel in de subsidiesystematiek is ook de beoordeling van incidentele subsidies. In principe wordt iedere subsidieaanvraag getoetst aan een vast aantal criteria maar er is vaak onvoldoende tijd beschikbaar om iedere aanvraag uitgebreid op zijn merites te beoordelen. De beoordeling en het advies aan het college worden opgesteld door één persoon wat het gevaar van willekeur met zich meebrengt. Bij de behandeling van enkele bezwaren die tegen afgewezen subsidieverzoeken zijn ingediend werd door de bezwaarcommissie geconstateerd dat onvoldoende helder is welke procedure voor de beoordeling van subsidieaanvragen wordt gehanteerd en op welke gronden een subsidie wordt afgewezen. 3-Uitgangspunten van nieuw cultuurbeleid. Cultuurbeleid en culturele sector versterken elkaar Idealiter versterken het gemeentelijk cultuurbeleid en de daadwerkelijke cultuuractiviteiten, die door het culturele veld in de gemeente worden ontplooid, elkaar. Het een volgt niet uit het ander, maar het beleid en de activiteiten beïnvloeden elkaar. Om dit te bereiken is een goede kennis van het culturele veld noodzakelijk en andersom: bij de instellingen kennis van de doelstellingen die de gemeente met de inzet van middelen wil bereiken. Nieuw-Kranenburg Nieuw-Kranenburg is het boegbeeld van het gemeentelijk cultuurbeleid en vervult vanaf de opening een spilfunctie te midden van het culturele aanbod en met name de kunsteducatie binnen de gehele gemeente. Herijking van het beleid Het nieuwe beleid dient ervoor om de eerder ingeslagen weg te herijken en aan te scherpen en om het systeem voor het aanvragen, beoordelen en toekennen van subsidies te verbeteren. Verbinding met andere beleidsterreinen Het cultuurbeleid moet meer dan voorheen worden uitgewerkt in relatie tot andere beleidsterreinen. Behoud van structurele subsidiering van het basisaanbod en kunsteducatie Gestreefd wordt naar behoud van een hoogwaardig cultuuraanbod. Met individuele instellingen worden op basis van de cultuurnota op maat gesneden prestatieafspraken gemaakt. Hierover wordt gerapporteerd aan het college en de raad. Incidentele subsidiering van bijzondere projecten Het beschikbare flexibele geld wordt ingezet voor realisatie van bijzondere en vernieuwende projecten. Daarbij wordt gelet op diversiteit en een goede spreiding (geografisch en in de tijd). Meer aandacht voor amateurkunstinitiatieven Er wordt een bedrag vrijgehouden om te kunnen inzetten op de initiatieven van amateurverenigingen waarvan de leden actief deelnemen aan kunstuitingen. Er wordt daarbij geen onderscheid gemaakt tussen de disciplines. Ateliers Initiatieven van werkende kunstenaars met betrekking tot het realiseren van ateliers worden, indien mogelijk, ondersteund. Speciale aandacht gaat uit naar het beschikbaar stellen van tijdelijke atelierruimte in leegstaande gebouwen. Heldere opzet van de wijze van aanvragen en beoordelen. Het aanvragen van subsidie wordt eenvoudiger en voor de beoordeling wordt externe advisering aangetrokken in de vorm van een advies commissie. 4- Kunst en –cultuurbeleid 2012-2013 Visie op kunst en cultuur gemeente Bergen Kunst brengt mensen samen en overbrugt de verschillen tussen groepen in de samenleving. Door kunst kunnen individuen ontdekken wie zij zijn. Kunst is een bron van trots en het gevoel ergens bij te horen. De sociale cohesie wordt versterkt door de vele verbanden waarin amateurkunstbeoefenaars met elkaar musiceren, dansen en schilderen. Het is van belang dat de gemeente waardering uitdraagt en waar mogelijk ondersteuning biedt voor de inspanningen van diegenen die deze activiteiten mogelijk maken. Iets soortgelijks geldt voor de talrijke vrijwilligersgroepen die werkzaam zijn bij de musea en de evenementen. Naast de maatschappelijke waarde heeft de kunst- en cultuursector ook een zeer grote economische waarde voor Bergen. Voor een gemeente die haar economische kracht voor een belangrijk deel uit het toerisme haalt is een gevarieerd cultureel aanbod een rijk bezit. Kortom kunst en cultuur verdienen het door de lokale overheid te worden ondersteund. Dat moet op een goede manier gebeuren met veel aandacht voor kwaliteit. Bij de beoordeling van activiteiten en instellingen moet voldoende deskundigheid kunnen worden ingebracht en minder worden overgelaten aan het toeval (met het gevaar van willekeur). Dat kan door de een adviescommissie mee te laten beslissen over de ondersteuning van instellingen. Het kunst en cultuurbeleid heeft raakvlakken met vele andere beleidsvelden zoals onderwijs en jeugdbeleid, economisch beleid en toeristisch beleid. Meer dan in de afgelopen beleidsperiode zal actief gezocht worden naar mogelijkheden om verbindingen aan te brengen tussen deze aandachtsgebieden zodat naar buiten toe een duidelijker beeld ontstaat van wat de gemeente met haar kunst- en cultuurbeleid voorstaat. Een voorbeeld hiervan is de mogelijkheid voor scholen om middels de systematiek van de onderwijssubsidies aanspraak te kunnen maken op middelen voor cultuureducatie. De missie van de gemeente luidt: Gemeente Bergen ziet het als haar taak om een gevarieerd en kwalitatief kunst- en cultuuraanbod te ondersteunen dat voor alle inwoners en bezoekers van Bergen mogelijkheden biedt om passief dan wel actief te participeren in kunst en cultuur. Niet alle in de gemeente aanwezige kunst en cultuur kan en hoeft door de gemeente te worden gesubsidieerd. De gemeente is een voorstander van de zelfredzaamheid van (amateur)kunst- en cultuurinstellingen. Zij ziet het als haar taak om bijzondere en attractieve kunst en cultuur te bieden die anders niet getoond kan worden aan de inwoners van de gemeente. In de nieuwe cultuurnota worden een aantal van de beleidsprioriteiten uit de vorige cultuurnota (cultuurparticipatie, kunsteducatie, focus op erfgoed, jongeren en beeldende kunst) aangevuld met nieuwe speerpunten (focus op amateurkunstbeoefenaars, kunst in de openbare ruimte) en ondergebracht in 3 deelgebieden: Cultuurparticipatie en –beleving Kunst- en cultuureducatie Kunst in de openbare ruimte Belangrijke inzet wordt daarnaast gedaan voor de verbetering van de subsidiesystematiek. Cultuurparticipatie en –beleving Doelstelling Het stimuleren van de actieve en passieve deelname aan cultuur door bewoners en bezoekers van Bergen. Drie specifieke doelgroepen en twee thema’s krijgen daarbij extra aandacht: jeugd en jong volwassenen toeristen en bezoekers beoefenaars van amateurkunst hedendaagse beeldende kunst cultureel erfgoed Motivatie De actieve en passieve deelname aan culturele activiteiten is een belangrijke maatschappelijke en economische motor voor de gemeente Bergen. De keuze voor specifieke doelgroepen en thema’s maken het mogelijk om focus aan te brengen in het gemeentelijk beleid en voorkomt al te grote versnippering van middelen. Voor jeugd en jong volwassenen wordt gekozen omdat zij ondersteuning nodig hebben bij hun creatieve ontwikkeling. Voor toeristen en bezoekers omdat zij een belangrijke economische bijdrage aan Bergen leveren. Voor hedendaagse beeldende kunst omdat beeldende kunst de bron van Bergens faam is geweest en we graag willen dat Bergen er bekend om blijft. Cultureel erfgoed is eveneens een grote kracht van de gemeente en er is een morele plicht om daar netjes mee om te springen. Tot slot wordt gekozen voor amateurkunst omdat die zeer belangrijk is voor de sociale