← Nederland

Toetsingscriteria voor ingrijpende verbeteringen aan woningen (Zwolle)

Toetsingscriteria voor ingrijpende verbeteringen aan woningen TOETSINGSCRITERIA VOOR INGRIJPENDE VERBETERING AAN WONINGEN DEEL

  1. PROGRAMMA VAN EISEN: 00.00 ALGEMEEN 00.01 Het betreft onderdelen aan de hoofdbouw van een woning (excl. aan- en uitbouwen) Betreffende de bestaande hellende daken platte daken, voorgevel, achtergevel en zijgevels 04.00 FUNDERING 04.04 Constructief Bij meer dan 4 % scheefstand van vloeren of muren en/of scheurvorming in muren is het noodzakelijk funderingsherstel conform de rapportage van een ter zake deskundig adviesbureau uit te voeren. 04.70 Vochtbehandeling Optrekkend vocht afdoende bestrijden. Bij constatering van vochtgebreken herstel conform het advies van een ter zake deskundig adviesbureau. 04.80 Kruipruimte Rottend en stinkend afval uit de kruipruimten verwijderen. Ander afval, zoals puin, verwijderen of verspreiden, zodat het leidingwerk bereikbaar blijft en een goede ventilatie onder de begane grondvloer gewaarborgd blijft. 13.00 VLOEREN 13.10 Vloerconstructie Scheefstand van vloeren groter dan 4 % opheffen 13.11 Doorgeroeste (delen van) onderslagen vervangen inclusief opleggingen c.q. verankeringen. 13.12 Houten vloerbalken van begane grondvloeren en, indien daartoe aanleiding is i.v.m. doorzakking van de vloer of lekkage, de balkkoppen van verdiepingsvloeren in gevelmuren en t.p.v. keuken en natte cellen zonodig herstellen of vernieuwen. 14.00 DAKEN 14.10 Kapconstructies Gebreken aan spanten, muurplaten, gordingen e.d. opheffen door herstel of vervangen van onderdelen. 14.20 Dakvlak Verrot c.q. aangetast dakbeschot, panlatten en tengels vervangen. 14.20.10 Scheefliggende dakpannen herleggen, kapotte en geschilferde dakpannen vervangen. Pannendakbedekking ouder dan 50 jaar, tenzij in goede staat, geheel vervangen. 14.20.20 Gebreken aan bitumineuze dakbedekking opheffen. Bedekking zo nodig geheel vervangen. 14.30 Randafwerking 14.31 Zinken bekleding, ouder dan 15 jaar vervangen en mastiekbekleding, ouder dan 10 jaar vervangen, tenzij in goede staat (NB. dakrand evt. in samenhang met vervanging van bitumineuze dakbedekking herzien). 14.32 Losliggende vorsten en gevelpannen herleggen en indien nodig vernieuwen. Kapotte en geschilferde vorsten vervangen. 14.33 Verrotte c.q. aangetaste windveren en dekspanen verwijderen en indien mogelijk vervangen door gevelpannen, anders herstellen of vervangen. 14.35 Verrotte c.q. aangetaste boeiboorden (evt. in samenhang met herziening dakrand) herstellen of vervangen. 14.40 Dakgoten 14.41 Vervuilde dakgoten schoon maken 14.42 Kapotte of verrotte onderdelen herstellen of vernieuwen. Indien nodig extra afvoer aanbrengen, dan wel afschot herstellen. 14.50 Dakdoorbreking 14.51 Dakramen, lichtkoepels en dakluiken waterdicht maken of vervangen. Lood- en zinkwerk zo nodig vernieuwen. Eventueel dakramen en lichtkoepels slopen en dichtzetten overeenkomstig bestaande constructie. 14.70 Dakkapellen bestaand 14.71 Dakkapellen, wind- en waterdicht maken en verrotte onderdelen vervangen dan wel in het geheel vervangen. Lood- en zinkwerk zo nodig vernieuwen 15.00 TRAPPEN 15.10 Buitentrappen/bordessen (steenachtig) Kapotte onderdelen van trappen herstellen. Losse onderdelen vastzetten. 