Verordening op de rekenkamercommissie Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest. Nr. 040B De Raad der gemeente Voorschoten; overwegende, dat ingevolge de Gemeentewet elke gemeente dient te beschikken over een rekenkamer of rekenkamerfunctie en dat met de gemeenten Oegstgeest en Wassenaar door middel van een samenwerkingsovereenkomst is afgesproken een gezamenlijke rekenkamerfunctie in de vorm van een rekenkamercommissie in te stellen; gezien het voorstel van de voorzitter en de griffier d.d. 14 juni 2005, nr. ; gelet op het bepaalde in artikel 81o van de Gemeentewet en op de inhoud van de tussen de gemeenten Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest gesloten samenwerkingsovereenkomst; b e s l u i t: vast te stellen de volgende Verordening op de rekenkamercommissie Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest. Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: de rekenkamercommissie: de gezamenlijke rekenkamercommissie van de gemeenten Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest ten behoeve van de uitoefening van de rekenkamerfunctie als bedoeld in artikel 81o van de Gemeentewet; doeltreffendheid: de mate waarin de beoogde maatschappelijke effecten van beleid ook daadwerkelijk worden behaald; doelmatigheid: het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen; rechtmatigheid: het in overeenstemming zijn met geldende wet- en regelgeving, waaronder gemeentelijke verordeningen, raadsbesluiten en collegebesluiten. Artikel 2 De rekenkamercommissie 1.Er is een commissie die wordt aangeduid als rekenkamercommissie. 2.De rekenkamercommissie bestaat uit een voorzitter en zes leden. Artikel 3 Bevoegdheid van de rekenkamercommissie De rekenkamercommissie onderzoekt de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur. Een door de rekenkamercommissie ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur bevat geen controle van de jaarrekening als bedoeld in artikel 213, tweede lid, van de Gemeentewet. Artikel 4 Benoeming leden 1.De raad benoemt de leden van de rekenkamercommissie uit zijn midden en/of uit externen. Benoeming vindt plaats op voordracht van de gemeenteraden van Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest, elk voor twee leden. 2.De raad benoemt de voorzitter van de commissie uit externen op een gezamenlijke voordracht van de gemeenteraden van Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest. 3.De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een periode van maximaal vier kalenderjaren, voor de eerste maal tot 1 januari 2008 en kunnen maximaal éénmaal worden herbenoemd. 4.Benoeming in een tussentijds ontstane vacature vindt plaats op voordracht van de gemeenteraad of –raden op wiens voordracht benoeming van het vertrokken lid heeft plaatsgevonden en voor het restant van de zittingstermijn. 5.Niet tot voorzitter of lid van de commissie kunnen worden benoemd ambtenaren, door het bestuur van één van de gemeenten Wassenaar, Voorschoten of Oegstgeest aangesteld. 6.De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan een onderzoek indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding komt. 7.De voorzitter en de leden van de commissie leggen, alvorens zij hun functie kunnen uitoefenen, in een vergadering van de raad op wiens voordracht zij zijn benoemd en voor wat betreft de voorzitter in een vergadering van de raad van één van de drie gemeenten, in handen van de voorzitter van de raad de volgende eed (verklaring en belofte) af: “Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid (voorzitter) van de rekenkamercommissie benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de rekenkamercommissie naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarschijnlijk helpe mij God almachtig! ( Dat verklaar en beloof ik)'' Artikel 5 Einde van het lidmaatschap 1.Het lidmaatschap van de voorzitter of een lid van de commissie eindigt: aan het einde van de periode waarvoor hij is benoemd; op eigen verzoek; bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van de rekenkamercommissie; wanneer de voorzitter of het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; indien de voorzitter of het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld. 2.De voorzitter en de leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad op voordracht van de gemeenteraad of –raden op wiens voordracht de benoeming heeft plaatsgevonden worden ontheven van hun taak wanneer zij door ziekte, gebreken of ongeschiktheid niet meer in staat zijn hun functie naar behoren te vervullen. Artikel 6 Verboden handelingen en nevenfuncties 1.Het is de voorzitter en de leden van de commissie verboden de handelingen te verrichten als bedoeld in het eerste lid van artikel 15 van de Gemeentewet, met dien verstande dat als daar gemeente of gemeentebestuur staat vermeld bedoeld worden (het bestuur van) de gemeenten Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest. Het tweede lid van genoemd artikel 15 is eveneens van toepassing. De raad kan op voordracht van de gemeenteraad of –raden op wiens voordracht benoeming heeft plaatsgevonden en gehoord de rekenkamercommissie, de voorzitter of een lid van de rekenkamercommissie dat heeft gehandeld in strijd met dit verbod uit zijn functie ontslaan. 2.De voorzitter en de leden overleggen jaarlijks per 1 januari aan de raad een lijst met daarin opgenomen de nevenfuncties die zij op dat moment vervullen. Artikel 7 Vergoeding voor de werkzaamheden van de leden 1.De leden van de rekenkamercommissie die geen lid zijn van de raad van de gemeente Wassenaar, Voorschoten of Oegstgeest, ontvangen een vergoeding van € 150,= en de (plv.)voorzitter € 195,= voor het bijwonen van een vergadering van de commissie, welke bedragen jaarlijks per 1 januari worden geïndexeerd met het percentage dat in tabel IV (vergoedingen commissieleden) van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden wordt gehanteerd. 