← Nederland

Vaarwegenverordening Provincie Overijssel 1993 (Overijssel)

Vaarwegenverordening Provincie Overijssel 1993Algemene toelichting Opzet en inhoud van het ontwerp De Vaarwegenverordening provincie Overijssel 1993 dient ter vervanging van de Vaarwegenverordening provincie Overijssel

  1. Als gevolg van de inwerkingtreding van het Vijfde wijzigingsbesluit Binnenvaartpolitiereglement zijn enkele bepalingen van de Vaarwegenverordening provincie Overijssel 1990, voor zover daarin door het Binnenvaartpolitiereglement wordt voorzien, van rechtswege vervallen. Het betreft in artikel 1, lid e, de omschrijving van een snelle motorboot en artikel 3 (bepalingen inzake het registratieteken van snelle motorboten). Voorts dient de Vaarwegenverordening 1990 te worden herzien in verband met de inwerkingtreding van de Algemene wet bestuursrecht per 1 januari
  2. Artikelsgewijs is aangegeven welke artikelen zijn aangepast c.q. vervallen. De te handhaven artikelen zijn waar nodig vernummerd. Toepasselijkheid De vaarwegen waarop de verordening van toepassing wordt verklaard, zijn opgenomen in de bij deze verordening behorende lijst. HOOFDSTUK I. ALGEMENE BEPALINGEN Definities Artikel 1
  3. In deze verordening wordt verstaan onder: vaarwegen: de wateren, aangegeven op een bij deze verordening behorende lijst; kunstwerken: de waterstaatswerken in, over of onder vaarwegen; beheerder: het bestuursorgaan, waarbij het beheer over de betrokken vaarweg berust, zoals blijkt uit de sub a bedoelde lijst; rechthebbende: ieder die over enige zaak enige zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht of daarover enige feitelijke zeggenschap uitoefent; schip: elk vaartuig met inbegrip van een vaartuig zonder waterverplaatsing en een watervlieg-tuig, gebruikt of geschikt om te worden gebruikt als een middel van vervoer te water.
  4. a. Onder schepen zijn mede begrepen drijvende inrichtingen, luchtkussenvaartuigen en woon-schepen. b. Onder oevers zijn mede begrepen, de oeverbeschermingen en de daarvan deel uitmakende rietkragen. Toepasselijkheid Artikel 2
  5. Deze verordening is van toepassing op de vaarwegen als bedoeld in artikel
  6. Het bepaalde in hoofdstuk III is uitsluitend van toepassing op de provinciale vaarwegen alsmede op de daarbij behorende oevers en kunstwerken.
  7. Als bevoegd gezag met betrekking tot het beheer van de vaarwegen is aangewezen het bestuurs-orgaan genoemd op de bij deze verordening behorende lijst van vaarwegen. HOOFDSTUK II. DE VAARWEGEN PARAGRAAF
  8. HET GEBRUIK VAN VAARWEGEN Handel en bedrijf Artikel 3 Het is verboden in een vaarweg: a. vanuit een schip handelswaar aan te bieden of beroepsmatig nachtverblijf te verschaffen; b. schepen te bouwen, te verbouwen of te slopen. PARAGRAAF
  9. BESCHERMING VAN VAARWEGEN EN OEVERS Goed zeemanschap Artikel 4
  10. In de gevallen, waarvoor deze verordening geen voorschriften geeft, moeten alle maatregelen worden genomen, die door goed zeemanschap zijn geboden, teneinde beschadigingen van oevers te voorkomen.
