Gemeentewet; college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nuenen c.a. gemeenteraad: de gemeenteraad van de gemeente Nuenen c.a.; gebiedsdeel: het voor de dorps- of wijkraad geldende gebiedsdeel, zoals aangegeven in artikel 2 participatieladder: geeft de mate van interactief beleid op een schematische wijze weer. Artikel2Gebiedsdelen Dit reglement is van toepassing op de hierna te noemen gebiedsdelen (zie ook bijgevoegde kaart, bijlage 1): Wijkraad Eeneind: Het gebied omsloten door de A270 (Helmondweg) en de Zuidelijke gemeentegrens. Dorpsraad Nederwetten: Het gebied ten Noorden van het kruispunt Soeterbeekseweg-Blekerdijk en verder omsloten door de Noord-westelijke gemeentegrens en de Oostelijke hoogspanningsleiding. Dorpsraad Gerwen: Het gebied ten noorden van de Hooidonkse beek, ten oosten van de Broekdijk, ten oosten van de hoogspanningsmast zuid-noord, ten zuiden Wilhelminakanaal tot aan gemeentegrens, ten westen van de gemeentegrens tot aan Smits van Oyenlaan-Stiphoutseweg. AfdelingIITaken en bevoegdheden Artikel3Behartigen belangen 1.De dorps- of wijkraad behartigt de collectieve belangen van de inwoners van zijn gebiedsdeel op de wijze in dit hoofdstuk omschreven. Daartoe heeft hij de bevoegdheden en de taak omschreven in de volgende artikelen. 2.De dorps- of wijkraad is een adviescommissie van het college en heeft uit dien hoofde geen eigen zelfstandige belangen, zoals bijvoorbeeld bestuursorganen of als zelfstandige rechtspersonen. Zij kan dan ook niet in bezwaar- of beroepsprocedures als belanghebbende worden aangemerkt in de zin van artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Indien zij een bezwaar- of beroepschrift indient zal zij niet-ontvankelijk worden verklaard. Alleen een belanghebbende kan ingevolge artikel 8:1 Awb beroep instellen bij de bestuursrechter en daaraan voorafgaand bezwaar maken (artikel 7:1 Awb). De dorps- of wijkraad heeft ook geen zelfstandig recht op het geven van een toelichting op adviezen in een bezwarencommissie. Iets anders is dat in voorkomende gevallen de bezwarencommissie zelf kan overgaan toelichting te vragen aan een of meer betrokkenen, zoals een dorps- of wijkraad. 3.Het staat de dorps- of wijkraad vrij om gebruik te maken van de reglementaire mogelijkheden om het woord te voeren tijdens de behandeling van agendapunten van de gemeenteraad. Omdat de dorps- of wijkraad als adviescommissie van het college geen eigen zelfstandig belang heeft, maar hun bestaansrecht enkel baseren op het geven van adviezen aan het college, niet aan de raad, dient de adviescommissie en de leden van de adviescommissie zich bewust te zijn van de grenzen van hun mogelijkheden om zich rechtstreeks te adresseren aan de raad, ook tegen de achtergrond van de noodzaak tot integer handelen. Ook indien individuele leden van de adviescommissie niet uit hoofde van hun lidmaatschap van de commissie maar op persoonlijke titel wensen in te spreken bij de raad, komen de grenzen van integriteit snel in zicht. Uit oogpunt van transparantie is het daarom noodzakelijk te weten of een inspreker niet spreekt uit naam van een dorps- of wijkraad maar als individueel betrokken burger. Artikel4Onderwerpen 1.Onderwerpen waarover de dorps- of wijkraad gevraagd en ongevraagd advies aan het college kan uitbrengen: de voorbereiding, vaststelling, wijziging en uitvoering van de structuur- en bestemmingsplannen voor het grondgebied van het gebiedsdeel; de bouw van woningen en de vestiging van bedrijven in het gebiedsdeel; het onderhoud, de verbetering en de aanschaf van eigendommen, die specifiek voor het gebiedsdeel bestemd zijn, zoals straatverlichting, riolering en wegen. verkeersmaatregelen in het gebiedsdeel; de verbetering, het onderhoud, het schoonhouden van straten, wegen, groenstroken en plantsoenen binnen het gebiedsdeel; de dorps- of wijkraad wordt betrokken door de commissie straatnaamgeving ten aanzien van straatnamen voor het gebiedsdeel; 2.De Adviesraad Sociaal beleid heeft als adviescommissie van het college als taak gevraagd en ongevraagd advies geven over alle aspecten van het gemeentelijk sociaal beleid en alle hieraan gerelateerde onderwerpen. Dat betekent dat onderwerpen, zoals opgenomen in artikel 1 sub k van het Reglement Adviesraad Sociaal beleid Nuenen, niet worden voorgelegd aan dorps- en wijkraden. Artikel5Jaaroverzicht 1.De verwachte onderwerpen worden in een jaaroverzicht, in de maand januari, aan de dorps- of wijkraad door het college overgelegd. 2.Het jaaroverzicht wordt gedurende het jaar continue geactualiseerd aan de hand van actuele ontwikkelingen. 3.In overleg bepalen de dorps- of wijkraad en het college het participatieniveau van elk onderwerp. 4.Het college onderscheidt de volgende participatieniveaus: Artikel6Wijze van advisering 1.Als een advies een afwijking van een voorstel van burgemeester en wethouders inhoudt, motiveert de dorps- of wijkraad zijn advies. 