BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE LEUDAL gelet op het bepaalde in de artikelen 3:2 tot en met 4:9, de artikelen 6:1 tot en met 6:2:2 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling (CAR) en de Uitwerkingsovereenkomst (UWO) en de bepalingen in de artikelen 4:1a, 4:3 en 5:4 van de Arbeidstijdenwet; mede gelet op de instemming van de ondernemingsraad d.d. 25 juni 2014; b e s l u i t e n vast te stellen de navolgende WERKTIJDEN- EN VERLOFREGELING GEMEENTE LEUDAL Artikel1Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: Medewerker: de ambtenaar in de zin van artikel 1:1, lid 1, sub a van de CAR. Leidinggevende: functionaris waaraan, volgens de hiërarchische organisatiestructuur, verantwoording verschuldigd is. Werktijd: het aantal uren dat de medewerker volgens zijn aanstelling werkzaamheden verricht. Bedrijfstijd: de tijd op werkdagen waarbinnen in (een gedeelte van) het gemeentehuis gewerkt kan worden. Dagvenster: Maandag tot en met vrijdag tussen 7:00 uur en 22:00 uur. Werkdag: dag waarop de medewerker arbeid kan verrichten. Brugdag: een maandag of een vrijdag die valt tussen een bijzondere verlofdag en een weekend. Functiegroep: medewerkers die hoofdzakelijk belast zijn met dezelfde of nagenoeg dezelfde aard van werkzaamheden. Beschikbaarheid: de tijd waarin de medewerker verplicht is beschikbaar te zijn om ingeval van onvoorziene omstandigheden op oproep zo spoedig mogelijk de noodzakelijke arbeid te verrichten. Artikel2Bedrijfstijd, arbeidsduur 1.De bedrijfstijd is gelijk aan het dagvenster. 2.De bruto-arbeidsduur bedraagt voor een voltijder 1816,5 uur per jaar (deeltijder naar rato). Hierin zijn de bijzondere verlofdagen als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder a, al meegenomen. 3.De netto-arbeidsduur per jaar bedraagt het aantal uren als genoemd in lid 2, onder aftrek van de verlofrechten van de medewerker als bedoeld in artikel 5 van deze regeling en met verrekening van aan de medewerker toegekende extra arbeidsvoorwaarden. WERKTIJDEN Artikel3Werktijd 1.Voor alle medewerkers, met uitzondering van de functiegroepen als genoemd in artikel 4, geldt de standaard werktijdenregeling als opgenomen in hoofdstuk 4, paragraaf 1 van de CAR. 2.Over de werktijden, het verlof en de planning van de werkzaamheden worden, voorafgaand aan elk kalenderjaar, afspraken gemaakt tussen leidinggevende en medewerker. Deze afspraken worden tweemaal per jaar geëvalueerd. Bij de toepassing van dit artikellid wordt uitgegaan van de voor de medewerker geldende netto-arbeidsduur per jaar. 3.De werktijden worden vastgesteld binnen het dagvenster, waarbij rekening gehouden wordt met de bepalingen in artikel 4:2 en 4:4 van de CAR/UWO en artikel 4:1a en 5:4 van de Arbeidstijdenwet. Artikel4Functiegroepen 1.Voor de buitendienstmedewerkers worden de werktijden eenzijdig bepaald en vastgelegd in een rooster, waarbij rekening wordt gehouden met de bepalingen in artikel 2 en artikel 3, lid 2 en 3 van deze regeling. 2.Voor deze functiegroep is de bijzondere regeling voor de werktijden als neergelegd in hoofdstuk 4, paragraaf 2 van de CAR van toepassing. VERLOF Artikel5Verlofrechten 1.De medewerker met een voltijds dienstverband heeft recht op 158,4 uur vakantieverlof per jaar, zoals bepaald in artikel 6:2 van de CAR/UWO. Dit vakantieverlof wordt, voor alle medewerkers, vermeerderd met 21,6 uur per jaar. Medewerkers tussen de 30 en 45 jaar krijgen daarnaast 14,4 uur extra vakantieverlof. Medewerkers van 45 jaar en ouder krijgen 36 uur extra vakantieverlof. Deeltijd medewerkers ontvangen het vakantieverlof naar rato van de deeltijdfactor. 2.De medewerkers die beschikbaarheidsdiensten verrichten hebben, op basis van artikel 6:2:1, lid 4 van de CAR/UWO, recht op 14,4 uur extra verlof op jaarbasis. 3.Het maximum aantal verlofuren dat aan het einde van het kalenderjaar zonder toestemming van de leidinggevende kan worden overgeschreven bedraagt 72 uur voor voltijders, deeltijders naar rato. Buitengewoon verlof Artikel6
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.