Sociaal statuut gemeente Oldambt 2012 - 2014 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldambt; Overwegende, dat het gewenst is nadere regels te stellen met betrekking tot eventuele gevolgen verbonden aan organisatiewijzigingen in de gemeente Oldambt, niet zijnde een organisatiewijziging als gevolg van een gemeentelijke herindeling, en deze vast te stellen in een zogenaamd sociaal statuut; Gelet op artikel 160 lid 1 sub c van de Gemeentewet; Gelet op de Wet op de Ondernemingsraden (WOR), met name artikel 25; Gelet op de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling (CAR) en de Uitwerkingsovereenkomst (UWO), met name de artikelen 8:3, 8:3:1, 12:1:5, 12:2 en 15:1:10; Gezien de bereikte overeenstemming in de commissie voor Georganiseerd overleg d.d. 10 juli 2012; Besluit vast te stellen de volgende regeling: SOCIAAL STATUUT GEMEENTE OLDAMBT 2012-2014 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1.1Definities In dit sociaal statuut wordt verstaan onder: ambtenaar de ambtenaar in de zin van de CAR, alsmede de ambtenaar met wie de werkgever een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd naar burgerlijk recht heeft afgesloten; werkgever de gemeente Oldambt; organisatiewijziging een belangrijke inkrimping of wijziging van de werkzaamheden van de gemeente (of een onderdeel daarvan) of een belangrijke wijziging van de laatst vastgestelde organisatiestructuur van de gemeente (of een onderdeel daarvan), die niet van tijdelijke aard is en die personele gevolgen met zich mee brengt; privatisering organisatiewijziging die het gevolg is van de verzelfstandiging van een deel van de organisatie tot een nieuwe (privaatrechtelijke) rechtspersoon of de overdracht van een deel van de organisatie aan een derde (privaatrechtelijke) partij; publiekrechtelijke taakoverheveling organisatiewijziging die het gevolg is van de overheveling van een deel van de organisatie naar een ander publiekrechtelijk orgaan; personele gevolgen gevolgen voor de functie of de rechtspositie van de betrokken ambtenaren; salaris het voor de ambtenaar geldende bedrag van de aan de ambtenaar toegekende schaal als bedoeld in artikel 3:1 van de CAR; salarisperspectief de opeenvolgende salarisperiodieken tot en met het hoogste bedrag van de functie- of uitloopschaal van de ambtenaar en eventueel schriftelijk vastgelegde extra individuele salarisafspraken; bezoldiging het salaris, vermeerderd met het bedrag van de aan de ambtenaar toegekende emolumenten en toelagen, niet zijnde onkostenvergoedingen; toelage de toelage waarmee het salaris wordt vermeerderd ingevolge de Bezoldigingsregeling van de gemeente Oldambt; functie het geheel van werkzaamheden dat de ambtenaar volgens zijn functiebeschrijving verricht; herplaatsingskandidaat de ambtenaar waaraan de werkgever geen passende dan wel geschikte functie heeft kunnen bieden. De herplaatsingskandidaat heeft een boventallige status. ongewijzigde functie een functie, waarvan de niveaubepalende taakonderdelen gelijk dan wel nagenoeg gelijk zijn aan de functie die de ambtenaar voor de organisatiewijziging vervulde; passende functie een functie van gelijkwaardig werk- en denkniveau, die de ambtenaar redelijkerwijs in verband met zijn persoonlijke omstandigheden en de voor hem bestaande vooruitzichten kan worden opgedragen. Een passende functie is doorgaans van hetzelfde functieniveau als de laatst vervulde functie, maar kan ook van een hoger niveau of maximaal één niveau lager zijn dan de oude functie; geschikte functie: een functie die niet valt onder het begrip passende functie, maar die de ambtenaar bereid is te vervullen; CAR/UWO Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling voor de sector gemeenten en de Uitwerkingsovereenkomst; georganiseerd overleg de commissie