2.Het college legt (indien van toepassing) het advies van de dorps- of wijkraad tegelijk met het voorstel voor aan de gemeenteraad. 3.Als van het gevraagde of ongevraagde advies van de dorps- of wijkraad wordt afgeweken, wordt hiervan gemotiveerd mededeling gedaan aan de dorps- of wijkraad en, indien van toepassing, aan de gemeenteraad. 4.Voor wat betreft onderwerpen die niet op het jaaroverzicht staan, staat het de dorps- of wijkraad vrij om een ongevraagd advies aan het college uit te brengen. Als er in een situatie geen advies wordt gevraagd, kan dit niet betekenen dat een besluit van het college ongeldig is of er sprake zal zijn van een sanctie. 5.Het college kan de dorps- of wijkraad een termijn stellen waarbinnen deze zijn advies aan het college moet meedelen. Daarbij wordt een termijn van 6 weken in acht genomen zodat de dorps- of wijkraad in staat is om zich te beraden, waarnodig de inwoners te polsen en waar nodig ter zake kundigen ter ondersteuning te raadplegen. Deze 6 weken is een termijn van orde waar in wederzijds overleg van af kan worden geweken. Als sprake is van een spoedadvies aan de dorps- of wijkraad kan het college een andere termijn stellen. 6.Op vragen van de dorps- of wijkraad en op door de dorps- of wijkraad uitgebrachte adviezen wordt door het college schriftelijk gereageerd binnen 6 weken na de datum van ontvangst van deze vragen of adviezen. Een reactie van het college aan dorps- of wijkraad kan ook betreffen het informeren over de voortgang van een besluit. Artikel7Openbaarheid vergaderingen 1.De vergaderingen van de dorps- en wijkraad zijn openbaar, tenzij de voorzitter, gesteund door een meerderheid van de aanwezige leden van de dorps- of wijkraad besluit de vergadering in beslotenheid voort te zetten. 2.De dorps- of wijkraad belegt minimaal twee keer per jaar vergaderingen met de inwoners van zijn gebiedsdeel ter bespreking van onderwerpen, die voor het gebiedsdeel van belang zijn. Deze vergaderingen zijn openbaar. 3.Het college of een of meer leden daarvan kunnen vergaderingen van de dorps- of wijkraad bijwonen. Zij kunnen in adviserende zin aan de beraadslagingen deelnemen. AfdelingIIIStructuur en samenstelling Artikel8Samenstelling en benoeming 1.Leden van de dorps- of wijkraad kunnen alleen zijn ingezetenen van het gebiedsdeel, die de leeftijd van 18 jaren hebben bereikt en niet van de verkiesbaarheid zijn ontzet. 2.De dorps- of wijkraad bestaat uit ten minste 5 en ten hoogste 7 leden. 3.De leden van de dorps- of wijkraad worden door het college benoemd voor een periode van vier jaar aan de hand van de te houden verkiezingen. Artikel9Verkiezingen 1.De dorps- of wijkraad is verantwoordelijk voor het organiseren van de verkiezing van de leden van de dorps- of wijkraad. 2.De verkiezing van de leden van de dorps- of wijkraad vindt gelijktijdig plaats met de gemeenteraadsverkiezingen. 3.De volgorde van de kandidaten voor de verkiezingen op de kieslijst wordt door loting bepaald. 4.Bij het ontstaan van een vacature in de dorps- of wijkraad wordt deze zo mogelijk vervuld door de kandidaat waarop bij de verkiezing van de leden van het bestuur na de gekozenen de meeste stemmen zijn uitgebracht. Deze kandidaat wordt voor de eerstvolgende openbare vergadering benaderd door de zittende bestuursleden met het verzoek om plaats te nemen in de dorps- of wijkraad. Als de kandidatenlijst uit niet meer personen bestaat dan er gekozen zijn of als de kandidaten geen interesse hebben in een bestuursfunctie, dan dient er naar een vervangend lid gezocht te worden door het zittende bestuur. 5.Mochten in het bestuur één of meerdere leden ontbreken dan vormen de overblijvende bestuursleden een wettig bestuur, mits het aantal van vijf bestuursleden niet wordt onderschreden. 6.De gebruikte stembiljetten worden door het college, in één of meer gesloten enveloppen, drie maanden bewaard nadat de nieuw gekozen leden van de dorps- of wijkraad zijn benoemd door het college. Vervolgens worden de gebruikte stembiljetten vernietigd. 7.Indien bij de gehouden verkiezingen het aantal opgekomen kiezers minder bedraagt dan 35% van het aantal kiesgerechtigden, wordt de betreffende dorps- of wijkraad beëindigd. Artikel10Beëindiging lidmaatschap 1.Het lidmaatschap van de dorps- of wijkraad eindigt door: het aflopen van de zittingsperiode; overlijden; aftreden op eigen schriftelijk verzoek; het niet langer voldoen aan het vereiste van artikel 8 lid 1; onder curatele stelling of; door het verlies van de hoedanigheid waarin werd benoemd. 2.Bij ernstig disfunctioneren van een lid van de dorps- of wijkraad kan de dorps- of wijkraad besluiten het college te verzoeken om het desbetreffende lid uit zijn lidmaatschap van de dorps- of wijkraad te ontslaan. Voor dit besluit is een meerderheid van tweederde van het aantal stemgerechtigde leden van de dorps- of wijkraad vereist. 3.Een dorps- of wijkraad heeft 60 werkdagen tijd om na beëindiging van een lidmaatschap te voldoen aan artikel 8, lid
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.