Beleidsregel loonkostensubsidie voor uitzendbureaus Capelle aan den IJssel Nieuwe regelingBeleidsregels loonkostensubsidie voor uitzendbureaus Capelle aan den IJssel Algemeen Om de bemiddeling naar werk van WWB-gerechtigden te stimuleren biedt Capelle aan den IJssel aan uitzendbureaus een subsidieregeling aan. De basis voor deze subsidieregeling is artikel 17 van de gemeentelijke Re-integratieverordening Wet werk en bijstand, waarin aan het college de bevoegdheid is toegekend nadere regels te stellen inzake loonkostensubsidies. Deze beleidsregels zijn met ingang van 1 oktober 2013 van kracht. Deze beleidsregels zijn uitsluitend van toepassing op uitzendbureaus. Een uitzendbureau kan na de inwerkingtreding van deze beleidsregels geen aanspraken ontlenen aan de “reguliere loonkostensubsidie” zoals omschreven in de Nadere regels re-integratie WWB. De gemeente Krimpen aan den IJssel past de beleidsregels op gelijke wijze toe. Het college van Krimpen aan den Ijssel heeft dit beleid inmiddels vastgesteld. De gemeente Zuidplas heeft vergelijkbare beleidsregels voor uitzendbureaus in het kader van de samenwerking binnen de Arbeidsmarktregio Midden Holland (centrumgemeente Gouda). Deze komt grotendeels overeen met deze beleidsregels, alleen de subsidiebedragen wijken in hoogte af. In dit document wordt beschreven: de inhoud van de regeling werk- en procesafspraken schematische weergave subsidieaanspraken (bijlage) Inhoud regeling Doelstelling Stimuleren van bemiddeling en uitzending van mensen met een bijstandsuitkering in de gemeente Capelle aan den IJssel door een uitzendbureau. Doelgroep De doelgroep bestaat uit alle cliënten met een WWB/IOAW/IOAZ-uitkering die door de gemeente bij een uitzendbureau worden voorgedragen door de casemanager. Drie subsidies De uitzendorganisatie maakt naar de hieronder vermelde voorwaarden voor elke uitgezonden werknemer aanspraak op drie subsidies: de basissubsidie (2x € 600,-); de verlengde subsidie (2x € 600,-); de uitstroomsubsidie (1x € 600,-) De verlengde subsidie is uitsluitend bedoeld voor werknemers die naar het oordeel van de casemanager door in de persoon gelegen factoren niet in staat zijn volledig te werken. Deze wordt bij wijze van uitzondering verleend. In de meest voorkomende gevallen is sprake van de basissubsidie en de uitstroomsubsidie (in totaal € 1.800,-). De basissubsidie Recht op de basissubsidie ontstaat voor een van de deelnemende uitzendbureaus zodra door een voorgedragen werkzoekende met een gemeentelijke uitkering tenminste 250 uur betaald werk voor dat uitzendbureau is verricht. Recht op subsidie ontstaat in dat geval voor ieder uur betaald werk dat - binnen 12 maanden na de eerste werkdag - in het kader van deze afspraken gerealiseerd wordt. Als de drempel van 250 uur wordt gehaald, wordt de subsidie dus ook over de eerste 250 uur toegekend. Bij minder dan 250 uur werk in een periode van 12 maanden wordt geen subsidie toegekend. De subsidie is ook van toepassing indien, voorafgaand aan de eerste dag betaald werk, ten hoogste één maand met behoud van uitkering (proefplaatsing) een voorgedragen kandidaat werkzaam is geweest. Bij een langere periode proefplaatsing dan één maand vervalt het recht op subsidie. Recht op basissubsidie bestaat voor het betreffende uitzendbureau – binnen de genoemde 12 maanden – over ten hoogste 500 uur, te weten: eerste 250 gewerkt: € 600,-
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.