  11. Van de voorschriften van deze verordening moet volgens de eisen van goed zeemanschap worden afgeweken, indien en voor zover de omstandigheden dit vorderen, teneinde beschadiging van oevers te voorkomen. Bescherming van vaarwegen Artikel 5 Het is verboden: a. vaste stoffen of voorwerpen in een vaarweg te doen geraken; b. vaste stoffen of voorwerpen op een zodanige wijze op oevers te plaatsen of te hebben, dat deze geheel of gedeeltelijk in een vaarweg kunnen geraken. Baggeren, graven Artikel 6 Het is verboden in een vaarweg te baggeren of in een vaarweg of oever te graven. Bescherming oevers Artikel 7 Het is verboden: a. oevers te verontreinigen of te beschadigen; b. het voortstuwingswerktuig van een aangelegd schip te laten werken anders dan bij onmiddellijk wegvaren of aanleggen; c. het voortstuwingswerktuig van een schip zodanig te laten werken, dat daardoor oevers kunnen worden beschadigd. PARAGRAAF
  12. ONTTREKKING VAN VAARWEGEN AAN HET OPENBAAR SCHEEPVAARTVERKEER Onttrekking aan het openbaar scheepvaartverkeer Artikel 8 Op een besluit van het bevoegd gezag met betrekking tot het onttrekken van een vaarweg aan het openbaar scheepvaartverkeer is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Schadevergoeding Artikel 9
  13. Indien een belanghebbende tengevolge van de onttrekking van een provinciale vaarweg aan het openbaar scheepvaartverkeer schade lijdt of zal lijden, die redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en waarvan de vergoeding niet of niet voldoende op andere wijze is verzekerd, kennen provinciale staten hem op zijn verzoek een naar billijkheid te bepalen schade-vergoeding toe.
  14. Een aanvraag om schadevergoeding moet binnen dertien weken, nadat het besluit tot onttrekking van een vaarweg aan het openbaar scheepvaartverkeer bekend is gemaakt, schriftelijk worden ingediend bij provinciale staten. HOOFDSTUK III. DE PROVINCIALE VAARWEGEN PARAGRAAF
  15. LIGPLAATS NEMEN Artikel 10 Het is verboden in een provinciale vaarweg op de niet met herhaalde verbodsborden aangeduide vaarweggedeelten ligplaats te nemen anders dan in door gedeputeerde staten te bepalen uitzonderings-gevallen. PARAGRAAF
  16. DIEPGANG Artikel 11 Gedeputeerde staten kunnen voor door hen aan te wijzen vaarwegen de maximum diepgang voor schepen vaststellen. PARAGRAAF
  17. DE BESCHERMING VAN PROVINCIALE VAARWEGEN, OEVERS EN KUNSTWERKEN Gedoogplicht Artikel 12
  18. De rechthebbenden van kunstwerken en van gronden, aan de provinciale vaarwegen gelegen, zijn verplicht voor zover zulks nodig is ten behoeve van de werkzaamheden van de beheerder van de provinciale vaarwegen en van de kunstwerken: materieel, waaronder machines toe te laten op hun percelen; alle tijdelijke werken en verrichtingen, waaronder begrepen het doen van gravingen, het verrichten van opmetingen, het stellen van tekens en de tijdelijke neerlegging van aarde en bouwstoffen, in respectievelijk op hun percelen toe te staan; alles na te laten, wat het beheer en de uitvoering van het onderhoud van de provinciale vaarwegen en van de kunstwerken hindert en alle beletselen weg te nemen, welke daaraan in de weg staan.
  19. Van de te verrichten werkzaamheden moeten de rechthebbenden van desbetreffende percelen door of vanwege de beheerder ten minste tweemaal vierentwintig uur van tevoren schriftelijk in kennis worden gesteld.
  20. Voor zover deze werkzaamheden niet betrekking hebben op het verrichten van het normale onderhoud wordt de daardoor veroorzaakte schade vergoed. Het bepaalde in artikel 12b van de Waterstaatswet 1900 is hierop van toepassing. Bescherming kunstwerken Artikel 13 Het is verboden: a. in provinciale vaarwegen binnen een afstand van 50 m uit een sluis, brug of zinker voor anker te gaan; b. in provinciale vaarwegen binnen een afstand van 50 m gemeten uit een brug, sluis of ander beweegbaar kunstwerk te zwemmen of te vissen, alsmede vanaf deze kunstwerken te vissen; c. over een in een provinciale vaarweg gelegen sluisdeur of een beweegbare brug te lopen of te rijden, zolang deze niet geheel is gesloten en vastgezet en voor het verkeer is opengesteld. Bouwwerken, objecten, bomen en beplantingen Artikel 14
  21. Het is verboden: in, boven, over of onder een provinciale vaarweg alsmede binnen een afstand van 12 m uit de boord van een provinciale vaarweg bouwwerken of objecten aan te brengen of te hebben; in of over een provinciale vaarweg of binnen een afstand van 8 m uit de boord van een provinciale vaarweg bomen of andere opgaande beplantingen te planten of te hebben.
