Verordening Sociaal Culturele Activiteiten Maasbree 2007DE RAAD VAN DE GEMEENTE MAASBREE, Gelet op de artikelen 147 en 149 Gemeentewet, Gelet op de Wet Werk en Bijstand, Gelezen het voorstel van het college van 14 november 2006, Gezien de behandeling van het voorstel in de voorbereidende raadsvergadering van 28 november 2006, B E S L U I T : vast te stellen de volgende verordening: Verordening Sociaal Culturele Activiteiten Maasbree 2007 HOOFDSTUK1- ALGEMENE BEPALINGEN Artikel1- Definities 1.Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand en de Algemene wet bestuursrecht. 2.In deze verordening wordt verstaan onder: ingezetenen: personen die ingeschreven staan in de gemeentelijke basisadministratie (gba) en ook feitelijk in deze gemeente wonen en verblijven. activiteiten: activiteiten die een positieve bijdragen leveren aan de sociale, culturele en/of sportieve ontwikkeling van belanghebbende, dan wel een bijdrage kunnen leveren aan de voorkoming of opheffing van een sociaal-maatschappelijk isolement. HOOFDSTUK2- DOELGROEP Artikel2- Ingezetenen Voor een vergoeding komen in aanmerking: de alleenstaande; het gezin; die ingezetenen zijn van de gemeente Maasbree. HOOFDSTUK3- VERGOEDING Artikel3- Te vergoeden kosten 1.Vergoedingen worden verstrekt voor: lidmaatschap/contributie verenigingen, clubs, organisaties en instellingen en direct daarmee samenhangende kosten; kosten vrij zwemmen; abonnement krant; lidmaatschap kerkradio; vormingscursussen en -activiteiten. 2.Kosten worden toegerekend aan het jaar waarin ze betaald moeten worden. Artikel4- Hoogte van de vergoeding 1.De vergoeding is gelijk aan de werkelijk gemaakte kosten met een maximum van € 100,00 per persoon per kalenderjaar. 2.Zwem- en muzieklessen worden daarnaast, voor het behalen van diploma A en B, ieder voor 50 % per persoon per jaar vergoed. 3.De vergoeding onder 1 en 2 wordt verstrekt onder aftrek van de draagkracht uit inkomen en vermogen. Artikel5- Bepalen van het inkomen 1.Het inkomen wordt vastgesteld op het moment van de aanvraag. 2.Het inkomen wordt vastgesteld op het netto inkomen over de laatste betalingsperiode voorafgaande aan de aanvraag omgerekend naar een maandbedrag. Artikel6- Draagkracht uit inkomen De draagkracht uit inkomen bedraagt: 0% van het inkomen tot en met 115% van de van toepassing zijnde bijstandnorm, plus; 50% van het inkomen dat tussen 115% en 130% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm ligt, plus; 100% van het inkomen dat meer bedraagt dan 130% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm. Artikel7- Bepalen van het vermogen 1.Het vermogen wordt vastgesteld op het moment van aanvraag. 2.Het vermogen wordt vastgesteld conform artikel 34 van de Wet. Artikel8- Draagkracht uit vermogen De draagkracht uit vermogen bedraagt: 100% van het vermogen boven de vermogengrens als bedoeld in artikel 34 Wwb. HOOFDSTUK4- AANVRAAG, BESLISSING EN BETALING Artikel9- Aanvraag 1.De aanvraag voor vergoeding van de kosten van of in verband met deelname aan activiteiten wordt gedaan door middel van het daarvoor door het college van burgemeester en wethouders vastgestelde formulier, onder overlegging van de op dat formulier genoemde gegevens. 2.De aanvraag kan worden ingediend door een natuurlijke persoon van 18 jaar of ouder die in aanmerking komt voor een vergoeding. 3.Personen van 18 jaar en ouder die in aanmerking komen voor WTOS (Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten) of voor WSF 2000 (Wet studiefinanciering 2000) komen niet voor een vergoeding in aanmerking. 4.De aanvraag, als bedoeld in lid 1, kan tot 3 maanden na afloop van het betreffende kalenderjaar waarop de kosten betrekking hebben worden ingediend. Artikel10- Administratieve drempel 1.Per aanvraag geldt een administratieve drempel van € 50,00. 