cohesie in de dorpen. Rolverdeling Gezien de zeer vele culturele initiatieven die door inwoners van Bergen worden genomen en het grote aantal vrijwilligers dat daarbij is betrokken kan veilig gesteld worden dat de bevolking van Bergen de kunst een warm hart toedraagt. De culturele instellingen hebben ieder hun eigen doelstellingen en dragen met verve hun verantwoordelijkheden. De gemeente moet met zorg met deze rijkdom omspringen en inspanningen verrichten om ervoor te zorgen dat het aanbod aan culturele activiteiten gevarieerd, vernieuwend en van voldoende kwaliteit blijft. Zij kan dat doen door subsidiegelden kritisch in te zetten en instellingen die een structurele bijdrage ontvangen te houden aan specifieke afspraken over de inzet van middelen. Bij de beoordeling van activiteiten en instellingen moet voldoende deskundigheid kunnen worden ingebracht. Wat gaan we doen 1.Structurele subsidiering van het basisaanbod Tot het basisaanbod aan culturele voorzieningen in de gemeente Bergen behoren: De bibliotheek De (erfgoed)musea: Nieuw-Kranenburg (Kranenburgh en Sterkenhuis) en het museum van Egmond Het muziekaanbod van de International Holland Music Sessions Filmhuis Cinebergen De kunst10daagse Cultuureducatie op de scholen voor basis- en voortgezet onderwijs (zie volgende paragraaf) Muziekonderwijs (zie volgende paragraaf) Deze instellingen krijgen voor de toekomstige vierjarige beleidsperiode een subsidie die jaarlijks wordt geïndexeerd voor wat betreft de personeel- en huisvestingskosten. Het gaat stuk voor stuk om professionele instellingen die in de afgelopen periode blijk hebben gegeven van een stabiel en hoog kwalitatief aanbod. Deze instellingen zijn verplicht een bijdrage te leveren aan het cultuureducatieve aanbod voor de scholen in Bergen. Daarnaast moeten zij aantonen een speciale inzet te plegen voor de specifieke doelgroepen en thema’s waar de gemeente prioriteit aan geeft. Onderzocht wordt in hoeverre een aantal kleinere organisaties die nu een structurele subsidie ontvangen kunnen gaan behoren tot het basisaanbod (aanbod Slotkapel Egmond, SCHOK). Na 4 jaar worden de structurele subsidies opnieuw door de adviescommissie geëvalueerd en beoordeeld en wordt besloten of en op welke wijze de gemeentelijke ondersteuning wordt voortgezet. 2.Incidentele subsidiering van bijzondere projecten Bijzondere projecten van hoge kwaliteit kunnen aanspraak maken op een subsidie. Daarbij wordt vooraf geen thematische beperking aangegeven om een zo groot mogelijke ruimte te creëren voor vernieuwende initiatieven. De kwaliteit wordt ondermeer afgemeten aan : de mate waarin verbinding wordt gezocht tussen de dorpen en gemeenschappen en doelgroepen en de mate waarin de aanvraag getuigd van cultureel ondernemerschap. Meer uitgebreide informatie over de beoordeling volgt in hoofdstuk 6: de Subsidiesystematiek. 3.Speciaal budget voor initiatieven van amateurgezelschappen Bij deze activiteiten staat het bevorderen van de sociale cohesie centraal. Als dat plaatsvindt tussen de dorpen van Bergen onderling en tussen publieksgroepen in leeftijd en afkomst is dat een extra aanbeveling bij de beoordeling van een subsidieaanvraag. Voor deze aanvragen geldt een milde aanpak omdat niet altijd voldoende know-how aanwezig is voor het doen van een volledige en goede subsidieaanvraag. De criteria voor de subsidiebeoordeling gelden wel maar worden met meer coulance toegepast. Het budget voor deze initiatieven heeft een plafond van € 10.000. 4.Onderzoek naar de aanwezigheid en de behoeften van jongeren Omdat gebleken is dat het culturele aanbod voor jongeren gering is, is een onderzoek naar hun behoeften op zijn plaats. Het Woodlandsfestival dat in de zomer van 2011 voor het eerst werd georganiseerd kan een welkome aanvulling op het basisaanbod worden. 5.Beschikbaar stellen van atelierruimte Beleid wordt ontwikkeld om het mogelijk te maken dat gebouwen van de gemeente die tijdelijk leeg komen te staan als atelierruimte worden aangeboden aan kunstenaars. Hierover worden werkafspraken gemaakt met de leegstandbeheerder HOD. Waar mogelijk worden initiatieven van kunstenaars om ateliers te realiseren ondersteund afhankelijk van ontwikkelingsmogelijkheden en private belangstelling. 6.Kunstproject 2012 Zie hiervoor de volgende paragraaf. Kunst- en cultuureducatie Doelstelling Intensiveren en stimuleren van kunst- en cultuureducatie voor schoolgaande jeugd en jongeren. Motivatie Culturele activiteiten op school prikkelen de verbeelding van kinderen en stimuleren hen tot het ontwikkelen van hun eigen creativiteit. Voor veel leerlingen die moeite hebben met de vakken taal en rekenen is de kennismaking met en deelname aan culturele activiteiten een verademing en een eyeopener. Voor een gemeente waar de culturele sector van vitaal belang is, moet talentontwikkeling een peiler zijn van het kunst- en cultuurbeleid. En, net als bij sportbeoefening, is er een brede basis van amateurs nodig om toppers te kweken. Rolverdeling Scholen hebben de wettelijke taak om leerlingen bij te brengen dat zij beelden, taal, muziek, spel en beweging kunnen gebruiken om er gevoelens en ervaringen mee uit te drukken en om ermee te communiceren. Ook moeten leerlingen leren op het eigen werk en dat van anderen te reflecteren. Scholen krijgen bij het maken en uitvoeren van hun cultuurbeleid ondersteuning van de provincie en de gemeente omdat de middelen die scholen van het Rijk voor cultuurbeleid ontvangen ontoereikend zijn. Culturele instellingen dragen bij aan de kunsteducatie door in hun programmering speciale activiteiten voor de jeugd op te nemen. Bij een enkele instelling (bijvoorbeeld Stichting Tijdgeest) is kunsteducatie het primaire doel. Wat gaan we doen 1.Kunstmenu wordt Cultuur Primair Het Kunstmenu was voor het primair onderwijs en bestond tot voor kort uit een jaarlijkse set aan voorstellingen, bezoeken aan tentoonstellingen en andere activiteiten waardoor leerlingen gedurende hun schoolperiode met alle mogelijke kunstdisciplines in aanraking komen. Het Kunstmenu werd georganiseerd door het Steunpunt Kunstzinnige Vorming (SKV)met financiële bijdragen van de provincie, gemeente en de scholen zelf. De provincie bouwt de ondersteuning vanaf 2011 af en vraagt de gemeentes deze rol over te nemen. Inmiddels bestaat het SKV niet meer. In regionaal verband zijn gedurende 2011 gesprekken gevoerd over regionale samenwerking om de leemte die is ontstaan te vullen. Door de grote variatie in de wijze waarop kunsteducatie op lokaal niveau is vormgegeven en door gebrek aan financiële middelen heeft dat nog niet geleid tot een concreet plan. De meest pragmatische oplossing voor het behouden van een cultureel aanbod op de basisscholen in Bergen is aan te sluiten bij het Alkmaarse model van Cultuur Primair. Cultuur Primair wordt uitgevoerd door Artiance en bestaat uit een aantal cultuurmenu’s waaruit de scholen kunnen kiezen en waarvoor de lokale culturele instellingen de activiteiten aanleveren. Nadeel van deze werkwijze is dat er niet meer sprake is van onafhankelijke en professionele advisering over het realiseren van de educatieve doelstelling. Voordeel is wel dat culturele instellingen meer worden betrokken bij het educatieve aanbod en een bijdrage leveren in de vorm van een bedrag per leerling die daadwerkelijk van het aanbod gebruik maakt. Voordeel is ook dat Bergense cultuurinstellingen de gelegenheid krijgen zich te presenteren aan leerlingen van gemeentes in de omgeving en andersom. Voor de gemeente zijn de kosten van Cultuur Primair gelijk aan die van het Kunstmenu. In goed overleg met de basisscholen in Bergen maken we in het schooljaar 2011-2012 en 2012-2013 gebruik van Cultuur Primair. Gedurende deze periode wordt onderzocht in hoeverre Nieuw-Kranenburg deze rol kan overnemen met inbegrip van een meer inhoudelijke educatieve advisering. 