2.Aan de voorzitter en de leden, die geen lid zijn van de raad van de gemeente Wassenaar, Voorschoten of Oegstgeest wordt een vergoeding in de reis- en verblijfkosten toegekend: voor reizen met eigen vervoermiddel: het bedrag als bedoeld in artikel 2, lid 1, van de Reisregeling binnenland; voor reizen met het openbaar vervoer: op basis van de werkelijk gemaakte kosten; voor verblijfkosten: de noodzakelijk gemaakte kosten voor maaltijden en logies. 3.De in lid 1 en 2 genoemde vergoedingen komen ten laste van het budget van de rekenkamercommissie. Artikel 8 De voorzitter 1.De voorzitter draagt zorg voor: het tijdig en periodiek bijeenroepen van de rekenkamercommissie; het bewaken van de uitvoering van de onderzoeksopzet en de werkwijze; het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming; het tot stand komen van een onderzoeksrapport met conclusies en aanbevelingen; het onderhouden van de contacten met de gemeenteraad, de ambtelijke organisatie, pers en anderen; de aansturing van de ambtelijk secretaris van de rekenkamercommissie. 2.Bij afwezigheid van de voorzitter wordt hij vervangen door een door de commissie uit haar midden aan te wijzen plaatsvervangend voorzitter. Artikel 9 De ambtelijk secretaris 1.De raad wijst een ambtelijk secretaris van de rekenkamercommissie aan. Aanwijzing gebeurt in overleg met de rekenkamercommissie. 2.De ambtelijk secretaris staat de commissie bij de uitvoering van haar taken terzijde en draagt daarbij onder meer zorg voor: de procescoördinatie van de onderzoeken; de organisatie van de vergaderingen in overleg met de voorzitter, de verslaglegging van de vergaderingen en de correspondentie van de commissie; de vorming van dossiers. 3.De ambtelijk secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken worden verricht. Artikel 10 Reglement van orde De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement na vaststelling onverwijld ter kennisneming naar de raad. Artikel 11 Besluitvorming 1.Besluiten worden door de rekenkamercommissie genomen bij meerderheid van de leden, inclusief de voorzitter. 2.Besluiten kunnen alleen worden genomen in een vergadering waarin meer dan de helft van de leden, de voorzitter meegerekend, aanwezig zijn. 3.Bij het staken van de stemmen is de stem van de (plv.) voorzitter doorslaggevend. Artikel 12 Onderwerpselectie en opdrachtverlening 1.De rekenkamercommissie bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt, formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast. Bij de keuze van het onderzoeksonderwerp worden de volgende richtinggevende criteria in acht genomen: onderwerpen moeten op effectiviteit van beleid en/of efficiency van de uitvoering kunnen worden getoetst; onderwerpen moeten bestuurlijk relevant zijn, waarbij het maatschappelijk effect zwaar weegt; de onderwerpen moeten bruikbare resultaten kunnen opleveren (aanbevelingen); de onderwerpen dienen betrekking te hebben op een (deels) afgerond bedrijfsonderdeel, waardoor de relatie met de beleidsdoelen en gewenste resultaten gelegd kunnen worden. 2.De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de rekenkamercommissie ter kennisneming aan de raad verstuurd. 3.De raden van de gemeenten Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest kunnen gezamenlijk of ieder voor zich de commissie een gemotiveerd verzoek doen tot het instellen van een onderzoek. De commissie bericht de raad binnen een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de commissie niet aan het verzoek van de raad voldoet, zal zij daarvoor goede gronden aanvoeren. Artikel 13 Werkwijze 1.De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door haar vastgestelde onderzoeksopzet. 2.De commissie beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds te informeren. 3.De commissie is bevoegd bij alle leden van het gemeentebestuur en bij alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig acht voor de uitvoering van de onderzoeken. De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de commissie gestelde termijn te verstrekken. 4.De commissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van het onderzoek. 5.De commissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van Bestuur kan de commissie rapporten die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken. 6.De commissie kan openbare vergaderingen beleggen. 7.Voor de uitvoering van het onderzoek kan de commissie, met inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureaus inschakelen. 8.De commissie stelt de betrokkenen in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn, die ten minste twee weken bedraagt, hun zienswijze op het conceptonderzoeksrapport aan de commissie kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De commissie bepaalt wie verder als betrokkenen worden aangemerkt. 9.Na vaststelling door de commissie worden het onderzoeksrapport en de nota met conclusies en aanbevelingen en de zienswijze van betrokkenen op het rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van een afschrift aan het college van burgemeester en wethouders en betrokkenen, aan de raad aangeboden. Artikel 14 Budget 1.De rekenkamercommissie is bevoegd binnen het aan haar beschikbaar gestelde budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken. 2.Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de kosten gebracht van: de vergoedingen die krachtens artikel 7 zijn toegekend aan de voorzitter en de leden van de commissie; de ambtelijk secretaris; externe deskundigen die door de commissie zijn ingeschakeld; overige uitgaven die de commissie nodig acht voor de uitoefening van haar taak. 3.De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget uitsluitend verantwoording schuldig aan de raad. Artikel 15 Slotbepalingen Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening op de rekenkamercommissie Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest”. Deze verordening treedt in werking op 1 juli
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.