  22. De rechthebbende ten aanzien van beplanting in, over of langs een provinciale vaarweg, de houder van een ontheffing of de onderhoudsplichtige van die beplanting is verplicht op last van het bestuursorgaan de beplanting of gedeelten daarvan, die het orgaan voor het normale gebruik en de instandhouding van de vaarweg hinderlijk of gevaarlijk acht, in de bij die lastgeving aangegeven mate en binnen de daarbij bepaalde termijnen te verwijderen.
  23. Het in het eerste lid, onder a, vervatte verbod geldt niet voor: de wettelijk voorgeschreven verkeersaanduidingen; objecten die dienen tot het openbaren van gedachten en gevoelens, tenzij daardoor de veilig-heid van het scheepvaartverkeer in gevaar kan worden gebracht, dan wel de bruikbaarheid of de instandhouding van de vaarweg kan worden belemmerd. PARAGRAAF
  24. HET GEBRUIK VAN KUNSTWERKEN Bediening kunstwerken Artikel 15 Het is verboden zonder daartoe bevoegd te zijn kunstwerken te bedienen. Naderen, in- en doorvaren sluizen en bruggen Artikel 16 Het is verboden: a. binnen een afstand van 50 m uit een sluis of brug aan te leggen, tenzij: gebruik wordt gemaakt van plaatsen bestemd voor het wachten op gelegenheid tot schutten of doorvaart; ter plaatse is aangegeven dat aanleggen voor een bepaalde tijd of voor een bepaalde categorie schepen is toegestaan; b. langer dan de sub a, punt 1, bedoelde plaatsen – ook indien deze op een grotere afstand dan 50 m uit een sluis of brug zijn gelegen – gebruik te maken dan voor het wachten op gelegenheid tot schutten of doorvaart nodig is; c. een sluis in te varen zonder dat het schip op deugdelijke wijze is voorzien van stootkussens, wrijfhouten en dergelijke; d. bij het varen door een sluis of brug of langs enig ander kunstwerk met haken of vaarbomen in het hout of muurwerk hiervan of van enig daarbij behorend object te steken of iets anders tot steunpunt te nemen dan de speciaal voor dit doel aangebrachte voorzieningen. Doorvaartwijdte Artikel 17 Het is verboden een sluis in of een brug door te varen met een schip, dat een grotere breedte heeft dan de doorvaartwijdte van de betrokken kunstwerken minus 0,20 m. Weg te nemen of te strijken delen Artikel 18 Als een schip na wegneming of strijking van delen, die naar het oordeel van de brugwachter gemakkelijk en in weinig tijd weg te nemen of te strijken zijn, onder een gesloten brug door kan varen, is de brugwachter niet verplicht voor een dergelijk schip de brug te openen. Maatregelen tijdens schutten Artikel 19 Gedurende het schutten moet een schip voldoende bemand zijn. Bediening sluizen en bruggen Artikel 20
  25. Gedeputeerde staten stellen een regeling vast betreffende de dagen en tijden, waarop respectievelijk gedurende welke de sluizen en bruggen voor de scheepvaart worden bediend.
  26. De sluis- en brugwachters zijn verplicht schepen op bijzondere last van of vanwege de directeur van de Hoofdgroep milieu en waterstaat van de provincie Overijssel buiten de openingstijden, vastge-steld krachtens het eerste lid, te schutten respectievelijk door te laten. HOOFDSTUK IV. ONTHEFFINGEN Artikel 21
  27. Het bestuursorgaan kan van de verbodsbepalingen, gesteld in of krachtens de artikelen 3, 6 en 14 schriftelijk ontheffing verlenen.