2.Subsidiëring van aanvullende projecten op de scholen Scholen horen te weten op welke wijze hun leerlingen het beste kunstzinnig gevormd kunnen worden. Dikwijls trekken zij daarvoor externe expertise aan. Om scholen te stimuleren een kunsteducatieplan van hoog niveau te maken wordt het voor hen mogelijk een subsidie aan te vragen. Voor de inzet van dit subsidie-instrument wordt aangesloten bij de criteria die gelden voor de onderwijssubsidies op het gebied van taalonderwijs en onderwijs in sociaal-emotionele vaardigheden. 3.Regionale samenwerking voor aanbod aan het voortgezet onderwijs De provinciale bezuiniging treft ook het aanbod op het voorgezet onderwijs (Rondje cultuur). Hiervoor is regionale samenwerking een must omdat veel leerlingen over de grenzen van hun eigen gemeente naar school gaan. De gemeenten in Noord Kennemerland zijn op bestuurlijk en ambtelijk niveau en met ondersteuning van de provincie, in overleg over een oplossing. Uiteraard moet daarvoor in overleg worden getreden met de scholen voor voortgezet onderwijs in de regio. 4.Kunstproject In het collegeprogramma is het voornemen opgenomen om een gemeentebreed kunstproject te realiseren waarbij door intensieve samenwerking tussen lokale kunstenaars, buurten én het onderwijs, tijdelijk kunst in de openbare ruimte wordt geplaatst. Op 5 tot 9 verschillende plekken overal in de gemeente gaan kunstenaars in gesprek met buurtbewoners en scholieren en wordt aan de hand daarvan een beeld gevormd. Binnen de scholen gaan de leerlingen ook zelf aan de slag onder begeleiding van de kunstenaars. Middelbare scholieren kunnen deelnemen door de PR te verzorgen en verslag te leggen van het project met behulp van digitale media. Langs de beelden wordt een route uitgezet die alle kernen van Bergen met elkaar verbindt. Voor het project wordt een professionele partner aangetrokken en worden middelen betrokken uit de reserve voor kunst in de openbare ruimte. 5.Ontwikkeling educatief programma Nieuw-Kranenburg Subsidievoorwaarde voor Nieuw-Kranenburg is de ontwikkeling van een gedegen educatief programma dat moet worden ingebracht in Cultuur-Primair. Op de middellange termijn kan Nieuw-Kranenburg een spilfunctie gaan vervullen voor het cultuureducatieve aanbod in de gemeente door kunstenaars en gezelschappen letterlijk en figuurlijk een podium te bieden en daarmee voor hen inpassing in Cultuur Primair of andere programma’s mogelijk te maken. 6.Cultuurcoach Vanaf schooljaar 2012-2013 wordt in samenwerking met het primair onderwijs gewerkt met een cultuurcoach. Docenten geven onder schooltijd, na schooltijd en in vakanties kunst- en cultuurlessen in en rond de school bijvoorbeeld bij instellingen voor kinderopvang. Hierbij kunt u denken aan muzieklessen, zangkoren, theater en dansprojecten en beeldende activiteiten. Deze docenten worden door het rijk en de gemeente samen gesubsidieerd. 7.Muziekonderwijs De gemeente ondersteunt het muziekonderwijs binnen haar grenzen door een bijdrage voor jeugdleden van een aantal muziekgezelschappen. Dit heeft het voordeel dat het een relatief goedkope oplossing is voor het ontbreken van een gemeentelijke muziekschool. Het nadeel is dat de keuze voor het bespelen van een type instrument beperkt is en dat niet zeker is dat de middelen terecht komen bij de kinderen die dat het meest nodig hebben. Ondersteuning van het muziekonderwijs (binnen verenigingen) gebeurt ook middels het jeugdcultuurfonds voor kinderen van ouders met een laag inkomen. In de komende beleidsperiode wordt onderzocht of ondersteuning van het muziekonderwijs kan worden uitgebreid naar andere aanbieders dan de verenigingen. In afwachting hiervan wordt de bijdrage aan de muziekverenigingen op de zelfde hoogte gehandhaafd. Kunst in de openbare ruimte Doelstelling De beeldkwaliteit en leefbaarheid van de openbare ruimte verrijken en inwoners in hun eigen leefomgeving laten kennismaken met kunst. Motivatie De aankoop en plaatsing van kunst in de openbare ruime past bij het imago van Bergen als kunst- en cultuurgemeente. Door het plaatsen van hoogwaardige kunst wordt ook in de openbare ruimte een bijdrage geleverd aan het culturele aanbod van de gemeente. Gekozen wordt voor nieuwe beelden in Egmond of Schoorl omdat in deze gebieden ruim minder kunst in de openbare ruimte aanwezig is dan in Bergen. Rollen De procedure voor het uitschrijven van een opdracht en het plaatsen van kunst in de openbare ruimte wordt omschreven in de nota Ruimte in Beeld. Daarbij is in hoge mate rekening gehouden met de wijze waarop het publiek en omwonenden bij de plaatsing worden betrokken. De Adviescommisie voor Beeldende kunst heeft een belangrijke rol bij de beoordeling van ontwerpen. Met enige regelmaat worden particuliere initiatieven genomen voor het plaatsen van een beeld op openbare grond. Per geval wordt bekeken in hoeverre en op welke wijze de gemeente kan meewerken aan deze initiatieven. In ieder geval wordt de adviescommissie ook altijd betrokken bij zo’n initiatief. Wat gaan we doen 1.Plaatsen van Kunst in Schoorl Onderzocht wordt of in relatie tot het gereedkomen van de N9 in Schoorl een kunstwerk geplaatst kan worden langs de nieuwe weg of in het verkeersluwe deel. 2.Plaatsen van kunst in Egmond Bij het tot stand brengen van de structuurvisie voor Egmond aan den Hoef (project Lamoraal) wordt in een vroeg stadium rekening gehouden met de eventuele plaatsing van een kunstwerk. Onderzoek cultuurmarketing Het optimaliseren van de cultuurmarketing- en promotie in en rond Bergen blijft als meer instrumentele doelstelling bestaan binnen deze nota. Echter, het formuleren van specifiek beleid met een meer actieve rol van de gemeente dan voorheen, vergt meer voorbereiding. Voorwaarden zijn aansluiting bij een integrale en gemeentebrede visie op het promotiebeleid van de gemeente en een bijpassend budget. In 2012 wordt in samenspraak met de afdeling communicatie en de beleidsadviseurs toerisme en economische zaken onderzocht op welke wijze deze doelstelling handen en voeten kan krijgen. Uitgelicht Een aantal bij het basisaanbod genoemde instellingen vergt nadere toelichting: Openbare bibliotheek Ondanks veranderend leesgedrag en de opkomst van digitale media is de openbare bibliotheek nog steeds de best bezochte culturele voorziening in Nederland. Ook de bibliotheek Bergen vervult met 3 vestigingen in de kernen Bergen, Egmond en Schoorl een belangrijke rol in de lokale samenleving. Op jaarbasis komen ruim 162.000 bezoekers in de bibliotheek. De resultaten van de dienstverlening van de bibliotheek laten per jaar een ontwikkeling zien die overeen komt met de landelijke trend: het aantal uitleningen en ingeschreven leners neemt af, het aantal bezoekers blijft gelijk of neemt toe en de digitale dienstverlening vormt een groter aandeel in het totale diensten en productenpakket. Met name de ontwikkelingen rond landelijke