voor georganiseerd overleg zoals bedoeld in artikel 12:1 van de CAR; ondernemingsraad de ondernemingsraad zoals bedoeld in artikel 2 van de Wet op de ondernemingsraden; sociaal plan nadere afspraken, gebaseerd op en aanvullend op dit sociaal statuut, met betrekking tot de personele gevolgen van een organisatiewijziging. Artikel1.2Werkingssfeer Dit sociaal statuut is van toepassing op alle organisatiewijzigingen in de gemeentelijke organisatie, niet zijnde een organisatiewijziging als gevolg van een gemeentelijke herindeling. Artikel1.3Bevoegdheid tot het nemen van het besluit tot organisatiewijziging Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het nemen van besluiten over de wijziging van de ambtelijke organisatie. Artikel1.4Bevoegdheid tot het nemen van besluiten betreffende individuele ambtenaren Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het nemen van besluiten over wijziging van de aanstelling, overplaatsing en ontslag van ambtenaren, tenzij bij of krachtens de wet of raadsbesluit anders is bepaald. Hoofdstuk2Procedure bepalingen Artikel2.1Voornemen tot organisatiewijziging Als de werkgever voornemens is een organisatiewijziging door te voeren, kan hierover een extern onderzoek/advies worden gevraagd. Artikel2.2Extern advies Als de werkgever voornemens is om over de wenselijkheid van de organisatiewijziging extern advies te vragen, wordt de ondernemingsraad om advies gevraagd over het verstrekken en formuleren van de adviesopdracht, conform artikel 25 van de Wet op de ondernemingsraden. Artikel2.3Overleg over de personele gevolgen en maatregelen 1 Voordat een definitief besluit wordt genomen ten aanzien van de organisatiewijziging, wordt in het georganiseerd overleg overleg gevoerd over de personele gevolgen van het besluit en de naar aanleiding daarvan te nemen maatregelen. 2 Als de organisatiewijziging zodanig ingrijpende personele gevolgen met zich meebrengt dat hierover aanvullende afspraken moeten worden gemaakt, wordt door de werkgever een sociaal plan opgesteld. Over dit sociaal plan moet in het georganiseerd overleg overeenstemming worden bereikt. 3 De leden van het georganiseerd overleg kunnen tussentijds bijeen worden geroepen dan wel schriftelijk worden geraadpleegd, wanneer de omstandigheden een versnelde procedure vereisen. Artikel2.4Advies ondernemingsraad over organisatiewijziging 1 Voordat een definitief besluit wordt genomen ten aanzien van de organisatiewijziging, wordt de ondernemingsraad schriftelijk om advies gevraagd, conform artikel 25 van de Wet op de ondernemingsraden. 2 De adviesaanvraag bevat een heldere omschrijving van het voorgenomen besluit, de beweegredenen van het besluit, de personele gevolgen van het besluit en de naar aanleiding daarvan te nemen personele maatregelen. 3 Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd, dat het nog van wezenlijk belang kan zijn op het te nemen besluit. Artikel2.5Taakverdeling tussen ondernemingsraad en georganiseerd overleg Ten aanzien van de medezeggenschap van ambtenaren en vakcentrales geldt het algemene uitgangspunt dat onderwerpen die gedurende het proces van organisatiewijziging aan bod komen, primair door één orgaan worden behandeld. Artikel2.6Kennisgeving en uitvoering besluit 1 Als een definitief besluit is genomen tot wijziging van de organisatie, wordt dit besluit zo spoedig mogelijk meegedeeld aan het georganiseerd overleg, de ondernemingsraad en de betrokken ambtenaren. Daarbij wordt tevens ingegaan op de personele gevolgen van het besluit. 