  28. Aan de ontheffingen kunnen voorschriften of beperkingen worden verbonden. Intrekking ontheffingen Artikel 22 Een ontheffing kan worden ingetrokken: a. indien dit in het belang van het gebruik van vaarwegen, dan wel ter bescherming van vaarwegen, oevers of kunstwerken nodig is; b. indien de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen niet worden nagekomen. HOOFDSTUK V. STRAFBEPALINGEN Straffen Artikel 23 Overtreding van het bepaalde in deze verordening of niet naleving van een of meer van de aan een ontheffing verbonden voorschriften of beperkingen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie. Opsporing Artikel 24
  29. Met het opsporen van strafbare feiten als bedoeld in artikel 23 zijn behalve de personen genoemd in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, belast de daartoe door het bestuursorgaan aangewezen personen.
  30. Zij hebben daartoe met de door hen nodig geoordeelde personen toegang tot de schepen met uitzondering van het woongedeelte. HOOFDSTUK VI. OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN Bestaande ontheffingen en besluiten Artikel 25 De ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening geldende ontheffingen en besluiten met betrekking tot de onderwerpen, waarin thans door deze verordening wordt voorzien, blijven van kracht. Bestaande bouwwerken, enz. Artikel 26 Voor bouwwerken, objecten, bomen, andere opgaande beplantingen en gravingen, welke ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening rechtmatig aanwezig waren, worden de door deze verordening vereiste ontheffingen geacht te zijn verleend. Algemene termijnenwet Artikel 27 De Algemene termijnenwet is op termijnen, gesteld in deze verordening, van toepassing. Intrekking en inwerkingtreding Artikel 28
  31. De Vaarwegenverordening provincie Overijssel 1990, vastgesteld bij besluit van provinciale staten van 20 juni 1990, nr. 26, wordt ingetrokken.
  32. Deze verordening treedt in werking op een nader door het bestuursorgaan te bepalen datum en in het provinciaal blad bekend te maken datum.
  33. Deze verordening kan worden aangehaald als de Vaarwegenverordening provincie Overijssel
  34. Bijlage I Lijst van vaarwegen Lijst van vaarwegen, bedoeld in artikel 1 van de vaarwegenverordening provincie Overijssel 1993 Lijst van vaarwegennr. naam bestuursorgaan
  35. Vaarweg Beukers-Steenwijk (van het Meppelerdiep via het kanaal Beukers-Steenwijk naar het kanaal Steenwijk-Ossenzijl) provincie Overijssel
  36. Vaarweg Steenwijk-de Linde (van Steenwijk via het kanaal Steenwijk-Ossenzijl en de Ossenzijlersloot naar de Linde) provincie Overijssel
  37. Vaarweg mr. H.P. Linthorst Homansluis-Ossenzijlersloot (van de Helomavaart via de Linde naar de Ossenzijlersloot) provincie Overijssel
  38. Vaarweg Ossenzijlersloot-Schoterzijl (van de Ossenzijlersloot via de Linde naar Kuinre-Nieuwe Kanaal-Tussenlinde-Worstsloot-Schoterzijl) provincie Overijssel
  39. Vaarweg Giethoornse meer-kanaal Steenwijk-Ossenzijl (van vaarweg nr. 7 via het Giethoornse meer, de Wetering, de Heuvengracht en de Kalen-bergergracht naar vaarweg nr. 2) provincie Overijssel 5a. Vaarweg Valsche Trog-Wetering (van de Valsche Trog via het Giethoornse meer naar de Wetering) provincie Overijssel
  40. Vaarweg van kanaal Steenwijk-Ossenzijl naar de Wetering (van vaarweg nr. 2 via het Steenwijkerdiep naar de Wetering) provincie Overijssel
  41. Vaarweg Blauwe Hand-Blokzijl (keersluis)(van de Blauwe Hand via het Beulakerwijde, de Walengracht, het Giethoornse meer, de Valsche Trog, het Noorderdiep en de Havenkolk naar de keersluis te Blokzijl) provincie Overijssel