digitale ontsluiting van de collectie, het e-book en de sociale media laten zien dat zich een verschuiving in de behoefte van de bevolking voordoet. In de huidige vorm is het voor de bibliotheek moeilijk om een antwoord te vinden op deze moderne trends. Door de beperkte formatie, een te kleine backoffice en structureel hoge kosten is er weinig ruimte voor vernieuwing en staat de kwaliteit van de dienstverlening onder druk. Om die reden is in 2011 besloten een fusie aan te gaan met de bibliotheek Kennemerwaard en daarmee de slagkracht van de organisatie te vergroten. Naast het doen slagen van deze fusie en het vinden van een antwoord op de moderne trends staat de bibliotheek voor de uitdaging een oplossing te vinden voor de jaarlijkse begrotingstekorten. Het openhouden van drie vestigingen met een gelijk aanbod en niveau van dienstverlening legt een zware druk op de personele inzet van de bibliotheek en heeft geleid tot financiële tekorten vanaf 2009; In de handreiking die de VNG over het bibliotheekbeleid in april presenteerde, wordt gesteld dat gemeenten niet ontkomen aan een besluit over transformatie van de bibliotheek als antwoord op deze trends. Als niets wordt gedaan en alleen de subsidie wordt bevroren leidt dat tot ernstige verschraling van het aanbod en tot verdere uitholling van de levensvatbaarheid van de bibliotheek. Begin 2012 wordt een bibliotheekvisie met de koerswijzigingen voor de periode 2012-2013 voorgelegd aan de raad. Uitgangspunt is handhaving van het huidige subsidieniveau. Cinebergen Cinebergen vertoont 4 kwaliteitsfilms per week en voert daarnaast geregeld educatieve projecten uit met het primair en het voortgezet onderwijs. Het filmtheater levert ook een bijdrage aan grote evenementen in Bergen zoals de Kunst10daagse. Het filmtheater ontvangt een groeiend aantal bezoekers (naar verwachting 20.000 in 2011) en heeft plannen om een tweede zaal te realiseren. Dit succes past in een landelijk beeld: niet alleen in Bergen, ook landelijk zijn filmtheaters in de afgelopen jaren zeer succesvol gebleken en is het marktaandeel van deze theaters gegroeid van 3,8 naar 6,6 %. Film is een kunstvorm die zeer veel mensen aanspreekt en in alle lagen en geledingen van de bevolking: jong en oud, arm en rijk en mensen met een verschillend opleidingsniveau. Cinebergen is om die reden een waardevolle aanvulling van het cultuuraanbod binnen de gemeente. Hiervoor is in de afgelopen periode erkenning geweest door de subsidie te verhogen van € 2.500 naar € 8.000 per jaar en zijn er incidentele bijdragen voor het gebouw en de inrichting geweest. Het filmtheater werkt met een betaalde coördinator en 85 vrijwilligers. De werkdruk bij de professionele kracht en een aantal spilpersonen is groot waardoor de organisatie kwetsbaar is. Verdere professionalisering is nodig om het filmtheater ook op de langere termijn levensvatbaar te houden. Een andere uitdaging voor Cinebergen is de vervanging van apparatuur om klaar te zijn voor het moment (binnen korte tijd) dat films alleen nog digitaal aan de filmtheaters worden aangeboden. De Stichting Digitalisering Nederlandse Cinema heeft een landelijk plan opgesteld om filmtheaters bij deze transitie te ondersteunen. De benodigde investering is gemiddeld € 55.000 per bioscoopdoek. Het plan gaat uit van een gezamenlijke financiering door de filmdistributeurs, het rijk, de gemeenten en de filmtheaters zelf. In 2010 heeft het Film Instituut Nederland in samenwerking met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten een handreiking opgesteld waarin een norm voor de subsidiering van filmtheaters wordt gesteld. Bij gemeenten tussen 30.000 tot 90.000 inwoners is de norm € 1,00 per inwoner. Om enerzijds recht te doen aan het behoud van het waardevolle aanbod van Cinebergen en anderzijds aan het beperkte budget en de mogelijkheid om ook andere kunstdisciplines te ondersteunen, conformeren wij ons aan de landelijke norm voor gemeenten tot 30.000 inwoners: € 0,50 per inwoner wat leidt tot een subsidie van € 15.000 per jaar. Met Cinebergen worden afspraken gemaakt over de inzet van de subsidieverhoging voor de benodigde investering in digitale apparatuur. International Holland Music Sessions The International Holland Music Sessions begeleidt jonge, getalenteerde musici en helpt hen op weg naar het internationale concertpodium. The International Holland Music Sessions maakt gebruik van een omvangrijk internationaal netwerk om deze muzikale talenten te ontdekken en organiseert ieder jaar een internationale Summer Academy in Bergen. Masterclasses en individuele coaching staan hierbij centraal. Internationaal beroemde musici en muziekpedagogen, verbonden aan topinstituten over de hele wereld, geven intensieve begeleiding aan een nieuwe generatie solisten. Ook worden jonge musici geselecteerd die de mogelijkheid krijgen een eerste stap te zetten op weg naar het internationale concertpodium. Door de kwaliteit en de internationale reputatie van de pedagogen staat de Summer Academy wereldwijd op de kaart. De meest getalenteerde musici krijgen uiteindelijk toegang tot de New Masters on Tour-series in Het Concertgebouw en Theater Odeon in Nederland en vervolgens in Europa en Rusland. De succesvolle formule van The International Holland Music Sessions wordt wereldwijd geroemd en zet dus ook Bergen internationaal op de kaart. In 2011 zijn er 130 deelnemers in leeftijd variërend van en afkomstig uit 40 landen. De IHMS werkt met een beperkt aantal betaalde krachten en een groot aantal vrijwilligers waaronder de gastgezinnen waar de muziekstudenten verblijven. De 35 concerten van de IHMS vinden plaats in de Ruïnekerk. De IHMS heeft haar activiteiten uitgebreid naar andere podia in Noord Holland om voldoende middelen te genereren om de masterclasses te kunnen blijven verzorgen. Niettemin verkeert de organisatie door het wegvallen van sponsoren, het hoge BTW tarief, en toegenomen kosten in een dusdanige financiële situatie dat handhaving van de gemeentelijke subsidie (€ 15.000) in de periode 2012-2013 nodig blijft. Kunst10daagse De Kunst10daagse is jaarlijks terugkerend evenement waarbij meer dan 200 kunstenaars exposeren op evenzoveel locaties in Bergen. Traditioneel vindt deze festiviteit plaats gedurende de laatste 10 dagen van de maand oktober en is daarmee een echt cultureel herfstfestival. De Kunst10daagse is breed geprogrammeerd met een artistiek en toegankelijk palet aan beeldende kunst; zowel schilderkunst als beeldhouwwerk, fotografie, etsen en keramiek. Daarnaast worden er op meerdere locaties in Bergen muziek- en toneelvoorstellingen opgevoerd. De Kunst10daagse is ontstaan als initiatief van Bergense ondernemers met het doel het toeristenseizoen te verlengen. Inmiddels trekt het evenement enkele tienduizenden bezoekers per jaar naar Bergen. Ook de betrokkenheid van de eigen bevolking bij het evenement is groot. De laatste twee jaren heeft de organisatie sterk ingezet op het vergroten van de professionaliteit. De kunst10daagse geeft aan een laagdrempelig evenement te willen zijn zonder dat die laagdrempeligheid ten koste gaat van de kwaliteit. Een belemmerende factor is het gebrek aan grote en geschikte expositieruimten in Bergen. Met de komst van Nieuw-Kranenburg komt daar verandering in. Ook kan gedacht worden aan het toestaan van tijdelijke expositielocaties in evenementen tenten. In