2 Als in het besluit wordt afgeweken van het advies van de ondernemingsraad, zal deze afwijking duidelijk worden gemotiveerd. De uitvoering van het besluit tot organisatiewijziging wordt in dit geval uitgesteld tot op zijn vroegst een maand nadat de ondernemingsraad van het besluit in kennis is gesteld, conform artikel 25, lid 6, van de Wet op de ondernemingsraden. Hoofdstuk3Algemene uitgangspunten voor sociaal beleid bij interne organisatiewijziging Artikel3.1Werkingssfeer hoofdstuk Dit hoofdstuk is uitsluitend van toepassing op interne organisatiewijzigingen, niet zijnde privatiseringen en publiekrechtelijke taakoverhevelingen. Artikel3.2Werkgelegenheid bij interne organisatiewijzigingen Gedurende de looptijd van dit sociaal statuut zullen als gevolg van organisatiewijzigingen geen gedwongen ontslagen plaatsvinden. Van dit uitgangspunt kan worden afgeweken indien in overeenstemming met het georganiseerd overleg wordt geconstateerd dat gedwongen ontslagen onvermijdelijk zijn. Artikel3.3Voorkeursvolgorde bij herplaatsing 1 De werkgever hanteert bij het nemen van besluiten ten aanzien van de ambtenaren, die betrokken zijn bij de organisatiewijziging, de volgende voorkeursvolgorde: 1. de ambtenaar blijft zijn eigen, ongewijzigde functie vervullen; 2. de ambtenaar wordt geplaatst op een passende functie binnen de gemeentelijke organisatie; 3. de ambtenaar wordt geplaatst op een geschikte functie binnen de gemeentelijke organisatie. 2 Herplaatsingsbesluiten als bedoeld in het eerste lid onder 2 en 3 worden genomen met inachtneming van de herplaatsingsprocedure, zoals omschreven in hoofdstuk 4. Artikel3.4Uitgangspunten herplaatsing 1 Bij het nemen van besluiten als bedoeld in artikel 3:3 wordt met de volgende gegevens rekening gehouden: a. de geschiktheid van de ambtenaar voor een functie, zoals dit blijkt uit opleidings- en ervaringsgegevens, beoordelingen en eventuele geschiktheidtesten; b. de voorkeur van de ambtenaar voor bepaalde functies; 2 De ambtenaar is verplicht mee te werken aan gesprekken en tests voor zover die nodig zijn voor het verzamelen van gegevens als genoemd in het eerste lid onder a. De kosten van eventuele tests zijn voor rekening van de werkgever. Artikel3.5Belangstellingsregistratie Voordat herplaatsingsbesluiten als bedoeld in artikel 3:3, eerste lid onder 2 en 3, worden genomen, wordt de betrokken ambtenaar in de gelegenheid gesteld zijn voorkeur voor maximaal drie functies kenbaar te maken. De ambtenaar kan verzoeken om mondeling te worden gehoord. Artikel3.6Geen passende of geschikte functie 1 Indien de werkgever er niet in slaagt om de ambtenaar een passende dan wel geschikte functie aan te bieden binnen de gemeentelijke organisatie dan zal de ambtenaar als herplaatsingskandidaat worden aangemerkt. De herplaatsingskandidaat heeft een boventallige status. De ambtenaar ontvangt hiervan een schriftelijke bevestiging. De herplaatsingstermijn duurt maximaal 1 jaar gerekend vanaf de datum van boventalligheidverklaring, mits zowel de werkgever als de herplaatsingskandidaat zich aantoonbaar actief houden aan de inspanningsverplichting tot het verkrijgen van een andere functie c.q. betrekking zowel binnen als buiten de organisatie én herplaatsing reëel en kansrijk wordt geacht. Om de herplaatsbaarheid te vergroten, kan er onder meer gebruik worden gemaakt van onderstaande (maatwerk) faciliteiten: - bijscholing en omscholing; - tijdelijke tewerkstelling binnen de gemeentelijke organisatie, al dan niet bovenformatief; - een passende functie binnen de gemeentelijke organisatie, die na de herplaatsingsprocedure is ontstaan; - tijdelijke detachering naar een externe organisatie; - outplacementbegeleiding; - een passende functie buiten de gemeentelijke organisatie; - flankerende maatregelen. De kosten van bijscholing, omscholing en outplacementbegeleiding zijn voor rekening van de werkgever. 