  42. Vaarweg Zwartsluis-Walengracht (van het Zwartewater via de Whaa, Arembergergracht, de Ronduite, het Beulakerwijde naar de Walengracht) provincie Overijssel
  43. Vaarweg IJssel-Zwolsche Diep (van de IJssel via het Ganzendiep, de Goot en het Scheepvaartgat naar het Zwolsche Diep) provincie Overijssel
  44. Giethoornse meer provincie Overijssel
  45. Beulakerwijde provincie Overijssel
  46. Belterwijde provincie Overijssel
  47. Opvaart of vaart bij Pijlman waterschap Vollenhove
  48. Jurriesvaart waterschap Vollenhove
  49. Vaart bij Tietema waterschap Vollenhove
  50. Twaalf Damgat waterschap Vollenhove
  51. Hamsgracht waterschap Vollenhove 17a. Meentegat waterschap Vollenhove
  52. Bokvaart waterschap Vollenhove
  53. Verlengde Bokvaart waterschap Vollenhove
  54. Heer van Diezenvaart waterschap Vollenhove
  55. Roomsloot waterschap Vollenhove
  56. Vaart bij Teunis Hoen waterschap Vollenhove
  57. Bokvaart-Nijevaart waterschap Vollenhove
  58. Hogewegsloot waterschap Vollenhove
  59. Vlodder waterschap Vollenhove
  60. Lokkenvaart waterschap Vollenhove
  61. Moddergat waterschap Vollenhove
  62. Vaart door Muggenbeet waterschap Vollenhove
  63. Thijssengracht (ten westen van het kanaal Beukers-Steenwijk) waterschap Vollenhove
  64. Thijssengracht (ten oosten van het kanaal Beukers-Steenwijk) gemeente Brederwiede 30a. Boksloot gemeente Brederwiede
  65. Pinkesloot waterschap Vollenhove
  66. Cornelisgracht gemeente Brederwiede 32a. Westelijke Vaart waterschap Vollenhove
  67. Dwarsgracht gemeente Brederwiede
  68. Vaartsloot waterschap Vollenhove
  69. Bouwersgracht waterschap Vollenhove
  70. Ettenlands Kanaal (ten oosten van de tonnen tot Vaartsloot) waterschap Vollenhove 36a. De Korversgaten waterschap Vollenhove
  71. Boschwijde waterschap Vollenhove
  72. Schutsloterwijde waterschap Vollenhove
  73. Kleine Belterwijde waterschap Vollenhove
  74. Diephoofd waterschap Vollenhove
  75. Pikkersvaart waterschap Vollenhove
  76. Verbinding Pikkersvaart waterschap Vollenhove
  77. Schutsloot gemeente Brederwiede
  78. Zandgracht waterschap Vollenhove
  79. Dwarsheuven waterschap Vollenhove
  80. Schenkelvaart-noord (verbinding Dirkswijde-Mastenbroekerkolk) waterschap Vollenhove
  81. Verbinding Vossebelt-Venematen waterschap Vollenhove
  82. Oostelijke Wetering waterschap Vollenhove
  83. Garriet Geessen waterschap Vollenhove
  84. Schuine Vaart waterschap Vollenhove
  85. Baggervaart waterschap Vollenhove
  86. 60 roe van het Schuine tot Schutsloot waterschap Vollenhove
  87. Bartelsgat met vaart naar het Wijde waterschap Vollenhove
  88. Nederstouwe waterschap Vollenhove 54a. Zuiderstouwe waterschap Vollenhove
  89. Noorderstouwe en Noordeinde waterschap Vollenhove
  90. Dorpsgracht gemeente Brederwiede
  91. Verbindingen Dorpsgracht-Bovenwijde (Molenvaart, Smitsvaart, Jan Balsvaart, Volkensvaart en Molsvaart) gemeente Brederwiede
  92. Bovenwijde gemeente Brederwiede 58a. Vaart bij Woudsma gemeente Brederwiede
  93. Meuleboezem (verbinding Molengat-Thijssengracht) gemeente Brederwiede
  94. Jan Hoozengracht (tussen kanaal Beukers-Steenwijk en Dorps- gracht) gemeente Brederwiede
  95. Paasloërvaart waterschap Vollenhove 61a. Klossegracht waterschap Vollenhove
  96. Hoosjesgracht waterschap Vollenhove
  97. Haagjesgracht waterschap Vollenhove
  98. Westelijke Schutsloot waterschap Vollenhove
  99. Kerkgracht-Dwarssloot waterschap Vollenhove