vergelijking tot andere instellingen ontvangt de Kunst10daagse vanaf 2005 jaarlijks een bescheiden structurele subsidie van € 4.500. Deze subsidie is echter vrijwel ieder jaar aangevuld met een extra bijdrage variërend van € 5.000 tot € 10.000. Ook de Kunst10daagse heeft te maken met wegvallende sponsors en gestegen kosten. Voor de periode 2012 tot en met 2013 ontvangt de Kunst10daagse een jaarlijkse subsidie van € 10.000. Nieuw-Kranenburg In 2013 opent Nieuw Kranenburg haar deuren. Nieuw Kranenburg is ontstaan uit een gezamenlijk initiatief van Museum Kranenburgh, het SBK, het Sterkenhuis, het NHKC en het KCB om de culturele krachten te bundelen in een vernieuwd gebouw. Dit betekent dat verschillende culturele organisaties zich onder 1 dak zullen huisvesten en zich presenteren vanuit de overkoepelende organisatie Nieuw Kranenburg. Dit heeft er ook toe geleid dat de kunst- en cultuurhistorische collecties afkomstig van de verschillende culturele organisaties en de gemeente ook zijn samengevoegd in een aparte collectiestichting behorende bij de organisatie van Nieuw Kranenburg. De verschillende organisaties vinden een thuis in de villa waar voorheen museum Kranenburgh was gevestigd en welk is uitgebreid met nieuwbouw. Hierdoor is Nieuw Kranenburg met meer ruimte voor tentoonstellingen en exposities, een auditorium, een museumwinkel en museumcafé , ruimte voor kunstenaarsverenigingen en een aparte ruimte voor cultuureducatie uitgerust voor de toekomst. Naast een culturele programmering van tentoonstellingen, concerten, andere culturele activiteiten zal Nieuw Kranenburg zich ook richten op kunst- en cultuureducatie en op natuur. Nieuw Kranenburg zal een impuls geven aan het culturele leven van Bergen door een spilfunctie hierin te vervullen. Samenwerking met andere culturele organisaties en initiatieven is hierin belangrijk. Naast het ontwikkelen van een eigen cultuureducatief programma zal Nieuw Kranenburg op het gebied van kunst- en cultuureducatie ook een cultuurbrede rol vervullen door de combinatiefunctionarissen voor cultuur te huisvesten en te begeleiden in hun taak voor heel Bergen. Nieuw Kranenburg ontvangt vanaf het jaar van opening jaarlijks € 500.000 subsidie. Deze subsidie komt voor een deel voort uit de bundeling van de voormalige subsidies van de verschillende organisaties die nu binnen Nieuw Kranenburg zijn vertegenwoordigd , en deels is het nieuw budget om het geheel van Nieuw Kranenburg naar een meer professioneel en hedendaags niveau te brengen. De subsidie vormt de helft van de begroting van Nieuw Kranenburg. De overige inkomsten bestaan uit opbrengsten van de verschillende culturele activiteiten, inkomsten vanuit de museumwinkel en het museumcafé, en sponsoring. 5- Begroting 2012-2013 In totaal is voor het cultuurbeleid in 2012 € 1.478.500 beschikbaar. Voor het kunstproject met buurtbewoners en scholen wordt éénmalig een bedrag van € 30.000 ontrokken aan de reserve voor het plaatsen van kunst in de openbare ruimte. Voor de jaren 2012 tot en met 2013 is het budget € 1.448.500. Om meer ruimte te creëren voor het ondersteunen van het kunstbeleid wordt de jaarlijkse toevoeging aan de reserve voor beeldende kunst in de openbare ruimte verlaagd met € 5.000 naar € 10.000. Het verschil wordt toegevoegd aan het budget voor kunstbeleid. Met deze middelen wordt het mogelijk de structurele subsidiering van de Kunst10daagse iets te verruimen. Vanaf 2013 vervalt ook de overgangssubsidie aan de KCB zodat het budget voor incidentele subsidiering weer op peil kan worden gebracht. Het subsidieplafond voor incidentele subsidies bedraagt gemiddeld € 40.000,00. Dit bedrag wordt jaarlijks door de raad vastgesteld en is voor 2012 € 32.500. Begroting per instelling/deelterrein incidenteel Opmerkingen bij de volgende tabel: De opzet van de begroting uit 2005 was om vier deelterreinen te hanteren bij de verdeling van incidentele subsidies. In de loop der tijd is deze verdeling losgelaten omdat bleek dat er daarmee te weinig ruimte was om flexibel op aanvragen te reageren. Binnen het deelterrein cultuurhistorie en musea bleek aanvankelijk bijvoorbeeld weinig vraag naar ondersteuning te zijn. Deze middelen zijn ingezet op het onderdeel kunsteducatie. In de komende beleidsperiode wordt geen onderverdeling gemaakt en vallen de incidentele subsidies allen onder de noemer: culturele festivals en evenementen. Ook de subsidieaanvragen die scholen kunnen doen voor hun educatieve programma vallen onder deze noemer. Een uitzondering is een bedrag van maximaal € 10.000 voor het stimuleren van initiatieven door amateurkunstenaars. De begroting voor 2013 toont bedragen exclusief indexering van de huisvesting- en personeelskosten. In de tabel is nog niet opgenomen de gemeentelijke bijdrage voor cultuurcoaches (combinatiefunctie)van € 80.000,00 waarover in november 2011 besloten is. Begroting per instelling/deelterrein incidenteel 2005 2011 2012 2013 begroot werkelijk begroot begroot Subsidiering basisaanbod Artiance en CJP (SKV) 15.575 18.368 15.000 15.000 Muziekverenigingen 37.500 31.720 35.000 35.000 Kunst10daagse 4.500 11.600 10.000 10.000 Schoorlse Kunsten* 5.000 5.000 5.000 5.000 Bibliotheek 699.006 790.964 791.000 791.000 (Nieuw-)Kranenburg(
- h)159.278 302.881 500.000 500.000 Kunstuitleen 5.200 - - - Kunstenaarscentrum 15.600 10.000 10.000 - Progr. Slotkapel, Egmond 0 4.538 4.500 4.500 Museum Egmond 3.500 3.500 3.500 3.500 Het Sterkenhuis 10.000 - - - Int. Holland Music Ses. 12.500 15.000 15.000 15.000 Cinebergen - 8.000 15.000 15.000 subtotaal 967.659 1.201.571 1.404.000 1.394.000 Incidentele subsidiering Kunstproject buurten - - 30.000 - cult. festivals, evenem. 25.000 30.000 32.500 42.500 kunst- en cultuureduc. 15.000 - - - cultuurhist.en musea 10.000 - - - amateurinitiatieven - - 10.000 10.000 subtotaal 50.000 30.000 72.500 52.500 totaal 1.032.659 1.231.571 1.477.000 1.446.500 Dit bedrag is inclusief een incidentele bijdrage van € 7.000. De subsidie van deze organisaties valt vanaf 2011 onder de subsidie van Nieuw-Kranenburg. Bij de KCB vindt nog extra subsidiering in de overgangperiode 2011-2012 plaats. Bestemmingsreserve beeldende kunst in de openbare ruimte De jaarlijkse toevoeging aan de reserve (€ 15.000) wordt verlaagd naar € 10.000. Voor het plaatsen van kunst in de openbare ruimte is daarmee in 2013 € 40.000 (richtbedrag) beschikbaar. Uitgangspunt is dat voor het realiseren van deze plannen ook subsidies en sponsoren uit andere bronnen worden gezocht. saldo 31 dec 2010 vermeerdering 2011 € 58.608 € 15.000 saldo 31 dec 2011 vermeerdering 2012 onttrekking 2012 € 73.608 € 10.000 € 30.000 saldo 31 dec 2012 vermeerdering 2013 onttrekking 2013 € 53.608 € 10.000 € 40.000 saldo 31 dec 2013 vermeerdering 2014 onttrekking 2014 € 23.608 € 10.000 € 0 saldo 31 dec 2014 vermeerdering 2015 onttrekking 2015 € 33.608 € 10.000 € 40.000 6- Subsidiesystematiek De aanpak Voor de behandeling en beoordeling van subsidies geldt de algemene subsidieverordening van de gemeente Bergen. Daarnaast worden in dit hoofdstuk een aantal specifieke regels vastgelegd. Het subsidiesysteem werkt op hoofdlijnen als volgt: Er wordt onderscheid gemaakt in structurele en incidentele subsidiëring. Elke instelling dient een basistoets te doorstaan, plus daarbij een specifieke toetsing met weging(sfactoren). Er worden op maat gesneden subsidiebeschikkingen