2 Indien de werkgever na zorgvuldig onderzoek constateert dat geen structurele oplossing als bedoeld in het eerste lid kan worden gevonden, zal de ambtenaar eervol ontslag wegens reorganisatie worden verleend, als bedoeld in artikel 8:3 van de CAR. De bovenwettelijke werkloosheidsuitkeringsregeling van de CAR, hoofdstuk 10a, is van toepassing indien recht bestaat op een uitkering krachtens de WW. Artikel3.7Verplichtingen ambtenaar 1 De ambtenaar is verplicht, onverminderd het recht op bezwaar en beroep, een passende of geschikte functie die hem met inachtneming van de herplaatsingsprocedure is toegewezen, te aanvaarden. 2 Wanneer de ambtenaar na herhaald en zorgvuldig overleg weigerachtig is ten aanzien van aanvaarding van een passende functie, of anderszins onvoldoende meewerkt aan het vinden van een oplossing als bedoeld in artikel 3:6, eerste lid, kan het college van burgemeester en wethouders overgaan tot ontslag. Artikel3.8Salarisgarantie De ambtenaar die wordt overgeplaatst naar een andere functie binnen de gemeentelijke organisatie, behoudt recht op het salaris en het salarisperspectief, zoals die voor hem golden in de oude functie. Artikel3.9Functiegebonden toelagen 1 Voor de ambtenaar die wordt geplaatst op een andere functie binnen de gemeentelijke organisatie vervallen de functiegebonden toelagen. 2 Aan de ambtenaar, wiens bezoldiging als gevolg van het vervallen van de functiegebonden toelagen een blijvende verlaging ondergaat, wordt een aflopende compensatie toegekend indien: a. de blijvende verlaging tenminste 2% bedraagt van de bezoldiging; b. de ambtenaar deze toelagen gedurende ten minste twee jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. 3 Deze compensatie kent het volgende verloop: 1. het eerste halfjaar na de herplaatsing ontvangt de ambtenaar 100% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; 2. het tweede halfjaar na de herplaatsing ontvangt de ambtenaar 75% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; 3. het derde halfjaar na de herplaatsing ontvangt de ambtenaar 50% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; 4. het vierde halfjaar na de herplaatsing ontvangt de ambtenaar 25% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen de toelagen. Artikel3.10Persoonsgebonden toelagen Voor de ambtenaar die wordt geplaatst in een hoger gesalarieerde functie binnen de gemeentelijke organisatie vervallen de persoonsgebonden toelagen (niet zijnde onkostenvergoedingen). Deze worden geïncorporeerd in de vaststelling van het nieuwe voor de ambtenaar geldende salaris. Bij plaatsing in een lager of gelijk gesalarieerde functie binnen de gemeentelijke organisatie wordt de persoonsgeboden toelage ongemoeid gelaten. Artikel3.11Studiefaciliteiten 1 De ambtenaar die wordt herplaatst in een andere functie binnen de gemeentelijke organisatie, behoudt de rechten die hem op grond van gemaakte afspraken over studiefaciliteiten zijn toegekend, indien hij de studie voortzet. 2 De ambtenaar die wordt herplaatst naar een andere functie binnen de gemeentelijke organisatie en die in overleg met zijn nieuwe leidinggevende besluit te stoppen met zijn studie, wordt ontheven van terugbetalingsverplichtingen die voortvloeien uit de gemaakte afspraken over studiefaciliteiten. Artikel3.12Aanvullende scholing De werkgever onderzoekt of het nodig is de ambtenaar, die is herplaatst in een passende of geschikte functie binnen de gemeentelijke organisatie, bij of om te scholen voor het vervullen van zijn nieuwe functie. De ambtenaar is binnen redelijke grenzen verplicht hier aan deel te nemen. De kosten van de scholing zijn voor rekening van de gemeente. Artikel3.13Functie buiten de gemeentelijke organisatie 1 Indien de ambtenaar, waarvoor in de herplaatsingsprocedure geen passende functie is gevonden, een functie accepteert buiten de gemeentelijke organisatie, wordt hem eervol ontslag verleend. 