16.00 GEVELS 16.10 Gevelwanden 16.11 Bij scheuren in metselwerk constructieve oorzaak achterhalen en opheffen. 16.12 Scheuren in metselwerk uithakken en opnieuw voegen. Beschadigde stenen vervangen. Losse stenen en stukken metselwerk opnieuw (in) metselen in overeenstemming met de bestaande situatie. 16.13 Aangetast betonwerk repareren in overeenstemming met de bestaande situatie. 16.20 Puien/gevelwand 16.21 Aangetaste en/of versleten delen vervangen, dan wel onderdeel geheel vervangen 16.30 Randvoorzieningen 16.31 In het metselwerk opgenomen stalen constructiedelen indien nodig, bijv. i.v.m. het uitduwen van stenen, inspecteren op roest en zo nodig behandelen c.q. vervangen. 16.32 Losse stenen in rollagen en gemetselde onderdorpels vastzetten en voegen. Beschadigde en gescheurde stenen vervangen. 16.33 Uitgesleten hardstenen dorpels en beschadigde neuten egaliseren met kunstharsmortel. Losse dorpels vastzetten. Gescheurde dorpels zo mogelijk herstellen met kunstharsmortel, anders vervangen. 16.40 Afwerkingen 16.41 Los, gescheurd of ontbrekend voeg- en pleisterwerk repareren overeenkomstig de bestaande situatie. 16.42 Gevelbekledingen Kapotte of losse hardstenen gevelbekledingen herstellen en/of vastzetten. 16.50 Kozijnen, ramen en deuren 16.51 Aangetaste delen van kozijnen herstellen of vervangen. Te zeer aangetaste kozijnen in samenhang met beweegbare delen geheel vervangen. 16.52 Slecht sluitende, klemmende of slecht gangbare ramen goed gang- en sluitbaar maken. Zo nodig hang- en sluitwerk vernieuwen. Aangetaste ramen vervangen. 16.53 Slecht sluitende, klemmende of slecht gangbare buitendeuren goed gang- en sluitbaar maken. Zo nodig hang- en sluitwerk vernieuwen. Aangetaste en/of versleten deuren vervangen. 16.70 Gevelbehandeling 16.71 Vochtdoorslag afdoende bestrijden.
  2. Behandeling alleen toepassen in samenhang met vervangen van al het voegwerk 17.00 BALKONS EN TERRASSEN 17.01 Overig algemeen Ondeugdelijke bouwsels verwijderen. 17.02 Constructie Constructieberekening volgens NEN
  3. Aangetaste consoles, balken en kolommen herstellen c.q. vervangen. 17.03 Plaat/bodem Constructie aangetaste platen herstellen c.q. vervangen 17.03.10 Losse en/of gescheurde afwerkvloeren vervangen 17.03.20 Gebreken aan bitumineuze bedekking opheffen. Bedekking zo nodig geheel vervangen. Aangetaste zinken bedekking vervangen 17.30 Afwerkingen 17.31.10 Loodwerk controleren op gebreken en zo nodig vervangen 17.31.20 Aangetaste of verrotte vullingen van dilataties verwijderen en nieuwe vullingen aanbrengen. 17.31.30 Gebreken aan de rand herstellen. Zinken bekledingen, indien aangetast en/of ouder dan 15 jaar, vervangen en mastiekbekledingen, indien aangetast en/of ouder dan 10 jaar. 17.31.40 Verrotte c.q. aangetaste boeiboorden (evt. in samenhang met herziening rand) herstellen of vervangen. 17.31.50 Hekwerk/borstwering Aangetast hekwerk, gemetselde borstwering met scheurvorming en losse stenen slopen. Nieuwe hekwerk aanbrengen (evt. in samenhang met herziening draagconstructie). 18.00 SCHILDERWERK BUITEN 18.10 Schilderwerk aan te handhaven onderdelen. 