en beoordelingen gemaakt (vs. ‘one size fits all’). Meer sturing door gebruik van budgetafspraken voor grote instellingen (bibliotheek en Nieuw Kranenburg). Na 3 jaar wordt geëvalueerd waarna opnieuw (naar aanleiding van hernieuwde aanvragen voor 4 jaar) een beoordelingsronde voor structurele subsidies volgt. Cultuurcommissie Om het nieuwe beleid naar behoren uit te voeren, wordt – naast de ambtelijke inspanning – een adviescommissie kunst en cultuur ingezet. Onderzocht wordt of dit de bestaande adviescommissie voor beeldende kunst kan zijn. In de huidige werkwijze van de gemeente is de beleidsmedewerker Kunst en Cultuur degene die de structurele en incidentele aanvragen inhoudelijk beoordeelt en al dan niet definitief toekent, na deze aan het college te hebben voorgelegd. De afdeling Burgers en Bedrijven verzorgt de administratieve afhandeling van subsidies en controleert de rechtmatigheid. Door de inhoudelijke beoordeling bij 1 persoon onder te brengen is de beschikbare kennis voor het beoordelen van de subsidieaanvragen beperkt. De kwaliteit van de beoordeling en toetsing van subsidieaanvragen zal sterk verbeteren en minder blootstaan aan het gevaar van willekeur door de inzet van een aantal onafhankelijke en deskundige adviseurs binnen een commissie. Een dergelijke adviescommissie kan de incidentele subsidietoekenningen vier keer per jaar behandelen en vervolgens voorleggen aan het college. Op deze wijze is de toetsing objectiever en beter gefundeerd door praktijkervaring. In het kort: De commissie heeft een adviserende functie richting de gemeente De commissie beoordeelt structurele aanvragen één keer per 4 jaar De commissie beoordeelt incidentele aanvragen op 4 momenten in het jaar. De commissie brengt een advies uit op basis van de ingediende plannen De beleidsmedewerker van de gemeente fungeert als coördinator van de commissie Gedurende het eerste half jaar van 2012 wordt de precieze werkwijze van de commissie bepaald. Taken: Het (in de toekomst) selecteren en beoordelen van de vierjarige structurele instellingen (het basisaanbod). Het selecteren en beoordelen van incidentele aanvragen en het uitbrengen van een advies hierover aan de gemeente Het evalueren van de meerjarig gefinancierde instellingen. Structurele subsidies De instellingen die behoren tot het culturele basisaanbod vragen voor de gehele beleidsperiode van 4 jaar subsidie aan. Bij toekenning worden heldere afspraken gemaakt over de wijze van verantwoorden (jaarlijks inhoudelijk en financieel) en de te verwachten prestaties. Na het eerste jaar kan jaarlijks worden volstaan met een werkplan. Na 3 jaar wordt het gevoerde beleid geëvalueerd en worden voorbereidingen getroffen voor de nieuwe beleidsperiode. De instellingen kunnen opnieuw voor een periode van 4 jaar subsidie aanvragen. Het komt vaak voor dat subsidieaanvragen worden gedaan voor jaarlijks terugkerende activiteiten die daarmee feitelijk behoren tot het reguliere aanbod van de gemeente (Jazz en Sail, Breaking the Waves festival). In het geval deze aanvragen jaarlijks terugkeren worden de aanvragen voorgelegd aan de adviescommissie met de vraag of ze dienen te worden opgenomen in het basisaanbod dat door de gemeente structureel wordt ondersteund. De adviescommissie brengt hierover advies uit aan het college. Bij een negatief advies worden deze activiteiten maximaal 2 maal binnen de beleidsperiode van 4 jaar gehonoreerd om te voorkomen dat een te grote subsidieafhankelijkheid ontstaat. Incidentele subsidies Gedurende het hele jaar kunnen instellingen een aanvraag indienen voor incidentele subsidiëring. Er wordt gekeken naar de wijze waarop een aanvraag inzet op de speerpunten zoals beschreven op pagina 14 tot en met 17. Om te zorgen dat het budget niet direct gedurende de eerste maanden van elk jaar wordt vergeven, wordt een verdeling per kwartaal opgezet. Ter voorbereiding van de behandeling in de adviescommissie wordt een basistoets uitgevoerd en worden eventueel aanvullende gegevens opgevraagd. Bij subsidies van € 2.000 of meer wordt van de ontvangende instelling een inhoudelijke en financieel verslag gevraagd aan te leveren binnen drie maanden na afloop van de gesubsidieerde activiteit. Iedere twee jaar wordt een korte evaluatie van de besteding van het budget voor incidentele subsidies opgesteld en aangeboden aan de raad. Basistoets: formele toetsing op basis van vaste criteria Los van het onderscheid tussen structurele en incidentele subsidies, worden alle subsidieaanvragen in het kader van de cultuurnota getoetst aan de hand van een aantal basale vragen. Dit om te voorkomen dat subsidies onterecht worden ontvangen en/of besteed. Er wordt onderscheid gemaakt tussen ‘harde’ en ‘zachte’ criteria. Onder ‘harde’ criteria worden alle formele, juridische en/of meetbare argumenten verstaan om een aanvraag al dan niet af te wijzen. Onder ‘zachte’ criteria vallen kwalitatieve eisen die vanuit de politiek en/of het publiek worden gesteld aan aanvragen/-ers. De basistoets vindt plaats direct na ontvangst van een aanvraag en wordt uitgevoerd door de verantwoordelijke ambtenaar. Bij twijfel over het eindoordeel, of over de toepassing van bepaalde criteria, doet de ambtenaar een beroep op de leden van de adviescommissie. In bepaalde gevallen kan worden afgeweken van de lijst met criteria, bijvoorbeeld in het geval van een aanvraag in het kader van het budget voor amateurkunstbeoefening wordt gedaan. Afwijkende initiatieven wordt hiermee een kans geboden bijvoorbeeld omdat bepaalde criteria (tijdelijk) minder relevant zijn of nog niet van de aanvrager kunnen worden geëist. Ook hier beslist de Adviescommissie. Harde criteria ten behoeve van basistoets Onderstaande vragen moeten met ja of nee beantwoord kunnen worden om te kunnen gelden als aanbeveling: Is de aanvraag voorzien van een duidelijke projectomschrijving, begroting en PR plan? (
- ja)Is er sprake van een financiële betrokkenheid/bijdrage van de subsidieverzoeker of van derden? (
- ja)Deze betrokkenheid moet minimaal 50% zijn. Het college kan hierop alleen in bijzondere omstandigheden een uitzondering maken. Behelzen de kosten de aanschaf van duurzame gebruiksgoederen, het verwerven van (gedeeltes van) gebouwen, terreinen en/of het restaureren, renoveren of verbouwen van ruimten, gebouwen en bouwwerken? (nee) Wordt een garantstelling gevraagd voor kosten voorkomend uit tegenvallende bezoekers- dan wel deelnemers-aantallen? (nee) Ondersteunt het project uitsluitend individuele kunstenaars? (nee) Ontvangt de aanvrager al subsidie van de gemeente? (nee) Heeft het project of de activiteit al plaatsgevonden? (nee) Is de subsidie aangevraagd drie maanden of langer voorafgaand aan de activiteit/de start van het project? (
