Handhavingsverordening inkomens- en re-integratievoorzieningen 2015.Vastgesteld door gemeenteraad van Aalburg op 16 december 2014 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen 1.Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Particpatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte Werknemers (Ioaw) en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). 2.In deze verordening wordt verstaan onder: College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalburg; Wet: de Participatiewet, de Ioaw, de Ioaz; Uitkering: uitkering in gevolge de Participatiewet, Ioaw en Ioaz; Bijstand: algemene en bijzondere bijstand van de Participatiewet; Re-integratievoorziening: voorziening bedoeld in het eerste lid onder a van de Participatiewet en artikel 34, eerste lid onder a van de IOAW en IOAZ Hoofdstuk2Preventie en controle Artikel2Fraudepreventie Het college voert een actief fraudepreventiebeleid. Onderdeel daarvan is de wijze waarop het college belanghebbenden informeert over de rechten en plichten die aan het ontvangen van uitkering of een re-integratievoorziening zijn verbonden en over de consequenties van misbruik en oneigenlijk gebruik. Ter controle van het beroep op uitkering wordt onder meer gebruik gemaakt van bestands-vergelijkingen met de actuele gegevens en van de samenloopsignalen die daaruit voortkomen. Artikel3Controle 1.Het college doet stelselmatig onderzoek naar de rechtmatigheid van de uitkering en kan daarbij gebruikmaken van huisbezoeken, risicoprofielen en bestandsvergelijkingen en de samenloopsignalen die daaruit voortkomen. Het college onderzoekt daarnaast overige signalen en tips die relevant zijn voor het recht op uitkering. 2.Het college doet onderzoek naar de reden van de beëindiging van de uitkering en neemt op basis daarvan besluiten met betrekking tot de rechtmatigheid van de uitkering en de wederzijds tussen het college en de belanghebbende resterende verplichtingen en de afhandeling daarvan. 3.De onderzoeken als bedoeld in het eerste en tweede lid kunnen ook uitgevoerd worden met betrekking tot het gebruik van een re-integratievoorziening. Hoofdstuk3Slotbepalingen Artikel4Nadere regels Het college is bevoegd om nadere regels te stellen met betrekking tot de uitvoering van deze verordening. Artikel5Uitvoering De uitvoering van deze verordening berust bij het college. Artikel6Intrekking De “Verordening handhaving inkomens-en re-integratievoorzieningen 2013” wordt ingetrokken met ingang van 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.