18.10.10 Van houten onderdelen loszittende of ondeugdelijke verflagen verwijderen, houtwerk schuren, stoppen, tweemaal gronden en aflakken. 18.10.20 Van stalen onderdelen loszittende of ondeugdelijke verflagen verwijderen, staal eventuele na ontroesting en reiniging tweemaal gronden, - eenmaal met corrosiewerende verf - en aflakken. 18.10.30 Glad betonwerk - na reparatie - afstralen en tweemaal behandelen met 2-componenten coating. 18.20 Schilderwerk aan nieuw aan te brengen onderdelen. 18.20.10 Alle houtvlakken in aanraking met beton of metselwerk tweemaal meniën of gronden 18.20.20 Alle in het zicht blijvende houtvlakken driemaal behandelen met een dekkende beits of in overeenstemming met bestaande situatie tweemaal gronden en aflakken. 18.20.30 Van onverzinkt staal walshuid verwijderen, behandelen met zink compound en aflakken. Bij verzinkt staal eventuele beschadigingen met zink compound bijwerken. 19.00 GLASWERK BUITEN 19.00.10 Kapot glas in kozijnen, ramen en deuren vervangen . Ondeugdelijk glas-in-lood herstellen/vervangen als bestaand. Nieuw glas eventueel in samenhang met vervangen kozijnen aanbrengen. Waar mogelijk glaslatten toepassen. Minimaal uitvoeringsniveau: dubbele beglazing ( U-waarde 2,8) aanbrengen ventilatie voorziening d.m.v. rooster of klepraam 45.00 VENTILATIE/ROOKGASAFVOER 45.20 Luchttransport 45.20.10 Gebreken aan zinken ontluchtingskappen herstellen/ Ondeugdelijke kappen vernieuwen. Zo nodig loodwerk herzien. 45.20.20 Gebreken aan ventilatiekanalen herstellen/ Indien nodig buitendak geheel vervangen. 45.30 Rookgasafvoeren 45.30.10 Nog in functie zijnde rookgasafvoerkanalen
  4. waar nodig rookdicht herstellen 45.50 Schoorstenen buiten 45.50.10 Alle niet-functionerende schoorstenen die in slechte staat verkeren, buitendak eventueel slopen, dak aanhelen. 45.50.20 Gebreken aan metsel- en voegwerk herstellen. 45.50.30 Loodwerk zo nodig herstellen of vernieuwen. 45.50.40 Schoorsteenpotten zonodig vervangen 45.50.50 Afwaterende afwerklaag herstellen c.q. vervangen. 45.50.60 Indien nodig schoorsteen geheel nieuw opmetselen of vervangen door gelijkwaardige dakdoorvoer 54.00 HEMELWATERAFVOEREN 54.10 Gootbekleding Gebreken herstellen dan wel bekleding geheel vervangen. Zinken gootbekleding, ouder dan 15 jaar, geheel vervangen. 54.20 Hulpstukken Kiezelbakken, vergaarbakken en balkondoorvoeren controleren en zo nodig herstellen of vernieuwen. 54.40 Hemelwaterafvoer Ondeugdelijke leidingen geheel of gedeeltelijk vervangen 55.00 RIOLERING 55.01 Ondeugdelijke grondleidingen in kelders en kruipruimtes vervangen. Bij vervangingriolering waterdicht, geluidsarm en stankvrij opleveren. Bij vervanging van moeilijk bereikbare leidingen deze leidingen afstoppen en een nieuw leidingverloop aanbrengen. DEEL
  5. PROGRAMMA VAN AANBEVELING: 00.00 ALGEMEEN 00.01 Onderdelen als genoemd in programma van eisen Wanneer het werkzaamheden betreft t.b.v. uit-en/of aanbouwen aan de hoofdbouw waarin woonfunctie aanwezig is ( keuken, bijkeuken, toilet, douche en portaal). Onderdelen van een woning terugbrengen naar “originele uitvoering” mits deze voldoen aan bouwbesluit ONDERDELEN / ELEMENTEN: 13.00 VLOEREN 13.01 Warmte-isolatie (i.s.m. vloerafwerking en plafond ) Minimaal uitvoeringsniveau: begane grondvloeren, incl. vloeren boven kelders; Rc waarde minimaal 2,5 m2 K/W. Berekeningswijze conform NEN