- ja)Zachte criteria ten behoeve van basistoets Onderstaande vragen moeten merendeels met ja beantwoord kunnen worden: Draagt het project/de activiteit bij aan de prioriteiten, zoals uitgewerkt op pagina 14 tot en met 17? Is het project van aantoonbare kwaliteit, zoals bijvoorbeeld kan blijken uit de opleiding en beroepservaring van de betrokkenen en recensies in de pers? Zijn de activiteiten gebaseerd op een vraag van, publieksonderzoek onder of gesprekken met specifiek beoogde doelgroepen? Dragen de activiteiten bij aan het ontstaan van duurzame netwerken of samenwerkingsverbanden? Getuigen de activiteiten van cultureel ondernemerschap, (bijvoorbeeld door het gebruik van originele marketinginstrumenten)? Eigen vermogen toets In artikel 29 lid 3 van de Algemene Subsidieverordening van de gemeente Bergen is bepaald dat “indien het vrij besteedbaar eigen vermogen hoger is dan 10% van de totale lasten van de vastgestelde jaarrekening, van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de subsidieaanvraag wordt behandeld, dan dient de organisatie het meerdere aan te wenden als bijdrage om de activiteiten uit te kunnen voeren. Deze regeling heeft er in het verleden wel toe geleid dat culturele organisaties met een hoog eigen vermogen dat werd veroorzaakt door het bezit van kapitaalgoederen zoals een pand of een museale collectie werden buitengesloten van subsidie. Binnen het bestek van deze nota worden de kapitaalgoederen van culturele instellingen (die niet ten behoeve van activiteiten te gelde kunnen worden gemaakt) uitgesloten van de vermogenstoets. In de huidige economische omstandigheden slagen de meeste culturele instellingen er niet in vermogen te vormen. Dat is echter wel wenselijk gezien de sterk variabele inkomsten waarmee deze organisaties werken. Binnen het bestek van deze nota kan het college besluiten een hoger percentage aan eigen vermogen toe te staan of een culturele instelling geheel vrij te stellen van de eigen vermogen toets. 7- Implementatie en Planning Visie en voortgang bibliotheekbeleid In december 2011 wordt een bibliotheekvisie voorgelegd aan de raad aan de hand waarvan het bibliotheekbeleid verder moet worden uitgewerkt. Besluiten over de vorm en inhoud van de 3 vestigingen. 1e -3e kwartaal 2012 Afstemming en uitwerking Cultuur Primair en Rondje Cultuur Overleg met scholen over kunsteducatie periode 2012-2013; uitleg over subsidiemogelijkheden. Uitwerking en subsidiering Cultuur Primair voor schooljaar 2012-2013 1e kwartaal 2012 Toekennen en evalueren incidentele subsidies Informeren van amateurverenigingen over de nieuwe subsidiemogelijkheden. De adviescommissie beoordeelt de aanvragen en brengt advies uit aan de gemeente vanaf 2013. Doorlopend 2012-2015 Beeldende kunstproject Beeldende kunstproject met het onderwijs en buurtbewoners. Opvragen offertes, opdrachtverlening, communicatie, uitvoering. 1e-4e kwartaal 2012 Onderzoek en aanstelling adviescommissie kunst Onderzoek naar de mogelijkheid tot uitbreiding van de taken van de al bestaande adviescommissie voor beeldende kunst, vaststelling nieuw reglement (werkwijze en taken) . 2e -4ekwartaal 2012 Educatief programma Nieuw-Kranenburg Stimuleren van en toezien op de ontwikkeling van een educatief programma voor Nieuw-Kranenburg, ontwikkeling spilfunctie in cultuureducatie voor het onderwijs. 2012 Toekennenstructurele subsidies Presentatie van de nieuwe systematiek aan de instellingen en toewijzing van de vierjarige subsidies met ingang van 1 januari 2013. De instellingen ontvangen een subsidiebeschikking op maat. Jaarlijkse evaluatie op basis van de verslaglegging door de instellingen. 4e kwartaal 2012, 2013, 2014, 2015 Opstellen en uitvoeren werkafspraken HOD Met de leegstandsbeheerder worden afspraken gemaakt over de wijze waarop kunstenaars in aanmerking komen voor tijdelijke atelierruimte in leegstaande panden. 2013 Operationalisatie doelstelling cultuurpromotie Rapportage aan het college over de wijze waarop de promotie van Bergen door middel van het aanbod aan Kunst en Cultuur kan worden vormgegeven. 2013 Evaluatie muziekonderwijs Evaluatie wijze van subsidiëren, rapportage aan college, eventueel voorstellen voor omvorming of nieuw beleid. 2013 Realisatie Kunst in de openbare ruimte In Schoorl en Egmond, uitschrijven openbare opdracht, organiseren burgerparticipatie, keuze, uitvoering, onthulling. 2013 en 2015 Evaluatie incidentele subsidies In samenwerking met de adviescommissie kunst wordt de incidentele subsidiering van tweejaarlijkse periodes geëvalueerd. Hiervan wordt kort verslag gedaan aan de raad. 4e kwartaal 2013 en 2015 Onderzoek aanwezigheid en behoeften jongeren Ontwikkeling en uitvoering (al dan niet uitbesteed) 2014 Afstemming/ samenwerking toerisme, onderwijs Onderzocht wordt op welke punten meer samenhang en samenwerking met andere beleidsvelden (toerisme , economische zaken, onderwijs, cultuurhistorie, WMO) kan worden gevonden. Hierover wordt aan het college gerapporteerd. 2014 Evaluatie vierjarige subsidies In samenwerking met de adviescommissie kunst worden de vierjarig gesubsidieerde instellingen geëvalueerd en wordt bekeken hoe het kunst- en cultuurbeleid moet worden aangepast. De evaluatie word toegestuurd aan de raad. 4e kwartaal 2014, 1e kwartaal 2015 Bijlage 1 Het concept Cultuurnota 2010-2013, Cultuur vanuit een breder perspectief, is voor een reactie toegezonden aan: (de instellingen die een schriftelijke reactie hebben verzonden zijn vet gedrukt) Bibliotheek Bergen Filmtheater Cinebergen Stichting behoud Slotkapel Stichting Welzijn Bergen Stichting Kunst10daagse Kunstuitleen Bergen Kunstenaarscentrum Bergen Stichting Muziek in de Ruïnekerk Stichting Schoorlse Kunsten International Holland Music Sessions Het Sterkenhuis Bestuur en directie Museum Kranenburgh Nieuw-Kranenburg Bestuur Museum van Egmond VVV Bergen Stichting Bachcantate Werkgroep Bergen Hedendaagse Muziek Adviescommissie beeldende Kunst NHKC Stichting Tijdgeest Breaking the Waves Stichting kunstgetij Galerie de Kapberg Theater aan Zee Samba Salad SKV Noord Kennemerland (nu Artiance) Poezie in de Branding Kunst en cultuiur Noord Holland Stichting Roland Holstfonds Jongeren adviesraad Seniorenraad Bergen Gehandicaptenraad WMO raad Stuurgroep Toerisme en recreatie Samenwerkingsverband Wijkverenigingen Bergen Wijkvereniging Aagtdorp Dorpsraad Bergen aan Zee Stichting Bergen aan Zee Bestuur Dorpsvereniging Groet Woonbelangenvereniging Van Reenenpark e.o. Bewonersvereniging Schoorl Centrum Buurtcom. "de Erven Boendermaker" Tuindorp Bewonersgroep Camperduin Bewonersgroep Catrijp Wijkvereniging Koninginneweg i.o. Bewonersvereniging Bergen Centrum Pas op Kunst Stichting Geestgrond Jazz en Sail Bewonersvereniging Saenegheest Vereniging Dorpsbelangen Egmond Binnen Vereniging de 9 Nessen Ver. Dorpsbelangen Egmond, Parel, aan Zee Scholen voor basis- en voortgezet onderwijs (Adelbertusschool) Vrije kunst ‘83 Bijlage 2 Zienswijzen bij de Cultuurnota 2010-2013, Cultuur vanuit een breder perspectief IvV 26 juni 2011 In juni 2010 is de concept nota Kunst en Cultuur verstuurd aan een aantal betrokken personen en instellingen (zie voor een lijst met geadresseerden bijlage 1). Er zijn 12 reacties binnengekomen. Hieronder volgt een overzicht van de inhoud van de reacties waarbij voorgestelde tekstcorrecties of feitelijke onjuistheden in de tekst buiten beschouwing worden gelaten. Uiteraard wordt de tekst naar aanleiding van die opmerkingen aangepast. Ambitie Vier inzenders vinden dat de gemeente met de nota te weinig helder is over wat men wil bereiken en te weinig ambitie toont. De Stichting Kunstgetij vindt dat het cultuurbeleid moet leiden tot meer cohesie, bijvoorbeeld tussen de dorpen onderling en tussen publieksgroepen in leeftijd en afkomst. Daarnaast zou getracht moeten worden een breder publiek te bereiken en zou er meer diepgang en kwaliteit in de bestaande culturele activiteiten moeten worden gebracht. Cinebergen sluit zich hierbij aan met de opmerking dat het