2 De ambtenaar die overeenkomstig het eerste lid ontslag wordt verleend, wordt ontheven van eventuele terugbetalingsverplichtingen die voortvloeien uit de gemaakte afspraken over studiefaciliteiten, de verhuiskostenregeling en de regeling betaald ouderschapsverlof. 3 Indien de ambtenaar als bedoeld in het eerste lid een functie van tenminste een gelijke betrekkingsomvang accepteert buiten de gemeentelijke organisatie, vult de werkgever het brutosalaris gedurende één jaar aan tot aan het niveau van het brutosalaris dat de ambtenaar genoot direct voorafgaand aan het ontslag. De ambtenaar die een functie accepteert met een kleinere betrekkingsomvang ontvangt gedurende één jaar een aanvulling van zijn brutosalaris naar rato. Hoofdstuk4Herplaatsingsprocedure Artikel4.1Herplaatsingsprocedure Het college van burgemeester en wethouders roept een herplaatsingscommissie in het leven, die als taak heeft om de benodigde gegevens te verzamelen en om het college van burgemeester en wethouders te adviseren over de te nemen herplaatsingsbesluiten. De herplaatsingscommissie bestaat uit: Eén lid, voorgedragen door de werkgever; Eén extern (niet zijnde plaatselijk) lid, voorgedragen door de bonden die in het GO zijn vertegenwoordigd; Eén onafhankelijke externe voorzitter, gezamenlijk voorgedragen door de twee eerstgenoemde leden Geen van de leden van de commissie zal anders dan in voltallige aanwezigheid van de commissie het college inhoudelijk informeren over het door de commissie afgegeven advies. Artikel4.2Advies over herplaatsing 1 De herplaatsingscommissie verzamelt alle volgens haar benodigde gegevens en adviseert op basis van deze gegevens het college van burgemeester en wethouders over de herplaatsing van de betrokken ambtenaren. 2 Het college van burgemeester en wethouders informeert de ambtenaar schriftelijk over het advies van de herplaatsingscommissie over zijn herplaatsing, respectievelijk over het advies van de herplaatsingscommissie om hem vooralsnog geen passende of geschikte functie aan te bieden. Artikel4.3Bedenkingen tegen het voorstel 1 Indien de ambtenaar bedenkingen heeft tegen het advies van de herplaatsingscommissie over zijn herplaatsing, respectievelijk tegen het advies van de herplaatsingscommissie om hem vooralsnog geen passende of geschikte functie aan te bieden, kan hij deze binnen 14 dagen schriftelijk indienen bij de herplaatsingscommissie. De commissie heeft de mogelijkheid de ambtenaar (opnieuw) uit te nodigen. 2 De ambtenaar kan verzoeken om mondeling te worden gehoord door de herplaatsingscommissie. De ambtenaar die hiertoe een verzoek indient, zal binnen 14 dagen worden gehoord. Van de hoorzitting wordt schriftelijk verslag opgemaakt. Artikel4.4Herplaatsingsbesluiten 1 Het college van burgemeester en wethouders neemt het besluit tot herplaatsing van de betrokken ambtenaar. De ambtenaar wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte gesteld van dit besluit. In de motivering van het besluit wordt ingegaan op eventuele bedenkingen die door de ambtenaar zijn ingediend. 2 De ambtenaar voor wie in de herplaatsingsprocedure geen passende of geschikte functie is gevonden, wordt zo spoedig mogelijk schriftelijk van dit besluit in kennis gesteld. In de motivering van het besluit wordt ingegaan op eventuele bedenkingen die door de ambtenaar zijn ingediend. 3 De ambtenaar kan bezwaar en beroep aantekenen tegen de besluiten, zoals bedoeld in het eerste en tweede lid, conform de Algemene wet bestuursrecht. Hoofdstuk5Privatisering en taakoverheveling Artikel5.1Werkingssfeer hoofdstuk Dit hoofdstuk is uitsluitend van toepassing op privatiseringen en publiekrechtelijke taakoverhevelingen. Artikel5.2Werkgelegenheid Gedurende de looptijd van dit sociaal statuut zullen als gevolg van privatisering(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.