  6. 13.02 Geluidsisolatie woningscheidend i.s.m. vloerafwerking en plafonds Minimaal uitvoeringsniveau: woningscheidend 13.03 Brandwerendheid Minimaal uitvoeringsniveau: Brandwerendheid in minuten conform het Bouwbesluit 13.04 Waterkerende vloer afwerkingen (douche/w.c.) Aangebrachte vloer afwerkingen die niet voldoen aan de eisen t.a.v. constructie, waterdichtheid e.d. verwijderen. Nieuwe vloerafwerking aanbrengen. Minimaal uitvoeringsniveau: 1: ondervloer (bij kleine opp.) metalen zwaluwstaartplaat en beton; aansluiting vloer- wand opstorting afdichten met een rubberfolie en kitvoeg; afwerking: vloertegels (eerste soort prijsklasse 0) 14.00 DAKEN 14.01 Warmte-isolatie hellend dakvlak Minimaal uitvoeringsniveau: bij handhaven/vervangen dakbeschot: isolatie aan buitenzijde aanbrengen, indien dit niet mogelijk is dan aan binnenzijde met dampremmende laag met ventilatie voorziening ieder geval met een Rc waarde van minimaal 2,5 m2 K/W 14.02 Warmte-isolatie platte daken Minimaal uitvoeringsniveau: Zie 14.21 Dakventilatie pijpjes verwijderen bij isolatie aan koude zijde. Bij isolatie aan warme zijde moet de ventilatie van de luchtspouw gehandhaafd blijven. 14.03 Brandwerendheid Minimaal uitvoeringsniveau: Brandwerendheid in minuten conform het Bouwbesluit. 14.04 Dakterrassen 14.05 Warmte isolatie Minimaal uitvoeringsniveau: 1: bij handhaven dakbeschot: isolatie aan buitenzijde aanbrengen, indien dit niet mogelijk is dan aan binnen- zijde met dampremmende laag in ieder geval met een Rc waarde van minimaal 2,5 m2 K/W 14.70 Dakkapellen bestaand 14.70.01 Warmte isolatie Minimaal uitvoeringsniveau: 1: isolatie aan buitenzijde aanbrengen, indien dit niet mogelijk is dan aan binnenzijde met dampremmende laag. Bij isolatie aan warme zijde moet de ventilatie van de luchtspouw gehandhaafd blijven. 14.03 Brandwerendheid Minimaal uitvoeringsniveau: Brandwerendheid in minuten conform het Bouwbesluit. 14.70.02 Dakramen bestaand 14.70.03 Warmte-isolatie Geïsoleerde dakramen toepassen met ventilatiemogelijkheid. 16.00 GEVELS 16.01 Warmte-isolatie Minimaal uitvoeringsniveau: Rc waarde minimaal 2,5 m2 K/W Berekeningswijze conform NEN
  7. 16.02 Puien/kozijnen 16.03 Warmte-isolatie Minimaal uitvoeringsniveau: kozijnen met dubbel glas, panelen in puien isoleren met Rc minimaal 2,5 m2 K/W/. 16.04 Koude bruggen Bij koude bruggen isolatie aanbrengen conform advies deskundig buro. 16.05 Gevelbehandeling Bestaande vervuilde gevels (straatzijde) reinigen en impregneren (steenswerk), mits noodzakelijk herstel/vervangen voegwerk 16.06 Gevelbekleding Bij toepassing van gevelbekleding met isolatie, aanbrengen conform advies deskundig buro of volgens voorschrift fabrikant. 17.00 BALKONS EN TERRASSEN/GALERIJEN 17.01 Warmte-isolatie Minimaal uitvoeringsniveau: Door de gevel stekende constructies i.v.m. koude brug isoleren zie ook 16.06 19.00 GLASWERK BUITEN 19.01 Isolatie glaswerk buiten Minimaal uitvoeringsniveau: Kozijnen, ramen en deuren voorzien van dubbele beglazing (U-waarde 2,8) 22.00 WANDAFWERKING 22.01 Isolatie Indien nodig i.v.m. geluidwering of warmte-isolatie een voorzetwand aanbrengen. Minimaal uitvoeringsniveau:
  8. voorzetwand bouwmuur/ woningscheidend en t.p.v. scheidingen met trappenhuis, bergingen en winkels; stijl- en regelwerk met gips- kartonplaat d = 12,5 mm gevuld met 50 mm minerale wol en dampremmende laag; 2.voorzetwand gevel;
  9. stijl en regelwerk met
  10. gipskartonplaat d = 9,5 mm
  11. gevuld met isolatie en
  12. dampremmende folie
  13. Rc minimaal 2,5 m2 K/W. 24.00 PLAFONDS 24.01 Warmte- isolatie In samenhang met dakconstructie Minimale eis: RC minimaal 2,5 m2 K/W. Berekeningswijze conform de NEN 1068 25.00 TRAPPEN 25.01 Geluidsisolatie Minimaal uitvoeringsniveau: Dichte trappen, indien woningscheidend, aan de onderzijde voorzien van een steenwoldeken d=40 mm tussen treden/stootborden en vrijdragende afwerking in. 25.02 Brandwerendheid Minimaal Uitvoeringsniveau: Brandwerendheid in minuten conform het Bouwbesluit. 29.00 Politiekeurmerk Veilig Wonen Inbraakwerendheid van de woningen: Van belang zijn deuren en ramen, waarbij het eisenpakket voor de woningen aansluit bij de Europese normen CEN-ENV 33.0036:1993 in de bestaande VKG voorschriften. De volgende onderdelen dienen te voldoen aan het Politiekeurmerk Veilig Wonen: Lage daken (i.v.m. inklimbaarheid); Voordeur; Zij- en achterdeuren; Beweegbare ramen en ventilatie openingen; Beveiligingsverlichting; Bouwbeslag; Erfafscheidingen zichtgevels aan openbare ruimte ( ter goedkeuring voorleggen per blok) Ondeugdelijke scheidingen verwijderen. De noodzakelijke duurzame scheidingen aanbrengen. 45.00 VENTILATIE/ROOKGASAFVOER 45.10 Ventilatie Indien niet of onvoldoende aanwezig t.b.v. keuken, badkamer en w.c. ontluchting c.q. ventilatie aanbrengen. Mate van luchtverversing conform het Bouwbesluit. Ontluchting bovendaks. Spleten aan onderkant deuren van keuken en badkamer. 45.20 Rookgasafvoeren Indien een rookgasafvoer t.b.v. geiser ontbreekt, deze aanbrengen. 51.00 GASINSTALLATIES 51.10 De gasinstallatie conform de eisen van het energiebedrijf 52.00 WATERINSTALLATIES 52.10 Aansluiting woning Hoofdtoevoerleidingen koud water controleren op gebreken en zo nodig herstellen of vervangen. Loden leidingen altijd vervangen door koper (opbouw). Elke woning apart afsluitbaar maken vanuit de woning. In niet-vorstvrije ruimten leidingen isoleren. 52.20 Waterleiding Warm- en koudwaterleidingen op gebreken controleren en zo nodig herzien. Loden leidingen vervangen. Bij vervanging van moeilijk bereikbare leidingen deze leidingen afstoppen en een nieuw leidingverloop aanbrengen. 52.30 Wasmachine aansluiting Indien niet aanwezig aanbrengen. 55.00 RIOLERING 55.10 Loden c.q. ondeugdelijke leidingen vervangen; waterdicht, geluidsarm en stankvrij opleveren. Bij vervanging van moeilijk bereikbare leidingen deze leidingen afstoppen en een nieuwe leidingverloop aanbrengen.
  14. Minimaal
  15. uitvoeringsniveau: PVC voorzien van KOMO keur 55.20 Wasmachine aansluiting Indien niet aanwezig aanbrengen. 62.00 ELEKTRA 62.10 De elektrische installatie conform de leveringsvoorwaarden van het energiebedrijf 62.20 Wasmachine aansluiting Indien niet aanwezig aanbrengen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.