aanbod meer diversiteit en meer dynamiek behoeft. Voor de Kunst10daagse betreft het gebrek aan ambitie de geringe bijdrage van de gemeente aan de algemene beeldvorming over Bergen nationaal én internationaal. Bergen moet ambitieus zijn in de kerncompetenties natuur, cultuur en toerisme en moet op die terreinen willen behoren tot de top van Nederland. De Kunst10daagse voorziet dat veel bezoekers van Bergen op termijn andere bestemmingen gaan zoeken indien er op dit terrein niet meer activiteiten door de gemeente worden ondernomen. Ook de Stichting Kunstgetij vindt dat de gemeente meer moet doen aan de promotie van Bergen bijvoorbeeld door meer overzicht te bieden en samenwerking op dit terrein te stimuleren. De speerpunten Drie inzenders geven aan het eens te zijn met de 5 speerpunten. De Stichting Kunstgetij sluit zich aan bij de keuze van de gemeente om zich te beperken tot een focus op hedendaagse beeldende kunst in plaats van op een veelheid aan disciplines. Dit is opmerkelijk omdat deze Stichting zich met name met podiumkunsten bezig houdt. De werkgroep Poëzie in de Branding vindt een focus op beeldende kunst juist niet wenselijk en noemt de beperking “schadelijk voor het totale palet”. Cinebergen sluit zich aan bij de wens om de focus meer op jongeren te richten. De Adelbertusschool onderschrijft de focus op kunsteducatie. Vrije Kunst ’83 mist in de nota de aandacht voor de amateurkunstbeoefenaars. Deze organisatie stelt voor een zesde speerpunt toe te voegen: activering, stimulering en faciliteren van een bloeiend verenigingsleven omdat de verenigingen het werkelijke hart van het culturele leven vormen. Vrije Kunst ’83 mist ook in de voorbereiding van de nota de deelname van amateurkunstinstellingen. De WMO raad breekt eveneens een lans voor een betere zichtbaarheid en betere ondersteuning van de culturele activiteiten die binnen het verenigingsleven tot stand komen. Ook de Stichting Kunstgetij stelt voor een zesde speerpunt toe te voegen genaamd: verbinding, verbreding en verdieping (zie bovenstaande paragraaf). Een aantal respondenten heeft er moeite mee dat de eigen instelling slechts zijdelings wordt genoemd. De Kunst10daagse meent dat meer aandacht voor de verdiensten van hun evenement én een evenement als de Holland Music Sessions op zijn plaats was geweest. Het steekt hen dat de IHMS niet specifiek in de nota wordt genoemd. Ook de directie van IHMS heeft hierover verbazing uitgesproken. De gemeente zou de activiteit moeten koesteren. De reactie van de bibliotheek omvat een tekstvoorstel waarmee een meer compleet beeld wordt gegeven van de rol die de instelling bij het cultuurbeleid nastreeft. Budget De meeste reacties betreffen het budget voor culturele activiteiten. De meeste instellingen stellen dat er meer geld in het algemeen én specifiek voor de eigen organisatie beschikbaar moet komen. De teneur van de opmerkingen is dat een gemeente als Bergen met een dusdanig sterk kunstimago er niet aan ontkomt het kunstbeleid serieus te nemen en er voldoende (meer) middelen voor beschikbaar te stellen. Twee instellingen pleiten voor een betere verdeling van het geld. Zij vinden het onterecht dat de bibliotheek en (Nieuw-)Kranenburg(
- h)het grootste deel van het budget verbruiken. De Kunst10daagse stelt dat culturele activiteiten en met name de Kunst10daagse meer subsidie verdienen omdat het groot economisch voordeel oplevert voor Bergen en via de belastingen ook voor de gemeente. De stichting Kunstgetij vindt het budget voor incidentele initiatieven te mager en vindt ook de beschikbare ambtelijke capaciteit te beperkt. Wat hen betreft zou de gemeente ook een partner en vliegwiel moeten zijn voor een gezamenlijke zoektocht naar financiering. Link met toeristisch en erfgoed/monumentenbeleid De Stichting Bergen aan Zee verwacht weinig heil van een koppeling van het cultuurbeleid met het toeristisch beleid van de gemeente omdat dit wat hen betreft te eenzijdig gericht is op het vergroten van de economische bedrijvigheid en te weinig met bescherming van het erfgoed. De Stichting spreekt de wens uit dat nieuwe planontwikkelingen aan normen en waarden voor het behoud van cultureel erfgoed worden getoetst. De IHMS vindt de koppeling van het toeristisch beleid met het cultuurbeleid wel van belang. Zij stelt dat er te weinig besef is bij de gemeente van de toeristische relevantie van het culturele aanbod. Adviescommissie beeldende kunst Twee instellingen vinden het niet raadzaam de Adviescommissie Beeldende Kunst om te vormen tot een commissie die ook andere initiatieven en subsidieaanvragen beoordeelt. De angst is dat de leden van de commissie een te eenzijdige deskundigheid hebben om een goed oordeel te kunnen hebben. Bijlage 3 Incidentele subsidiering per beleidsdoelstelling 2009-2011 2009 2010 2011 Cultuurparticipatie en -beleving, focus op jongeren De Potsierlijke Passanten € 2.270,00 geen aanvraag geen aanvraag Breaking the Waves € 6.600,00 € 0,00 € 5.000,00 Woodlandsfestival geen aanvraag geen aanvraag € 7.000,00 kunst- en cultuureducatie voor schoolgaande jeugd en jongeren St. Tijdgeest € 1.540,00 € 7.600,00 € 10.500,00 Meester Bach/Bachcantate € 1.250,00 € 1.000,00 € 1.000,00 Stichting vrije school basisonderwijs geen aanvraag geen aanvraag € 500,00 Lespraktijk Ellen Verburg geen aanvraag geen aanvraag € 500,00 Professionele hedendaagse beeldende kunsten Kunst en Koningsduin/zomerdag in het duin (KCB) € 1.000,00 € 3.000,00 € 0,00 Rabobank Cultuurprijs regio Alkmaar geen aanvraag € 3.200,00 geen aanvraag Aanbod voor bewoners, toeristen en recreanten St. Muziek in de Ruïnekerk € 500,00 € 500,00 € 0,00 Werkgroep Poëzie in de Branding € 500,00 € 500,00 € 250,00 Jazz en Sail € 1.500,00 geen aanvraag geen aanvraag Project Geestgronden € 10.000,00 geen aanvraag geen aanvraag Karavaan € 0,00 € 0,00 € 8.000,00 Cultureel erfgoed Historische Vereniging Bergen NH € 500,00 geen aanvraag € 0,00 Standbeeld Lamoraal geen aanvraag € 1.500,00 € 0,00 Stichting Kunst en Cultuur Egmond geen aanvraag geen aanvraag € 500,00 Stichting Historisch Egmond geen aanvraag geen aanvraag € 2.750,00 Amateurkunstbeoefening Schoorl's Gemengd Koor € 500,00 € 0,00 geen aanvraag Theatergroep Horizon € 500,00 geen aanvraag geen aanvraag Koorvereniging Bergen € 250,00 geen aanvraag geen aanvraag Vereniging Schoorlse Bigband € 250,00 geen aanvraag geen aanvraag Musicalvereniging de Hanswijckers € 500,00 geen aanvraag geen aanvraag Duinrandjesvereniging de Noord € 250,00 geen aanvraag geen aanvraag Totaal € 27.910,00 € 17.300,00 € 36.000,00 Bijlage 4 MEMO van college aan de raad datum: 21 februari 2012 aan: Gemeenteraad van: College onderwerp:vragen bij de Portefeuillehouder: Inlichtingen bij: Aanleiding De memo wordt opgesteld als antwoord op een toezegging in van door Kernboodschap De beantwoording betreft vragen op schrift gesteld door de fracties van het CDA, VVD, Gemeentebelangen en Groen Links en de mondelinge vragen gesteld door de fracties van PvdA en D66 in de commissievergadering van 12 januari 2012. Bijlagen 1.Lijst van personen geraadpleegd door LAgroup 2.Het ringenmodel van Cor Wijn Vragen CDA 1.Waarom richt het college zich niet eerst op de discussie over de bezuinigingen? Is het wel correct de nota te laten lopen over de termijn van de huidige gemeenteraad heen? De houdbaarheidsdatum van de vorige nota is al geruime tijd verstreken