Verordening Adviesraden Sociale DomeinOverwegende dat het college heeft besloten tot het inrichten van twee onafhankelijke adviesraden op het sociale domein, met ieder een eigen verantwoordelijkheid en taak, die gaan samenwerken om de advisering zo effectief mogelijk te organiseren en af te stemmen. Wettelijke grondslag: artikel 47 Wet werk en bijstand artikel 2, lid 3 Wet sociale werkvoorziening artikel 11 en 12 Wet maatschappelijke ondersteuning artikel 84 Gemeentewet HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1. Begripsomschrijvingen Sociale domein: tenminste de beleidsterreinen zorg, welzijn, werk en inkomen. Participatieraad: onafhankelijke adviesraad aan het college en gemeenteraad op het sociale domein vanuit het perspectief van het algemeen maatschappelijk belang. Raad voor cliëntenparticipatie: onafhankelijke adviesraad aan het college en gemeenteraad op het sociale domein vanuit het perspectief van het cliëntenbelang. Raden: de Participatieraad en de Raad voor cliëntenparticipatie. Het college: het college van burgemeester en wethouders van Assen. De gemeenteraad: de gemeenteraad van Assen. Cliënten: personen of groepen van personen die in de verschillende wetten worden genoemd. Artikel 2. Instelling adviesraden. Het college stelt de Participatieraad en de Raad voor cliëntenparticipatie in. HOOFDSTUK 2. TAAK EN ROL Artikel 3. Taak en rol Lid 1. De raden adviseren het college en de gemeenteraad gevraagd en ongevraagd. Lid 2. De rol van de Participatieraad is het college en de gemeenteraad vanuit een onafhankelijke positie te adviseren bij de voorbereiding, de besluitvorming, de uitvoering en de evaluatie van het gemeentelijk beleid op het sociale domein vanuit het perspectief van het algemeen maatschappelijk belang. Lid 3. De rol van de Raad voor de cliëntenparticipatie is het college en de gemeenteraad vanuit een onafhankelijke positie t adviseren bij de voorbereiding, de besluitvorming, de uitvoering en de evaluatie van het gemeentelijk beleid op het sociale domein vanuit het perspectief van het cliëntenbelang. Lid 4. De raden zijn niet bevoegd te adviseren naar aanleiding van klachten, bezwaarschriften en andere zaken die op individuele cliënten betrekking hebben, tenzij deze vertaald kunnen worden naar meer algemene trends en ontwikkelingen. HOOFDSTUK 3. AFSTEMMING EN SAMENWERKING ADVIESRADEN Artikel 4. Afstemming voorzitters en secretarissen Lid 1. De voorzitters en secretarissen van beide raden hebben periodiek overleg om de samenwerking tussen beide raden vorm te geven. Lid 2. Doel van het overleg is het bevorderen van samenwerking, de gemeenschappelijke voorbereiding van adviezen, het delen van kennis en ervaring en het afstemmen en coördineren van (gezamenlijke) activiteiten. HOOFDSTUK 4. WERKWIJZE ADVIESRADEN Artikel 5. Huishoudelijk reglement Lid 1. De raden stellen ieder afzonderlijk een huishoudelijk reglement vast, waarin tenminste zijn opgenomen: taken en bevoegdheden van de voorzitter; taken en bevoegdheden van de leden; taken en bevoegdheden van de plaatsvervangend voorzitter en secretaris; wervingsprocedure van de leden; orde van de vergaderingen; Lid 2. Het huishoudelijk reglement wordt ter kennisneming aan het college voorgelegd. Artikel 6. Openbaarheid Lid 1. De vergaderingen zijn openbaar. Lid 2. Van het eerste lid kan worden afgeweken als het algemeen belang zich tegen deze openbaarheid verzet, of de belangen van één of meerdere personen of instellingen daardoor onevenredig worden geschaad. Lid 3. Adviezen worden vastgesteld in een openbare vergadering. HOOFDSTUK 5. WERKWIJZE GEMEENTE EN ADVIESRADEN Artikel 7. Informatie en overleg Lid 1. Het college informeert de raden in een vroeg stadium over haar planvorming, voorbereiding, ontwikkeling, evaluatie en uitvoering van beleid en informeert hen over het tijdpad en het moment waarop de raden om een advies wordt gevraagd. Lid 2. De raden ontvangen zo vroegtijdig mogelijk, spontaan en op verzoek alle informatie die zij voor de uitoefening van hun taken nodig hebben. De raden kunnen daartoe collegeleden en medewerkers van de gemeente uitnodigen. Lid 3. De verstrekte informatie is openbaar, tenzij uit de aard van de informatie blijkt en/of de gemeente aangeeft, dat het om niet openbaar beschikbare gegevens gaat. Lid 4. Minimaal eenmaal per jaar vindt er overleg plaats tussen (een afvaardiging van) het college en de afzonderlijke raden. Artikel 8. Voortraject Raden kunnen deelnemen aan voorbereidende activiteiten in visie en planvorming van beleid. De wijze van deelname bepalen de adviesraden en gemeente per situatie. Artikel 9. Het formele adviestraject Lid 1. Het college vraagt advies aan beide raden over alle zaken in het sociale domein, die gevolgen hebben voor de participatie van inwoners en cliënten, en waarover het college en of de gemeenteraad een besluit neemt. Lid 2. Alle verzoeken aan de raden die moeten leiden tot een formeel advies worden binnen de gemeente gecoördineerd door één of meer medewerker(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.