  100. Molengracht gemeente Brederwiede
  101. Bovenboersevaart gemeente Brederwiede
  102. Zuidergracht gemeente Brederwiede
  103. Zuideindigerwijde waterschap Vollenhove
  104. Mallegat waterschap Vollenhove
  105. Hasselter stadsgrachten gemeente Hasselt
  106. Zwartewater van Zwolle-IJsselkanaal tot Thorbeckegracht gemeente Zwolle
  107. Thorbeckegracht gemeente Zwolle
  108. Almelo’s kanaal gemeente Zwolle
  109. Steenwijker Aa/Dolderkanaal waterschap Vollenhove
  110. Kloostergracht (verbinding Dorpsgracht Giethoorn-Noord en ‘t Klooster) gemeente Brederwiede
  111. Kanaal Almelo-de Haandrick provincie Overijssel In overleg met het Waterschap Vollenhove en de gemeente Brederwiede zijn aan de lijst toegevoegd: Steenwijker AA/Dolderkanaal, Meentegat, Westelijke Vaart, Klossegracht, de Vaart bij Woudsma en de Kloostergracht. Bijlage II TRANSPONERINGSTABEL TransponeringstabelVWO 1990 VWO 1993 Artikel
  112. Definities idem Artikel
  113. Toepasselijkheid idem Artikel 3*. Registratieteken van snelle motorboten – Artikel
  114. Handel en bedrijf Artikel 3 Artikel
  115. Goed zeemanschap Artikel 4 Artikel
  116. Bescherming van vaarwegen Artikel 5 Artikel
  117. Baggeren, graven Artikel 6 Artikel
  118. Bescherming oevers Artikel 7 Artikel
  119. Onttrekking aan het openbaar scheepvaartverkeer Artikel 8 Artikel 10**. Onttrekking van een vaarweg, niet zijnde een provinciale vaarweg, aan het openbaar scheepvaartverkeer – Artikel 11**. Onttrekking van een provinciale vaarweg aan het openbaar scheepvaartverkeer – Artikel
  120. Schadevergoeding Artikel 9 Artikel
  121. Ligplaats nemen Artikel 10 Artikel
  122. Diepgang Artikel 11 Artikel
  123. Gedoogplicht Artikel 12 Artikel
  124. Bescherming kunstwerken Artikel 13 Artikel
  125. Bouwwerken, objecten, bomen en beplantingen Artikel 14 Artikel
  126. Bediening kunstwerken Artikel 15 Artikel
  127. Naderen, in- en doorvaren sluizen en bruggen Artikel 16 Artikel
  128. Doorvaartwijdte Artikel 17 Artikel
  129. Weg te nemen of te strijken delen Artikel 18 Artikel
  130. Maatregelen tijdens schutten Artikel 19 Artikel
  131. Bediening sluizen en bruggen Artikel 20 Artikel
  132. Ontheffingen Artikel 21 Artikel
  133. Intrekking ontheffingen Artikel 22 Artikel 26***. Delegatie – Artikel
  134. Straffen Artikel 23 Artikel
  135. Opsporing Artikel 24 Artikel
  136. Bestaande ontheffingen en regeling bediening sluizen en bruggen Artikel 25 Artikel
  137. Bestaande bouwwerken, enz. Artikel 26 Artikel
  138. Algemene termijnenwet Artikel 27 Artikel
  139. Intrekking en inwerkingtreding Artikel 28 * Dit artikel uit de Vaarwegenverordening van 1990 is in de nieuwe verordening niet meer opgenomen omdat dit thans geregeld is in het Binnenvaartpolitiereglement. Aan deel I van het Binnenvaartpolitie-reglement is een nieuw Hoofdstuk 8 toegevoegd inzake aanvullende bepalingen met betrekking tot onder andere het registratiebewijs en registratieteken van snelle motorboten. ** Deze artikelen uit de Vaarwegenverordening 1990 zijn in de nieuwe verordening niet meer opgenomen, omdat afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht hierin voorziet. In het nieuwe artikel 8 is genoemde wet derhalve van toepassing verklaard op besluiten van het bevoegd gezag met betrekking tot het onttrekken van een vaarweg aan het openbaar scheepvaartverkeer. *** Dit artikel uit de Vaarwegenverordening 1990 is in de nieuwe verordening niet meer opgenomen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.