2.Bedraagt de aanvraag over een heel jaar genomen minder dan € 50,00, dan wordt de aanvraag alsnog in behandeling genomen. Artikel11- Beslistermijn Burgemeester en wethouders stellen binnen 8 weken nadat de aanvraag is ingediend vast of er recht bestaat op een vergoeding. Artikel12- Betaalbaarstelling De vergoeding van de kosten van of in verband met deelname aan activiteiten voor het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft worden binnen 2 weken na de vaststelling van het recht op vergoeding betaalbaar gesteld. Artikel13- Inlichtingenplicht 1.De aanvrager is verplicht alle inlichtingen te verstrekken die voor het recht op een vergoeding van de kosten van of in verband met deelname aan activiteiten van belang zijn. 2.Een op grond van foutief of onvolledig verstrekte inlichtingen vastgesteld recht op vergoeding wordt geheel of gedeeltelijk ingetrokken. 3.Een reeds verstrekte vergoeding op grond van een geheel of gedeeltelijk ingetrokken recht op vergoeding wordt geheel of gedeeltelijk teruggevorderd. HOOFDSTUK5- SLOTBEPALINGEN Artikel14- Onvoorziene omstandigheden In gevallen, de uitvoering van deze verordening betreffende, waarin deze verordening niet voorziet, beslissen burgemeester en wethouders. Artikel15- Inwerkingtreding 1.De “Verordening sociaal culturele activiteiten”, vastgesteld bij raadsbesluit van 21 december 2004, wordt ingetrokken. 2.Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2007. Artikel16- Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Sociaal culturele activiteiten Maasbree 2007.” Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Maasbree op 12 december 2006 De griffiermr. M.P.N.M. Heijnens-CoenjaertsDe voorzitterG.C.G.M. RabelinkToelichting AlgemeenDe verordening Sociaal culturele activiteiten is tot stand gekomen naar aanleiding van de discussies, die gevoerd zijn door de gezamenlijke commissies van de vier samenwerkende gemeenten. Artikel 1 lid 1 en 2 onder a.Spreken voor zich. Artikel 1 lid 2 onder bBij de activiteiten moet het gaan om activiteiten die belanghebbende in staat stellen zich te ontwikkelen dan wel verder te ontwikkelen op sociaal, cultureel en/of sportief gebied. Een niet onbelangrijk effect van deelname aan dergelijke activiteiten is dat een sociaal-maatschappelijk isolement wordt voorkomen dan wel kan worden doorbroken en de maatschappelijke betrokkenheid wordt bevorderd. Maatschappelijke betrokkenheid is niet alleen van belang voor de persoon zelf, maar is ook een voorwaarde voor het goed laten functioneren van de samenleving. Daarom is het van belang dat burgers zoveel mogelijk meedoen aan: activiteiten die de mogelijkheden en vaardigheden verschaffen om zich in deze maatschappij te bewegen en handhaven. Daarbij kan ondermeer worden gedacht aan cursussen en vormingsactiviteiten, maar ook bijvoorbeeld aan het lidmaatschap van een bibliotheek. activiteiten in groepsverband. Daarbij kan ondermeer worden gedacht aan het lidmaatschap van een vereniging, een abonnement bij een zwembad of een abonnement bij een sportschool. Activiteiten binnen de eigen gemeente worden voor de opbouw van een betrokken samenleving als zeer belangrijk beschouwd. Daarnaast is het zo dat de samenleving niet ophoudt bij de gemeentegrens. Niet alle activiteiten die de ingezetenen van deze gemeente willen beoefenen worden binnen de gemeentegrenzen aangeboden. Daarom wordt er geen beperking opgelegd ten aanzien van de plaats waar aan deze activiteiten wordt deelgenomen. Reiskosten naar de activiteiten worden niet vergoed, daarmee zullen de activiteiten toch gezocht worden binnen de regio. Artikel 2.In principe bestaat de doelgroep voor deze vergoeding uit alle inwoners van de gemeente. Op grond van de daadwerkelijke kosten en de eventueel in mindering te brengen draagkracht zal het tot uitkering van de vergoeding komen. Het in dit artikel uitsluitend noemen van alleenstaanden en gezinnen is van belang voor het aanvragen van de vergoeding. Voor ten laste komende kinderen - dus kinderen jonger dan 18 jaar waarvoor de ouder(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.